Ga direct naar de content

Intensiteit van armoede in 2016 gedaald

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: maart 21 2018

■ Wim Bos (CBS)

Ondanks het herstel van de economie bleef het aandeel huishoudens met een inkomen onder de lage-inkomensgrens in 2016 met 8,2 procent onveranderd ten opzichte van 2015. Het aandeel huishoudens dat vier jaar of langer van een laag inkomen moest rondkomen, liep zelfs verder op van 3,1 procent in 2015 naar 3,3 procent in 2016.

Naast de omvang van armoede is de intensiteit van armoede een belangrijke aanvullende dimensie. De intensiteit wordt weergegeven als het mediane inkomenstekort ten opzichte van de hier gebruikte lage-­inkomensgrens. In prijzen van 2016 bedroeg deze grens, die door de tijd heen een vast koopkrachtbedrag vertegenwoordigt, voor een alleenstaande 1.030 euro per maand.

De intensiteit van armoede is al vanaf 2014 aan het dalen. Zo lag het inkomen van de 590.000 huishoudens met een laag inkomen in 2016 in doorsnee 9,4 procent onder de lage-inkomensgrens. Omgerekend naar het inkomen van een alleenstaande kwam dit tekort neer op honderd euro per maand. Dit tekort was tien euro minder dan in 2015, mede doordat de koopkracht in 2016, net als in de twee hieraan voorafgaande jaren, verbeterd is.

Ook bij de 223.000 huishoudens die al minstens vier jaar achtereen van een laag inkomen moesten rondkomen, was het doorsnee inkomens­tekort in 2016 lager dan in 2015. Het tekort bedroeg in 2016 8,9 ­procent. Omgerekend naar het inkomen van een alleenstaande kwam dit tekort overeen met een bedrag van negentig euro per maand. Dat is tien euro minder dan in 2015 en twintig euro minder dan in 2014.

De intensiteit van armoede van de huishoudens met een langdurig laag inkomen is doorgaans geringer dan die van de totale groep met een laag inkomen. Dit komt doordat de groep die langdurig van een laag ­inkomen moet rondkomen, relatief weinig huishoudens bevat met een groot inkomenstekort (zoals zelfstandigen die verlies leden) en naar verhouding veel huishoudens die langdurig zijn aangewezen op een bijstandsuitkering. In 2016 vormden de bijstandsontvangers ruim zestig procent van alle huishoudens met een langdurig laag inkomen. Voor de meesten van hen ligt het inkomen niet meer dan tien procent onder de lage-­inkomensgrens.

Auteur

  • Wim Bos

    Onderzoeker inkomensstatistiek bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)

Categorieën