Ga direct naar de content

Tekenen van herstel

Geplaatst als type:
Gepubliceerd om: februari 26 1992

Greenspan gematigd positief

Tekenen van
herstel
Hoewel het economische nieuws de
afgelopen weken voornamelijk op
zwakte duidde, kwamen uit de VS
de eerste berichten die een naderend economisch herstel indiceren.
Wereldwijd lijkt het gevaar voor een
stagflatie zoals in het begin van de
jaren tachtig, waarbij een economische terugval gepaard ging met een
sterke stijging van de inflatie, geweken nu in de meeste landen de inflatie een dalende trend vertoont. Een
belangrijke voorwaarde hierbij is
een lage olieprijs. Hoewel binnen de
OPEC besloten is de olieproduktie te
beperken, lijkt de kans dat de lidstaten zich hieraan zullen houden
gering. Met een seizoenmatige daling van de vraag in het vooruitzicht
zal de olieprijs waarschijnlijk onder
het door de OPEC gewenste niveau
van $21 per barrel blijven.
In de VS daalden de kosten van levensonderhoud op jaarbasis van 2,90,10
in december tot 2,6% in januari. Ten
opzichte van december waren het
met name de, over het algemeen
sterk fluctuerende, prijzen voor voeding en energie die een daling lieten
zien. In]apan zijn de groothandelsprijzen voor de tweede maand in successie gedaald. Deze keer met 2,2%
ten opzichte van januari 1991, echter
de daling was met name te danken
aan de buitenlandse component. In
het Verenigd Koninkrijk daalden de
consumentenprijzen in januari met
0,1%, waarmee het prijsniveau nu
4,1% boven dat van een jaar geleden
ligt na 4,5% in december. Lettend op
de lagere loonstijgingen lijkt de inflatie het hoogste punt te hebben bereikt. In Duitsland lagen de prijzen in
januari 4,0% boven het niveau van
twaalf maanden terug, echter evenals
in]apan kwam ook hier de daling
met name voor rekening van het buitenland. Vorige maand lag het cijfer
nog op 4,2%. Aangezien de kosten
per eenheid produkt in het vierde
kwartaal van vorig jaar 7,5% hoger lagen dan een jaar eerder en de loonstijgingen relatief fors blijven lijkt de
kans op een substantiële daling van
de Duitse inflatie niet zo groot.

De Fed-voorzitter Greenspan liet
zich recentelijk optimistischer uit
over de gezondheid van de Amerikaanse economie dan een aantal
maanden geleden. Hij voorziet een
snel herstel en een daling van de inflatie. Positief beoordeelde hij het
feit dat zowel bedrijven als particulieren de laatste maanden hun financiële positie structureel hebben versterkt, terwijl banken en andere
kredietverlenende
instellingen voortgang maken met het versterken van
hun balansen.
De Fed zelf droeg ook een steentje
bij aan de pogingen de economie
weer in beweging te krijgen. Hoewel de financiële markten min of
meer anticipeerden op een verdere
verlaging van het officiële disconto,
verruimde de Fed dit keer de aanbodzijde van de financiële markt.
Door verlaging van de reserveverplichtingen voor banken op betaalrekeningen van 12% naar 10% per
april, beoogde de Fed het totale kredietaanbod in de economie te vergroten.
De eerste tekenen van het lang verwachte herstel lijken zich dan eindelijk aan te kondigen in de bestedingen van de consumenten. In januari
stegen de detailhandelsverkopen
met 0,6%, terwijl ook de herziene cijfers over de twee voorafgaande
maanden een stijging lieten zien.
Ook het aantal in aanbouw genomen woningen nam in januari toe
met 5,5%. Wel moet hieraan worden
toegevoegd dat de stijging zich concentreerde op een klein segment
van de bouwmarkt, namelijk appartementen in het Midden-Westen.
Echter niet alle cijfers gaven een
eenduidig positief beeld van de
Ameri- kaanse conjunctuur. Uit de
stijging van het handelsbalanstekort over december tot $ 5,93 miljard, veroorzaakt door een dalende
export en een stijgende import,
blijkt dat de VS voornamelijk op eigen kracht uit het economische
dal
moet komen. Daarnaast vielen de
cijfers over de Amerikaanse industriële produktie in januari met een
daling van 0,9% sterk tegen, na dalingen van respectievelijk
0,3% en
0,4% in de voorgaande maanden.
De sterkste terugval deed zich
voor in de auto-industrie.
Ook daling van de bezettingsgraad
tot
78% in januari en een stijging van
de bedrijfsvoorraden
met 0,4% in
december, geven aan dat de Amerikaanse economie slechts moeizaam uit de recessie klimt.

Nederland valt terug
De Nederlandse economie, die zich
lang leek te kunnen onttrekken aan
de neergang elders in de wereld, vertoont nu in toenemende mate zwakke plekken. De industriële produktie
die in 1988 nog met 5% was gestegen en in 1989 en 1990 nog toenam
met 4%, steeg vorig jaar met nog
slechts 1%. Een stijging die geheel te
danken was aan de groei in het eerste kwartaal. In het tweede halfjaar
lag de industriële produktie onder
het niveau van een jaar daarvoor.
Daar staat tegenover dat de consumptieve bestedingen en de buitenlandse handel op een relatief hoog
niveau bleven. De detailhandelsverkopen wisten de laatste maand van
het vorig jaar af te sluiten met een
groei van 2%, waarmee de groei
voor het gehele jaar uitkwam op
4,4%, tegenover 6,8% in 1990. Daarnaast liet de handelsbalans over
1991 een recordoverschot zien van
f 14,2 miljard. Met name als gevolg
van een overschot op de energiebalans lag de groei van de export met
4% tweemaal zo hoog als de importgroei. De daling van de inflatie in januari tot 4,1% op jaarbasis werd met
name veroorzaakt door een daling
van de aardgas prijzen. Minister Kok
heeft aangekondigd, met het beeld
van een afzwakkende economie
voor ogen, de meevaller van de aardgasbaten van f 500 miljoen aan te
wenden voor het versneld in uitvoering nemen van infrastructurele investeringen. Ook voor de jaren na
1993 lijken de aardgasbaten hoger
uit te zullen komen dan aanvankelijk begroot.

Groeivertraging in Japan
In Japan steeg de industriële produktie vorig jaar met 2,1%, de laagste
toename in vijf jaren. In december
was sprake van een teruggang met
1,9%. De voorraden stegen in die
maand doordat de binnenlandse
vraag stagneerde. Als gevolg van de
sombere vooruitzichten hebben ondernemingen hun orders voor machines in december verlaagd met 14%,
waarmee deze weer terug zijn op
het niveau van februari 1988. In januari daalden de detailhandelsverkopen in Tokyo met 0,9%. Voor het komend boekjaar dat op 1 april aanstaande aanvangt wordt gerekend
op een daling van de investeringen
met 4,5%. Met name voor een land
als Japan waar de investeringen als
percentage van het bnp met 22% bijna tweemaal zo hoog zijn als in de
VS, komt een scherpe terugval in het

E5B 26-2-1992

investeringsniveau
hard aan. Op basis van de daling van de inflatie en
de marginale groei van de geldhoeveelheid wordt de druk op de overheid dan ook steeds groter om hetzij
via monetaire hetzij via fiscale maatregelen de Japanse economie te stimuleren. Met de export blijft het echter goed gaan. In januari verdrievoudigde het handelsoverschot
tot $ 3,8
miljard ten opzichte van vorig jaar.

Nederlandse prijspeil weer in de
buurt komt van de Duitse inflatie,
verwachtte de markt dat het renteverschil tussen deze twee landen in
de toekomst zal kunnen dalen. De
rente op de Nederlandse geldmarkt
kon dalen onder invloed van een verlaging van de beleningsrente met 10
basispunten tot 9,3% door de Nederlandsche Bank. Hiervoor was ruimte
ontstaan door de stijging van de gulden ten opzichte van de Duitse mark.

Rente
Nadat aanvankelijk de Amerikaanse
kapitaalmarktrente
nog iets kon dalen op tegenvallende werkgelegenheidscijfers, heeft vervolgens het
optimisme over het naderende economische herstel de rente weer omhoog gedrukt. Deze stemmingsomslag werd veroorzaakt door de
stijging van de detailhandelsverkopen in januari en bemoeilijkte de
driemaandelijkse herplaatsing van
overheidspapier. Vervolgens liep de

i

FvanLanschot
Bankiers nv
SINDS 1737

rente verder omhoog als gevolg van
de monetaire verruiming van de Fed
via de verlaging van de reserve-verplichtingen. De kapitaalmarkt zag
deze verruiming bij een aantrekkende economie als inflatoir. Greenspan
wist tenslotte de inflatie-angst met
sussende woorden weg te nemen,
waardoor de obligatiemarkt zich
weer enigszins herstelde.
In Duitsland zorgde de combinatie
van een loonakkoord in de Duitse
metaal, waarmee een staking werd
voorkomen, en een stijging van de
werkloosheid aanvankelijk voor een
lichte daling van de lange rente. De
stemming veranderde echter toen
duidelijk werd dat de overeengekomen loonstijging van 6,4% het tijdstip van een eventuele monetaire
verruiming naar de toekomst verschuift. Ook de negatieve stemming
op de Amerikaanse markt droeg, zij
het in beperkte mate, bij aan de stijging van de rente.
De Nederlandse obligatiemarkt wist
in eerste instantie te profiteren van
het meevallend inflatiecijfer over januari van 4,1%. Omdat hiermee het

Valutamarkten
Op de valutamarkten was sprake
van een vaste stemming voor de
Amerikaanse dollar. Ten opzichte
van de gulden is de dollar binnen
twee weken tijd met meer dan 4%
gestegen totf 1,86. Het sentiment is
wezenlijk verbeterd. De vrees voor
escalatie van conflicten in de voormalige Sovjetunie, maar ook in Irak
en het Midden-Oosten werden genoemd als factoren die de dollarkoers opdreven. Vooral vanuit Japan
werd met tegenzin kennis genomen
van de kracht van de dollar die vertaald kan worden in zwakte voor de
Japanse yen. Hoewel de centrale
banken van beide grootmachten intervenieerden tegen de dollar, resulteerde dit maar ten dele in het gewenste effect. De Japanse centrale
bank wordt hierbij voor een dilemma geplaatst: aan de ene kant wordt
de druk vanuit het binnenland sterker om via een verlaging van de
rente de afzwakkende economie te
stimuleren, terwijl vanuit het buitenland gewezen wordt op verder oplopende handelsfricties wanneer de Japanse yen te veel achterblijft bij de
Amerikaanse dollar.
De toenemende kracht van de Amerikaanse dollar ging gepaard met een
afnemende spanning binnen het
EMS, doordat de Duitse mark terrein
moest prijsgeven ten opzichte van
de overige EMS-valuta. De verschillen blijven uiteraard beperkt, maar
toch zakte de Duitse mark naar een
dieptepunt voor een jaar. Het pond
heeft sedert begin januari duidelijk
aan kracht gewonnen en is in iets
meer dan een maand gestegen van
f 3,19 totf 3,25. De belangrijkste
steun kwam vanuit de politieke
hoek. Een verkiezingszege van de
Tories, wat op dit moment volgens
de opiniepeilingen het meest waarschijnlijk is, wordt op lange termijn
beter voor het pond geacht.
Deze bijdrage is ontleend aan de tweewekelijkse publikatie Beleggen met Van Lan-

schot.