Ga direct naar de content

Tekort stijgt nog

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: december 1 1999

Tekort stijgt nog
Aute ur(s ):
Renique, C. (auteur)
Secretaris Onderwijszaken Vereniging VNO-NCW.
Ve rs che ne n in:
ESB, 84e jaargang, nr. 4234, pagina 918, 10 december 1999 (datum)
Rubrie k :
Discussie
Tre fw oord(e n):
arbeidsmarkt

Dit artikel is een reactie op:
W. Groot, H. Maassen van den Brink en E. Plug, Geen tekort aan technisch opgeleiden, ESB, 27 augustus 1999, blz. 608-610.
Groot, Maassen van den Brink en Plug stellen dat er geen sprake is van een tekort aan technisch opgeleiden en baseren dit op de
relatieve hoogte van de salarissen van technici en op het aandeel technisch opgeleiden versus het aandeel in technische beroepen.
Verder stellen zij dat de kans op werk in technische beroepen hoog is en de achterblijvende belangstelling voor beta-technische
vakken dus alleen verklaard kan worden door achterblijvende salarissen en een aanbodoverschot.
Hun conclusie is echter gebaseerd op verouderde gegevens. Als het gaat om de salarisontwikkeling, heeft het roa reeds over 1996
gemeten dat een technisch opgeleide mbo-er per maand ongeveer Æ’ 500 meer verdient dan een economisch opgeleide mbo-er. Voor het
hbo bedroeg de voorsprong in dat jaar ten opzichte van economisch opgeleiden ongeveer Æ’ 200. Beide sectoren zijn in 1996 koplopers
als het gaat om de hoogst betaalde opleidingsgroepen, in tegenstelling tot het beeld dat de auteurs schetsen. In de hbo-Monitor over
1998 wordt de koppositie bevestigd. Deze is een direct gevolg van de aanzienlijke verhoging van de startsalarissen die in deze sector is
doorgevoerd. Daarnaast staat het salaris zeker niet voorop bij de motieven voor studiekeuze en de eerste baan na afstuderen. De
inrichting van de studie, de mogelijkheden in de vooropleiding voor actieve orientatie op techniek en het beeld van de maatschappelijke
bijdrage van techniek zijn voor jongeren veel belangrijker.
Ook tekort buiten technische beroepen
Bij de redenering dat een groter percentage technisch opgeleiden in de beroepsbevolking dan het percentage feitelijk werkenden in
technische functies duidt op een overschot, is een kanttekening nodig. Zeker in industriële bedrijven is een technische achtergrond voor
verscheidene van deze functies zeer relevant. Maar ook daarbuiten is de technologie zodanig geïntegreerd dat behoefte ontstaat aan
medewerkers met een technische achtergrond. Het is dan ook nog verbazend dat de onderzoekers slechts een gering surplus meten van
technisch opgeleiden in de beroepsbevolking in vergelijking met het aantal werkenden in technische beroepen. Het verschil is stellig
groter.
Tekort stijgt
Aanbodtekorten en -overschotten kunnen veel beter gemeten worden door monitoring van de arbeidsmarkt zelf, zoals het roa dat
periodiek doet. Dan blijken grote knelpunten voor technische deelsectoren, zoals informatica, civiele techniek, bouwkunde,
procestechniek1. Uit dit onderzoek blijkt ook de betrekkelijkheid van een criterium als het aandeel technici in de beroepsbevolking. Door
uitstroom van ouderen en groei in werkgelegenheid groeit het aantal baanopeningen sneller dan de instroom van schoolverlaters. Het
verschil zal nog toenemen omdat van de oudere jaargangen relatief meer jongeren een technische opleiding kozen. Voorts hebben vele
oudere technisch opgeleiden een opleidingsniveau dat steeds minder toereikend is voor de huidige stand van de technologie. De
dynamiek in de beroepsbevolking zal daarom zeker het aantal knelpunten in de technische sector de komende jaren doen toenemen.
Conclusie
Onze conclusie is dan ook anders: de effecten van de dalende instroom in combinatie met juist de goede arbeidsmarktperspectieven voor
technisch opgeleiden, hebben zich vertaald in een wegwerken van de eerdere salarisachterstand van technici, blijkend uit de hogere
startsalarissen. Gezien al bestaande knelpunten en gelet op de prognoses is het verontrustend dat ondanks deze ontwikkeling de
dalende trend in met name de meer klassieke beta-technische richtingen niet tot staan is gekomen. Er zal daarom veel meer aandacht
nodig zijn voor de meer inhoudelijke keuzemotieven van jongeren. Hierin hebben zowel onderwijs als bedrijfsleven een belangrijke taak.
Zie ook:
E.A. Oskam, L. Ouwehand en E.M. van der Wenden, Tekort aan technici bestaat wel degelijk

W. Groot, H. Maassen van den Brink en E. Plug, Naschrift

Copyright © 1999 – 2003 Economisch Statistische Berichten ( www.economie.nl)

Auteur