Ga direct naar de content

Nederlandse huishoudens minder gevoelig voor renteherziening

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: maart 27 2024

Het aandeel van de schuld van Nederlandse huishoudens bij Nederlandse banken waarvan de rente binnen een jaar wordt herzien, is de laatste jaren sterk afgenomen van 12,2 procent in 2019 naar 6,4 procent in 2023. Deze afname maakt huishoudens relatief minder gevoelig voor rentestijgingen.

Nederlandse huishoudens hadden eind 2023 zo’n 587 miljard euro aan langer lopende schuld uitstaan bij Nederlandse banken. Dit betreft leningen, veelal hypotheken,  gedenomineerd in euro’s met een oorspronkelijke looptijd langer dan één jaar. Voor 37,9 miljard euro van deze schuld (6,4 procent) wordt binnen een jaar de rente herzien. Daarnaast verloopt voor 7,6 miljard euro (1,3 procent) de looptijd van leningen, die daardoor mogelijk moet worden geherfinancierd. Door de gestegen rente lopen debiteuren van beide soorten leningen het risico dat de rentelasten op hun schulden (fors) toenemen.

Toen de beleidsrente in september 2019 voor het laatst door de Europese Centrale Bank werd verlaagd, was nog 12,2 procent van de langer lopende schuld van huishoudens binnen een jaar toe aan een renteherziening. De mogelijke impact van rentestijgingen is in dat opzicht een stuk gereduceerd: Nederlandse huishoudens lijken de tussenliggende periode te hebben gebruikt om hun schuld voor langere tijd tegen een lagere rente te (her)financieren.

Ook in de rest van het eurogebied daalt het aandeel van de schuld van huishoudens bij banken waarvan de rente binnen een jaar wordt herzien, maar dit percentage ligt met 18,6 procent wel aanzienlijk hoger dan in Nederland. Datzelfde geldt voor leningen waarvan de looptijd van de lening binnen een jaar afloopt (2,7 procent). De verschillen hangen mogelijk samen met het relatief grote aandeel van hypotheken in de totale schuld van Nederlandse huishoudens, de landspecifieke regels rondom hypotheken en de voorkeur van Nederlandse huishoudens voor zekerheid in de vorm van een langere looptijd van de rentevaste periode.

Auteur

Plaats een reactie