Ga direct naar de content

Redactioneel: Geen keuze?

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: maart 23 2006

Redactioneel

Frank Lindner
Redacteur ESB
f.lindner@sdu.nl

Geen keuze?
Jonge mensen vervelen zich meer en meer in
Nederland. Onlangs liet een 17-jarige jongen zich
ontvallen dat hij naast het bezoeken van vrienden
en het kijken naar films, uit verveling lantaarnpalen
omtrok en experimenteerde met vuurwerk.
Volgens de Franse filosoof Voltaire is verveling door
de natuur geschonken aan de mens, zodat de mens
zich voor zichzelf en andere mensen nuttig kan
maken. Dan laat Voltaire zich minder goed rijmen
met de meisjes uit Alphen aan den Rijn die uit
verveling een oudere persoon in de sloot wierpen.
Goethe en Nietzsche schreven over verveling alsof
het een bron van inspiratie is waaruit ‘de kunstenaar’
zal ontwaken en dan nieuwe ideeën zou hebben
opgedaan. De omgetrokken lantaarnpaal doet niet
echt kunstzinnig aan.
Economen zouden zich moeten interesseren voor het
verschijnsel verveling. Veel wetenschappers concluderen namelijk dat verveling komt door een te grote
keuzevrijheid en het hoge aantal keuzemogelijkheden
(De Pers, 28 februari 2007). Volgens de bewuste
wetenschappers is verveling een welvaartsverschijnsel, een onderwerp dat dicht bij het hart van de econoom zou moeten liggen. Mensen ervaren dagelijks
zo’n grote stroom aan sensaties en indrukken dat er
een behoefte is ontstaan om alsmaar geïmponeerd
te worden. Individuen vinden het lastiger dan voorheen om keuzes te maken, concludeert de filosoof
Hans Dijkhuis. Volgens Dijkhuis creëert de jeugd
wellicht een behoefte aan voortdurende vernieuwing
en ervaren ze, ondanks alle mogelijkheden, toch een
gevoel van verveling. In het licht van de neoklassieke
economie kan het bovenstaande wat vreemd over
komen, omdat de mens volgens deze theorie toch
prima in staat moet zijn om bij volledige informatie
rationele keuzes te maken. Maar wat Dijkhuis en
anderen concluderen over de problemen van het niet
kunnen kiezen is wel degelijk van belang om verveling beter te kunnen begrijpen.

De eerste bevindingen dat verveling nadelig voor een
maatschappij kan zijn, stammen niet uit de laatste
jaren. In The Joyless Economy uit 1976 gaat de
Amerikaanse econoom Tibor Scitovsky er al vanuit
dat de mens niet meer in staat is om zijn vrije tijd
op een constructieve en bevredigende manier in te
delen. Scitovsky beweert dat de mens niet genoeg
geschoold en onvoorbereid is om op een sociaal
geaccepteerde wijze plezierig te kunnen genieten
van de ontspanningsmogelijkheden die de moderne
maatschappij ons biedt. Zijn bevindingen zijn meer
dan dertig jaar oud, maar blijken dus nog steeds
actueel. Volgens Scitovsky ligt de uitdaging om
verveling tegen te gaan in het intelligenter consumeren van ontspanning. Maar omdat mensen deze vorm
van consumeren niet vanzelf aangeleerd krijgen,
grijpt men terug naar (consumptie)patronen waarvoor geen onderwijs of studie nodig is, zoals criminaliteit, (seksueel) geweld en drugsgebruik.
Hoe kan men verveling dan zo ver mogelijk weg
houden? Een constructieve en bevredigende manier
van het consumeren van ontspanning kan volgens
Scitovsky middels cultuur. Maar cultuur levert volgens Scitovsky pas nut op als men er eerst onderwijs
in heeft gevolgd. En dat onderricht wordt geleverd
door onderwijsinstellingen. Ondanks dat het aantal
mensen dat (hoger) onderwijs volgt explosief is
gestegen, lijkt het of de onderwijsinstellingen meer
gericht zijn op het verbeteren van productievaardigheden in plaats van op consumptie. Dat concludeert
ook Robert Stonebraker in zijn boek The joy of economics: making sense out of life (2006). Men is volgens Stonebraker tegenwoordig meer gericht op een
hoog inkomen, te bereiken via intelligente productie,
dan dat onderwijs helpt om slimmer te kunnen consumeren en dus kiezen. De intelligente producent is
het gevolg. Met de alsmaar competitiever wordende
arbeidsmarkt is het wel zo dat leerlingen en studenten bijna geen andere keuze hebben dan opgeleid te
worden tot intelligente producenten.
Het zijn dus niet zozeer de grote mate van keuzevrijheid, keuzemogelijkheden en hoge welvaart die
verveling in de hand werken, alswel de inrichting
van het onderwijs en het gebrek aan intellect dat
men zou moeten kunnen aanwenden om te kunnen
kiezen.
Het wordt afwachten wanneer de 17-jarige jongen en
de zijnen straks uitgeleerd zijn en het land moeten
regeren en draaiende houden. Wat is de keuze?

LITERATUUR
Scitovsky, T. (1976) The Joyless Economy: The Psychology of Human
Satisfaction. Oxford: Oxford University Press.
Stonebraker, R. (2006) The joy of economics; making sense out of life.
http://faculty.winthrop.edu/stonebrakerr/book.htm

ESB

23 maart 2007

163

Auteur