Ga direct naar de content

Gebruik wijkverpleging ontwikkelt zich los van Wmo-ouderenzorg

Geplaatst als type:
Gepubliceerd om: juni 30 2022

Gemeenten en zorgverzekeraars zijn ieder verantwoordelijk voor een deel van de ouderenzorg aan huis. Gemeenten organiseren zorg binnen de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), zoals dagbesteding en huishoudelijke hulp, en zorgverzekeraars organiseren verpleging en persoonlijke verzorging (wijkverpleging). Gebruik van beide zorgvormen lijkt zich los van elkaar te ontwikkelen: een toename van het aantal gebruikers van de Wmo-ouderenzorg gaat niet gepaard met een verandering in het aantal gebruikers van wijkverpleging.

De figuur toont het zorggebruik onder 65-plussers in 169 gemeenten die het gebruik van Wmo-maatwerkvoorzieningen (Wmo-zorg waar een beschikking voor nodig is) tussen 2016 en 2019 vrijwillig hebben gerapporteerd aan het Centraal Bureau voor de Statistiek. De horizontale as van de figuur geeft de ontwikkeling in de kans op gebruik van Wmo-ouderenzorg. Zo laat de figuur zien dat de kans op gebruik van Wmo-maatwerkvoorzieningen jaarlijks met bijna vier procentpunt toenam in de gemeente met de grootste ontwikkeling. De verticale as geeft op dezelfde manier de ontwikkeling weer qua kans op wijkverpleging. We corrigeren bij beide kansen uitgebreid voor persoons- en gezondheidskenmerken.

Dat ontwikkelingen in Wmo-ouderenzorg en wijkverpleging niet positief samenhangen, impliceert dat deze zorgvormen elkaar niet altijd complementeren. Dat er ook geen negatieve samenhang is, duidt erop dat beide zorgvormen elkaar ook niet volledig vervangen. Gemeenten en zorgverzekeraars lijken hun zorgtaken dus niet geheel op elkaar afwentelen; in gemeenten met een grotere kans op Wmo-ouderenzorggebruik is de kans op wijkverpleging immers niet kleiner (of andersom).

De ontbrekende samenhang betekent overigens niet dat deze twee zorgvormen elkaar volledig niet kunnen aanvullen of vervangen, en dat er helemaal geen ruimte bestaat voor afwenteling. Wellicht gebeurt dat wel wanneer men kijkt naar het aantal uren zorggebruik of een bepaalde groep van gebruikers.

Auteurs

  • Timo Lambregts

    Promovendus aan de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR)

  • Minke Remmerswaal

    Wetenschappelijk medewerker bij het Centraal Planbureau (CPB) en promovendus aan Tilburg University