Ga direct naar de content

Verkiezingen en belastingen

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: januari 9 1985

P. de Grauwe

Verkiezingen
en belastingen
Verkiezingen hangen weer in de lucht
in Belgie. De onenigheid tussen de regeringspartijen is zo groot dat de meeste
waarnemers de huidige coalitie nog
slechts enkele maanden gunnen.
Zoals in elke pre-electorale periode
doen alle partijen beloften aan de kiezer.
Een van de thema’s is belastingvermindering. Er is haast geen partij die de kiezer niet voorspiegelt dat de belastingdruk zal worden verminderd. De externe
waarnemer zal hier verwonderd de
wenkbrauwen fronsen. Hoe kunnen in
een land waar het budgettair deficit rond
de 12% van het bruto nationale produkt
bedraagt, en waar de overheidsschuld
even groot is als het bruto nationale produkt, politici zonder blikken of blozen
dergelijke lichtzinnige beloften doen?
Het moet toch evident zijn dat in een dergelijke situatie de belastingen in de toekomst alleen zullen kunnen stijgen?
Zouden de Belgische kiezers dan toch,
zoals in de Hollandse Belgenmoppen, zo
dom zijn dat ze dit niet begrijpen, en echt
geloven dat belastingen zullen kunnen
worden verminderd? Het is moeilijk om
op deze vraag te antwoorden. Wat echter
wel duidelijk is, is dat een groot deel van
de Belgische politici deze vraag positief
beantwoordt. Het is anders niet te begrijpen waarom deze politici met dergelijke beloften van belastingvermindering
voor de dag komen.
Wat er ook van zij, de omvang van het
budgettaire tekort in Belgie en de financiele lasten die hieruit voortspruiten,
maken het onvermijdelijk dat gedurende
de komende jaren belastingverhogingen
en uitgavenverminderingen zullen worden doorgevoerd. Het is dan ook evident
dat de beloften van belastingvermindering door de politici die deze beloften nu
doen zullen moeten worden ingeslikt.
Dus, terwijl budgettaire sanering onvermijdelijk is, stelt zich in Belgie een interessant probleem dat in de politieke
ESB 9-1-1985

economic thuishoort. De huidige
centrum-rechtse coalitie is niet meer in
staat het budgettaire tekort verder te verminderen. Er zijn hiervoor twee redenen. Ten eerste is de liberale coalitiepartner, die de vorige verkiezing had gewonnen door belastingvermindering te beloven, in haar eigen valkuil getrapt. In
plaats van minder belastingen, is de belastingdruk tijdens de huidige centrumrechtse regering in een recordtempo
gestegen. Het enthousiasme bij de liberalen om hiermee verder te gaan is dan
ook verdwenen. Een tweede reden waarom de Belgische regering het beleid van
budgettaire sanering moet stopzetten is
dat de socialistische oppositie zeer ef fectief is geweest. De voortdurende herhaling in de media dat het huidige budgettaire saneringsbeleid slecht is voor de
economic heeft voldoende twijfels doen
rijzen over de opportuniteit van dit beleid. Deze twijfels ondermijnen de wil
van de coalitiepartners om dit beleid
voort te zetten.
Uit het voorgaande volgt een eenvoudige conclusie. Omdat verdere budgettaire sanering in Belgie onvermijdelijk
is, en de huidige coalitie deze sanering
niet meer kan realiseren, zal het door een
centrum-links kabinet waarin de socialisten een leidende rol vervullen moeten
worden doorgevoerd. Ik zie in dit verband twee mogelijke scenario’s. Beide
gaan ervan uit dat de socialisten de verkiezingen winnen.
In een eerste scenario slikken de socialisten hun kritiek op de ,,deflatoire” saneringsmaatregelen onmiddellijk in, en
zetten het beleid voort. Het zou niet de
eerste keer zijn dat dit gebeurt. In dit scenario zal de centrum-linkse regering het
huidige beleid van budgettaire sanering
kunnen voortzetten in een sfeer van relatieve sereniteit. Immers, het verbale geweld van een linkse oppositie die alle heil

verwacht van een reflatie van de economic zal zijn geluwd.
Een tweede mogelijk scenario bestaat
erin dat de harde kern van keynesianen
in de socialistische partij de overhand
krijgt. Een politick van vraagstimulering
met alle bekende ingredienten wordt dan
ingezet. We komen dan terecht in een
episode zoals Frankrijk deze heeft gekend na de over winning van Mitterrand:
een tijdelijke ,,boom”, met nadien een
financiele crisis eri een (of meer) devaluaties. Na deze episode volgt dan een politick van sanering die scherper zal moeten
zijn dan in het eerste scenario.
Misschien doe ik aan ,,wishful thinking”, toch lijkt mij het eerste scenario
waarschijnlijker dan het tweede. Sinds
1960 is het budgettaire beleid van
centrum-linkse regeringen niet minder
orthodox geweest dan het beleid van
centrum-rechtse regeringen. De algemeen verspreide opvatting dat de socialisten de budgettaire gaten slaan steunt
niet op feiten, tenminste niet in Belgie.
Het is dus verre van denkbeeldig dat
een toekomstig centrum-links kabinet
het ,,rechtse” beleid gewoon voortzet,
en dit waarschijnlijk op een meer effectieve wijze dan wat nu kan. En zelfs indien het tweede scenario bewaarheid
wordt, zal het ,,rechtse” beleid na een
kort interludium moeten worden voortgezet. De retoriek alleen zal verschillend
zijn.

31

Auteur