Ga direct naar de content

Redactioneel-Kies

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: november 17 2006

Redactioneel

Albert Jolink
Hoofdredacteur ESB,
Associate Professor RSM Erasmus University
a.jolink@sdu.nl

Kies

M

eer dan zeventig procent van de
Amerikanen denkt dat de nieuwsberichtgeving in de Verenigde Staten in
meer of mindere mate politiek gekleurd
is (DellaVigna & Kaplan, 2006). Dit feit zal u en mij
verbazen. Niet zozeer die zeventig procent als wel
dat een kleine dertig procent van de Amerikanen
kennelijk denkt dat de berichtgeving niet politiek gekleurd is. In een land, zoals Nederland, waar de etiketten van de verzuiling slechts langzaam loslaten,
is het heel vanzelfsprekend dat kranten, radio en
televisie een eigen selectie maken van het nieuws.
Ten tijde van verkiezingen wordt dit beeld nog eens
extra versterkt doordat de dames en heren politici
naarstig op zoek gaan naar kanalen die aandacht
opleveren en de media die hier gretig op inspringen.
Hier is niets mis mee: ieder doet z’n eigen ding.
De wijze waarop in Nederland de zenderkleuring in
de afgelopen weken vorm heeft gekregen is naar
Amerikaanse maatstaven nog steeds kies te noemen,
maar het begint wel Amerikaanse trekjes te vertonen, met het inzoemen op de lijsttrekkers in plaats
van op de onderwerpen. De gedachte hierachter zal
ongetwijfeld electoraal gewin zijn op basis van sterke
brands, maar de uitvoering blijft nog wat onwennig.
Het wachten is nog op de politicus die in een titanendebat à deux zichzelf een te grote broek aanmeet
en door zijn opponent wordt neergesabeld met de
klassieker: “Mr. Senator, you are no Jack Kennedy.â€
Helaas zal ons dit niet gegund worden want onze
toekomstige premier moet vooral betrouwbaar zijn,
tegen het saaie aan, en de potentiële kandidaten
conformeren graag naar dit beeld.
Het blijft uiteraard altijd maar weer onzeker of het
plan de campagne van de diverse partijen en het
daaruitvolgende aanbod van de politieke diensten de
gewenste vraag oproept. Een eerste belemmering in
de werking van deze politieke Wet van Say, waarin
aanbod zijn eigen vraag creëert, is de genadeloze

onderwerping van de ideologie aan de rekenmeesters
van het Centraal Planbureau. Niet zonder huiver
zullen de partijen zich vleien op bed van Procrustes
om gecertificeerd weer te keren naar de Tweede
Kamer, een ervaring rijker en een illusie armer. Maar
zelfs na het ronden van deze kaap is succes niet
verzekerd met een gapende kloof tussen kiezer en
gekozene. Niet zonder reden is de kiezer geobsedeerd door de Bermuda driehoek ter hoogte van Den
Haag, wetende dat verkiezingsbeloftes makkelijker
gemaakt dan ingewilligd kunnen worden. Dus maken
de politici de overtocht naar de overzijde van de
kloof, over de bruggen geslagen door de media, om
te overtuigen en te ronselen.
En toch heeft dit politieke ‘business model’ iets
ongemakkelijks. In tijden waarin de consument geen
cd’s meer koopt maar afzonderlijke muziekuitvoeringen downloadt is het moeilijk te verkopen dat
een stem voor de heer X of mevrouw Y een stem is
voor een heel pakket aan politieke ideeën en maatregelen. Sowieso lijkt de aanbod gestuurde politiek
met de nadruk op de voormannen, te komen uit het
tijdperk van Elvis Presley in zijn nadagen, waarin
de persoon inclusief wit glitterpak, belangrijker was
dan zijn oorspronkelijke geniale muziek. Dat mensen
nu alleen nog de klassiekers van Elvis downloaden
is slechts een illustratie dat in de nieuwe wereld de
consument zelf kiest.
Voor politieke partijen zal deze realiteit als eerst
worden vertaald als ‘kloof’ maar uiteindelijk zal
ook hier een besef van mismatch tussen vraag en
aanbod moeten kunnen doorklinken. Als ook hier
het stof weer is neergedwarreld zou een logisch
vervolg kunnen zijn dat politieke partijen niet alleen
de consument-kiezer centraal stellen, maar dat ook
de nadruk komt te liggen op het atomiseren van de
politieke standpunten, en zich al dan niet als singleissue partij in de markt zetten. Alle grote industriële
molochen in deze wereld zijn tot het inzicht gekomen dat productdifferentiatie zijn grenzen heeft en
dat ‘core business’ leidend zou moeten zijn. Deze
les zou ook beschikbaar gesteld moeten worden aan
de politieke partijen, zodat een democratisch bestel
niet opgaat aan de discipline van de partijpolitiek
noch ondergaat in de kloof tussen onbegrepen
kiezers en politici. Als de verkiezingen nog echt over
kiezen gaan dan zou er ook echt iets gekozen moeten kunnen worden.

Referenties
DellaVigna, S. & E. Kaplan (2006) The Fox News Effect:
Media Bias and Voting. NBER Working Papers (12169).

ESB

17 november 2006

579

Auteur