Er leven zorgen over een ‘China Shock 2.0’, omdat deze de Europese maakindustrie door een toegenomen instroom van complexe goederen onder druk kan zetten. Maar hoe hoogwaardig is de Chinese import richting de EU? En welke regio’s zijn het meest kwetsbaar?
De vraag naar gerecycleerde materialen neemt toe wanneer de prijs van het overeenkomstige primaire materiaal stijgt, maar de sterkte van deze kruiselasticiteit verschilt sterk tussen materialen.
In Nederland versmalt het debat inzake eurobonds tot een keuze tussen volledige schuldendeling of behoud van nationale soevereiniteit. Daarmee blijft het onderbelicht dat eurobonds in verschillende vormen kunnen worden ingezet voor uiteenlopende beleidsdoelstellingen.
De laatste tien jaar is het aandeel van de Amerikaanse dollar in de internationale reserves van landen afgenomen. Deze reserves dienen als buffer in het geval van economische onzekerheden. Werd eind 2016 nog zo’n 57 procent van de reserves in dollars aangehouden, eind 2025 was dat aandeel gedaald tot 40 procent.
Sinds 2021 is de reële wisselkoers van de renminbi versus de euro met 38 procent gedeprecieerd. Chinese industrieproducten zijn dus in vijf jaar tijd gemiddeld relatief 38 procent goedkoper geworden dan Europese industrieproducten.
Door het volatiele Amerikaanse beleid is er steeds meer twijfel over de positie van de dollar. Dit biedt kansen om de internationale rol van de euro te versterken en daarmee afhankelijkheden van het Amerikaanse financiële stelsel en de dollar af te bouwen.
Het coalitieakkoord ‘Aan de slag’ van D66, VVD en CDA verklaart eurobonds ongewenst. Dit past in een traditie van nodeloos en vergeefs Nederlands verzet tegen Europese leningen, want de huidige tijd schreeuwt juist om fors meer eurobonds.
De regering-Trump suggereert dat buitenlandse producenten de invoertarieven ‘betalen’. De invoerheffingen blijken echter niet alleen de prijzen van geïmporteerde goederen te verhogen, maar ook die van binnenslands geproduceerde goederen.
In de huidige geopolitieke discussie dreigen klimaat en ecologie naar de marge te worden gedrukt. Maar als we klimaatverandering negeren, raken we de grip op onze toekomst alleen maar verder kwijt. De Europese geo-economische discussie moet klimaatverandering integraal meewegen.
Eén jaar geleden kondigde Trump op ‘Liberation Day’ verhoogde importheffingen aan om investeringen, productie en werkgelegenheid naar de VS te krijgen. In hoeverre hebben de importheffingen tot nu geleid tot het versterken van de Amerikaanse maakindustrie?
Adriaan Schout en Arthur van Riel stellen in ESB dat de economische baten van de Europese interne markt worden overschat. De onderliggende analyse schiet echter tekort.
De Amerikaanse economie is de afgelopen jaren opmerkelijk veerkrachtig gebleven, maar begint steeds meer een economie van twee snelheden te worden. De sterke investeringen in kunstmatige intelligentie (AI) en bijbehorende infrastructuur compenseren in toenemende mate voor de zwakkere prestaties in de rest van de economie.
De regering-Trump voerde op 2 april 2025 wereldwijde importheffingen in, met als doelstelling het terugdringen van het structurele Amerikaanse handelstekort. Een half jaar later lijken de eerste effecten zichtbaar: de groei van de Amerikaanse import in 2024 sloeg vanaf april 2025 om in krimp.