Ga direct naar de content

Schiphol, feest voor columnisten

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: november 11 1998

Schiphol, feest voor columnisten
Aute ur(s ):
Hartog, J. (auteur)
Hoogleraar micro-economie, Universiteit van Amsterdam
Ve rs che ne n in:
ESB, 83e jaargang, nr. 4178, pagina 891, 27 november 1998 (datum)
Rubrie k :
Prikkel
Tre fw oord(e n):
milieu, verkeer, vervoer

Het leven van een columnist kent schone vreugden. Sinds ik met portret en al in dit prachtige blad verschijn, word ik door jeugdige
vakgenoten herkend op congressen, zelfs in verre oorden. Al sinds mijn eerste midlife crisis schrijf ik een column in het dagblad
Trouw. Dat gaat gelukkig zonder mijn beeltenis, maar het geeft ook weer heel andere genoegens. Anoniem in de trein zitten naast
iemand die je column zit te lezen. En reacties ontvangen. Ik schrijf niet zo controversieel of polemisch, dus ik roep geen heftige
reacties op. Maar wel leuke. Ik heb eens geschreven over het alsmaar voller wordende Nederland en oplossingen gefantaseerd over
ondergronds bouwen (“Holland, vol land, molland?”). Prompt werd ik uitgenodigd voor een congres van bouwondernemers en ontving
ik verzoeken om literatuurverwijzingen (terwijl ik niet meer te bieden had dan mijn eigen duim). Ik heb me kwaad gemaakt op NS over
vertragingen en gemiste aansluitingen en dat in een column gesublimeerd tot de stelling dat de wet niet deugt: terwijl de wet expliciet
NS vrijwaart van schade door bijvoorbeeld vertragingen (wanprestatie!) zou er juist in moeten staan dat schade gecompenseerd moet
worden (je gaat een monopolist toch niet nog eens extra beschermen?). Per kerende post schrijft een lezeres mij dat bij de Franse
TGV een vertraging van een half uur een restitutie van 25% geeft en een vertraging van een uur of meer een restitutie van 50% .
Mensen laten de afwas voor je staan om hun woordenboeken over te schrijven als je bekent dat de herkomst van het woord serendipiteit
je ontschoten is.
Maar al die vreugden en dankbaarheden vallen in het niet bij mijn professionele opwinding rond Schiphol. Jawel, Schiphol, de
schandpaal voor politieke onwaarachtigheid en verlakkerij maar ook de behaaglijke schurkpaal van het nationale debat (volgens mijn
eigen woordenboek is een schurkpaal een ‘wrijfpaal voor vee’, in dit geval dus vooral voor de heilige koe).
In mijn column (van 10 maart van dit jaar in Trouw) had ik betoogd dat lawaaicompensatie voor Schiphol helemaal niet nodig is. De basis
van mijn betoog was de neoklassieke markttheorie. Wie in de buurt van Schiphol gaat wonen kan niet verbaasd omhoog kijken als er een
vliegtuig overkomt. Je moet dus goede redenen hebben om daar een huis te kopen. Het kan je bijvoorbeeld niks schelen, omdat je geen
stiltefreak bent en die vliegtuigen wel indrukwekkend vindt. Of je weet dat er ellende door de lucht komt en je verdisconteert dat in de
biedprijs voor het huis. Mensen die het zat zijn bieden hun woning te koop aan, gaan in de Flevopolder wonen en pendelen naar de stad
(of zoeken een andere baan). Kortom, het gewone marktparadigma: prijzen weerspiegelen de preferenties. De Kostencontouren voor de
geproduceerde decibellen moeten in de prijzen zijn af te lezen en wie een huis koopt is al gecompenseerd. En voor een echte
welopgevoede econoom is dat ook de informatie die telt: wij geloven immers alleen in kennelijke voorkeur, put your money where your
mouth is, en wat iemand zegt over preferenties, ach dat kan niet veel waard zijn.
Eind september rapporteerde ‘een onzer verslaggevers’ in Trouw over een onderzoekje onder huizenmakelaars in de buurt van Schiphol.
Zelden bonkte mijn columnistenhartje harder van vreugd en opwinding. Ik zou het liefst het hele stuk hier citeren. Maar laat ik mij
beperken. Over de mooie wijk Elswijk-Noord, pal onder de aan- en uitvliegroute: “Aan kopers geen gebrek. Voor veel mensen maakt het
niet uit of er vliegtuigen overheen komen.” “Een jaar of tien geleden lag de prijs van de huizen door het lawaai misschien een procent of
vijf lager. Maar ook toen waren de huizen goed te verkopen.” In Aalsmeer, over huizen die onder de landingsbaan staan, oordeelt een
lokale makelaar: “Ik zou geen prijsverschillen met stillere gebieden kunnen ontdekken”. Voilà, de markt oordeelt, de markt selecteert en de
markt segmenteert. Kopers genoeg die zonder compensatie in het gebied willen wonen en die andere eigenschappen voldoende
waarderen om de vliegtuigen op de koop toe te nemen.
Maar de uitsmijter van het artikeltje is zo mogelijke van een nog overrompelender schoonheid: “Huurders hebben er profijt van. De
huurcommissie trekt punten af voor het lawaai en dat levert een lagere huurprijs op”. Kan het mooier? Op de vrije markt is van
compensatie geen sprake, omdat er voldoende mensen zijn voor wie het lawaai de pret niet bederft. Maar een huurcommissie weet wel
beter. Die wil in regulering de evenwichtscondities van de vrije markt nabootsen, en construeert daarom prijsverschillen die moeten
sporen met kwaliteitsverschillen. En biedt vervolgens een compensatie die een echte vrije markt helemaal niet nodig acht.
Schiphol, o Schiphol. Heerlijke schurkpaal voor het debat. Toetssteen voor onze theorieën. Laat het in Godsnaam niet in zee verdwijnen.

Copyright © 1998 – 2003 Economisch Statistische Berichten (www.economie.nl)

Auteur