Ga direct naar de content

Onedele motieven geen rol bij co-auteurschap

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: juni 25 2014

Dit had de kop moeten zijn van het sneue NRC artikel van vanavond waarin onderzoek naar wetenschappelijke integriteit onder Europese economen uit de doeken werd gedaan. 2 procent van de ondervraagden gaf aan dat het hebben van seks een motief is geweest voor het aangaan van een co-auteurschap voor een wetenschappelijk artikel. De enige juiste conclusie uit dit resultaat is natuurlijk dat vrijwel iedereen (98 procent) dit motief nog nooit heeft overwogen bij een co-auteurschap. Alleen, om de feitelijke uitkomst is het mevrouw de Bruin, die nota bene chef wetenschapsredactie is, niet bepaald te doen. NRC maakte ervan: economen: Co-auteur? Eerst seks.

Los van deze uitzinnige verbastering van de main message van een onderzoek, kan het maar zo zijn dat ook deze 2 procent geen hout snijdt. Op de meest idiote categorie vragen is er al snel wel twee procent van de ondervraagden die  ‘ja’ antwoord. Of dit resultaat significant afwijkt van nul is maar de vraag. 

Het toeval wil dat we morgenavond met de economenberoepsvereniging KVS een discussie gaan houden over de wens en noodzaak van een gedragscode voor economen. De discussie zal zich toespitsen op vragen als: is het verstandig om af te spreken dat ook in de communicatie naar media en beleid economen het verschil duidelijk maken tussen wat zij weten en wat zij vinden? Dit soort onschuldige vragen worden overbodig als serieuze journalistieke platforms geen moeite meer doen om de zaken weer te geven zoals ze zijn. Daar kan geen gedragscode tegenop.

Auteur

  • Sandra Phlippen

    Hoofdeconoom van ABN Amro en universitair docent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam

Categorieën