Ga direct naar de content

Jrg. 3, editie 117

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: maart 27 1918

27
MAART 1918

S

‘ AUTEURSRECHT VOORBEHOUDFJ

Econom1sch,,Stat1
*st1
* sc

he

Berichten’

ALGEMEEN WEEKBLAD VOOR HANDEL, NIJVERHEID, FINANCIËN EN VERKEER

UITGAVE VAN HET INSTITUUT VOOR ECONOMISCHE GESCHRIFTEN

3E .JAARGANG

WOENSDAG 27 MAART
1918

No. 117

INHOUD

BIz.
ONZE GEDWONGEN LEENINGEN door
Mr. R. J. 11.
Patijn..
261
De B’anque de France in
1917
door
Mr. L. F.4. Al. v. Ogtrop
263
De Rijnvaart gedurende
het
jaar
1917
door
A.
van
Driel..
265
Zeeverzekering in
1917 …………………………266
De Rijksmiddelen .
,……………………………
268
AANTEEKENINGEN:
Toenemende moeilijkheden in de goudproductie ……
268
De Donau als militaire verkeersweg …………….
269
OVERZICHT VAN TIJOscHRIFrEN ……………………
269
REGEERINGSMAATREGELEN OP HANDELSGEBIED
…………
270
MAANDCIJFEP.S:
Overzicht
der Rijksmiddelen
………………….
270
STATISTIEKEN EN OVERZICHTEN
………………
27 1-279
Geidkoersen.

Effectenbeurzen.
Wisselkoersen.
,

Goederenhandel.
Bankstaten.

Verkeerswezen.

INSTITUUT

VOOR ECONOMISCHE GESCHRIFTEN

Algemeen Secretaris: Mr.
G.
W. J. Bruins.

WEEEBLAD ECONOMISCIJ-BTATIBTISCHE BERICHTEN
secretaris-Redacteur: G E. Huffnagel.

Secretariaat: Pieter de Hooghweg 12, Rotterdam.
7elef. Nr. 3000. Tele gr.adres: Economisch Instituut.
Postcheque en girorekening Rotterdam No. 8408.

Abonnementsprijs voor het weekblad franco p. p.
in Nederland
1
1e,—.
Buitenland en Koloniën f 14,-
per jaar. Losse ‘nummers 30 cents.
Leden en donateurs van het Instituut ontvangen hei
weekblo4 gratis.
De verdere publicaties van het Instituut uitgaande
ontvangen de abonné’s, leden en donateurs kosteloos,
voor zoover daaromtrent niet anders wordt beslist.
Advertentiën f 0,35 per regel. Plaatsing bij abonne-
ment volgens tarief. Administratie van abonnementen
en advertenties: Nijgh, & van Ditmar’s Uitgevers-
Maatschappij, Rotterdam, Amsterdam, ‘s.Gravenhage.

25 MAART 1918.

De geldmarkt was de afgeloopen week beduidend
vaster gestemd. Met het oog op de inschrijving voor

schatkistpapier was de vraag naar wissels tot parti-

culier disconto gering, zoodat het aangeboden papier

slechts met moeite plaatsing kon vinden tot oploopende

rente. Werd aanvankelijk nog Maandag 2% pOt.

geld verschaft,
6p
de beide volgende dagen moest 3%

pOt. hewilligd worden, terwijl in het verdere verloop

van de week niet dan tot 3% pOt. plaatsing te vin-

den was. Nadat de uitslag van de inschrijving bekend

geworden was, waaruit bleek, dat het geheele bedrag

plaatsing vond tot een iets lagere rente dan men ge.

schat had, kon de discoutorente weder iets terug.

loopen.

De prolongatiekoers was eveneens vast, waarbij ook

de moeilijke politieke toestand niet zonder invloed

bleef. Notecring 4, 4%, 4
e
/8
pOt.

Bij de inschrijving op 60 millioen gulden schatkist.

papier werd in het geheel ingeschreven voor ruim

120 millioen. Toegewezen werden
f
21.720.000 ‘drie.

maandspromessen h
f
991,38%,
f
16.900.000 zes.

maandspromessen â
f
982,85 en
f
21.373.000, jaars.

biljettèn k
f
1007,64, gevende een netto rendement

van resp. 37/, 3/8 en 3
13
/je
pOt.
*
*

De in het vorige nummer vermelde voorwaarde.

lijke aanvaarding door onze Regeering van den eisch

der Entente-regeeringen omtrent onze koopvaardij.
vloot, heeft niet mogen baten. Zonder eenige consi.

deratie zijn onze schepen in beslag genomen tot groote

verontwaardiging van geheel ons volk. Een sterke

terugslag op de effectenmarkt – men zie onder deze

rubriek – bleef niet uit. Vooral’scheepvaartwaarden en

Nederlandsche staatsleeningen liepen snel in koers
terug. Maar ook de wisselmarkt was zeer flauw. In

wissels op Londen, Parijs en New York was het aan-

bod overheerschend. Vooral Woensdagochtend waren

er bijna geen koopers en werd voor 10.10, 37.5 en

213% afgedaan. Nadat de eerste schrik voorbij was

en een blijkbaar hier en daar bestaande yrees vooi

oorlogsgevaar ongegrond bleek, ‘kon zoowel de effec.

ten- als de wisselmarkt zich eenigszins herstellen.
Waren aanvankelijk ook Marken en Kronen flauw,

daar in verband met de Rijnvaart ook naar die zijde

moeilijkheden vermoed en gevreesd werden, zoodaf

zicht Berlijn een oogenblik weder onder 40 afgedaan

werd, al spoedig kwam hierin verandering, door ge-

ruchten over een belangrijk, in voor Duitschland gun-

stigen zin verloopend, offensief in het Westen. Zater.

dag sloot de koers ongeveer op 42.15 en heden werd,

nadat Zaterdag laat. de’ tijding van een doorbraak’

door het Engelsche verdedigingsstelsel bekend ge.

worden was, tot
44.—
betaald.

Het wetsontwerp voor de drooglegging der Zuider.

zee werd in de Tweede Kamer aangenomen.

ONZE GEDWONGEN LEENINGEN.

Het succes van een emissie komt aan het crediet
van den debiteur ten goede: deze stelling zal in hare
algemeenheid niet licht worden aangevochten. De
jongste Staatsleening was een groot succes: een bedrag
van 625 millioen aan inschrijvingen mag voor Neder-
land een schitterende uitslag worden genoemd, ook
al houdt men rekening met het feit, dat in dit bedrag

f
247.500.000 aan conversie was begrepen. Toch lijdt
het nauwelijks twijfel, dat men, voortgaande op den
thans gevolgden weg, gevaar loopt de Nederlandsche
Staatsschuld in discrediet te brengen.

—‘—-.–.–

262

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

27 Maart 1918

In de Eerste Kamer is in December 1917 van ge-dachten gewisseld over de vraag, of de leening een
vrijwillige dan wel een gedwongen leening was.
Tegenover de heeren Van Nierop en De Gijselaar, die
er slechts een gedwongen leening in konden zien, hiel-
den de Minister en de heer Stork het omgekeerde staande. Het is zonderling, dat deze vraag tot een
eenigszins uitvoerig debat aanleiding kon geven. Ieder
toch kende de feiten en bleef vrij daaraan de qualifi-catie te geven, die hem goed dacht. Vrijwillig was de
leening in zoover, dat de wet haar uitdrukkelijk zoo
noemde en dat niemand rechtstreeks verplicht werd
tot deelneming; gedwongen was zij, omdat wie niet
inschreef, gevaar liep een Partij 3 pOt. obligatiën
thuis te krijgen, waarop hij aanstonds ten minste
30 pOt. verlies had moeten afschrijven. Wil men
niettemin van een vrijwillige leening spreken, zoo is
mij dit wel; maar dan gebruikt men den term in een
andere beteekenis dan de gewone.

Toen de oorlog uitbrak, was sedert de dagen van
Van Hall (1844) het uitgeven van een Staatsleening, onder bedreiging voor het geval van mislukking met
geldelijk nadeel voor de bezitters, niet voorgekomen.
In het najaar van 1914 stelde de mobilisatie aan
‘s Rijks Schatkist plotseling ongekend hooge eischen
en de Minister Treub greep naar het bijkans vergeten, indertijd probaat gebleken middel. Dit is begrijpelijk.
In den aanvang verwachtte niemand een langen duur
van den oorlog;
gelijk
bij den strijd over de z.g. ,,hef-
fing in eens” duidelijk bleek, vleide men zich toen-
maals vrij algemeen met de hoop, dat, als de
f 275.000.000
der leening 1914 verbruikt waren, nor-
male tijden teruggekeerd, althans weer in het zicht
zouden
zijn.
Als noodmatregel van geheel exceptio-
neel karakter was het voorstel aannemelijk.

Ook afgezien daarvan moet erkend worden, dat het
stelsel der gedwongen leeningen practische diensten
heeft bewezen. De Schatkist kreeg telkens het benoo-
digde kasge’ld tegen gunstiger voorwaarden dan anders
voor de plaatsing van zoo groote bedragen bedongen
hadden kunnen worden. De beide eerste malen had
ook het publiek zich niet te beklagen. De emissie-
koers der
5
pOt. leening 1914 was evenmin als die der
434 pOt. leening 191.6 te hoog, en in beide gevallen
werden na ‘korten tijd de obligatiën ter beurze ver-
handeld ongeveer op den parikoers, waarvoor zij wa-
ren uitgegeven, en daarboven. Wie noodgedwongen
ingeschreven had, kreeg weldra gelegenheid zich na-
genoeg zonder verlies of zelfs met kleine winst van
zijn bezit te ontdoen. Maar anders werd de zaak bij de
uitgifte van de 4 pOt. leening 1916.

De koers van uitgifte was daarbij in de wet zelve
vastgelegd op 97 pOt. Dit percentage was wellicht
niet onjuist gekozen op het oogenblik, waarop het
wetsontwerp werd samengesteld; doch in de weken,
die voor ‘de behandeling hiervan in den Raad van
State en in de Statcn-Generaal noodig waren, werd
de marktpositie ongunstiger; met het gevolg, dat de
leening zich niet alleen niet kon handhaven op den
emissiekoers, maar – in tegenstelling tot hetgeen bij
de eerste twee gedwongen leeningen geschied was –
geregeld blèven dalen en nu slechts plm. 87 pOt. no-
teert. Terecht werd er van verschillende zijden op ge-
wezen, dat op die wijze een gedwongen leening ont-
aardt in een, extra-vermogensbelasting en nog wel in
een zoo gebrekkig en onbillijk mogelijk geregelde be-
lasting.

Toen het wetsontwerp betreffende de jongste
Staatsleening (434 pOt. 1917) verscheen, had de Mi-
nister van Financiën zich de ondervinding, laatste-lijk opgedaan, ten nutte gemaakt. Ditmaal werd de
koers niet in het wetsontwerp bepaald, doch bevatte
dit het volgende voorschrift: ,,De koers van uitgifte
,,wordt vastgesteld door onzen Minister van Finan-
,,ciën, met dien verstande, dat bij die vaststelling tot
,,richtsnoer wordt genomen de koers, welke omstreeks
,,den ,tijd der uitgifte eerste-klasse fondsen van ge-
,,lijken rentevoet als deze geldleening ter beurze no-
,,teeren.” Do term ,,eerste-klasse fondsen”, die aller-

minst een scherp omlijud criterium aangeeft, mocht
in een wet eenigszins zonderling voorkomen, de ‘be-
doeling van de bepaling was niet twijfelachtig. De
wetgever liet de vaststelling van den koers aan den
Minister over, maar wilde, dat deze, met inachtne-ming van de omstandigheden op het oogenblik der
emissie, zou handelen als een verstandig bankier:
noch te laag noch te hoog. Dat een Minister, die de
beschikking had over den stok achter de deur, ge-
neigd zou zijn de leer’ing te goedkoop aan het publiek
aan te bieden, was niet waarschijnlijk. Veeleer bestond
gevaar voor .een herhaling van het gebeurde met de 4 pOt. leening. Hierop werd in het Voorloopig Ver-
slag der Tweede Kamer gewezen. Het antwoord klonk
geruststellend: de Minister zou een koers uitkiezen,
die in verband met de beursnoteeringen als ,,juist”
zou zijn te beschouwen; men behoefde niet te vreezen
‘oor een koers, hooger dan in overeenstemming zou
zijn te achten met den toestand der kapitaalmarkt
op het oogenblik der uitgifte.

In de Eerste Kamer weigerde de Regeering iedere
nadere toezegging ten aanzien van den koers; zij
wenschte de handen vrij te houden. Dit was op zich
zelf juist. En toch kan men zich verklaren, dat Mr.
Van Nierop prijs stelde op meer zekerheid, vooral
toen de Minister liet doorschemeren, dat hij
bij
het
bepalen van den koers met het niet betalen’ van de
Russische coupons geen rekening behoefde te houden.
omdat men daarin slechts een reden van tijdelijke on-
gerustheid ter beurze had te zien. Deze uitlating, die
zeker niet van een zwaartillende opvatfing getuigde,
voorspelde niet veel goeds; blijkbaar had de Minister
voor zijn leening een hoogen prijs in het hoofd. Inder-
daad werd de koers op 100 pOt. bepaald.

De vraag is gewettigd, of daarmede geen inbreuk
werd gemaakt op dê toezeggingen, aan de Staten-
Generaal gedaan. De bedoeling was, dat de uitgifte
der leening zou geschieden naar goede commercieele opvattingen; de emissiekoers moest dus in dier voege
worden gekozen, dat de nieuwe obligatiën een wen-
schelijke belegging zouden opleveren. Maar daarmede
valt niet te rijmen, dat het nieuwe 434 pOt. fonds
werd uitgegeven tegen den parikoers op een oogen-
blik, waarop de obligatiën der bestaande 434 pOt.
Staatsleening, die in geen enkel opzicht aan ongunsti-
ger voorwaarden zijn onderworpen en zelfs in korter
tijd moeten worden afgelost, zich reeds sinds enkele
weken beneden den parikoers bewogen. Niemand schrijft vrijwillig in op een fonds, dat geëmitteerd
wordt boven den koers, waarop schuldbrieven ten laste
van denzelfden debiteur, van hetzelfde, rentetype en met zelfs iets betere iiitlotings- en aflossingskansen,
ter beurze te krijgen
zijn.
Bij een nieuwe emissie van
hetzelfde fonds – b.v. een latere serie van reeds ge-
noteerde obligatiën – geschiedt de uitgifte dan ook
beneden de beursnoteering, niet daarboven.
Het publiek heeft recht zich over den hoogen koers,
waarop de laatste Staatsleening werd uitgegeven, te
beklagen. De 434 pOt. Staatsschuld 1917 beweegt zich
nog plm. 6 pOt. beneden den emissiekoers. In enkele
weken hebben de bezitters, die, hetzij uit gemeen-
schapsgevoel, hetzij uit vrees voor de gedwongen lee-
ning hebben ingeschreven, een koersverlies geleden
van ongeveer
f 30.000.000.
De gedwongen plaatsing
tegen te hoogen koers was hiervan zeker niet de
eenige oorzaak, maar droeg er toe bij
1).
Is de leening eenmaal geclasseerd, blijft de vrede nog lang uit en
houdt de geldruimte der laatste jaren aan, dan is de
mogelijkheid niet uitgesloten, dat dit ver]ies door
koersstijging ten deele of zelfs geheel kan worden
ingehaald. Maar het feit, dat de leening is uitgegeven
tegen een koers, waarop zij als werkelijk vrijwillige
leening ook tot veel lager bedrag niet had kunnen

2)
Het conflict met de Entente ter zake van de schepen-
quaestie heeft uit den aard der zaak in de laatste week een
ongunstigen invloèd gehad op den koers ook van onze Staats-
schuld. VÔÔr half Maart echter, toen dienaangaande nog
niets bekend was, was de jongste Staatsleening reeds ge
daald tot ongeveer
96
O/o.

27 Maart 1918

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

263

slagen, zou daarmede niet .goedgemaakt zijn en blijft
moeilijk overeen te -brengen met de toezeggingen, door
de Regeering afgelegd bij de totstandkoming -van
de wet.

Het bedenkelijke voor de toekomst is, da’t door deze
wijze van handelen de Staatsschüld in hooge mate
impopulair dreigt te worden. Wij zullen in de naaste
toekomst het Staatscrediet nog duchtig moeten aan-
spreken. Ook al- zou er – wat zich allerminst laat
aanzien – binnen – enkele maanden gedemobiliseerd
kunnen worden, dan zal in elk geval de distributie
van levensmiddelen voorloopig groote offers van de
schatkist blijven vergen. Er zal voorts geruime tijd
verloopen, vôôrdat het Rijk de credietposten zal kun-
nen realiseeren; die het bij liquidatie van den crisis-
toestand kan innen (kapitalen in den graan- en kunst-
.mesthandel aangewend, baten wegens tegeldemaking
van oorlogsmaterieel, vorderingen op .vreemde Regee-
ringen ter zake van interneering enz.). Een vijfde
crisisleening is onvermijdelijk en zal het bij het vijf-
tal blijven? Te’rugkeeren van den weg ‘der gedwongen
leeningen zal, zoolang de ‘abnormale omstandigheden aanhouden, wel ‘practisch onmogelijk blijken. Het be-
leggend publiek is oververzadigd van Staatsschuld en
zijn opnemingsvermogen voor dit fonds is dus niet
groot meer te achten. Bovendien is door de serie van
gedwongen leeningen bij de Natie het besef, dat ieder
goed staatsburger in dezen tijd voor het Staatscrediet
moet doen wat hij kan – ee’besef dat in 1914 zeer
levendig was – allengs’ afgestompt. Het zou nu een
waagstuk zijn, een vijfde crisisleening zonder – stok
achter de deur aan te durven.

Zoo geraken wij hoe langer hoe meer vast aan het
stelsel van gedwongen leeningen. Het zal later wel
bekend worden, dat ook in andere landen de Regeerin-
gen middelen gevonden hebben om den bézitters voor
het doen slagen van de oorlogsleeningen. de duim-
schroeven aan te zetten., Maar formeel werd overal
elders toch het noodige geld vrijwillig bijeengebracht,
terwijl Nedérland van. den aanvang der crisis af zijn
toevlucht nam tot de bedreiging met gedwongen lee-
ningen. Ons Staatscrediet kan, dit niet ten goede
komen.

Het is tamelijk onvruchtbaar in nabetrachtingen te
treden over de vraag, of het een fout geweest is, in
1914 van den normalen weg om den Staat het noodige
kasgeld te verschaffen, af .te wijken. Grâakt men in
latere jaren nogpiaals in – omstandigheden als wij be-
leven, dan kan men zijn voordeel doen met dé thans
opgedane. ervaring, en zal men vermoedelijk niet zoo
spoedig tot dwang overgaan als nu geschied, is. In
deze jaren is wel gebleken, dat wat verstandig was in de dagen van Van Hall, toen men aan den rand stond
van liet Staatsbankroet, volstrekt geen onschuldig
middel is te achten. Men weet wel wanneer men’er
mede begint, maar niet wanneer men er weder mede
kan eindigen. Tévens
ns
in alle landen om ons heen
bewezen, dat de Staat,’- zoo .noodig, schier ongeloofe-
lijk hooge bedragen’ van, zijn burgers ter leen kan ont-
vangen ‘ook zonder dat de wetgever rechtstreeks met
geldelijk nadeel dreigt voor het geval het vereischte
bedrag, niet mocht worden opgebracht. Zooveel staan
wij noch in rijkdom noch invaderlandsliefde bij onze
buren ten achter, dat wat elders mogelijk was hier
als onbereikbaar zou zijn te beschouwen.. Vermoedelijk
zal de wetgever van .de toekomst zich dan ook twee-
maal bedenken .voozdat
hij
wederom ,den weg betreedt,
die – naar, achteraf is gebleken, – in 1914- eenigszins
overhaast is ingeslagen.

Wat hiervan zij, van’ meer practisch belang is, dat
wij ons ernstig voornemen, zoodra,,de huidige abnor-
male omstandigheden zijn geweken, ,zoo spoedig mo-
gelijk terug te keeren tot het .stelsel der geheel, vrij-
willige leeningen. De Regeering, dwingt

‘ nu ieder, die een vermogen heeft rvan ook maar eenige beteekenis,
Staatsschuld ‘op te nemen; onverschillig of hij van
deze belegging gediend is of niet, en zelfs als hij vol.
strekt geen geld .voor belegging beschikbaar heeft. Tal
van maatschappijen, wier
bedrijf
allerminst mede-

brengt haar middelen in effecten vast’te ‘lggen,zien
zich nu jaar in jaar uit verplicht staatsobligatiën’ aan
te koopen, die
bij
het opmaken van de balans boven-
dien tot afschrijving wegens koersverlis nopen. Op
die wijze maakt men de Staatsschuld»hopeloos impo-‘
pulair. Deze komt tot steeds grootere bedragen in
handen van personen, die haar niet begeeren, en

die
‘slechts op een goede gelegenheid ‘wachten om er zich
zonder veel verlies van te ontdoen. Dit moet een
voortdurend aanbod kweekén,’ dat op den koers ter
beurze een blijvend nadeeligen invloed oefent. De zui-
nighe,id bedriegt -hierbij de wijsheid. Want al kan de Staat door wettelijke pressie oogenblikkeljk iets gun-
stiger conditiën bedingen, op den duur wordt de geld-
markt voor de Staatsleeningen bedorven en betaalt
de Staat voor zijn crediet meer dan anders noodig
ware geweest.
Het is te hopen, dat bij het sluiten ‘van ‘de vijfde
crisisleening Regéering en Staten-Generaal deze zijde
van ‘de zaak niet uit het oog zullen verliezen. Men
zal dan vermoedelijk niet in eens den weg, waarop
men

zich nu eenmaal bevindt, weder kunnen verlaten;
maar men bereide althans het terugkeeren tot het
stelsel der vrijwillige leeningen ‘voor. De Staat trachte
niet nogmaals het onderste uit de kan te halen, doch’
zorge bij de keuze van het rentetype en -de bepaling
van den emissiekoers, dat de leening voor het publiek
een inderdaad aantrekkelijke belegging vormt en zou kunnen slagen, ook indien de stok niet achter, de deur’
stond. Er kan zich dan allengs weer- .vraag naar, Ne-‘
derlandsche Schuld als ‘beleggingsfonds ontwikkelen
en dit is de eerste voorwaarde ‘om ons Staatscrediet
op zijn vroeger hoog peil terug te’ brengen.

PATIJN.
Den Haag, 25 Maart 1918.

DE BANQUE DE FRANCE lAT 1917.

Eenige dagen geleden bracht de post ons einde-
lijk het ,jaarverslag van de Banque de France, door
den Gouverneur Georges Pallain in de algemeene vergadering van aandeelhouders op 31 Januari j.l.
uitgebracht.
In tegenstelling met het opvallend forsch letter-
type van den druk, waarin sedert den oorlogstijd het
verslag verschijnt en dat als’ ‘t ware de bijzondere aan-
dacht. vraagt voor de geweldige bedragen van omzet en operatiën, geeft het verslag op de meest rustige en
waardige wijze een overzicht van de uitkomsten van
het afgeloopen jaar. Reeds bij oppervlakkige lezing krijgt men den,indruk, dat de Banque de France ge-
heel in, den oorlogsdienst van den Staat is opgenomen’
en al meer en meer onder het ,,régime étatiste” is
geraakt.
Behalve de rentelooze voorschotten ad frs. 200
millioen van v66r den oorlog dateerend, is de Bank
thans verplicht frs. 12,5 milliar,d aan. den Staat voor
te schieten tegen een,.rente van 1 pOt., waarvan .zij
echter als retributie aan den Staat moet uitkee-
ren, zoodat de netto-rente 0,875 pOt. bedraagt. Tot
een jaar na het eindigen der vijandelijkheden.kan de
Staat profiteeren van deze lage rente, welke daarna’
3 pOt. zal bedragen, onder voorwaarde, dat .de Bank
2 pOt. daarvan .in
een reservefonds zal storten, dât
bestemd is om de risico’s te dekken van de wissels,
waarvan de betaling volgens de bepalingen, van ‘het
moratorium werd uitgesteld. Hetgeen’ van’ deze spe-
ciale reserve zal overschieten komt in ‘mindering van
de ‘schuld van den -Staat. Deze’ regeling–is wel inge-
nieus en hoewel zij ‘ten’ slotte toch geheel’ ten voor-
deele van den Staat uitkomt bevat zij toch-een stimu-
lans voor de Regeering om ‘de Bank te helpen-tegen
haar moratorium-debiteuren
Iiitussch’en komt in de overeenkomst tusschen de
Bank en den Staat’d.d. 26 October j.l. betreffende de’ verlenging- van het privilege van” bankbiljetten-uit-‘
gifte, welke-nog-aanhangig is bij- h’et-‘ Parlement, eene
nieuwe regeling voor’van’de uitkeering’doorde Bank’
aan den Staat van de winsten gedurende den oorlogs-

tijd.

264

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

27 Maart 1918

Belangrijke diensten heeft de Bank den Staat ver-
der verleend door van haren goudvoorraad een groot
bedrag (sedert het begin van den oorlog frs. 1.077 millioen) aan het buitenland af te staan. Naar aan-
leiding van de overeenkomsten tusschen de Fransche
Regeering en de Engelsche heeft de Bank of England
ongeveer frs. 900 millioen aan goud van hare Fran-
sche zusterinstelling ontvangen, waartegen aan
Frankrijk credieten te Londen werden verleend. Meer
speciaal ten behoeve van den Staat zijn de aanzien-
lijke bedragen aan goud, welke de Banque de France
naast deze verkoopen in leendepôt heeft afgegeven
zoowel aan de Britschç Regeering als aan de Bank
of England, naar aanleiding van credieten aan de
Fransche schatkist verstrekt. Het bedrag van dit
geleende goud, dat na den oorlog teruggegeven moet
worden, bedraagt frs. 1.955 millioen, waarvan
frs. 435 millioen voér 1,917 komt.

Vervolgëns heeft de Bank zich verdienstelijk ge-
maakt bij de uitgifte van de 4 pOt. Staatsleening
van de Nationale Verdediging, en evenals vorige ja-
ren zonder eenige geldelijke hel’ooning daaraan mede-
gewerkt. Meer dan een derde der leening (in totaal
ruim frs,. 10.276 millioen) werd bij de Banque de
France ingeschreven. Aan de inschrijvers verleende
zij, evenals bij vorige oorlogsieeningen, tal van faci-liteiten.
Bij het plaatsen van schatkistpapier (Bons et Obli-
gations de la Défense Nationale) heeft de Bank be-
langloos h’are hulp verleend. In 1917 werd te haren
kantore voor frs. 8,8 milliai’d aan dit papier inge-
schreven en vernieuwd. De’ Bank geeft tot 80 pOt.
van de waarde voorschot op de Staatsschuld.
Voorts belastte de Bank zich kosteloos met het in
ontvangst, nemen van huitenlandsche fondsen van
houders, die bereid waren hun bezit aan den Staat
te leenen, ten einde de Regeering in staat te stellen de
betalingsmiddelen van de Fransche schatkist in het
buitenland te vermeerderen. Aan het einde van 1917
had de Bank 774.140 stuks tot een waarde van

f
639,5 millioen ontvangen.

Het totaal van de operaties ten behoeve der schat-
kist uitgevoerd heeft in 1917 bedragen’! 180,2 mii-
hard. De ontzaglijke vernieerdering van deze gratis-
diensten kan blijken uit een vergelijking met het
laatste jaar v66r den oorlog, 1913, toen dit cijfer een
bedrag van nog geen frs. 14 milliard aanwees. Hier-
mede is in het kort aangegeven de omvang, welken
de hemoeiingen van de Banque de France ten be-
hoeve van den Staat hebben aangenomen, waartegen-
over de gewone normale bankoperatiën belangrijk zijn
ingekrompen. Het sterkst spreekt dit bij de discon-
teeringen.

De gedisconteerde wissels in 1913, 30 millioen in
aantal, tot een bedrag van frs. 20 milliard, gingen
terug tot 6 milhioen, ten bedrage vaji frs. 9,5 milhiard,
in 1917. De Bank heeft nog eene portefeuille uitge-
stelde wissels van frs. 1,1 milliard; ongeveer een
kwart van het maximum-bedrag van frs. 4,4 milliard,
dat ,in October 1914 uitstond. Gesteund door de Re-
geering heeft de Banque de France maatregelen ge-
nomen om de debiteuren geleidelijk tot afbetaling
hunner schulden te nopen. Zoo mochten leveranciers
van de Fransche en van de geallieerde Regeeringen
niet langer van het moratorium profiteeren.

Bij beschouwing van de eindbalans van 1917 blijkt
welk een wanverhouding er langzamerhand is geko-
men in de saiieustelling van de activa, welke voor
meer dan 60 pOt. uit vorderingen op den Staat be-
staan. De balans sluit met een cijfer van frs. 25.781.
millioen. Aan de actief-zijde staan in ronde cijfers
de voorschotten aan den Staat to boek voor frs. 15.597
millioen, de disconteeringen en voorschotten aan den
handel met frs. 3.215 millioen, tegoed in het buiten-
land et frs. 789 millioen. Daartegen balanceeren als
voornaamste debetposten de ,uitstaande bankbiljetten ad frs. 22.336’millioen en de crediteuren in rekening-
courant ad frs. 2.991 millioen.

Het ligt voor de hand, dat de band der milliarden

tusschen de Banque de France en
zijn
geweldigen
debiteur zoo nauw is toegehaald, dat haar hooggepre-
zen onafhankelijkheid door de abnormale omstandig-
heden wel eenigszins in het gedrang zou kunnen ko-
men en men geneigd zou
zijn
te spreken van ,,La
Banque de France, c’est l’Etat”.
De totale kasomzet heeft ‘bedragen frs. 445,5 mil-
hard. Het verslag wijst er op, dat hiervan slechts 25
pOt. in contanten werd afgewikkeld. Dit is het gevolg
van de krachtige actie door de Bank op touw gezet om te bevorderen dat het betalingsverkeer, zich bij
voorkeur van chèques en overschrijvingen zou bedie-
nen. De Bank voert voor.hare rekeninghouders gratis
giro-opdrachten uit en ook het incasseeren van chè-
ques neemt
zij
voor hare clientèle kosteloos op zich,
terwijl zij ook de verrekenings-chèque (chèque barré)
heeft ingevoerd. De wet van 26 Januari 1917 bepaalt
daarenboven, dat de chèques, welke door den afge-
ver betaalbaar zijn gesteld, hetzij bij de Banque de
Franco, hetzij bij een bankinstelling, diê een rekening
houdt bij de Banque de France, vrij zijn van zegel-
kosten. Deze vrijstelling beoogt de clearing te bevor-
deren en de handeishuizen te nopen tot het vermin-deren van hunne kassen. Aan werkzaamheid in deze
richting heeft het de Bank niet ontbroken. In 1917
voegde zij 12 bankplaatsen toe aan de 7, sedert 1911
reeds bestaande, waar vanwege de Bank gelegenheid
tot ,,clearing” wordt gegeven.
Een belangrijke stap ter bevordering van het
chèqueverkeer, zijn
v
erde
r: de scherpere bepalingen, bij
de wet van 2 Augustus 1917, op het uitgeven van
chèques, wanneer geen of geen voldoende dekking
voorhanden is ‘). Vroeger gold de jurisprudentie, dat
onvoldoende dekking werd gelijkgésteld met geen
dekking, zoodat de chèque in beide gevallen van nul
en geener waarde was en de houder zelfs geen recht
had op het ontoereikend fonds. Op het afgeven van
zoodanige chèques stond slechts een geldboete, tenzij
listige ‘kunstgrepen in het spel geweest waren, in welk
geval gevangenisstraf kon volgen. De nieuwe wet geeft
ook indien geen voldoende dekking aanwezig is, den
houder volledige rechten op het aanwezige fonds. Ver-
volgens bedreigt, zij den opzettelijken uitgever van een
chèque, waarvoor geen fonds beschikbaar is, of waar-
voor het fonds na uitgifte geheel of gedeeltelijk is
weggetrokken, met gevangenisstraf van 2 maanden
tot 2 jarén en met een boete van minstens een kwart,
en van hoogstens tweemaal, het uitgeschreven bedrag.
Volgens het verslag heeft de Bank haren beambten een propaganda voorgeschreven om het betalingsver-
keer zonder klinkende munt en bankpapier te bevorde-
ren. Met de clientèle en belanghebbenden moet be-sproken worden, op welke wijze transacties, ook al
betreffen zij kleine bedragen, door giro’s of chèques
kunnen afgewikkeld worden in plaats van in con-
tanten.
Met groote waardeering gewaagt het verslag van
de offervaardigheid van het publiek, dat sedert het
begin van den oorlog frs. 2.277 millioen goud bij de
Bank heeft ingebracht (in 1917 bijna frs. 268 mil-
lioen). De goudvoorraad bedroeg aan het einde van
1917 frs. 5.351 millioen, waarvan frs. 2.037 millioen
in het buitenland ligt, namelijk frs. 1.955 miljoen
in Londen en frs. 82 millioen als vrije depôts in de
Vereenigde Staten en Rusland.
In 1915 heeft de Bank op verzoek van de Regee-ring frs. 500 millioen geleend aan Fransche huizen,
om hun de terugbetaling te’ verzekeren hunner’ vorde-
ringen op Rusland. Ten aanzien van de vernieuwing
van het privilege van de uitgifte van bankbiljetten
volstaat het verslag met de enkele mededeeling, dat
de desbetreffende overeenkomst met de Regeering bij
het Parlement aanhangig’ is.
Zooals bekend is eindigt het octrooi vande Banque
de France op 31 December 1920 en zal hot verlengd
worden voor een
tijd
van 25 jaar. Het is ongetwijfeld
goed gezien om de Banque de Franco een behoorlijken

1)
[Men zie het bericht ter zake op pag.
695
v. van den
vorigen jaargang. — Red.]

27 Maart 1918

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

265

termijn te gunnen, waarin zij haar beproefd talent kan
wijden aan de leiding en de reconstructie van de
Fransche finaiiciën, welke sedert den oorlog hoe lan-
ger hoe meer op de circulatiebank steunen. Het ware
voor haar crediet en aanzien, vooral in dezen crisis-
tijd niet aanbevelenswaardig, en het zou op hare
gestie ongetwijfeld verlammend werken, indien hare
bestaansvoorwaarden binnen betrekkelijken korten tijd
opnieuw aan bespreking en critiek zouden worden
onderworpen. De Fransche Staat en de Banque de
France hebben eikander noodig en partijen moeten

tot elkaar komen, indien zij het er maar over eens zijn,
dat de Bank niet in het leven geroepen is om den
Staat groote winsten in den schoot te werpen, maar veeleer de roeping en ook de opdracht heeft, om de
circulatie der fiduciaire ruilmiddelen te regelen en
daarnaast de opperste leiding van het credietwezen te
voeren, en met zorg de belangen van ‘s lands finan-
ciën te behartigen. Maar dan blijve zij ook zelfstan-
dig.

Wanneer van de Bank terecht gevraagd wordt,
dat zij v66r alles het algemeen belang stelt, mag zij
ook eischen haar onafhankelijkheid van de Regeering
en zich juist met het oog op het algemeen belang te-
weer stellen tegen de maatregelen, welke haar zouden
voeren op den weg naar de Staatsbank, want mocht
de politiek op de Banque de France vat krijgen, spoe-
dig zou zij worden, zooals de Economiste français (zie
het nimmer van 22 December 1917, pag. 797) het uitdrukt: ,,une banque h tout faire,
it
faire surtout
des sottises”.
Herinneren wij tenslotte nog met een enkel woord
aan de wijzigingen van liet nieuwe octrooi. Deze zijn in vier categorieën te verdeelén:
1
0
.
die betrekking hebben op de operaties van de
Bank in het algemeen;
2
0
. die van fiscalen aard, regelende de bijzondere
belastingen eh heffingen, welke de Bank aan den
Staat heeft te voldoen;
3°. die betreffende winstverdeeling en
4
1
. die betreffende hulp door de Bank te verleenen
aan den dienst van ‘s Rijks schatkist.
Onder 1°. vallen de disconteering-faciliteiten, welke
de Bank zal hebben te verleenen aan de Coöp. Ver-
eenigingen, die de verschaffing van het kleine crediet
bevorderen, als uitbreiding van de maatregelen, wel-
ke de Bank in dit opzicht reeds genomen heeft ten
gunste van de Caisses de crédit agricole.
Vervolgens de uitbreiding van het aantal bank-
plaatsen. De Bank zal binnen een tijdvak van 10 jaren
moeten in het leven roepen 12 succursales, 25 bureaux
auxiliaires en 50 villes rattachées. Naar gelang de
bankzaken, welke bij de verschillende kantoren kun-
nen plaats vinden, zijn deze in soorten verdeeld, zoo-
als De Nederlandsche Bank onderscheid maakt tus-
schen hoofdbank, bijbank, agentschappen en corres-
pondentschappen der verschillende klassen.
Onder deze categorie zijn ook begrepen de verschil-
lende maatregelen ter bevordering van het chèque- en
giroverkeer, waarvan wij boven reeds spraken.
De bpa1ingen van fiscalen aard betreffen de bui-
tengewone winsten, welke de Bank in den oorlogstijd
heeft gemaakt, daar de Fransche oorlogswinstbelas-
ting niet van toepassing is op de Banque de France.
De winsten worden onderscheiden in die op de nor-
male operaties, rente van disconteering van handels-
wissels en beleeningsrente, en in de winsten, voort-
gekomen uit de voorschotten, verleend aan dan Fran-.
schen Staat en zijn geallieerden. Eerstgenoemde zijn
‘teruggegaan tot de helft van het bedrag van véér den
oorlog en worden derhalve niet door bijzondere belas-
ting getroffen. Van de bruto-rente, gemaakt op voor-
schotten aan de geallieerden, moet de Bank 85 pOt.,
op die aan den Franschen Staat 50 pOt. aan de schat-
kist afstaan. Daarboven komt nog de belasting op de
,,circulations productives”, welke tot 31 December
1917 op een vaste som van frs. 200 millioen is vast-
gesteld.
Zooal’s we reeds boven hebben aangegeven wordt dit
staatsaandeel in de winst op een afzonderlijke reke-
ning geboekt onder bijzondere bepalingen.

Wat het aandeel van den Staat in de winsten der
Bank betreft, blijft het tegenwoordige eenigszins inge-
wikkelde systeem van berekening gehandhaafd; dé
verhouding wordt echter in het voordeel van den
Staat veranderd. Daarenboven zal de Bank aan dan
Staat moeten afdragen een gedeelte van de bruto-
winst, dat van 5 tot 20 pOt. kan beloopen. Daarbij
zal echter rekening gehouden worden, met de onkos-ten der Bank, welke ongetwijfeld sterk zullen stijgen
en met mogelijke verdere belastingen.
De laatste categorie van voprdeelen, aan den Staat
te verleenen, betreffen het vergemakkelijken van het
betalingsverkeer voor den Staat en uitbreiding van de
gratis diensten hierbij te verrichten.

Mr. L. F. A.
M.
V.
OGTROP.
22 Maart 1918.

DE RIJN VAART GEDURENDE kET JAAR 1917.

Bij het uitbreken van den wereldoorlog in het jaar
1914 trad, een ongeveer algeheele stilstand in de rijn-
scheepvaart in. De viees, dat Holland mede in den
oorlog zou kunnen worden gewikkeld, was aanleiding,
dat de meeste schippers en reeders niet meer naar
Duitschiand wilden varen. Spoedig was men echter.
den eersten schrik te boven en zag men in, dat
• Duitschiand de neutraliteit van Holland zou eerhiedi-
gen. Er kon dus met de transporten, die nog in Hol-
land op verscheping naar Duitschland wachtten, be-
gonnen worden. Bovendien kwamen in den eersten tijd
nog hoeveelheden naar Duitschiand bestemde goederen
van overzee te Rotterdam aan. Daar echter Duitschland
na korten tijd door de Ente’nte geheel geblokkeerd
werd, hielden deze aanvoeren langzamerhand geheel
op. Tegelijkertijd stremde ook Duitschland zijn uit~
voer, waardoor ongeveer het geheele transitoverkeer
over Rotterdam, dat vele millioenen tonnen per jaar
bedroeg, werd stop gezet. Het jaar 1915 stond dan
ook geheel onder den invloed van dezen toestand.
In het begin van 1916 begonnen de groote grint-
en zandtransporten naar België, waardoor de scheep-
vaartbeweging weder eenigszins herleefde. Er waren
echter nog andere factoren, welke van invloed waren
op de rijnvaart. Duitschland moest in het Oosten, in het Westen en later ook in het Zuiden vechten, wel-
ke omstandigheden geweldige troepenverplaatsingen
naar en vân de verschillende fronten noodzakelijk
maakten. Door deze troepenveri aatsin gen werd na-
tuurlijk het spoorwegmaterieel sterk in beslag ‘geno-
men: De behoefte aan spoorwegmaterieel nam der-
halvp schrikharénd toe en het natuurlijk gevolg daar-
van was, dat naar middelen moest worden uitgezien,
om den spoorweg zooveel mogelijk te ontlasten.
Tegen het einde van 1916, toen de Oentralen tot de
uiterste krachtsinspanning overgingen, toen de civiele
dienst enz. werd ingevoerd, vond men ook een middel
om den spoorweg te ontlasten en wel door het uit-
vaardigen van een besluit, dat alle goederen, welke
per water konden worden vervoerd, niet mee per
spoor mochten worden verladen: Ofschoon, dus reeds
in de tweede helft van 1916 een opleving van de rijn-
vaart te constateeren viel, bracht het jaar 191-7een
nog arootere toename van het verkeer.
Op het Rhei.n-Herne-Kanaal en het Dortrnund-Ems-
Kanaal vond een enorme toename van het verkeer
plaats. De behoefte aan tonnage overschreed verre de
cijfers, waarmede men bij den aanleg van de kanalen had gerekend. Het natuurlijk gevolg hiervan was, dat
een groot tekort aan kanaalschepen met hunne be-
perkte afmetingen ontstond, zoodat men er toe over-
ging, zoowel in Holland als in Duitschiand, de rijn-
schepen, die er voor geschikt waren, in kanaalschepe.n
om te bouwen. De weinige schepen, die nog in Hol-
land gebouwd werden, waren dan ook ‘uitsluitend ka-
naalschepen, terwijl op de enkele rijnscheepsbouw-werven, die Duitschland bezit, eveneens uitsluitend
kanaalschepen werden gebouwd.
In nog grootere mate nam echter de rjnscheepvaart
toe, daar, niettegenstaande v66r den oorlog en ook
gédurende 1915 tot midden 1 916, kolen en ook voort-

‘266.

ECONOMISCH-STATISTISGHE-‘BERICHTENJ

27 Maart 1918

‘brengselen.van’de meest Oostelijk eu’Noordelijk van
den Rijn gelegen tijzerwerken uitsluitend per spoor
verladen moesten worden – om reden de verlading
per water door de hiermede gepaard gaande over-
]adingskosten.’niet met de rechtstreeksche verlading
per spoor kon concurreeren – deze transporten in
1917 toch per water werden uitgevoerd. Dit kwam,
zooals boven reeds gezegd, door-een bevel van hooger-
hand, den waterweg zooveel mogelijk te benutten; bo-
vendien echter ook door de latere verhoogingen van
de spoorvrachten en het ophouden van een aantal zoo-
genaamde ,,Ausnahmetarife”. Binnenkort zijn ver-
dere verhoogingen van de spoorvrachten te verwach-
ten, tengevolge waarvan, zoo mogelijk, nog meer goe-
deren per water zullen worden verladen.
Het gevolg van de groote vraag naar scheepsruimte
en sleepbooten was een voortdurende stijging der
scheepsvrachtexi en’ sleeploonen. De kolenvrachten van
de Ruhrhavens naar Mennheim, welke reeds in 1916
aanzienlijk gestegen waren;,stegen gedurende het jaar
.1917 tot Mk. 4.– per ton, terwijl het sleeploon in het najaar tot Mk. 3,60 per ton steeg, welke stijging aar-.
hield, niettegenstaande het ophouden in Novembdr’
1917 van de groote: zand- en grinttransporten naar
België.
Velen zullen zich ide. vraag stellen, wat de rijn.
vaart ons na .den,00rlog zal brengen. Naar, mijne mee-
ning is reeds met het jaar 1917 in zekeren zin een
nieuw tijdperk voor de rjnscheepvaart ingetreden.
Aan te nemen is, dat, wanneer eenmaal’ de_vrede zal
gesloten.zijn, en ,de volkeren langzamerhand weder tot
bezinning zullen zijn gekomen, de vreedame handels-
betrekkingen van . vroeger weder zullen worden opge-
nomen,. aangezien deze oorlog maar al te zeer bewezen
heeft, dat de, verschillende landen in alle opzichten
wat den handel betreft op elkander aangewezen ‘zijn. Men dient echter niet uit het oog .te verliezen, dat na
het sluiten van den, vrede, men gedurende een zeker tijdperk niet op een groot transitoverkeer zal kunnen
rekenen, want met zekerheid kan worden aangenomen,
dat geruime tijd zair zijn ,verstreken, alvorens alles
weder in zijn oude .banen zal zijn geleid. M.i. zal na
deze overgangsperiode . de thans bestaande rijnvloot
nauwelijks tegen. het te.verwachten verkeer opgewas-
sen zijn. Rotterdam en Amsterdam zullen voor West-
en Zuid-Duitschiand en Zwitserland toch zeker de
omsiaghavens blijven. Terwijl o.m. v66r den oorlog
reeds aanzienlijke transporten van Duitsche Oostzee.
havens over Rotterdam naar Duitschiand werden ge-
dirigeerd, zal m..i. dit vervoer aanmerkelijk stijgen,
daar Duitschiend, evenals alle oorlogvoerende landen,
na den oorlogzijn spoorwegmaterieel eerst zal moeten
vernieuwen, terwijl bovendien dit land , voor zijn
nieuw geschapen Balkanzaken veel. spoorwegmaterieel
zgLrnodig. hebben, hetgeen tengevolge zal hebben, dat
men op vervoer overzee met overlading te Rotterdam
zal, zijn aangewezen.

Nieuwbouw van:rjnschepen en sleepbooten is gedu-
rende ,dern oorlog van geringe beteekenis geweest, het-
geen ook in de eerstvolgende .jaren’het geval zal zijn,
daar ongeveer alle wervenin Holland, waaronder ook
die, welke vroeger. ‘uitsluitend rijnschepen . bouwden,
thans’ voor den bouwrvan ‘zeeschepen zijn- ingericht.

Buitendien zijxi gedurende den’ oorlog ongeveer een honderdtal rijnsieepbootennnaar andere lauden uitge
voerd,; terwijl verder in aanmerking di,nt te worden
genomen; dat v66r’den:ooriog jaarljks4/500 rijnsehe-
pen van’versohillende grootten in}1olland..wer.den- ge.
bouwd, daarentegen:, gedurende – de oorlogsjaren zoo
goed’als . geen rijnschepen in!do ,vaart ‘ziji gebracht.
De. duikboot-oorlogheeft de zeevaart- over do, ge-.
heelei wereld een schade toegebracht, waarvan men
zichl thans nog ‘geen juist beeld-kan, yormen. Dejuiste verliezen zullen wel eerst nahet sluiten van-den;v’recje
kunnen :worden vastgesteld. Men.zal. zich dus inde
eerste plaats op den bouw van zee.booten ‘toeleggsn;
varn zelf al-..hierdoor de-bouw van rijnschepen ook na

dënoorlog4ijden
Uit dien hoofde is het dan’ooktte verklaren, dat ver-

schillende. groote, firma’s reeds .sedert lanen tijd
moeite doen, haar rijnvloot door het aankoopen van
schepen te vergrooten. Wel is waar worden hooge prij-
zen voor rijnschepen en sleepbooten geboden en .be..
taald, deze zijn echter geenszins in verhouding tot de
prijzen voor even’tueelen nieuwbouw, aangenomen al,
dat men voor het afsluiten van nieuwbouw zou kun-
nen slagen; evenmin in verhouding tot de te verwach-
ten’ uitkomsten bij het weder intreden van den nov-
malen.toestand. De hierboven genoemde o’orzaken heb.
ben natuurlijk’ in hoofdzaak geleid tot den toestand
van ht oogenblik.

Aan–bovenstaande bçschouwingen kan nog worden
toegevoegd dat het maken en verbeteren van water.
wegen en directe verbindingen met den Rijn van groot
belang zal blijken te zijn voor de toekomst. :Duitsch.
land en Oostenrijk hebben de scheepvaart op den
Donau gedurende den, oorlog reeds aanzienlijk uitge-
breid. Een groot aantal Duitsche binnenschepen en
sleepbooten werd naar den ‘Donau gebracht om, het
vervoer van en naar de Balkanlauden te onderhouden.
Het verkeer tusschen Donau en Rijn via Regensburg
‘neemt gestadig toe en zal na den oorlog ongetwijfeld
van groote heteekenis worden. A.
VAN DRIEL.

Rotterdam, 23 Maart 1918.
ZEE VE1?ZEKkRINQ IN 1917.

in het verslag van de Kamer van Koophandel en
Fabrieken te Rotterdam voor 1917, weiks vroege ver.
schijning met een woord van waardeering mag wor.
den begroet, vinden wij het volgende over het bedrijf
der zeeverzekering vermeld.

Op 9 Februari 1917, kort v66r.het begin van den
verscherpten duikbootoorlog, trad de oorlogsmolest-
verzekeringwet 1915 in, werking.
1)

]aarna had derhalve de Minister van Landbouw,

‘Nijverheid en Handel de bevoegdheid om voor ,den
Staat her-verzekeringovereenkomsten aan te gaan met
Nederlandsche verzekeraars tegen het gevaar van
molest, schepen en goederen betreffende, en in bijzon-
dere gevallen zelfs rechtstreeks als verzekeraar te ver-
zekeren ten behoeve van Nederlandsche belanghebben.
den bij Nederlandsche schepen of bij- ladingen in on-
zijdige schepen, mits die belanghebbenden geen vol-
doende dekking tegen dat gevaar ,konden vinden.

De staatsverzekering deed aan het’ particuliere be-
drijf in zooverre afbreuk, dat verschillende risico’s,
die tot dusverre op, degeheele merkt,, met name ook
bij buitenlandsche, maatschappijen, geplaatst werden,
nu hetzij. rechttzeeks, bij den Staat werden, onderge.
bracht, .,hetzij bij, Nederlandsch,.maatschappijen, die
dan het grootste deel
1
van haar teekening bij den,
Staat herverzekerden.

De ,verslapping, van ; de, vaart.na,, deverscherpte,’
toepassing
1
yan het duikbootwapen deed het aantal ver-
zekeringen .afnemen;, en. nadat ,daarbij nog,.de – bekende
maatregelen der gealJiëerdeni onzen handel vrijwel..
geheel stillegden, werd ,het ook in de molestafdeeling

bepaal4’stil.
Van demogelijkheid;om, bij den Staat te herver-
zekeaen’ werd .voorcasco’s een-.ruimgebruik, gemaakt,
voor, goederen minçlej.

Een overzicht ‘ van- afgesloten» verzekeringen, dat
wij ‘in de ‘-Nederlandsche Staatsurant van’ 9 ‘dezer
vinden, kan hier worden tusseh’engevoegd.
Totaal ,verzeerd bedrag .,van.9 Februari-
31 December 1917 …………………. f345.316.522,90
waarvan op 31 December 1917 afgeloo
.
en.
was een bedrag,van ……………….. ..247.294.580,20

zoodat op 31 December, 1917 nog loopende
waren verzekeringen tot een totaal bedr. van
f
98.021.942,70

‘) [De.voorwaardeu kan men ‘vinden op pag.,42 ,van het,,
verslag over’ 19161.

1

27 Maart 1918

::ECONOMISCH.STATISTISCHEBERICHTEN

‘267

Aan preinin werd tot en met 31 Dec.
1917 geboekt een totaal bedrag van ….
f
.15.339.759,69
waarvan voor rekening der op genoemden
datum afgeloopen verzekeringen komt een
bedrag van ……………………….
..10386.442,72*

en ‘voor rekening van
bovenvermelde op 31 Dec.
1917 nog loopende ver-
zekeringen een bedr. van ……………..
f
4.953.316.96+
aan premiën voor de
op 31 December 1917
afgeloopen verzekeringen
werd geboekt ‘bovenver-
meld bedrag van ……
f
10.386.442,72*
aan schadevetgoedin-
gen werd tot 31 December
1917 uitgekeerd, resp.
gereserveerd een bedr. van ,, 8.434.7 15,85

zoodat van de afgeloopen verzekeringen
overblijft eene bate van ……………. .., 1.951.726,87*

Totaal der beschikbare middelen op 31
December 1917 …………………….
f

6.905.043,84

varvan 4reserve Voor Iloopende ver-
zekeringen -het bovenvermeld bedrag van
f
4.953.316,96*

De her-verzekeringstarieven van den Staat gedu-
rende 1917 zijn als bijlage tot het verslag afgedrukt.
Het hier-onderstaand overzicht, uitgedrukt in pro-
centen, hebben wij daaruit samengesteld.
Bij dewet van 1 December 1917, -Staatsbiad 684,
werd aan de bevoegdheid van den Minister van Land-
bouw, Nijverheid en Handel -om rechtstreeks ‘te ver-
zekeren, -een aanmerkelijke uitbreiding gegeven.
1)

In den loop van het jaar werd’en
1
erschillende schat-
tingen van schepen, die tot dusver ver beneden de

1)
Men leest hiervan op pag 34-35 van het verslag:
Sindsdien- is- de verhouding.op scheepvaartgebied geheel
-anders geworden, onder. meer heeft de inwerkingtreding
der schepenvorderingswet daarop invloed gehad.
De praktijk -heeft ge’eerd, dat het wenschelijk is, dat de
Minister bevoegd
is alle
schepen, die
gevorderd
‘wordeii, hetzij
in ‘réchtstreeksche -hetzij in her-verzekering aan ‘te ‘nemen.
Wijziging van artikel’ 3 der wet 1is’,’daartoe’ aanhangig
gemaakt [en sedert’tot’ wet – geworden].. Ook wordt voor-
– gesteld de’beperkîng van het risico’van den. Staat inJgeval
1-van êasco-verzekering – tot,. ‘twee millioen’…guldenlop’één
schip te laten vervallen. Naarmate de staatsverzekeringop
uitgebreider schaal werkt.en het aantal risico’s-vermeerderd
is, is er minder bezwaar tegen, dat het risico op één khip
atgrootef is, terwijl de grens van twee millioen voor
,
ele
c’hepen te eng ‘is en de waarde boven ‘dienS grens vaak
moeilijk hier’te laude ‘te dekken,is.

werkèlijkheid ‘waren’
ge
bl
s
t
enver
hb
og
d. En voor den
verzekeraar èn voor den ‘verzekerde ‘werd hierdoor een
:betere toestand’ geschapen De grief ‘van assuradeuren,
dat’een expertisesomtijds
L
den indruk’ wekt alsof de
expert bij de schatting van’ het casco voor deraverij-
gros de neiging heeft deze te steflent op ‘het in de’polis
verzekei’cle en niet op het werkelijke’be’drag;ial hier-
door. San practische beteekenis verliezen.

De Rotterdamsche’ Vreeniging tot vsrbetering van
het trnsportverzekeringsbedrjf stelde ‘in overleg rmet
de Rotterdamsche Vereeniging van makelaars in assu-rantiën en in overeenstemming ixiet de ‘Commissie tot
verbetering van – het ‘transportverzekeningsbe’drijf te
Amsterdam, een nieuwe molestclausule vast; welke op
2 Apiil 1917 is ingevoerd en men in het verslag; pag.
151
v.v., opgenomen vindt.

Eveneens in overeenstemming met de – genoemde
Amsterdamsche commissie en na overleg ook met de
Londensche markt kwam een geheel nieuw minimum-
tarief betreffende de verzekering van aanbouwrisico’s
tot stand. Ook dit werd op
2
April 1917 ingevoerd.
Gelijk van zelf 9preekt maakte de oorlog in vele op-
zichten herziening van bestaande tarieven noodzake-

lijk.
De gewijzigde vaartroute van Indië over Panama

en het leiden door de Engelsche regeering van de uit
de richting van: Amerika komende schepen over .Hali-
fax, leidden respectievelijk op den 3den Maart en den 7den Mei 1917.tot aanvulling van de op
23
December
1914 en-
25
November.
19,15
vastgestelde minimum-
premietarieven omtrent .de verzekering van’ afladin-
gen van Nederlandsch Oost-Indië en- de’ verzekering
van goederen ,,vrij van molest’-‘ per eerste klas stoom-
schepen van No&rd-, ‘Centraal- en Zuid-Amerika en West-Indië naar Nederland.
De voor afladingen van Nederlandsch ‘Oost-Indië
via Suez naar ZeehavenGroot-Bnitannië of het con-
tinent Bill bepaalde premiën werden in, geval van
geen andere, overlading dan in Nederlandsch Oost-
Indië of de Straits
bij.’
vervoer via Panama ‘cverhoogd
met ?/8.’Ot.; Noor tin met
Iio
pCt., en bij vervoer via
llalifx met
ij8
pOt.; -voor ‘tin met
17/40
pOt!”Hetmini-
mum-premietarief voor de’ verzekering ‘,;vrij van’ mo-
lest” per – eerste klas’ stoomschepen’ ‘werd .bij’ reizen
van Noord- Pen’ Centraal-Amerika via ‘Halifax ver-
hoogd met
1/,
pOt., bij reizen van West:Indië ‘en de
noordkust van Zuid-Amerika tot en – met’ Fransch
Gkiyaua3 met
ZIe’
pOt. en
1
bij reizen van Zuid-Amerika
‘(‘oostkust)’ met
5
N8
jOt.
De vele vermissingen van’ zeevisschersvaartuigeu
maakten “een ‘geheele’ herziening van uhet geldende

12Feb./
I
22Feb,/ “24’Mrt./23 Apr.!
1
23 Mei/ 122 Juni! 113 Nov.!
21’Feb. 23 Mrt

22′ Apr. “22Mei
1
21 Juni
I
12 Nov.
1
31 Dec.

-.Casco-vracht,e.a. reederij-interessen(oin de Noord)

Stoomschepen
‘van of -naar Ned. Kol

of neutr. land
4
4

4







5
h
/
5 4
l/
.

4
N.- en Z.-Amerika……’



4 l/
4
3
1
/2
3
Zeilschepen
van of naa- Ned

Kol. of, neutr. land
6
1
/,
6h/
‘7l/






9
2
12
9
X
1)

X
N.- en Z.-Amerika




8
1
/2
8

X
Goederen:

(ondei Ned vlag om de Noord)

Ned.

Indië

……………

In ‘Stoomschepen


‘van of naar’Ned. Rol. of neutr:tland
.

5
5
5







6
t/

6
5
1
/2
5
N.- en Z.-Amerika ……

– –
52/.

5
4′!!
4

Ned.

Indië

……………

Ned.

Indië

…………..

In Zeilschepen
van of naar Ned. Kol. of neutr. land
71/4
7
1
/
8″!



..


– –
– –

10’/
10
X



,
92/
2

.
. 9
X
X
1
1
1′
1

1
1′

Ned.

Indië

…………..

Verbetering
v.
aandoen haven in .00rlogv.

land

N.- en Z-Amerika……..
Verbetering
v.
andere neutr’vlag
……….

4
4



4
4 4

4

4
(in

Europa)

………………………….
Verbetering
v.
Kaeaal-ieis'(teiizij bovenstaande
-verb. reeds toegepast)
…………………..
2
2 2
2
2
2


3

1)” X zal voor elk geval afzonderlijk worden vastgestéld;

268

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

27 Maart 1918

tarief voor stoomvisscherijvaartuigen noodzakelijk.
Deze werd den 14den December 1917 ingevoerd. Eenige zeer groote en talrijke kleine molestschaden
maken de uitkomst van het bedrijf hoogst twijfel-
achtig.

Tengevolge van den oorlog ging een groot aantal
Nederlandsche schepen verloren. De namen dier sche-
pen, hun tonnenmaat en de namen der reederijen,
welke men in het verslag onder het hoofdstuk Zee-
vaart vermeld vindt, voegen wij hier in. Voor enkele
van deze schepen zal door de Duitsche tegeering ver-
goeding worden gegeven.

Amstefland

5.404
Koninklijke Hollandsehe Lloyd.
Amstelstroom
1.413 Roll.
Stoonboot-Mij.
Ares……….
3.783
Ned.-Ind. Tankstoomboot-Mij.
Bandoeng ….
5.851 Rotterdamsche Lloyd.
Bestevaêr ….
1.044
Pha. v. Ommeren.
Driebergen

1.884 Furuesa’ Scheepv. en Agentuiir- Maatschappij.
Eemdijk .. .

3.048
‘Solleveld, v. .d. Meer en v.
Hattum.
Eemland ……
3.770
Koninklijke HollandscheLloyd.
Elve……….
962 P.
A. van Es & Co.
Epsilon ……
3.211
Vrachtvaart-Mij. Bothuia.
Gaasterland ..
3.917
Koninklijke Hollandsehe Lloyd.
Gamma ……
2.115
Vrachtvaart-Mij. Bothnia.
Hestia ……..
1.958 Ned.-Ind. Tankstoomboot-Mij.
Hilversum
1) ..
1.505
Stoomvaart-Mij. Oostzee.
Import ……
847
Rotterdam-London Stoomboot-
Maatschappij.
Jacatra ……
5.373
Rotterdamsche Lloyd.
La Campine ..
2.557
American Petroleum Cy.
Leda
2
)1.140
Kon. Ned. Stoomboot-Mij.
Megrez ……
2.695
van Nievelt, Goudriaan & Co.
Minister Tak
van Poortvliet
1.106
Stoomvaart-Mij. Friesland.
Nederland ….
1.832
Scheepvaart- en Steenkolen-Mij.
Neptunus ….
162 P. A.
van Es & Co.
Noorderdijk
.. 7.166
Holland-Amerika Lijn.
Ootmarsum

2.313
Stoomvaart-Mij. Oostzee.
Parkhaven

2.655
Gebr. van iJden.
Salland ……
3.657 Koninklijke Hollandsche Lloyd.
Telegr.
XVIII.. 306
Vrachtvaartonderneming
Telegraal XVII,I.
Trompenberg..
1.608
Stoomvaart-Mij. Hillegersberg. Westland
i)
….

1.283
Scheepvaart, en Steenkolen-Mij.
Zaandijk ……
4.189
Holland-Amerika Lijn.
Zeta……….
3.053
Vrachtvaart-Mij. Bothnia. Te zamen
’31


schepen metende
81.867
tons.

Assuradeuren te Rotterdam waren bij bijna al die
schepen betrokken, deels direct, deels door agenturen
aan de Amsterdamsché Beurs.
De wet op de oorlogswinstbelasting en de in 1917
ingevoerde nieuwe zegelwet brachten in haar toepas-
sing ok voor de assuradeuren moeilijkheden mede. Ten opzichte van buitenlandsche maatschappijen,
door welke hier te lande agenturen ,gevestigd zijn,
werd er over geklaagd, dat door de belastingadmini_ stratie een vast percentage der geïnde premiën onder
zekeren aftrek als gemaakte winst wordt aangeno-
men; met de werkelijke, zuivere opbrengst van het
bedrijf hier te lande werd geen rekening gehouden.
Pogingen van assuradeuren om hierin verandering te
brengen hébben niet tot een voor hen gunstige uit-
komst geleid. –
Ook de nieuwe zegelwet bracht verschillende moe.i-
lijkheden met zich, aan sommige waarvan de admini-
stratie door haar wetsuitlegging tegemoet is gekomen.

DE RIJKSMI.DDELEN.

In dit nummer treft men aan het maandelijksch
overzicht van de opbrengst der Rijksmiddelen over
de eerste twee maanden van het loopende jaar in ver-
gelijking met de overeenkomstige cijfers van het
vorig jaar. –

De oorlogswinst en verdedigingsbelastingen brach-
ten tot dusver in totaal op een bedrag van f261.556.645,
waarvan f199.749.384 op rekening komt van eerst-

2)
Deze schepen zijn op een mijn geloopen, de overige
getorpedeerd.

genoemde heffing. Met inbegrip van de opcenten ten
behoeve van het Leeningfonds, behalve die op den
suikeraccijns, welke geene verzwaring van belasting-
druk medebracht.eu, is derhalve een totaal van

f
332.056.795 ontvangen uit belastingheffing, welke

haren grond vindt in de buitengewone omstandigheden.
Wat de overige middelen betreft, zij aangeteekend,
dat zij in de afgeloopen maanden een bedrag van

f35.580.279 in ‘s Rijks schatkist deden vloeien. Dit
bedrag overschrijdt de opbrengst der overeenkomstige
maanden van 1917 met
f
5.482.303 en blijft
f
550.388
beneden 2/12 der raming voor 1918. Hierbij’dient de
invloed van de nieuwe belastingheffing in aanmer-
king te worden genomen. In de eerste plaats werden,
ingevolge de wet van 28 April 1917 (Staatsbiad No.
316), op de Inkomstenbelasting, voor zooveel de na-
tuurlijke personen betreft en op de vermogensbelas-
ting over het belastingjaar 1917/1918 tien opcenten
geheven. Uit dezen hoofde werd in Januari en Februari
1918
f
649.719 ontvangen. Hierbij komen de meerdere
ontvangsten uit de nieuwe regeling der zegel- en
registratierechten, en uit de wijziging en aanvulling
van de suceessiebelasting. Van de meerdere opbrengst
dier middelen ten bedrage van
f
3.284.738 moet het
leeuwendeel aan nieuwe belastingheffing worden toe-
geschreven; met inbegrip van de hiervoren genoemde

f649.719 zou dan rond’f 3.900.000 van de totale op-
brengst der eerste twee maanden van 1918 uit nieuwe
belastingheffing zijn verkregen, zoodat, afgezien van die nieuwe heffingen, die twee maanden een vooruit-
gang van ongeveer
f
1.600.000 opleverden.
Van dit bedrag komt
f
1.017.659 op rekening van
den geslachtsaccijns; deze toeneming zal in de toe-
komst zeker verloren gaan of iii het tegendeel om-
slaan, wanneer de omstandigheden tot een nog ster-
ker irkrimping van het vleeschverbruik zullen nopen,
dan in den laatsten tijd reeds het geval is. De accijns
op gedistilleerd blijkt over Januari en Februari 1918
ruim
f
820.000 minder te heblen opgebracht, dan in
de overeenkomstige maanden van 1917.

Ook van de opbrengst van dit middel• is een aan-
zienlijke vermindering te verwachten, indien de graan-
aanvoer hinderpalen blijft ontmoeten.
De gunstige indruk, dien de cijfers wekken, mag
derhalve, naar steller dezes voorkomt, geenszins tot
optimisme aanleiding geven.

Vergelijkt men nu de ontvangsten in Januari en
Februari 1918 met die van de overeenkomstige maan-
den in 1914, toen de oorlog zijn invloed nog niet
deed gevoelen, dan vindt men, met toépassing van
de gebruikelijke correcties en met uitschakeling, voor
zoover de gegevens daartoe in staat stellen, van den
invloed der nieuwe belastingheffing de volgende
cijfers:

Januari en Februari 1918 ……..
f
24.135.269,97
1914 …….. .. 21.213.479,09

Verschil……
f
2.921.790.88

Deze vermeerdering bedraagt 13,77 percent of per jaar gerekend 3,44 percent. Deze percentages stijgen
tot 14,81 en 3,70 indien de opbrengst der successie-
rechten in beide tijdvakken buiten rekening wordt
gelaten. Bij toepassing van deze correctie daalt het
zooeven bedoelde, verschil van
f
2.921.790,88 tot

f
2.767.677,3OY2 zijnde in hoofdzaak het saldo van
de
stijging
der grond- en personeele belasting van
den suiker-, zout- en geslachtsaccijns, van de zegel-
en registratierechten’- (afgezien van de nieuwe rege-
ling) en van domeinen eenerzijds, tegenover de daling
van de accijnzen op binnen- en buitenlandsch gedis-
tilleerd, van de rechten op den invoer en van de
loodsgelden anderzijds.

AANTEEKENINGEN.

Toenemende moeilijkheden in de goud-prodnctie. – Ook
in deze kolommen werd er reeds
op gewezen, hoe bij het goudvraagstuk ook de toe-

27 Maart
1918

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

269

komstige ontwikkeling der productie van groote be-
teekenis kan zijn. Vermelding verdienen in dit ver-
band de mededeelingen van Lord Harris, den President
der South African Gold Trust Ltd, op de op 22 Februari
te Londen gehouden jaarvergadering der Trust. Lord
Harris deelde mede, dat korten tijd geleden reeds een
der mijnen van laag gehalte, de Sheba Gold Mining

O
y
, in het Lijdenburg.district, Transvaal, zich genood-
zaakt had gezien het bedrijf stop te zetten, en dat
alle kans bestond dat andere maatschappijen dit
voorbeeld zouden moeten vilgen. De Zuid-Afrikaan-
sche regeering had hierin aanleiding gevonden een
commissie te benoemen, ten einde een onderzoek in te
stellen naar de positie der
mijnen
van laag gehalte
terwijl de mijnouwmaatschappijen van haar kant
alles in het werk stelden, om naast de Zuid-Afrikaan-
sche regeering ook het ,,Imperial Government” voor de zaak te interesseeren. Welke voorstellen de mijn-
bouwmaatsehappijen hieraan hadden verbonden, deelde
Lord Harris niet mede. Hij wees er eêhter op, dat
iedere maatregel voor alle mijnbouwmaatschappijen,
in het Britsche rijk gelijkelijk zou hebben te gelden,
aangezien alle gelijkelijk te lijden hebben onder het
feit, dat, terwijl de goudprijs gefixeerd is, de pro-
ductiekosten ‘belangrijk gestegen waren.

De

Donau als

militaire

ver-
k e e r s w e g.
– Dezer dagen brachten de dagbladen
ons het bericht, dat de Donau-monding vrij is van
mijnen, die zich daarin nog bevonden, hetgeen natuur-
lijk de brujkbaarheid van dezen verkeersweg aanzien-
lijk doet stijgen, aangezien nu gelegenheid bestaat rechtstreeks graantransporten vanuit de Russische Zwarte-Zeehavens den Donau op te voeren. In dit
tijdschrift werd reeds herhaaldelijk aandacht aan deze
rivier gewijd en gewezen op de plannen, die onder de oorlogsomstandigheden aanzienlijk in beteekenis zijn
gestegen. Wij brengen in herinnering de artikelen
resp. op pag. 404, 621 en 637 van den vorigen jaargang,
terwijl het artikel, opgenomen in dit nummer over de
Rijnvaart in 1917, in dit verband evenzeer van beteeke-
nis is. Onlangs werd in ,,Die freie Donau” een schetsje
gegeven van de wijze, waarop de Oostenrijksche mili-
taire autoriteiten het transport op de rivier georgani-
seerd hebben en naar aanleiding van de voornoemde
tijding schijnt het aardig hier een en ander daaruit
over te nemen. Men weet, dat de Donau voor transport-
doeleinden geen groote rol speelde, maar het spreekt
vanzelf, dat, toen onder de bekende omstandigheid van
overmatige belasting der spoorwegen door de mobili-
satie gezocht werd naar ieder mogelijk middel om
hierin verbetering te brengen, men den Donau te baat
nam voor het verrichten van militaire verschepingen
in de grootst mogelijke mate. Een organisatie, die zich
hiermede zou kunnen belasten, had in vredestijd niet
bestaan; maar reeds in het najaar van 1914 wees de
Oostenrijksche Felttransportleitung No: 4 op de ven-
schelijkheid een centrale in te stellen, die zich uit-
sluitend met deze werkzaamheid zou hebben te belas-
ten. Geleideljki ontwikkelde zich toen een organisatie,
watrvan de ‘samenstelling op dit oogenblik, in weinig
woorden beschreven,, als volgt is: Te Weenen heeft
men de Schiffahrtgruppe der k.u.k. Zentraltransport-
leitung, zooals de initialen in het licht stellen dus een
Oostenrijksch lichaam. Hieronder ressorteeren 4
Schiffsexposituren, gevestigd te Weenen, Szabadka,
Orsova en Rustschuk. Deze hebb’en weer op het traject
Regensburg-Braila 38 Schiffstationskommandos onder
zich. Deze tak van dienst werkt geheel op militaire
basis, in tegenstelling dus met den toestand bij de
Spoorwegen, waar tenslotte de spoorwegmaatschap-
pijen de uitvoerders blijven van de opdrachten der
militaire overheid, met het haar to’ebehoorende ‘mate-
rieel. Vo6r de vaart op den Donau is eeh eigen
scheepspark gesticht. Bij het optreden van Mackensen
op den Balkan was natuurlijk een groote taak aan de
organisatie gesteld. Onder hare leiding vonden de be-kende overtochten over Save en Donau plaats, terwijl het geheele etappentransport in haar handen is. Toen,
naarmate de Centrale Mogendheden de bezetting van
den Balkan en Roemenië uitbreidden, gelegenheid
kwam de zoo zeer ‘ontbeerde levensmiddelen en andere
grondstoffen van daar te betrekken, kon de rivier we-
derom voor het transport in aanmerking komen. Ook
dit vervoer wordt geheel door den Oostenrijkschen
tak van dienst geleid. Voornamelijk was het graan en
olie, waarop in het bezette gebied de hand gelegd kon
worden, in tegengestelde richting werd het vervoer
van Duitsche kolen voor de spoorwegen in Bulgarije
en Roemenië van steeds grooter belang. In het tijd-
schrift wordt opgesomd, dat het scheepspark nu be-
staat uit 211 stoomschèpen en 1216 lichters, welke
laatste 773.000 ton laadruimte hebben. Het personeel
telt 11.053 man. Voor zoover het ging, is er ruimte
afgestaan voor particulier vervoer. Het overbrengen
van gewonden geschiedde ook veelal over den Donau,
immers het vervoer te water is in het algemeen minder
vermoeiend voor de patiënten. De dienst moest her-
haaldelijk onvermijdelijke verbeteringen aan het vaar-
water

,

aanbrengen, b.v. overgaan tot het lichten van
de talrijke vaartuigen, die in den middenloop tot zin-
ken waren gebracht. In totaal werden tot op heden
379 schepen opgehaald: Voorts was het noodzakelijk
in vele Roemeensche havens, die reeds voor den oorlog
in décadence waren, verschillende inrichtingen aan te
leggen. Het is wel merkwaardig, zooals het Oosten-
rijksche karakter van deze organisatie bewaard geble-
ven is. Het Duitsche Donaü-scheepspark is geheel bij
den Oostenrijkschen dienst ingebracht. De Duitsche
schepen maken 12 pCX. van de stoombooten en 9 pOt.
van de lichters uit. Te Weenen bestaat een Duitsche
scheepsgroep ,,Donau”, voor het ambtelijk contact van
de onderscheidene dienst-organisaties van den noor-
delijken bondgenoot met het’ Oostenrijksehe lichaam.
Met liet lossen van Duitsche goederen houden zich
in het algemeen wel Duitsche organen bezig, maar het opstel, waarvan wij gebruik maakten, sluit met de na-
drukklijke verklaring: Auf den Dienstbetrieb des mili-
trischen Donauschiffsparkes üben weder die deut-
schen Hafenkommandanturen noch die deutsche
Schiffsgruppe ,,Donau” einen Einfluss aus.

OVERZICHT VAN TIJDSCHRIFTEN.

Zeitschrift

für

Sozialwissen-
s c h a ft. – Berlijn, 15 Febr. 1918. (No. 1-2.)
W. Oemiind,
Grossstadtwohnungen und Grossstadt-
menschen; M. Palyi,
Eine neue Geldtheorie.?;
Klum-

ker,
Statistik und Fürsorgewesen;
A. Voigt, Proble-

me der Zinstheorie T.

Dr.
M.
Palyi geeft in een scherp gesteld betoog uiting aan
verschillende principiëele bedenkingen tegen Liefmann’s
,,Geld und Goed”.
Onder de ,,Kleine Beitritge” o. a. een beschouwing over
het aanhangige wetsontwerp tot reorganisatie der Pruisi-
sche ,,Handelskammern”.

Jahrbücher für Nationalökono-
mie u n d Statistik. – Jena, Febr. 1918.
R. Stolzmann,
Die soziale Theorie der Verteilung

und des, Wertes;
H. Köppe,
Die Kriegsanleihen
Deutschlands und Oesterreich-Tingarns. Nat. Oek.
Gesetzgebung:
J.. Müller,
Die durch den Krieg her-
vorgerufenen Gesetze, u.s.w. (VIII). Miszellen:
Herbst,
Die reichsgesetzlichen Massnahmen zur
Sicherung der deutschen Volksernahrung im Kriege;
R. Wasmansdorff,
Krëftezersplitterung’ und Plan-
losigkeit im gewerblichen Genossenschaftswesen.

B a n k – A r c h iv. – Berlijn, 1 Maart 1918.
Dr. W., Hof fmann,
Die Tiitigkeit der deutschen
Sparkassen wiihrend des Weltkrieges;
‘M. Hallbauer,
Zur Tantièmepflicht der Sonderrücklage;
Dr. F.
Eulau,
Der Treuhnder für das feindliche Vermögen.

Technik und Wirtschaft. – Berlijn,
Maart 1918.
Prof. W. Franz,
Vorbildung und Auslese der höhe-
ren Verwaltungsbeamten; Th. Schuchart,
Unsere
,Rüstung zum Wirtschaftskrieg;
Nemnick;
Arbeits-
kammern.

270

. ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

27 Maart 1918

REGEERINGSMAATREGELEN OP
HANDELSGEBIED.

Thee- en koffie. Door denMinister van Land-
bouw, enz. is eene nieuwe regeling vastgesteld voor
de distributie -der nog. beschikbare voorraden thee over
• de’detaillisten. Het tijdstip, waarop weder aan consu-
meiiten’ zal. mogen worden geleverd, zal nader bekend
– worden gemaakt.
‘.’Deenschewitte).kool. Ook deze kool is
thans. -aangewezen- onder, -de’ stapelgroenten, beschik-
baargesteld,ingevolge art. lIder, Distributiewet 1916.
• Tevens zijn, maximumprijzen vastgesteld in tusschen-
enkleinhandel’ en eentmaximuminkoopprijs voor .de
gemeenten.
00
d’ k 1 a v er za a d. Behoudens eenige,uitzon-
..deringen ‘is verboden-de afleveringen het vervoer van
rood klaverzaad.

.rPootaardappelen. illet verbod tot vervoer
-van aardappelenis.niet’.van toepassing op het vervoer
rvanpootaardappele.n’ .van der opslagplaats van; -den
‘iandbouwer…naar.-het veld, waar; de.. aardappelen zullen
rworden’ gepoot, mits
1
dit vervoer. -plaats vindt langs
‘.den. kortst mogelijken’weg entusschen 1 buur v66r
.zonsopgang en 1 uur na zonsondergang.
P e u 1 v r u c h t en. Voor. het tijdvak van 25 dezer tot’ 21 April. a.s. is het .rantsoen ‘peulvruchten weder
bepaald op

K.G per hoofd der bevolking.
Stam- of i s t o k b o o n e n v o o r den
k

z a a i. Stam- of stokboonen, behalve witte en bruine
consumptieboonen en erwten, behalve groene, ‘-vale,
grauwe en gele consumptie-erwten, zullen, voor.zoover
zij voor-‘ den – zaai in groententuinen in aanmerking
komen en daarvoor – worden bestemd, niet- worden ge-i
vorderd v66r 1 October 1918.’ Na genoemden datum
nog aanwezige partijen moeten ‘onmiddellijk worden,

ingeleverd- bij den .betrokken regeerhgscommissaris.
F r u i t. De als onderneming voor het verwerken’
-van fruit ingeschreven’ ondernemingen moeten als
–bijdrage in dekosten van’toezicht aan de Rijksconï
in-issie’van’ Toezicht op’ de’ Vereeniging ,,Fruit-Oen-
trale” betalen- een bedrag van’
f
0,o per 100 K.G.
verwerkt fruit.

A a r dap p elen. Overde periode’.van 25 dezer
tot 22 .tipril zullen aan d gemeentebesturén alleen
zaiid- en veenaardappelen worden geleverd.
Lii p j n en z a a cl.’ Het verbod tot verwerken van
lifpinenzaad ial gehandhaafd blijven, ook wanneer na
âfloop van – den zaaitijd blij kt,.dat er lupinenzaad is
overgebleven; de uitvoer van dit zaad zal onder geen
voorwaarde worden toegestaan.

Motorbrandstof. Blijkens bericht van het
B. M.V. is ‘de voor – distributie aanwezige voorraad
benzine. z66. gering,, dat zij,. wien thans nog zuivere
b

enzine wordt toegewezen, niet – langer,, dan .ten hoog-
ste 4 weken op deze toewijzing mogen rekenen. Ook op
toewijzing .van benzoL moeten de benzineverbruikers
niet rekenen.
.,Dis.tributie van ruudvleesch. De
JLinister. .v.aii Landbouw heeft – besloten thans over te
gaan .tot een.. distributie van .ruiidvee.. Het – vee zal
-worden, verschaft door tusschenkomst .van., de. Rund-
– veevereenigung, – die daartoe eeii. Rmdveekantooi heeft
– ingesteld.:.Het benoodigde vee, zal worden verkregen
door, aankoop op de.xnarkt, door overneming van die-
ren; aangeboden door. .organisaties ,van veehouders en
(of).doorinbezitneming. V66r .31.. dezer moeten de
gemeentebesturen aanvragen tot levering van vee in-
zendei bij’ het
Rijks
Centraal Administratiekantoor
voorde’. distributie ‘van levensmiddelen, aanvankelijk
– berekefid naar een rantsoen van 200 K.G. ‘vleesch per
1000inwoners S-per” week. ‘De gemeenten ‘hébben zelf
woorde regeling -der dist’ributie ouder de ingezetenen .ttetzorgen-waarbijrzij het irantsoen per, hoofd. hooger
kunnen stellen, mits in totaal niet meer wordt ver-
•bruikt £danLvolgens het. algemeene,Regeeringsrant-
soen’TWateen-gemeente in een .vierweeksche periode
_te’eel gebruikt,imoetin de volgende periode worden
– ingehaald. De militaire leveringen zullen ook-‘over het
Rundveekantoor loopen; aanvankelijk -zal het niet mo-
gelijk zijn aan alle gemeenten te leveren. De levering
aan de gemeenten geschiedt overeenkomstig de bij
beschikking van 12 dezer vastgestelde maximumprij-
zen voor vee. In verband met den toestand van den
veestapel is ook het slachtverbod herzien, waarbij
sroorop staat een algemeen slachtverbod voor runde-
ren, schapen en varkens. De nieuwe regeling treedt 25 dezer in werking.

MAANDCIJFERS.

OVERZICHT DER RIJKSMIDDELEN.

(In Guldens).

Februari
1918
Seclert
1 Januari
1918

Overeen.
komstige
periodè 1917

Directe belastingen.
361.329
776.487
675.243
Personeele belasting
211.367 931.827
778.689
Inkomstenbelasting
4.482.148
8.399.607
7.265.048
Vermogensbelasting
205.168 407.903 258.715

Accijnzen.
3.177.922
6.061.101
4.870.713

Grondbelasting

……….

4.456 18.363
36.606
1.621.648

3.563.242 4.383.812

‘Suiker

…………….

221.645 466.374 476.509

Wijn …………………

89.399
154.757
‘) 269.499

Gedistilleerd

………..
Zout ………………..
Bier en azijn

………..
Geslacht

…………
1:175.177
2.565.111
1547.452

indirecte belastingen.
Zegelrechten

…….’
‘1.084.601

‘)’ 2.359.719
1.530.588
Registratierechten ..
2.073289

4.025.740
1
2.249.484
Hypotheekrechten ..

..

.
224.217
2.334.998

3.656.935
2.753.367

621.983
1.383996
1.822.627


1.378

gouden
enzilverenwerken

Successierechten …….

Formaatzegel ……….


59.933
116;591
111.955

Invoerrechten
………..
.

Essaniloon 63
143 156

98.586 211.999
247.148

Belasting …………..


..


Domeinen

…………
i48.308
256.974

317.224

Statistiekrecht

……..

fij
nen

……………..
.-

4166.791
183.971
184.485 Jacht en- visscherij

..


480

872 923
taatsloterj

…………

20.915
.38.567
92.158
loodagek1en

…………

Totaal ……….
.
18.180.206
..35.50.279
— 30.097.976

OPOENTEN VOOR .HET LEENINGFONDS 1914.



FeI,ruari
-1918
Sedert
t Januari
1918

Overeen-
komsiige
periode
1917

Directe belastingen.
Grondbelasting
72.416 155.565
.30.744

Personéele belasting
‘58.836
244.066
159.313
‘Inkomstenbelasting 1.711;605
3.137.153
2.077.173

Vermogensbelasting
78.411
‘156.219
50.699

Accijnzen.

635.584
1.212.220

767.375
‘891
3.673 10.908
‘Gedist. (binn.-enbuitl.)
162.165
356.324
‘398647

Suiker

…………….
‘Wijn ………..
……..

t ndirecte -belastingen


Zegelrechtvanbuitl-.eff
”53.377
109.464 110.030

Registratierechten ..

208

1.887

439.094
Hypotheekrechten
. –
– –
12.853

Totaal ..
2.773.493
1
5.376.371
3.756.836

– BELASTINGEN I-N-VRBANDMETDE BUITEN-

GEWONE OMSTANDIGHEDEN.

Februari,’1918
Sedert

t_Januari_1918

– Oorlogswinstbelasting
……13.004.127

* 31.831.414
Verdedigingsbelastipg
In

‘187.876

– 374.536

Verdedigingsbelasting Ib
….1.696.616

• 3.807.189
• Verdedigingsbelasting

2.401:975

4.073.820

17.290.394

– 40.086.959

‘YHieronder ‘begrepen
f20:813

wegens zegelrecht’-‘van
-nota’s’ van makelaars’en-‘commission-nairs’ in’-effecten, ‘enz.
(-Beursbelasting).
r.!)
idem
f3-29455.
)rHieroader.begrepen’de -opbrengst ‘vanden-accijne -op azn.

27 Maart 1918

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

271

STATISTIEKEN EN OVERZICHTEN.
Data
Steek-
Kopen-I
Ch,is.
Zwltser.ISpanje
Batavla i)
halm
)
hagen
4)

tionla 1)1
land
4
)
1)
telegrafisch

N.B.

beteekent: Cijfers

nog niet ontvangen.
18 Mrt. 1918

72.10

67.25

68.30

49.45

54.15

99-1QO
GELDKOERSÈN.
19

,,

1918

73.-.

68.25

69.25

49.65

99-1O0
20

,,

1918

73.40

68.25

70.-

49.25

54.50

99-1004
BANKDISCONTO’S.
21

,,

1918

72.75

67.50

68.75

49.40

54.-

99-100


4

V1I’i5Russ.Staatsbk. 6

27 V1I’14
22

,,

1918

73.20

67.60

69.15

49.60

53.80

99-100

{DWissels.

.7
N cd.
1 VH’15N.Bk.v.Denern.
5

9
V1I’15
23

1918

72.75

.67.30

68.50

49.75

54.20

99*-100+
Bk.
Vrsch.in1{.C.5j,19VJJJ’i’,
1
Zyeeds.R.ksbk7

20

II1’18
L’st

cl. w.’)

71.-

66.75

67.80

49.20

53.30

99°/4

Bk. van Eugelands

5

IV’l7jZwits.
Nat.Bk.431
X1I’14
H’ste

i)

74.60

68.75

70.50

49.75

54.75

100
1
/1

Duitsche Rijksbk.
.5

23 XII’14Bank
v. Italië .5

10

i’18
16 Mrt. 1918

70.95

66.75

67.90

49.50

54.15

99-1O0

Bk. van Frankrijk 5

21T7111’141F.Res.Bk.N.Y.


g

,,

1918

70.75

66.60

67.70

49.80

99-1004

Oostenr. Hoog. Bk. 5

.72

JV’l5jJavasche Bank 3′

1 T’Il1’09
Muutpariteit 66.67

66.67

66.67

48.-

48.-

.100
4)
Noteering te Amsterdam.

1)
Particuliere opgave

OPEN MARKT.

KOERSEN TE NEW YORK.
Amsterdam
Londen
Berlijn
N. York
Part. Prolon,
Data
Part.
Part.
IParij’
Part.
Cail

__________

disconto
gatie
disconto disconto
disc.
monet,

Data
Coble
Londen
1

Zicht
1

Parijs
Zicht
Berlijn Zicht
Amsterd.
23

Mrt.

’18 3
1/

4
1/_l/ 1)
3 19/55

3_1/
(In
$
1

(in frs.
(in cents
(in cents
18-23 M. ’18 28/4_31/2 41/3

319/

4-I8

2’12-5
111
per
£)
P.

)
p. Rm. 4)
per gid.)

11-16 ,,

’18 2
1/
3
._3/
4

4_l/

3111a2

4_5/

4 l/_ij
1
49

,,

’18 2/-/a

41/_I/

9

4-/

24
23 Maart

1918

4.76.45

5.72°/4

nom
Laagste d. week..

4.76.45

5.72’/.

19-24 M.’17
1°14-2’/4
2
1
/4_
$
/
4

4
I
Jt..

4/6

2_
1
/2
Hoogste,

. .

4.76.45

5.73


20-25 M.16 1
1
/2-2

2-3

45a3

41/5_3/4

1°/4-2
16 Maart

1918

4.76.45

5.72v/s

nmn.

20-24Ju1.’14 3
1/_8/

2

2/4
-3
/4

2
1/_1/

2
1
/4

1 /42 /
9

,,

1918

4.76.45

5.72
l/

nom.
Muntpariteit. . . .

4.86.67

‘ 5.18/4

958/

401/1.
1)
Noteering van 22 Maart.

WISSÊLKOERSEN.
KOERSEN VAN DE VOLGENDE PLAATSEN OP LONDEN.
WISSELMARKT.
Tijdperk
De wisselmarkt had de afgeloopen week een zeer bewogen

Plaatsen en
Noteerings- 5 Febr.
21 Febr.
22 Febr.-5 Mrt.
5 Maart
anzien.

Londen,

Parijs en New York zetten de

daling
Landen
eenheden
1918
1918
1918 1918
van de vorige week weder voort. Vooral de eerste dagen
1
Lqagste

Hoogste
der week liepen de koersen in verband met gevreesde ver-
wikkelingen door de inbeslagneming van onze, vloot’sterk Alexandriè.. Piast. p. £ 97
18
/.1
97
‘ho

97 ‘/oo.
97.!16

97
7
/16
terug.

Londen werd Woensdag tot circa 10;10 afgedaan,.
B.

Aires
.. ..
d.p.gd.pes.

50 1/2

50
1
/

50

51

.50
1
/8
nadat aanvankelijk niet meer dan 9.95 geboden was.

New
Calcutta …. sh/d.p.rup.

1/5
1
/32

1/5
1
/02

1/5

1/5
1
/io

1/5
1
/32
York was circa 213
1
/2
aangeboden.

Nadat het ergste aan-‘
Hongkong

. .

id. p. $

2/11’1

2/11’/

2/11
8
/4
2111°/4 2/11/
bod was verwerkt, konden de koersen iets verbeteren

‘ mede,f,
Lissabon.. . – d. p.escudo

29 /o

29 3/
4

28
8
/
4

29
0
/
4

29 1/
doordat in verband met het offenief in het ‘Westen de weg
Madrid

…. Peset.p.0

19.82

19.60

19.40

19.66

19.46
naar het einde van den oorlog niet meer geheel onafzien.
Montevideo..

d.p.peso

591/4

59h

59

.

60

591/2

baar werd geacht. Slot circa 10.28, 37.80 en 216. Door dit-
1

Montreal….

$ pèr £

4.7644 4.81
1
!,
4.808/4

4.82

4.81’/4
zelfde offensief werden natuurlijk Marken en Kronen nog
Petrograd

.. R. p. £ 10

365

365
3)

bal.

non,., oom.
veel meer beïnvloed.

In het begin der week was ook voor .
R.d.Janeiro°)

d.p.milr.

13/2

13
h1
/32

13’/

1310/,!

13’9/88
deze wisels het aanbod overwegend geweest, aangezien ook’
naar deze zijde de. politieke horizon

niet onbewolkt wasJ
Shanghai

.’. sh/d.p.tael

413

.
4/2’/s

4/2
1
/2

413

4/3
De sterkste daling vond ook hier Woensdag plaats. Berlijn

Rome

…….Lires p. £

40.80

41.65

41.20

42.80

42.63

Singapore

id. p. $

2/4′!,o

2/4

2/3
1
/8

2/4’/o

2/4
werd tot 39.40 en Weenen tot 24.25

verhandeld. . Daarna
Valparaiso
1)
d.p.pap.p. 13
2
/82

14

14
1
/3

14
21
/11 142
1
!.,
trad al

spoedig

een

verbetering

in.

Aanvankelijk

dooij,
Yokohama .. sh/d.p.yen

212

2/1
11
/1e
2/1hI/io
2/2
1
/8

2/21/,
2

sterker steun aan Duitsche zijde tot circa 40.05 opgeloopen,
deden doorkomende geruchten over het voor Duitschland
‘)
Noteeringen
op 90
dagen.
‘) Noteering
van 14 Februari.
gunstige verloop van den veldslag de koersen met sprongen stijgen, zoodat heden weder
44.-
betaald werd.

Van de

neutrale deviezen was Zwitserland ‘vrij stationnair. Daaren-
tegen Skandinavië en

Spanje Woensdag in tegenstelling
met al de andere wissels zeer vast en de volgende dagen
weder flauwer.


GOUD EN
ZILVER.

Sedert, 29 Juli 1916 worden de dagelijksehe ontvangsten
en onttrekkingen-1van goud door de Bank van- Engeland’
KOERSEN IN NEDERLAND.


tijdelijk niet bekend gemaakt.

Data
Londen
Parij.,
Berlijn
1
Weenen
1
St.
Pc.
lers,
New
4)
4)
York
1)

NOTEERING VAN ZILVER.
18 Mrt. 1918

– .
10.334
37.85
41.15
26.20

2.16
3
/4
19

,,

1918

. .
10.20
37.85
40.60 25.60

2.14/2
Noteering t6 Londen.

te New York
20

1918

..
10.204
37.65 40.20
25.25

2.138/4
23 Maart 1918 ……..
46

92
1
1,
21

,,

1918

..
10.204
37.50
40.20
25.25

2.15’/4
.

16

1918 ……..43

86’/2
22,

1918

..
10.26
37.70
40.75′
25.80

2.158/4
9

1918 ……..42/4
,,
23

1918

..
10.28
37.80
40.42 26.80

2.16
2

1918 ……..
42
°
!,

85
1
!,
Laagste d. w.
1)

10.10
37.40
39.20 24.25

2.13’/2

23

Febr.

1918 ……..42
°
!,

85°!,
Hoogste ,,

,,

‘)
10.35
37.90
42.20
26.80′

2.171/2
16

1918 ……..42/,

85’/6
16 Mrt. 1918

..
10.35
37.85 41.40
26.15

9

,,

1918

..
10.494 38.75
42.95
28.25

2.20′!,
24 Maart 1917 ……..35’/

71
7
!,
Muntpariteit

. .
12.104
48.-
59.26
50.41
1.28
2.4814
25 Maart 1916 ……..28’/e

60
1
/8
4)
Noteering
te
Am,terdam.
t)
Particuliere
opgave.
20

Juli

1914
……..
2411!,.

548/8

272

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

27 Maart 1918

NEDERLANDSCHE BANK.
Discontoa

Beschik-
De&
Hiervan
Schatkist-
Verkorte Balans op 23 M aart 1918.
Dato
Bdee-
ningen
baar

1
Metaal.

1
king,-
percen-
Activa.
Totaal
promessen
saldo

1
tage
rechislrecks

Binnenl.Wis-(H.-bk.

f

9.290.783,12
1
/2

sels,
Prom.!
B.-bk.

251.596,40
23 Mrt.
1918
20.822

108.980

543.478

78
enz.indisc.

Ag.sch.

11.279.518,28
f

20.821.897,801/,
16

,,

1918
21.714

103.580

346.945

.
80
9

1918
,,
24.064

111.170

543.537

79

*
Papier o. h. Buiten!. in
2

1918
26.363

124.022

541.907

78
disconto

……………………..

,,
23
Febr.1918
30.574

116.030

535.386

78
Idem eigen portef..
f

7.014.616,-
16

1918
24.090

139.462

533.877

77
Af:Verkochtma.arvo6r
9

;,

1918
30.120
8.000

145.838

531.013

75
de bk. nog n iet afgel.

7.01.616,-
2

,,

1918
80.657 66.000

90.157

524.005

75
Beleeningen H.-bk.

58.313.484,15
26
Jan. 1918
76.114 53.000

90.515

523.613

’75
mcl.
vrsch.
B.-bk.

4.421.443,76
1/

{
in rek.-crt.

,,
19

1918
72.498
47.000

90.346

525.582

76

Ag.sçh. ,, 46245.426,63’12
12

,,

1918
66.729 39.000

93.827

517.764

75
op onderp.
5
,,

1918
72.738 40.000

103.235

515.063

75

f108 980.354,55
29 Dec. 1917
81.819 49.000

107.448

514.916

74

OpEffecten

……(106.912.254,55
24Mrt. 1917
78.052 60.000

84.953

432.482

73
OpGoederenen Spec. ,,

2.068
100.-

108.980.354,55
25 Mrt.
1916
72.541 52.000

68.700

375.178

74
Voorschotten a.h. Rijk ……………..

..-
25 Juli 1914
67.947
14.300

61.686

43.2511)

54
Munten’Muntmateriaal
1)
OP de
huis
van
t/
metAaldekking.,
Munt, Goud ……
f
93.446.170,-
Muntmat.,Goud
…..
,629.604.660.05
1
!1
Uit de bekendmaking
van den Minister van Finan-

f723.050.830,05′!,
ciën blijkt,
dat uitstonden
op:

23Maart1918
16
Maart 1918
Munt, Zilver, enz.. ,,

7.337.397,59
Muntmat., Zilver

730.388.227,641!2
Effecten
Bel.v.h.Res.fonds..
f

5.159.192,50
Aan schatkistpromessen..
f

58.800.000,-

f

58.800.000,-
waarvan rechtstreeks bij
Id. van ‘l.v.h.kapit.

3.956.939,621!2

9.116.132,12
,
/2
de Ned. Bank geplaatst

Geb.en Meub.der Bank …………….

1.465.000,-
Aan Behatkistbiljetten
..
,,

61.271.000,-
61.271.000,-
Diverse rekeningen

………………

86.581
291.6tP/,.
Aan
zilverbons

………
,,

27.975.280,-
28.010.050,50

f964.369.519,79

Pauiva.

Kapitaal ……………………….
f

20.000M00,-
Reservefonds ……………………
,,

5.234.534,18
1
/2
Bankbiljetten in omloop …………..
.,
864.372.950,-
Bankassignatiën in omloop …………
,,

2.207.183,98
1
!,
Rekening-Courant saldo’s:
Van het Rijk……
f

3.612.493,96
Van anderen ……,, 60.689.783,38
1
/1
64.302.277,34
1
!2
Diverse, rekeningen

………………..
8252 574,271/2

f 964.169.519,79

Beschikbaar nietaalsaldo ……………
f

543.477.753,72′!2
Op
de basis
van
‘Is melaaldekking
……
..

357.301.271,46
Minder hedragaan bankbiljetten in omloop
dan waartoe de Bank gereehtigd is ..
,,2.717.388.785,-
Verschillen met den vorigen weekstaat:
Meer
Minder
Disconto’s
892.507,90
1
!1
Buitenlandsche wissels
211.830,-
Beleeningen

…………..
5.400.539,43 Goud

………………..
.
758.399,28
Zilver

………………..
14.061,70
Bankbiljetten…………..
5.978.745,-
Part. Rek.-Ort. saldo’s

.. ..
5.120.491,931!1

Voornaamste oosten
in duizenden guldens.

Data
Goud
Zilver
2
biljetten
Andere
opelschbare
schulden

23 Maart1918

….
723.051
7.337
864.373
60.509
16

,,

1911

….
723.807
7.323
858.394
58.834
9

1918

….
722.096
7.225
859.317
65.835
2

,,

1918

….
723.746
7.240
870.334
71.288
23

Febr.

1918

.. ..
‘714.679
7.295
845.856
83.485
16

1918

.. ..
716.341
7.275
854.035
90.845
9

,,

1918

….
716.432
7.278
859.834
99.821
2

,,

1918

.. ..
707.609
7.275
892.087 58.380
26

Jan.

1918

….
707.000
7.176
871.586
77.132
19

1918

….
707.988
7.031
883.034
60.031
12

,,

1918

….
697.459
6.933
883.869
45.127
5

1918

.. ..
697.181
6.940
895.174
45.968
29

Dec.

1917

….
698.233
7.028
890.273 57.200

24 Maart1917

….
591.015
7.011
729.111 94.210
25 Maart1916

….
510.546
4.859
588.443
108.222

25
Juli

1914

….
182.114
8.228
310.437
6.198

JAVASCHE BANK.
Voornaamste nosten in duizenden guldens.

Data
Goud
Zilver
B

4-
biljetten
Andere
opeischb.
schulden

8 Dec. 1917 …..

85.962
17.622
173.918 55.571
1

,,

1917 …….
85.944
17.167
174.695
57.182
24
Nov. 1917
85.550
16.898
174.535
53.560 85.622
16.736
175.781
56.067
17

,,

1917 …….

72.009
22.907
159.086 47.519
9

Dec. 1916
…….
43.720
32.485 140.747 31.128
11

Dec.

1915 …….

25

Juli

1914
…….
22.057 31.907
110.172 12.634

Dis.-
conto’s

Wissels,
bulten
N.-Ind.
betaalbaar

Belee-
ningen
Di’erse
reke
ningen i)

Eeschik-
baat
metaal.
saldo

Dek

.kings…
percen-
tage

8Dec.1917
7.687
32.991 67.351
23.511 57.686
45
1

,,

1917
7.204 32.979 70.119
23.800 56.735
44
24Nov.1917
7.170 33.501
67.564
22.992
58829
45
17

,,

1917
7.156 33.570 71.791
22.671
55.989
44

9Dec.1916
6.398
37.250 62.344
9.809 54.043
46
11Dec.1915
5.949 19.610
48.520 25.395 41.830
44

25 Juli 1914
7.259
6.395 47.934

1

2.228
4.842′)
44
1)
Sluitpost
der activa.
5)
Op de
basis
van
°/, metaaldekking.

SURINAAMSCHE BANK.
Voornaamste oosten in duizenden guldens.

Data
Metaal
Circulatle
Andere opei,chb.
schulden
Disconto’s
D

4
C)
ningen

12 Jan.

1918

– –
619
1.187
1.103
1.116 505
5

,,

1918

. –
594
1.226
1.074 1.132 444
29 Dec.

1917

..
587
1.240
1.070 1.057 742
22

,,

1917

..
609 1.165 1.066 1.066 576
15

,,

1917

..
603
1.214
990
1.056 893
8

,,

1917

. .
591
1.265
917
1.031
999
1

,,

1917

. –
611
1.234
980
1.035
1.052
24 Nov. 1917

..
615 1.303
1.057
1.059
985
17

1917

..
614 1.199
1.036
1.049
1.019
10

1917

..
591
1.209
868
1.029 973

13 Jan.

1917

..
709
1.030 959
977
315
15 Jan. 1916

..
745 934
1.015
929 830

25
Juli

1014

..
045′
1.100
560
735
396
1) Sluitpoet der activa.

27 Maart 1918

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

273

BUITENLANDSCHE BANKSTATEN.

Aan het eind van ieder kwartaal wordt een overzicht gegeven
van enkele niet wekelijks opgenomen bankstaten.

BANK VAN ENGELAND.

Voornaamste posten, onder bijvoeging der Currency Notes,
in duizenden p. st.

Currency Notes.
Data

Metaal

Circulatie

Bedrag
.
Goudd.
1
Gov. Sec.

20 Mrt. 1918 60.605

47.359

S*S

***
13

1918 60.085

47.284

***

***

***
6

1918 60.085

47.591

*5*

*5*

*5*
27 Febr. 1918 59.353

47.251 218.410 28.500 193.025

21 Mrt. 1917 53.962

37.824 143.043 28.500 103.469
22 Mrt. 1918 65.970

32.904
1
104.503 28.600

65.121

22 Juli 1914 40.164

29.317

1

Ccv.

I
01/ier t Public
1
01/ier
1 Re.
1.
kings.
Data

Sec.

Sec.

1
Dcpo,.
1
Depo,.
1
ze-vs
1
percen-

20 Mrt.’18 56.986 99.230 35.373 134.381 31.696 18,67
13
,,
’18 66.625

97.604 38.353 128.998 31.251 18,67
6
,,
’18 67.737

98.191 41.022 137.745 30.944 17,31
27 Febr.’18 56.350 98.641 42.650 124.787 30.552 18,24

21 Mrt. ’17 24.051 151.821 67.911 124.335 34.588
1


22 Mrt. ’16 32.839

90.274 56.2,16 90.126 41.518 28e/t

22 Juli ’14 11.005 33.633 13.735 42.185 29.297 52
3
/

‘)
Verhouding tusachen Reserve en
Deposits.

DUITSCHE RIJKSBANK.

Voornaamste posten, onder bijvoeging der Darlehens-
kassenscheine, in duizenden Mark.

ejata
etaat
Daarvan
,.,oua
Kassen- scneine
Circu.
iatte

Dek-
hing,.
percen.
lage
)

15 Mrt. 1918
2.525.149
2.408.207
1.332.481
11.355.288
34
7

,,

1918
2.524.471
2.408.028
1.325.750
11.324.104
34
28 Febr. 1918
2.523.829
2.407.842
1.323.083 11.310.828
34
23

,,

1918
2.523.383
2.407.691
1.264.270 11.122.471
34

15 Mrt. 1917
2.544.784
2.628.718 334.724
8.164.354
35
15 Mrt. 1916
2.503.346
2.458.483 386.005
6.468.304
45

23 Juli

1914
1.691.669 1.366.857
65.479 1.890.895
93

i)
Dekking der
circulatie
door metaal en Kaesenscheine.

Darlehenska,senschetne

Data

.

Wisse!,

I Rek. Cr1.

________________

uit
ge-
geven
de
Relchs-
I

bank

15 Mrt. 1918
13.349.430
6.745.209
8.029.800
1.319.500
7

,,

1918
13.065.445
6.591.141 7.982.700
1.313.600
28

Febr. 1918
13.048.493 8.490.131 7.904.000
1.310.900
23

,,

1918
12.355.896
6.069.318
7.717.700
1.292.500

15 Mrt. 1917
9.342.912
4.436.793
3.915 000 321.000
15 Mrt. 1916
5.888.466 2.109.216
1.552.800
339.400

23 Juli 19141

750.892 1

943.964

RUSSISCHE STAATSBANK.

Voornaamste posten in millioenen Roebel.

kistlsil

conto’,
1
Clrcu.
1
R.I.

Data n. si.

‘Goud
1

‘l
ZI!-

Schat-
1
Dis
1
1
Cou.

1
tenland ver

jette

latie

rant

5 Nov. ’17 1.292 2.309 178 15.507 2.177 18.917 2.698
29 Oct. ’17 1.295 2.309 178 15.222 2.155 18.062 2.726
21

’17 1.296 2.309 168 14.479 2.071 17.869 2.715
13

’17 1.297 2.309 155 14.098 2.150 17.290 2.721

5 Nov. ’18 1.556 2.055 110 6.014

798 7.935 1.770
5 Nov. ’15 1.604

35

26 3.119 1.249 5.054 1.397

21 Juli ‘141 1.601
1

144
1
74
1

. ..

1
1.6341 1.099

BANK VAN FRANKRIJK.

Voornaamste posten in duizenden francs.

Waarvan

Te goed

Buit.gew.

Data

Goud

In het

Zilver

in het

voorich.
Buitenland

Buitenland I ald. Staat

21 Mrt.’18 5372.264 2.037.108 255.768 1.152.531 13.700.000
14
,,
’18 5.370.762 2.037.108 256.205 1.144.040 13.550.000
7.
,,
’18 5.369.498 2.037.108 256.088 1.137.068 13150.000 28Feb.’18 5.368.648 2.037.108 261.926 1.103.001 12.950.000

22 Mrt.’17 5.184.476 1.946.638 265.177

74
(
,.160 9.500.000
23 Mrt.’16’5.011.332

362.962 769.052 6.500.000

23 Juli’14 4.104.390

639.620

Utige-

Bdee-

Bank!,!!-

Rek. Crt.

Rek.

fVi,,d,

tdde
Parti.

Crt.
Wissels

ning

letten

culieren.

Staat

1.039.775 1.107.275 1.139.889 24.824.989 2.740.615 55.184
W
1.064.089 1.110.865 1.175.520 24.744.120 2.598.188 38.801
.
1.123.151 1.112.625 1.185.813 24.650.027 2.630708 29.084
1.312.234 1.114.635 1.170.383 24.308.307 2.581.225 62.227
0

415.673 1.274.623 1.214.474 18.450.780 2.484.665 59.846′
366.383 1.689.287 1.247.992 14.847.164 2.006.180 26.003

1.541.080

769.400 5.911.910 942.570 400.560

SOCIËTÉ GÉNÉRALE DE BELGIQUE.
1)

Voornaamste posten in duizenden francs.

7i Beleen.

I
Btnn.
Data

mcl.

van

vanw
Circu-
buitenl. buiten!, prom. d.

en

latlesaldi
saldi

vorder.

provinc. 6e/een.

21Maart’18 751.396 98257 480.000 142.294 1.225.663 236.887
14

18 751.976 93.206 480.000 145.713 1.235.832 230.187
7
,,

’18 696.088 07.851 480.000 152.511 1.1 92.746, 223.321
28 Febr. ’18 596.459 94.497 480.000 151.779 1.196.653 215.746

22Maart’17 356.878 86.162 480.000 65.499 874.535 104.422 23Maart’16 199.770 56.598 480.000 60.435 641.236 153.874
t)
Sedert
einde 1914 met de functie van circulatiebank belast.

VEREENIGDE STATEN VAN NOORD

AMERIKA.

FEDERAL RESERVE BANKS.

Voornaamste posten in duizenden dollars.

Waarvan Waar.

I

FR.
van In

Zilver

Notesin

Data

Goud

voor dekking het bui.

cie.

circI-
F. R.
Notes
tenland

laiie

25 Jan. ’18 1.726.507

813.785 52.500 56.252
1.234.934
18

’18 1.729.470

818.47 52.500 54.837 1.238.797
11

,,

’18
.
1.696.830

803.969 52.500 51.201 11.242.199
4

”18 1.687.720

816.461 52.500 45.310 11.251.205

26 Jan.
1
17

791.245

275.133

17.579

259.768

Data

___________

‘Wissel,
Totaal
Deposito’,
Waar-
van
Kapitaal

Dek.

1
kings.

1
percen.
tage
0

Goud.
dekking
1

circu-
1

latie

25 Jan. ’18

901.574

1.849.086

72.439

61,5

65,9
18

’18

861.292

1.913.899

71.938

61,0

65,9
11

,,

’18

829.375

1.779.726

71.603

81,8

64,7
4

’18

897.151

1.793.479

70.825

60,2

65,3

26 Jan. ’17

113.408

810.822

55.694

75,9

105,9
‘9
Verhouding tusschen: den totalen goudvoorraad, zilver etc., en de
opeischbare schulden: F. R. Notes en netto depoaitos met inbegrip van
het kapitaal.

PARTICULIERE BANKEN AANGESLOTEN BIJ HET
FED. BES. STELSEL.

Voornaamste posten in duizenden dollars.


Data

1
Aantal

1

Totaal
1

uitgezette
1

Rese
rv
e
bij
de

1

Totaal
1

Waa
rv
an
tim e
1
banken
1

gelden en
1
beleggingen
.i
i
F. R.

nks
1

deposito’a

t
1

depostts

18 Jan. ’18

662 11.275.331 1.147.274 10.618.473 1.381.800
11
,,
’18

659 11.297.581 1.202.389 10.853.548 1.348.698
4

’18

640
~
11.235.168 1.193.952 10.697.106 1.480.927
28
Dec.
’17

630 10.853.941 1.161.823 10.383.805 1.321.944
21
,,
’17

814 10.968.616 1.089.127 10.110.913 1.231.155

274

vECONÖMISCHSTATISTISCHE BERICI-lTEN

27 Maart 1918

BANKSTATEN,

KWARTAALSGEWIJZE OPGENOMEN.

1. BANK VAN ITALIË.

(In millioenen Lires.)

Dala
Goud
Zilver
Slaafs.
fondsen
conto’s
en
&leen.

Circu.
laffe
Rek.
Cr1.

31 Dec.

1917
835,9
87,4
223,1 1193,5
6539,2
1403,0_
20

1917
835,8 87,5 220,3
1158,8
6443,4 1436,4
10

1917
835,5
87,7
219,7
1326,7
6417,4
1384,5
30 Nov.

1917
835,2 85,8
219,7 1425,3
6338,0
1298,0
20

1917
834,1 81,6 219,8
1430,9
6235,5
1291,0
10

1917
833,9
78,4 219,7
1388,8
5985,9
1244,1

31 Dec.

1916
899,7
72,7
219,8 846,8
3876,7
844,2
31 Dec.

1915
1077,4
104,8
204,9
666,5 3040,2
718,7

20 Juli

‘1914
%1106,5
90,4 203,9
832,5′
1661,1
272,8

II. BANK VAN SPANJE.

(In millioenen Peseta’s.)

Dala
Goud
Zilver
),i/.

sen
ij

Dis.
canlo’s
en
Belgen.

Circu.
laffe
Rek.
Co.

23 Febr. .1918..
1988,9
710,2
626,6
780,8 2833,4 869,4
16

,,

1918..
1987,5
707,5
636,3
776,4
2832,0
906,1

9

1918..
1978,5
716,6 674,8
706,7
2850,9 969,2
2

,,

1918..
1975,6
712,3
657,8
701,9
2827,6
961,2
26 Jan.

1918..
1975,5
712,9
669,8 708,4 2810,9
968,2
19

1918..
1967,8
708,9
675,6 713,9 2816,8
947,0
12

,,

1918..
1967,3
707,4 670,6 724,3
2818,7
954,5
5

1918..
1967,0
‘707,4
670,0 738,0
2813,6
967,0
29 Dec.

1917..
1966,8
710,5
870,1
726,3 2782,8 951,2
22

,,

1917..
1966,8
714,7
627,2 730,0
2755,4 939,4
15

.1917..
1966,4
715,0
626,7
730,4
2750,9
930,6
7

,,

1917..
1964,5 714,9
624,6 731,0
2756,0 937,5

24 Febr.

1917..
1318,2
747,9 656,0
644,9
2388,3
761,5
26 Febr.

1916..
914,6
7.62,2
494,4 727,0
2137,2 755,4

24 Juli

1914.
.
543,5
729,8 494,4 783,8
1919,0 497,9

‘) Inclusief de schuld van deschatkist ‘in rek.-crt.

111. ZWITSERSCHE NATIONALE BANK.

(In millioenen Francs.)

Dala
Goud
Zilver
Darle.

k :: n.
scheine

Dis.
C0fl10
3

‘Beleen.

Circu.
Rek.

15 Maart1918..
367,9
56,4
20,9
263,7
638,3 99,2
7

,,

1918..
367,2
56,1
19,4
261,8 637,8
95,1
28 Febr,

1918..
366,5
56,1
18,8
259,7
646,7 77,0
23

,,

1918..
366,6
56,9
17,8
238,3 612,9
89,6
15

1918..
363,1
56,6
18,5
218,8
610,7
74,1
7

,,

1918..
362,1
55,9
19,3
295,8
620,3
136,7
31 Jan.

1918..
361,9
55,4
19,0
306,4
633,1
138,1
23

,,

1918..
360,6
55,7
18,5
282,9
608,9
121,4
15

1918..
359,7
54,2
18,0
296,8
627,9
111,1
7

,,

1918.
.
358,3
52,6
13,1
369,1 859,6
144,5
31

Dec.

:1917..
:357,6
51,8
12,7
406,7 702,3 137,3
21

,,

1917..
355,6
53,0
11,1
301,0 638,5 94,6

15 Mart 1917..
343,4
52,0
3,5
205,5
496,3
134,6
15 Maart 1916..
252,6
49,5
23,2
146,3 401,1 108,4

23

Juli

1914.
.
-180,1
18,9

107
3
8
267,9
-50,7

IV: NATIONAL-BÂNK VAN DENEMARKEN

(In millioenen 1ronen.)

Data
Goud
Zilver
Vorde.DL
ringen
op hel
builenl.

conto’s
en
Bdeen.

Circu.
lalie
Rek.
Cr1.
_

28 Febr.

1918..
173,5
2,4
48,8
205,6 332,6
58,4
31 •Jan.

1918..
173,7 2,4
44,0
221,1
328,9
48,4
31 Dec.

1917 .-.
173,9
2,5
44,9
218,8
337,9
55,0

28

]’ébr; 1917..
o
231,0
3
3
0
”45,2
150,8
275,8
47,0
29. Fèbr.

1916..
119,9
3,2
49,9 64,5
236,1
13,2

30 Juni

1914.
.
75,8
6,6
‘19,8
95,6
159,8
4,8

V. ZWEEDSCHE

RIJKSBANK.

(In millioenen Kronen.)
Data
Goud

Vorcie.
ringen
op hel
buiten1.

Slaafs.
fondsen

Dis.
conto’s
en
Beleen.

.
Circu.
laffe
Rek.
Cr1.

9 Maart 1918..
235,1
132,1
56,3
228,9
568,1
93,3

2

,,

1918..
235,2
131,7
56,5 229,0
571,0
99,3
23 Febr.

1918..
235,2
132,6
56,6
205,6 532,7
102,2

16

,,

1918..
235,5
135,5
51,9
205,8
526,5
108,1

9

,,

1918..
235,8
134,6
51,9
220,4
523,9 119,9

2

,,

1918..
235,9
133,5
51,9
219,0
‘529,3
119,5
26 Jan.

1918..
236,3
129,5
61,8 215,8
501,6
146,6

19

1918..
236,3
133,2
61,8
228,3
514,7
144,1

12

1918..
246,8
130,3
51,8
243,3
520,2 155,9

5

1918..
246,9
130,8
51,9 265,6 542,9
.157,4

29 Dec.

1917..
244,4
128,2
79,9 301,5
556,1
203,8

1917..
234,3
125,5
79,9
290,6 558,7
185,1

10 Maart 1917.
.
192,5 149,0
72,8
84,4 398,9
94,7

11 Maart 1916..
160,7
134,8
64,1 62,5
310,3
85,1

25

Juli

1914..
‘105,8
115,6
28,0
92,4 208,2 68,2

VI.
,
BANK VAN NOORWEGEN.

(In millioènen Kronen.)

Dala

.
Goud
Vorde. ringen
top’hei
Effecten
buiienl.

Dis.
conto’s
en
Circu.
latie
Rek.
Cr1.

15 Maart1918..
118,4
58,9
12,9
357,0
331,6
.160,9

7

,,

1918..
118,4
59,0
12,9
349,3
324,0
161,8

28 Febr.

1918..
118,4
62,8
12,9
352,0 320,9
165,6

22

,,

1918..
118,4
65,9
12,9
352,0 316,2
177,0

15

1918..
118,4
86,5
12,9
360,8 314,6
182,0

7

,,

1918..
‘118,4
“68,5
.
13,0
‘360,8
311,0
187,2

31 Jan.

1918..
116,4
69,7
13,1
372,9 308,0
200,1

22

1918..
116,4
81,8
12,5
375,8 305,3
209,2

15

1918..
116,4
82,4
13,6
383,9 310,2
218,4

7

,,

1918..
116,4 86,5
.13,0
390,3
315,7
216,7

31

Dec.

1917..
116,4
87,9
13,0
408,4
326,4
221,1

22

,,

1917..
113,9
87,4
13,0
382,9
332,7
200,9

15 Maart1917..
128,4
76,7
12,8
168,0
262,9
83,1

15 Maart 1916..
72,2
67,1
13,7

99,1
182,0
29,2

22 Juli

1914..

52,4
65,7
8,9
79,3
120,8
10,7

EFFECTENBEURZEN.

Amsterdam, 25 Maart 1918.

Jien week van geweldige beroering ligt achter ons. In het gansche land zijn de gemoederen hoog opgezweept
door de eischen, ons door de geassocieerde Regeeringen
gesteld inzake den afstand onzer scheepsruimta tot
gei-
bruik in de gevaarlijke zones; zoowel in Kamer en Senaat
als ‘in ‘particuliere gesprekken kwam dc felle veronb-
waardiging over dit verlangen ongebreideld naar voren.
Geen nkele’ andere om.standigheid, geen gebeuren op
internationaal gebied, zelfs niet het weder begonnen
offensief op het Westelijk front heeft aan onze beurs
in de achter ons liggende’ berichtsperiode eenige aan.-
dacht kunnen trekken eif wij zullen dan ook in zooverre
van onze gewoonte afwijken, door deze week de Neder
landsche effectenmarkt aan een beschouwing te onder-
werpen, alvorens tot een overzicht der internationale beur

zen over te gaan. Het is ads een ,,cri da welke hoe
nuchter en objêéiief’ t3ok liii .]ietca1gieen dese kolomi-
men zijn ..-‘en behooren te.aijn – toch even tot uiting
moet worden gebracht.
In ons overzicht van’dc vorige’ week konden wij nog
nâelding maken van de rustiger. eteinming, die zich van
de beurs had–meester gemaakt, toen .in den loop van
den Maandag-middag half-en.ha,lf officieel bekend werd,
dWrj ‘onze Regeering, zij het onder protest aan den
eischi der gea.ssocieerden’ had toegegeven. De reactie op
den daarop olgendeu dag, toen officieel werd gepubliceerd,
dat in de adnvaardin’g” der gestelde eisehen slechts was
toegestemd op voorwaarden,’ waarvan kon worden aange-
noman, dat tzij. ‘hoogstwaaksohijnlijk door de geassocieerde
Regeeringen verworpen zouden worden, was dan ook veel
heftiger, dan anders wellicht ‘het geval ware geweèst.

27 Maart 1918

ECONOM1SCH-STATISTISCEJE BER!CHTEN

275

Allerlei pessimistisehe beschouwingen deden de ronde,
niet alleen ‘met betrekking tot den meer nauwen kring der
scheepvaartbelangen, doch ook in verband met de inter-
nationale positie van ons land, gedurende en na den
oorlog. Vrees is immer een zeer slechte raadgeefster
en het verloop der gebeurtenissen heeft deen waarheid
eens te meer bevestigd. Want in den loop der onderhani-
delingen is naar voren gekomen, dat ten opzichte van
ons land zelve door beide belligerente partijen geen
per
se
onwelwillende bedoelingen worden gekoesterd,
doch dat de vragen met betrékking tot onze handelsvloot
aan onze Regeering gesteld, louter en alleen het gevolg
zijn van de ontwikkeling van den oorlogstoestand. Dit
heeft natuurlijk niet kunnen beletten, dat de eisch tot
uitlevering van onze hande1svloot een nitrst pijnlijken
indruk heeft teweeggebracht., ook nadat de, vrees voor
politieke verwikkelingen ‘vrijwel verdwenen wan. .Me
4
was
er zich maar al te goed van bewust, dat al moge dan voor
de reederijen wellicht een tijdperk van winstgevend bel-
dirjf aanbreken, zeer vele onereune kanten aan de zaak
vest zitten. In do eerste plaats kwam hier naar voren
do toestand van rechteloosheid of, ton minste van een
totale verandering der opvattingen omtrent het recht,
die in de achter ons liggende, oorlogsjaren heeft plaats
gehad en waartegen onzerzijde slecihts met een fel pro-
teelt ‘kon worden volstaan. Doch ,vervolgens heeft het
vooruitzicht voor den toestand na den vrede groots onge,s-
rustheid teweegge.bracht. Z.lfs aangenomen, dat de bel-
lof te, door de geassocieerden gegeven, loyaal wordt ge
houden en uitgevoerd, zoodat dus ,,in den kortst moge. lijken tijd” voor de eventueel verloren gegane soheeps-
ruimte na het sluiten van den, vrede nieuwe tonnenmaat
zal worden geres.titueerd, mag nog worden betwijfeld,
of de émstandigheden dit begrip van den ,;kortst moge-
lijken tijd” niet .uiterst rekbaar zullen maken. De dui1-
bootoorlog heeft tot nu toe zulke geweldige slacht.-
offers gemaakt., dat do geassocieerden thans reeds ge-
dwongen waren den bekenden eLsch tot ons to richten,
hoewel vermoedelijk in do betrokken landen zelve inner-
lijk ook ‘wei d, onrechtvaardigheid ‘ml worden gevoeld.
Het is niet, aan te nemen, dat de onderzeeootlag met
minder heftigheid aal worden doorgezet
;
eer is het tegen-
deel te verwachten. De mogelijkheid is dus groot, dat, na het -sluiten van den vrede niet dadelijk de noodige
toiwenmaat beschikbaar kan worden gesteld, afgezien
nog van .cle, kans dat het charteren van vreemde schepen
wellicht nog eenigen tijd zal woraen ,von.rtgezt, b.v. om
het repatrieeren van troepen te vergemakkelijken. In
den eersten tijd van sterk opkomende concuirenti% vooral
met die landen, die hun vloot tot nu toe intact hebben
kunnen houden, zou Nederland derhalve ontbloot kun-
nen staan van het allerers.te en allernoodigste hulp-
middel, nl. transportgelegenheid. De vergoeding in geld,
die de reederjen voo,r de eventtool getorpedeerde of op
andere wijze ‘verloren gegane schepen zouden ontvangen,
kan hierin iatuurljk ook niet voorzien, daar de hulpi-
middelen ontbreken, ‘ore: binnen zeer korten tijd groote
passagiers- en vrachtschepen in de vaart te brengen.

Tengevolge van deze beschouwingen is ,de beurs gede-
rende het grootste gedeelte der week dan ook in een
uiterst nerveuzen toestand gebleven. Allerwegen tred men
met verkooporder. naar voren, aanvankelijk ingegeven
door de vrees voor internationale moeilijkheden, later in
de hand gewerkt door gedwongen realisaties, die af
en toe plaats radden. Een paniek is
,
echter nergens
oiihstaan; het angeboden materiaal werd vrjwél zonder
uitzondering grif opgenomen, îj het tegen sterk ver-
laagde koersen. Dit is wel een bewijs gewest voor
den bij, uitstek gezonden toestand van onze beirs. Ook
de houding van de geldinarkb is hiervoor karakteristiek
geweest; ondanks de algemeene onrust is de prolon-
gatie-rente,niet boven 43
4
pCt. gestegen. Weliswar ivas in
de laatste dagen ter, beure een zekere stroefhei.d in de
,geldmaxkt te ontdekken, zoodat Zaterdag j.l. wegens,
gebrek aan aanbod zelfs geen noteering voor prolongatie-
route tot stand’ kon komen, doch van aanzegging, van
posten op eenigszinsi ‘groote schaal kan niet worden , ge-
sproken. Dezç omstandigheid heeft sterk medegeholpe.n
het vertrouwen te doen terugkeereo, zoodat vrij plotse-
ling een gunstige keer in die algemeene marktl-positie
is. ontstaan., Weliwaar zijn die verliezen, in de diverse
rubrieken nog zeer aanmerkelijk, doch de koersen ‘hebben
zich vrijwel alje, van hun laagste peil kunnen herstellen.
Hefnieuwe kooplust is zelfs ontstaan, doordat zeer vele
prolongatie-posities, die in cle dagen van de scherpste
reactie werden aangezuiverd, op ,het eenigszins verhoogde
1

ko,erniveau met ruime overwaarde gedekt waren en den

betrokkenen derhalve aanleiding gaven tot hernieuwde
koop-orders, teneinde den gemiddelden koers van ‘hun bezit lager te stellen. Onze hieronder volgende koers,-
lijstjes geven een goeJ denkbeeld van den loop der
prijzen in de versch.illende rubrieken,

19 it’lrt. 22 Mrt. 2

Rijzing of
Mrt.
da1ing’

Holland-Amerika-Lijn

..
. –
389
376’1
389,
,,gem.Eig. 374
369
1
/
2

38
+
7
Holland-Gulf-Stoomv.-Mij..
290
290 322
1
!,2
+
32
1
/8
Hol!. Alg. AtI. Stoomv.-Mij. 190
176
1
/2
184
1
/! —5
1
12
Hollandsche Stoomboot-Mij.

236
1
/2
225
232
8
/4

3
8
4

Java-China-Japan-Lijn
.. ..
270
2568/
4

270
2
/2
+
1/2..
Kon Hollandsehe Lloyd

. –
173
186
1
!!
176
+
3
Kon. Ned. Stoomboot-Mij. ..
236
234’/4
236’I4
+
8/4

Kon. Paketvaart-Mij …….
266’/
244’/2
264
1
12
—2 Maatschappij Zeevaart
. . . –
399
399 399

Nederi. Scheepvaart-Unie ..
246
1
!,
2341/4

246
3
/8

1/,

Nievelt Goudriaan ……..
1280
1280
1280
Rotterdamsche Lloyd ……
258’I,
247
1
/3
264’11
+
6
Stoomv-Mij. ,,Hillegersberg” 431
431 431
,,Nederland”
– –
247 237
252
1
/
+
5112
,,Noordzee”

– –
262
237
255
1
/

6
1
/
,,Oostzee”

—-
430 410 419
1
12

10′!2

Hoewel aanvankelijk in . de eerste plaats dc seheepl-
va,artmarkt door de gebeurtenissen werd geaffecteerd, sloeg de stemming spoedig over tot do overige beursi-
adeelingen. Vrijwel geen enkele kon aan de alge-
‘meen pessimistische tendenz ontkomen, en wel hot minst
die, welke in de voorafgegane weken van een uiterst
opgewekte houding blijk hadden gegeven. Zon waren
bv.
ta.bakswaarden
sterk gedrukt, zonder eenige bizoni-
deze reden juist voor deze beursafdeeling. Ook de
rub
bermarkt
kon zich niet op de toch reeds niet al te
;
hooge koersen handhaven, hoewel hier het herstel wel
‘iets spoedig-er naar voren isi gekomen. De omzetten waren gedurenle de periode van reactie zeer groot en
de marges tu.sschen de hoogste en laagste koersen bereik-
ten op sommige dagen een ruimte van 20 en meer pro-
centen.
Allen voor de
calt’unirmarkt
kan nog op een andere
factor dan de algemeene stemming worden gewezen. Uit
Indië kwam nl. het bericht, dat vermoedelijk binnen korten tijd een voorschrift zal worden uitgevaardigd, ten doel hot-
bende den saiker-aanplant met 25 plOt. te verminderen.
Hoewel dit aan den eenen kant een rem kan zijn tegen
verdeie verlaging der suikerprjzen, beschouwde de beurs
dit vooruitzicht als een ongunstigen factor, daar hiesi-
tegenover staat de omstandigheid, dat de onkosten der
verschillende maatschappijen niet dadelijk in overeen-
stemming gebracht kunnen worden met de kleinere pro-
t.
ducie. Vooral aandeelen Handelsvereeniging ,,Amsterda.m”
hadden zeer sterk . onder aanbod te lijden, ‘zoodat de
koeiis tot 400
pat.
reageerde. In aansluiting hiermede
werden ook aandeelen Nederia.ndschLlndisohe Handels-
bank tegen lagere koersen omgezet. Ook hier kon -echter
een herstel intreden, hoewel dit niet van zoo ing

rij penden
aard is geweest als bv. bij tabakswa.arden.
Van de overige locale waarden dienen nog speciaal
te worden gereleveerd
petroleurnfon4sen,
waarbij elandeelen
Koninklijke Petroleum Maatschappij’ eenS gevoelig lager
niveau bereikteni. Ter beurze werd’. dit algemeen toe!-
geschreven, behalve aan de hier genoemde algemeene
oorzaken, aan verkoopen van Engelsehe zijde, welke met
een voldoende winst.marge. konden worden uitgevoerd,
doordat de Hollandsehe valuta te Londen stijgende is
geweest. Geconsolideerde, evenals de overige Roemeén-
scho soorten, waren eveneens in reactie, echter niét in
buitengewone – mate.

19 Mrt. 22 Mrt. 25 Mrt.
Rijzingof

Amsterdamsche Bank

– – . .
197e14
,
197’/
195’/

2112
Ned.Handel-Mij.cert.v.aand.
179
1
1,
177
1
/
180
+
l/

Rotterd.Bankveree,iiiging ..
147 147
147
Amst. Superfosfaatfabriek..
169
1
/
169,
170
+i/4
Van Berkel’s Patent ……
160
160
167
+
7
Insulinde Oliefabriek……
211
207′!,
216
+
5
Jurgens’ Ver. Fabr. pr. aand.
106
1
/
‘105
10511,

5/
4

Ned. Scheepsbouw-Mij. ….
166’/
161
3
/
160.

6’/4
Philips’ G,loeilampenfabriek.
349
3
14
349 ‘/
348

1/4
R. S. Stokvis
&
Zonen ….
690
672
1
/,
700
+
10
Vereenigde Blikfabrieken..
140
136
137’/
—2
1
!2
Compania Mercantil Argent.
223
1
/
215 218
1
!,
—5
Cultuur-Mij. d. Vorstenland..
195/4
194′!2
196
1
!2
±
5/4

276

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

27
Maart
1918

19 Mrt. 22 Mrt. 25 Mrt.
Rijzing of
daling.

Handelsver.
Amsterdam…. 415

401′!,
409

—6
Roll. Transatl. Handelsver. 171 166 170 —1
Linde Teves & Stokvis …. 218
t
!,
209
1
/o
217
1
/e – ‘/
4
Van Nierop&Co’sHandel-Mij.
1991/2
200 205
8
/s + 5/8
Tels & Co.’s Handel-Mij. .. 184

180

18210 –
Gecons. Roll. Petroleum-Mij. 217

214
1
/ 222

+ 5
Kon. Petroleum-Mij . …… 505

503

513

+ 8
Orion Petroleum-Mij. . … 88
1
/4

89

89

+ ‘/
Steaua Romana Petr.-Mij… 228

235 ‘/ 2351/4 ± 71/4

Amsterdam-Rubber-Mij. .. 213’/ 207
1
/2 217

+ 31/,

Nederi. Rubber-Mij. – ……123.

118’/

125

+
2
Oost-Java-Rubber-Mij…..251

226/4 250


1
Deli-Maatschappij ……..514

508

518

+4
Medan-Tabak-Maatschappij.. 219

915’/2 22111
2
+ 21/,

Senembah-Maatschappij….
5921/s
572

592
1/

Db algemeene onrust weersiegelde zich buitengewoon
st,erk in de houding van beleggingswaarden .en spel-
ciaal in, die van de Staatsleening 1917. Wij hebben
reeds herhaaldelijk gelêgenhed gehad hier ter plaatse
te wijzen op het feit., dat deze leeniag uiterst slecht
geclasseerd is; ook de heftige reactie van de afgeloopen
week is hiervan het gevolg geweest. Wel zijn ook de
overige vaste-rente-dragende waarden in koers gedaald,
doch in lang niet zoo sterke mate als de obligaties
der leening 1917. Overigens heeft tot den algemeenen
teruggang van beleggingspapieren, behalve de algemeene
toestand, niet weinig bijgedragen de rede van Minister
Treub in de Staten-Generaal, waarin een zeer duister
beeld met betrekking tot de financieele vooruitzichten
van ons land werd opgehangefl. De Minister is zelfs
niet teruggeschrokken voor het uitspreken van de moge-
lijkheid eener paniek na het sluiten van den vrede,
hetgeen in de actueele omstandigheden ongetwijfeld een
nog veel dieperen indruk heef t gemaakt, dan anders
reeds het geval zou zijn geweest. Ter beurze is men van
meening, dat dit ministerieele woord nog lang zal nawer-
ken er, dat men het bovendien in de herinnering zal
terugroepen, zoodra weder door
, onze Regeering een be,-
roep op de geldmarkt – zal worden gedaan.
Van buitenlandsche
staats fondsen
waren 4/2 pot. Japan,
2e serie te onzent aangeboden, in verband niet den
lagen stand der Duitsehe valuta.

19 Mrt. 22 Mrt. 25 Mrt.
Rijzingof

41/

‘/a
Ned.
W. Schuld

– – . .
95
3/16
94u1/j

6/16
41/

0/

,,

,,

,,

1916
948/4
93’/io
945/
8

.
– 1/8
4

0/

,,

,,

,,

1916
87
87
88’/4
+
1’/
31/
2
0/

,,

,,

,-….
781/,
78
771/t

1/4
3

0/

,

……
68/a
68
7
/
.
6818/10

1
/it
21/,
0/

Cert. N. W. S …….
58’/s
5814
581/2
+
I/

5

Old
Oost-Indië 1915 ….
98 97 971/

4

°/o
Hongarije Goud
48
1/
48
1
10
48
‘/8
4

0/

Oostenr.Kronenrente
42
42’/it
45
1
12
+
31/t
5

0/

Rusland 1906 ……
30’/4
29 29

1/
41/
0/

Iwangorod Dombr
298/
4

29
30
3
/
+
1
4

0/

Rusland Cons. 1880
– –
27
7
116
27
7/
27 ‘/io
4

6
fl, RusLbijllope&Co.
28
1
/2
26
1
116
26
1
/16

2e/t6
4

0/

Servië

1895 ……..
36’/s
35
36’/o
41/
2
0/

China Goud 1898.

638/o
63
3
/o
63
3
/
5

0/

Brazilië 1895
——
58
571/
4

571/4

Als geheel beschoiwd heeft de gansehe locale markt
de berichtsperiode op sterk verbeterd peil verlaten, hoe-
wel juist heden weder een reactie op de hoogste koersen
van den dag is .ingetreden. Ongunstige factoren vorm,-
den de bêrichben omtrent nieuwe requisities van schepen
in Amerika (w.o. de ,,Z-eelandia”), beneyens teleurstel-
lende dividend-declaraties (oa. der Kon. Ned. Stoom.-
boot Maatsch. ad
10 pOt.).

Ds Âmerikaansche afdreling.
heeft gedurende de gansche
week een zeer stil aanzien gehad zonder groote koers/-
variaties. Heden echter is deze houding veranderd en
ontstond ter beurze grodt aanbod, eensdeels in aanslui-
ting aan de lagere koersen, die Wallstreet ons heeft
gezonden, anderdeela vooruitloopend op de verwachting
eener verdere reactie op de New-Yorkiohe markt in ver-
band met de beriohted omtrent den snellen opmarsch
der Centrale legers in Franhijk. Tegenover deze ver-
koop-orders werden slechts schuchter eenige kooplimites
gesteld, zoodat de hoofdsoorten, als Steels, Anaconda’e,
Marine-waarden, euz. alle gevoelge veiiezen hebben aan
te toonen. In sommige fondsen kon zelfs geen noteering
tot stand worden gebracht, omdat iedere vraag ontbrak.

Weliswaar behooren deze steeds tot de minder courante
soorten (na. Atchison Topeka), doch in meer normale
tijden zijn deze fondsen toch in ieder geval wel
te
plaat-
sen. Thans echter neemt ons publiek een uiterst gere/-
gerveerde houding aan, niet het minst ten opzichte
van buit,enlandsche waarden; het vertrouwen in het
rechts- en plichtsgevoel van bevriende naties is na de
Russische catastrophe en na de voorvallen van de jongste
weken blijkbaar wel heel ster!ld geschokt.

19 Mrt. 22
Mrt. 25 Mrt.
Rijzing of
daling.

Axnerican
Car
&
Foundry
..
72
73
1/,
70
0
/16
– llO/j,
Anaconda Copper

……..
136
133’/6
127
—9
Un. States
Steel Corp
…..
90 88
8
/4
841/16
_51B/s

Atchison
Topeka
……….
87
82
1
/9
84
1
/

2’/
Southern Pacific
……….
.
83/,
82
80

31/2

Union Pacific
…………
124
1
/,
122
115112

9
Int.
Merc.Marineafgest…..
30’/
30
9
/1
27
7
11e

3/16
prefs
105
1
12
107

,,
99
1
12
—6

De internationale beurzen hebben onderling een acer
scherpe tegenstelling getoond.
De van de
Entente-landen
waren zonder uitzondering mat efi ongeanimeerd ge-
stenid; de Beurs te
B er 1 ij n daarentegen kon zich na een
aanvankelijk onbehaaglijke tendenz in zeer groote belang-
stelling verheugen. Een en ander is het gevolg van
het hierboven reeds gereieveerde offensief aan het W6s1.
te.ljk front, dat tot na toe in het voordeel der Centrale
Mogendheden verloopt. Vooral de geweidge massale aan-
s-allen en dc moreele successen, die de beschieting van
Parijs door middel van een uiterst vèrdragend stuk geschut
heeft gehed hebben er toe medegewerkt op de beurs
te Berlijn een buitengewoon opgewkte stemming in het
leven te roepen; Deze dateert echter S.eohts van de aller

laatste dagen. Tevoren was de tendenz eerder mat geweest,
als gevolg van verschillende oorzaken. In de eerste
plaats mag hier wel ,worden genoemd de nawerking der
Daimler-affa.ire, welke zoo sterk
is,
dat zelfs thans de
aandeelen der betrokken onderneming zich niet geheel
van de reactie hebben kunnen herstellen. De onastan1-
digheid, dat een deel der fabrieken van het Daimies’-.
concern onder militair beheer geplaatst is, bewijst ove-rigens wel, dat van overheidszijde de geschiedenis nog
geenszins tot het verleden geac.ht
wordt. Vervolgen.s werkte
het vooruitzicht op een aanmerkelijke verhooging der
beurs-belasting op de omzetten s.terk deprimnerend; niet
alleen waren koersverliezen hiervan heb gevolg, doch
ook da handel kromp sterk in. Alleen bankaandeelea
konden iich vrijwel handhaven, in verband met de over
het algemeen zeer bevredigende jaarverslagen. Lang’.
zamerhand echter werden op het verlaagde koers-
peil nieuwe aankoopen uitgevoerd, waarbij vooral de
speculatie op den voorgrond trad. Zou werden bv. aan-
deden Bemberg, andèrs een Vrij incourant en veron-
aehtzaamd fonde, met sprodgsgewijze koersetijgingen uit
de mafkt genomen; vage geruchten omtrent contrôle-
aankoopen deden hier de ronde. Industrie-waarden konden
zich bij den aanvang van het offensief weder opnieuw
‘in de belangstelLug verheugen, daarentegen waren tabaks/-
aandeelen aangeboden in verband met de Turksche oor-
logswinstbelasting. De vooruitzichten op den vrede met
Roemenië, die thans door de wisseling van kabinet
daar te lande gunstiger zijn geworden, i’onden, hun uit.-
clrukking in een verhoogitig van het koersipeil van petre-

Ieumfondsen, voornamelijk van Erdöl, op goede divi-dendverwachtingen, doch ook van Steaua, Romana en
Deutsche Petroleum. Aan ht einde der week konden
ook seheepvaartwaarden zich in de rij der gefavoriseerde
fondsen scharen, waarbij aandeelen H.
A4.
P. A. G. en Nord,-
deutsche Lloyd vooraan stonden. Da inschrijving op de achtste Duitsohe oorlogsleening is thans in vallen gang
en doet, blijkens de voorloopige inededeelingen der totaj-
len in de dagbladen, de beurs in de hoop op een groet
succes leven.
Geheel in, aansluiting aan het verloop der wereldi-
gebeurtenissen was de houding op de beurs te New
Y o r k vooral in die laatste dagen zeer ongeanimeerd.
Ook in de Vereenigde Staten is men thans doende de
derde oorlogsleeniug tot een voor het land bevredigend
resultaat te doen worden. Dit geschiedt echber voor
een deel ten koste van realsaties op de fondsenmarkt,
die in de hand worden geweikt door de berichten van het
Europeesche slagveld. Niettemin zijn ook ‘hier gunstige uitzonderingen aan te toönen. Zoo berichtte de Amen-
can Oar & Poemdry dezer dagen, dat zij baas

reserves
thans zoodanig heeft opgevoerd, dat een regelmatig divi-

27 Maart 1918

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

277

dend vai 4 pC.t. op de gewone aandeelen plus een
extra-dividend van 4 pOt.. voorloopig als verzekerd kan wordén beschouwd, hetgeen een gunstige uitwerking op
de betrokken aandeelen heeft uitgeoefend. Ten slotte
écht.er is ook hier de invloed van de algemeene malaise
te onderscheiden geweest.
Overigens wendt men in de Unie aale pogingen aan,
om de financiering der oorlogsiasten zon weinig moge-
lijk ten laste van de gewone geldmarkt en van de
offectenbeurs te doen komen. Te dien einde is ipgerioht
Var Finance Oorporation, die zich hoofdzakelijk tea doel
stelt de herdisconteering van betalingsverplichtingen met
korten looptijd (Notes), de regeling van alle emisies
boven $ 100.000, ondersteuning der spaarbanken tegen
.de gevarea van
te
groote opvingingen van inleggelden
en het verleenen van steun aan den koers der staats-
lëèningen. Het kapitaal der Corporation (500 millioen
dollar) is door de Regeering overgenomen. De War
Finance Oorporation mag tot 4 milliard doLlar aan Notes
ui tgeveii en wel in verhouding van
3/4
der bij haar als
onderpand berustende effecten. Hoewel allerwegen in Ame-
rika het groote nut erkend wordt, dat een dergelijke
instelling kan libben, heeft de oprichting toch heftige
pers-polemieken uitgelokt, wa.aroij het gevaar yau in-
flatie naar voren is ge’braeht.
De beurs te L o n d e n heeft snede van een matte Stera
L

ming blijk gegeven. Vooral Bussische fondsen waren
sterk aangeboden, nu bekend is gemankt, dat de cour
pons, die na den 15den Januari zijn vervallen, niet meer
worden verailverd. In verband hiermede hebben de emis-
sie-hu.izen der verschillende Russische leeningen zich aan-
eengesloten tot een beseherm.ings’-cotçiité voor de hou-
ders der betrokken fondsen. Ook Jajansche en Oh.i-
neesche, staatsfondsen hebben gemidddid 5 pOt. van hun koers verloren, in verband niet de interv•entie-voorvallen
in het verre Oosten. De Fransche staatsleening was op
sommige dagen sterk in reactie, daar een verkoop-order
van circa £ 30.000 boven de markt hing en slechts
geleidelijk kon worden uitgevoerd. Inheeinsohe spoorweg-
waarden waren vast
)
doch met zeer geringen handel,
daarentegen waren de aandeelen van Zuid-Amierikaansche
spoorwegen aangeboden.
Ter beurze van Pa r ij s hebben die factoren, die wij
reeds hérhaaldeljk hier ter plaatse releveerdeii., hun
volle kracht behouden, zoodat van eenige herleving van
den beurshandel geen sprake is geweest.

Noteeringen.

Op de internationale gèldmarkt heeft het ten slotte
de aandacht getrokken, dat de Zweedsche Rijksbank zich
genoodzaakt heeft gezien harén discontovoet Van
61/2
tot.
7 pOt. te verhoogen, nadat zeer kort geleden,
fl.1.
d.d.
1 Februari van dit jaar, een veilaging van 7 tot
61/2
pOt.
heeft plaats gevonden. Door de verhooging is het dis’.
conto van de Zweedsohe Bank het hoogst van aLle Euro-
peesd5e circulatiebaaken.

GOEDERENHANDEL

GRANEN.
25 Maart 1918.

Door het uitblijven van le post beschikken wij slechts
over weinige telegrafische berichten. De noteeringen, die
ons iederen dag, zoowel uit Argentinië als uit Noord-
Amerika bereiken, geven ons weinig punten ter bespreking.
De tarweprjzen in Argentinië blijven vrijwel stationnair;
van een bepaalde lendenz kan niet gesproken worden,
terwijl in Noord-Amerika de prijzen zijn vastgesteld. De
aanvoeren aan de Noord-Amerikaansche markten blijven
onveranderd klein. De, cijfers van den zichtbaren voorraad
zijn.deze week niet juist overgekomen, doch blijkbaar zijn die, wat de V. S. betreft afgenomen, doch in Canada nogal
belangrijk vermeerderd. Het totaal blijft toch abnormaal
klein en alleen de zeer voldoende aanvoeren van mais en
haver veroorzaken, dat de algemeene toestand aan den
overkant van den Oceaan, wat betreft de graanvoorziening, nog Vrij gunstig is.
De markten voor mais blijven in Argentinië kalm gestemd.
De prijzen zijn wederom eenigsizns gedaald, hetgeen op
gôede oogstberichten duidt.
De prijzen van lijnzaad zijn in Buenos Aires en Rosario
zeer sterk géstegen, hetgeen ongetwijfeld het gevolg is van
Noord-Amerikaansche -vraag. De invoer van lijnzaad uit
Zuid-Amerika is door de Amerikaansche Regeering beperkt
in verband met de beschikbare hoeveelheid scheepsraimte,
doch er zijn reeds dadelijk eenige consenten gegeven. Blijk-
baar heeft het embargo op den invoer van mais in de
Vereenigde Staten scheepsruimte vrijgemaakt, terwijl mogelijk
bovendien nog ruimte voor lijnzaad beschikbaar is gekomen
door het in beslag nemen der Nederlandsche schepen.

Buitenlandsche granen in Nederland.

Als contra-prestatie tegen het in beslag nemen van
Nederlandsche schepen is aan ons land 50.000 tons tarwe

Loco-prijzen te Rotterdam/Amsterdam.

Ii

Chicago

Buenos Aura,

Data

Tar,oe

Mars

Haver
I
Tarwe

Mata Lljnzaad
Mei

Mei

Mei

April
I
Mei
I
April

23 Mrt.’18
220

.)
127
7
/
85
1
ls
12,85
8,35
24,10
16

,,

’18
220
8
)
123
6
/
82e/8
12,95
6,55
22,35
23 Mrt.’17
190/
115
1
/
60
5
/s
14,75 10,40
21,40
23Mrt.’16
108 72
43
1
/
8,10 5,05
11,20
23 Mrt.’15
1551/2
738/
4

595/4
12,55
4
)
5,80 9,95
20Juli ’14
82 1)

5618 ‘)
36
1
12
‘)
9,40
1
)
5,38
2
)
13,70
2)

‘)
per

Dec.

‘)
per

Sept.
‘)

of fic.
vastgestelde
locoprijs
4) per
Mei.

1 25
Maart
1
18 Maart
1
25
Maart –
Soorten.

1

1918

1

1918

1

1917

576,-‘)

576,’)
472,-
1
)
Rogge (No. 2 Western)
nom.

»om. nom.
Tarwe ……………….

420,)

420,-
1
)
345,-
1
)
Gerst (46 ib. feeding)..
420,-
1
)

420,-
1
)
345,-
1
)
Mais (La Plata)

………

Haver (38 lb. whiteclipped)
21,-t)

21,-
1
)
20,_1)

Lijnkoeken (Noord-Ame-
rika van La Plata-zaad)

300,-
1
)

300,-
1
)
200,-
1
)
Lijazaad (La Plata) …….
now.

now.
740,-

1
)
Regeeringsprijs.

AANVOEREN in tons
van
1000 K.G. voor verbruik
in
Nederland.

Rotterdam
,

Amsterdam
Totaal

Artlkden.
17-23 Maart

Sedert

Overeenk
17-23 Maart

Sedert

Overeenk.
191 8

19 7
1918

1 Jan. 1918

tijdvak l917
1918

1 Jan. 1918

tijdvak 1917

Tarwe ……………..

0


84.463


4.553

89.016



4.465




4465



654

– –

654

..



51.393

39.309

90.702

Rogge ………………



2.608


5.492

8.100

Boekweit

…………..






6.790

&790

Mais

………………
Gerst

………………


.


8.322


7.560

15.882
Haver

………………
Lijnzaad
…………….
– –
9.070


14.232

23.302
Lijnkoek…………….
Tarwemeel
………….


3.815

– –

3.815

AANVOEREN
in tons van
1000
K.G.
voor België.

Tarwe
……………..

80.429
68.230



60.429 68.230

19.898
7.479
– –

19.898
7.479
Mais

……………..
Rogge
……………..
-,

.









.







Tarwemeel
………….
Gerst

……………..


144




144

278

ECONOMISCH-STTI5TISCHE BERICHTEN

27 Maart 1918

uit de V. S. en 50.000 tons uit Argentinië toegezegd, of een
overeenkomstige hoeveelheid meel, liet blijft op dit oogen’
blik nog een grooté vraag op welke wijze deze tarwe naar Nederland gebracht zal worden. Bovendien mag men wel
onder het oog zien, dat de aanvrag voor 100.000 tons
tarwe speciaal gold om in de eerste behoefte te voorzien en dat er veel meer moet ingevoerd worden om ons land
voor het komende oogstjaar slechts op zeer karige ‘wijze
van broodgraan te voorzien.

SUIKER.

Volgens officieele opgaven bedroeg de suiker productie in
Nederland ttit einde’ Februari 200.507 tons tegen 265.019
en 244.578 tons in de beide voorgaande jaren.
in Duitschland heeft de Regeering nu eindelijk den
uieuwen prijs voor suikerbieten vastgesteld en wel op Mk 3.-
per 50 K.G. F. 0. Licht beschouwt deze verhöoging als
onvoldoende en voorspelt dientengevolge – een inkrimping
van den ‘aanstaanden uitzaai.
Uit. Java wordt berich dat de N’ederlandsL’h-In dische
Regeering ernstig overweegt den dit jaar in den grond
konienden aanplant voor 1919 met 20 tot 25
O/
in te krim-
pen, tea einde de daardoor vrijkomende grnden met rijst te beplanten, aangezien in sommige streken voor schâarschte
aan dit voedingsmiddel gevreesd wordt.
De requireering door de Geassocieerde Regeeringen van
de in hare havens liggende Néderlandsche sçjiépen zal
waarschijnlijk tengevolge hebben, dat de voor het vervoer
van Jvasuiker in de Oostelijke ‘wateren tdt dusver dispo’
nibel gestelde ‘Nederlandsche scheepsruimte zal wordeh in-
gekrompen. De mogelijkheid bestaat natuurlijk, dat Amerika bij gelegenheid een gede’elté der ‘gerequireerde, schepen zal
aanwijzen om Javasuiker naar Amerika te brengen, doch
vermoedelijk Izal men voorloopig dringender ladihg te ver-
voeren hebben.
In A m e r i k a kwam de noteering van
,
Spot Centrifugals
van. 6.05 op’5.92 c.

NOTEERINGEN:

Londen
1
Amsterdam

New York
Data

1

per

Tates
1
Whttc
I
Maart

Cubes

003′
zatea”Centrifugals.
No.l
1
fob.

22 Maart1918..’
f’

53/9
14/6

5.92
15

,,

1918

53/9

14/6


22Maart1917
..
,, 22/&
4711
11
,


5.39
22 Maart1916

..
,,

28
3
/
42/6
18/9
28/111
5.77
21 Juli

1914

..,,
llht/
a
,
181—


3.26

WOL

Sedert het vorig bericht valt er weinig verandering te
bespeuren. De markten te La Plata blijven kalm; met het
oog op de tegenwoordige omstandigheden, nemen de .Neder-
landsche fabrikanten een zeer gereserveerde houdingaan, wat
betreft het plaatsen, van orders.

KATOEN.

Marktbericht van de Heeren Sir Jacob Behrens & Sons,
Manchester, dd. 21 Februari 1918.’

De.groote vraag in Amerika is thans of de Regeering zich met de prijsbepaling van katoen zal bezig houden.
Zoolang hieromtrent geen zekèrheid bestaat, blijft de markt
weifelend en zeer onder den’ invloed van alle geruchten.
De fabrieken’ werken thans weer op Maandag, zoodat de
consumptie toeneemt en prijzen ook, wat vaster zijn. De
vraag, naar Egyptische katoen is gering en prijzen zijn
flauwer.
De garenmarkt blijft zeer kalm; prijzen zijn vrijwel
onveranderd doch over het algemeen niet zeer regelmatig.
De weverjen koopen hoofdzakelijk slechts voor directe
behoefte en alleen de Regeering is voor groote hoeveelheden
aan de markt. De meeste spinnerijen zijn echter nog volop
van orders voorzien, zoodat men voorloopig nog geen lagere
prijzen zal mogen verwachten. Garens voor de naaigaren-
fabrieken worden nu weer vlot geleverd, doch prijzen blijven
vast.
De doekmarkt blijft eveneens zonder veel nieuws en is
de laatste weken eenigszins gedrukt onder transport-
moeilijkheden. Er is weinig vraag van Indië en China,
maar voor Calcutta is nog wel iets gedaan in mull dhooties.
De kleinere markten blijven geregeld koopen, vooral waar

de scheepvaartmoeilijkheden gunstiger zijn, terwijl ook de
Regeering aan de markt is, zoodat fabrikanten van zware
goederen goed bezet zijn,De meeste bleekerijen en ververijen
werken nu ook korteren tijd, doordat zij door de kleinere
producties van de weverijen niet voldoende ruwe goederen
hebben.

Noteeringen voor Loco-Katoen.

(Middling Uplands).

125 Mr!. ’18
25MrL’18
I

Mr!, ‘l8
26’Mri. ’17’
26 Mr!. ’16

New ‘York
Middling

..
34,25 c
34,30 c
33,25 c 19,20 c
12,05 c
l’Jew Orleans
voor Middling
33,50 c
32,63 c
32,50 c 18,75 c
11,88 c
Liverpool Good Mid’d. Americ.
24,80 d
24,17 d
24,12 d
12,58 dl)
7,69 (1′)

Ontvangsten in, en uitvoeren van Amerikaansche havens.

(In duizendtallen balen,)

1
Aug.’17
Ooereenkomstige perioden
tot

22 Maart’18
19I6-17

1

1915-16

Ontvangsten Gulf-Havens..
,,

Atlant. Havens
5157 6109 5901

UitvoernaarGr,Brjttannië
2105
1853
,,

,,

‘tVasteland.
3147
1705
1645
Japan etc…
438

Voorraden
in
duizendtallen
22Maart’18
2?Maarl’17
I
22Maart’16
S
1526
1239
1425
Binnenland …………..
1214
1058 1012
Amerik. havens ………..


131
296
New York

……………
New Orleans ………….
..-

.

423
,

357
Liverpool

……………
474
2)
761
910

‘) Middling.
2)
16 Maart.

COPRA.

In den toestand van de markt kwamin het geheel geen ver-
andering.
Ceylon cif. Londen £ 46.-.-. (Maximumprijs).

NOTEERINGEN.

Java Lm.s.

9-23J1aart 1918.. nom. )
24 Maart 1917..
f
48″/ n. N.O.T.-conditjes.
24’Maart 1916..,, 41
1
/
20-25 Juli

1914.
.,,28°/g

HUIDEN:

Bericht van de firma Grisar & Co.:

De toon ‘van de buitenlandsche markten blijft voort-
durend
ft
la hausse. In New York worden grootere zaken
gedaan tot steeds opgaande prijzen. Ook Londen zeer vast.
Afgedaan werden circa 450 droge huiden. Dinsdag 26
Maar-t komen in veiling 500 gezouten Paraguay Campos
ossehuiden,, tevens zal eene inschrijving gehouden worden op circa 1300 droge, 3200 drooggezouten en 760 gezouten
hûiden. ])it zijn de laatste exotische huiden, die op het oogen-
blik in Rotterdam nog aan de niarkt zijn; buitendien zijn
er aan de Java-markt nog’ 1000 Padang Runderhuiden.
Kalf sv ellen. De tooln is kalmer, niettegenstaande er
door een enkelen outsider nog met inkoop geconcurreerd wordt.
Per s.s. ,,Rijnstroom” werden circa 230 ton aangevoerd.

Rotterdam, 23 Maart 1918.

METALEN,

Loco’Noteeringen te Londen:

Data
Ijzer
C/ev.
No. 3


Koper
landar
d

I

Tin
Lood Ztnk

25 Mrt. 1918..
nom.
110.—!—
316.—/–
30.10!—.
52,—!-
18

,,.

1918..
nom.
110.—/—
320.—/
30.10/—
52.—/-
9

1918..
nom.
110.—!— 319.—!—
30.10/—
52.—/–
23 Mrt. 1917..
nom.
136.—/—
216d0/—
30.10/—

24 Mrt. 1916..
89/—
113.101—
200.4—
-35.5/—
93.—!-
20 Juli

1914.
51.41—
63.-1—
145.15/—
19.—/—
21.10/-

27
Maart
1918

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

279

VERKEERS WEZEN.

SCHEEPVAART.

23 Maart 1918. Met uitzondering van berichten in de pers
nopens inbeslagneming van in Entente-havens eu Amerika
liggende Nederlandsche schepen, kwamen in de afgeloopen
week geen scheepvaarttijdingen binnen.

GRAAN.

Data
Petra
grad
Londeni
R’dam


Odes,sa
Rotte,.
dam

Ad. Kust
Ver. Staten
San Lorenzo

Rotte,-
Bristol
Rotte,-
Enge.
dam
Kanaal
dam
land

18/23 Maart 1918

1


50/–

200/-
11/16

,,

1918
– –

50/–

200)-
12/17 Maart 1917

j



321–

135/-
13/18 Maart 1916

1

f12,50
16/–
f85,—
1501-
Ju1i

1914
lid.
713
1/]1’/
1111’/4
121–
121-

HOUT.

Data

Cronsladt
Golf von Mexico
Holland
Engeland
Holland
Engeland
(gexaagd)
(mijn.
(pttch
ptne)
(pitch.
pine)
stutten)

18123 Maart1918:




11/16

,,

1918



12/17 Maart1917




13/18 Maart1916


510/-
Juli

1914 ……
.f12,—

24/6
751–
7716

ERTS.

Bilbao

Cartha.

Grieken.
Poti
Data

Mtddk.1. 1

gena

land

Middles-
1 Mtddles. 1 Middles.
bio

j

kro’

1

kro’

18/23 Maart1918

11/16

,,

1918 ……….-


12/17 Maart1917 ……….-


13118 Maart1916 ……..26/6

23/6


Juli

1914 ……..4/3

5/41/

519

8/6

Graan Petrograd per guarter van 496
lb5.
zwaar. Odessa per Unit, Ver.
Staten per guarte, van 480 Iks. zwaar.
Houl gezaagd en pttchpine per St. Pet. Standard van 165 kul.. vt., mijn.
otutten per vadem van 216 kub. vt.

KOLEN.

Data

Card
1ff

Oostk. Engeland

Bor.

Genua

Port

Plato

Rotte,.

Cron.
deaux

Said

dam

stadt
Rivier

18/23 Mrt. 1918

10113

150/–


11/16

,,

1918

101/3

150/–


12/17 Mrt. 1917

51/–

101/3

100/–

100/–


13/18 Mrt. 1916
fr68,—

94/–

97/6

691–
f
6,—


Juli 1914 ,,

7,—

71–

7/3

14/6

3/2

5/-

DIVERSEN.

Bomboy

Birma

Vladivo.

Chtlt
Data

West

West

stock

West

(d. w.)

I

(rijst)

I

Europa

(salpeter) Europa

E,ropa

West

Europa

18/23 Maart1918 ……

..275/–

5001–

185/-
11/16

,.

1018
……

..275/–

500/–

185/-
12/17’Maart1917 ……

..240/–

295/–

135I–)
13118 Maart1916 ……

..125/–

165/–

130/-
Juli

1914 …….14/6

16/3

25 –

22/3

‘) Per zeilschip.

Overige noteeringen per ton van 1015 K.G.

RIJN VAART.

Week van 18 tot 25 Maart 1918.

De toevoeren naar de laadhavens aan de Ruhr zijn de
vorige week allesbehalve gestegen. Indien niet tengevolge van het steeds vallende water in den Rijn, zoowel als in de
aflaadhavens, alsook in de Jaadplaatsen van het Rhein-
Herne-Kanaal, het gebrek aan scheepsruimte zich geducht
had doen voelen, zou de toevoer zeer zeker belangrijk heb-
ben moeten stijgen. Cauber Pegel is inmiddels op 1.30 Meter
gevallen.
Alle schepen moeten nog steeds zeer vlot worden afge-
laden, terwijl de naar den Boven rijn onderweg zijnde s’chepen
te St. Goar moesten worden gelicht om hunne bestemming
te bereiken.
De vrachten bleven onveranderd en ‘worden nog steeds
met Mk. 4.— naar, Mannheim genoteerd. De sleeploonen
varieeren tusschen 18 en 19 Pl.
Voor sleeploonen van Rotterdam naar de Ruhrhavens
was geen noteering, aangezien de Nederlandsche Regeering
nog geen Nederlandsche schepen naar Duitschland uitliet.
De vaart naar Duitschland was dientengevolge geheel gestremd.

ADVERTENTIËN

NEDERLANDSCHE GRONDBRIEFB

ANK

HEERENGRACHT 495, AMSTERDAM

5

pCt. Obligatiën (Grondbrieven)
Beer.

Gecertificeerd door de Centrale Trust-Compagnie

Verkrijgbaar in atukken van
/
2500,—,
f 000,—,
f
500,— ‘en
/
100,-
op elk goed effectenkantoor

Ten behoeve van een Naamlooze Vennootschap voor den

Aankoop van Bouwmaterialen

eventueel op te richten door de Gemeenten Amsterdam, ‘s-Graven-
hage en Utrecht, het Rijk (Dep. van Waterstaat) en de Vereeniging

van Nederlandsche Gemeenten en te vestigen te ‘s-Gravenhage,
wordt een

DIRECTEUR

gezocht. Voorwaarde nader overeen te komen.

Sollicitatiën, uitsluitend schriftelijk, te richten aan den Wethouder

van Openbare Werken van ‘s-Gravenhage, Stadhuis, Afd.
0. W. III.

Bezoeken wrden alleen afgewacht na uitnoodiging.

KONINKLIJKE

HOLLANDSCHE

LLOYD

AMSTERDAM

Geregelde

Passagiers- en Vrachtdienst

met nieuwe, moderne

post- stoomschepen

TUSSCH EN

AMSTERDAM

EN

ZUID-AMERIKA

VIA

NEW YORK.

r]

280

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

27
Maart 1918

‘HAARLEMSCHE BANKVEREENIGING

HAARLEM, AALSMEER, BEVERWIJK, BLOEMENDAAL, EDAM, RILLEGOM, HOOEDDORP,

LEIDEN, LISSE, IJMUIDEN, ZANDVOORT.

Volgestort Kapitaal 13.050.000,—

Reserve f712.500,-

„Internationa1eBank”

voor Zakelijken Waarborg
NAAMLOOZE VENNOOTSCHAP

TE GRON 1 NGEN
Wester-Suikerrallinaderj

Geeft
5
%
PANDBRIEVEN
uit in stukken van
AMSTERDAM’

f1000 en f500 tegen den koers van97
%
GROOTSTE RAFFINADERIJ

FRIES011-GROI1IGSCllE HYPOTHEEKBANK

IN NEDERLAND

AANDEELENKAPITAAL
f
2.500.000

HYPOTHEKEN
±
f
31.500.000.
Levert de mooiste Suiker,

omdat haar zuiveringsver-
RESERVES
…..
ruim

1.000.000

PANDBRIEVEN
±
.31.500.000
mogen het grootst is.

Produceert behalve alle soorten
Melis-

suiker
en
Ba8terd8:

VERKRIJGBAAR:

40/

â

9.1
0/0
pandbrieven

Cristallen,

groote. en

kleine,

Klont jes

(Cube), Theeklontjes, Cruahed (brokken)
Tabletien, Brooden, Poedervuiker, fijne
duikers voor Vruchten gebruik, ene, ene.

4
1
/2
0
/0pafidbrieven a 990/0

VAN

DEN BERGHS,
UmITED

Margarine-Fabrikanten, Rotterdam

DE GRONINGER BANK

Groningen, Winschoten, Stadskanaal, Wilder-

______
vank, Sappemeer, Deifziji, Emmen, Veendam

en Ter Apel
(Firma
TIMMERMAN
fi
SASSEN)

Kapitaal
/
6.000.000,— Geplaatst en gestort! 4000.000
1

Reserves
/
401.498,23

$&oorteenbouw”
VERRICHT ALLE
BANKZAKEN’

Belast zich met het incasseeren van wissels op
binnen-

en
buitenland

Pletterij, voorheen L. I. Enthoven
&
Cie

Delft

Wissels, Veerwissels, Goederenwagons, Draaischijven,

Bruggen, Kappen en Gebouwen, Tanks, Aanlegsteigers.

ZWAAR EN LICHT SMEEDWERK
EN
PERSWERK.

Auteur