Ga direct naar de content

Jrg. 18, editie 923

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: september 6 1933

0 SEPTEMBER 1983

AUTEURSRECHT VOORBEHOUDEN.

Económi
*sch~
,
Statistischie

Benéhten

ALGEMEEN WEEKBLAD VOOR HANDEL, NIJVERHEID, FINANÇIËN EN VERKEER

ORGAAN VOOR DE MEDEDEELINGEN VAN DE CENTRALE COMMISSiE VOOR DE RIJNVAART

UITGAVE VAN HET NEDERLANDSCH ECONOMISCH INSTITUUT

18E
JAARGANO

WOENSDAG 6 SEPTEMBER 1933

No. 923
NEDERLANDSCII ECONOMISCH INSTITUUT.
Curatoren: Mr. 0. Vissering, Voorzitter; Ir. A. Plate, Onder-
Voorzitter; C.. H. van der Leeuw, Penningmeester; jhr. W.
W. van Lanschot; Mr. L. J. A. Trip; E. D. van Walree.
Directeuren: Prof. Mr. F. de Vries; Prof. Dr. N. J. Polak;
Prof. Mr. Dr. G. M. Veri-ijn Stuart, Directeur-Secetaris.

ECONO3IISCH-STATISTISC IIE BERICHTEN.
COMMISSIE VAN ADVIES:

Prof. Mr. D. van Blom; J. van Ilasselt; Jhr. Mr. L. H. van
Lennep; I!r. K. P. van der Mandele;
Prof.
Dr. N. J.
Polak; Mr. Dr. L. F. H. Regout; Dr. E. van Welderen
flaron Rangers; Prof. Mr. H. R. Ribbius; Jan Schilthuis;
Prof. Mr. F. de. Vries.
Gedelegeerd lid: Prof. Mr. Dr. G. M. Verr2jn Stuart. Redacteur-Secretaris: Dr. H. Al. R. A. van der Vaik.
Secretariaat: Pieter de Hoochweg 122, Rotterdam.
Telefoon Nr. 35000. Postrekening 8408.

Advertenties f 0,50 per regel. Plaatsing bij abonnement
volgens tarief. Administratie van abonnementen en adver-
tenties: Nijgh d van Ditmar N.V., Uitgevers, Rotterdam,
Amsterdam, ‘s-Gravenhage. Postchèque- en giro-rekening No.
145192.

Abonnementsprijs voor het weekblad franco p. p. in
Nederland f 20,—. Buitenland en Koloniën f 23,— per
jaar. Losse nummers 50 cents. Economisch-Statistisch
Kwartaalbericht f 1.—. Leden en donateurs ontvangen
het weekblad en het Kwartaalbericht gratis en een reductie
op de verdere publicaties.
Aangeteekende stukken: Bijkantoor Ruigeplaatweg.

5 SEPTEMBER
1933.

De nadering van de maandswisseling en hernieuw-
de inflatiegeruchten in Amerika, tot uiting komend
in een verdere daling van Dollar en Pond, hadden
een verstijvenden invloed op de geidmarkt. Particulier
disconto steeg daardoor in enkele dagen van
34
pOt.
tot 1
1
1s â
l/io
pOt. en caligeld liep op van
34
tot
1 pCt. De geidbehoefte voor de maandswisseling was
echter tenslotte veel geringer dan aanvankelijk ver,
wacht, zoodat weder spoedig het aanbod van geld
overwegend werd en de koersen terugliepen. Gisteren
was caligeld weder voor
34
pOt. verkrijgbaar, terwijl
wissels voor 78 pOt. plaatsing vonden. In de prolon-
gatierente kwam geen verandering. De noteering was
1 pOt.; meestal nominaal.

* *
*

Op den weekstaat van De Nederlandsche Bank
blijkt de post binnenlandsche wissels met
f
2,9 mil-
lioen te zijn gedaald;

de beleeningen vertoonen een
teruggang van
f
364.000. Het voorschot aan het
Rijk, dat de vorige week nog

f
3,7 millioen bedroeg,
heeft plaats gemaakt voor een tegoed in rekening-
courant van
f
10,4 millioen. Degoudvoorraad is deze
week met
f
437.000 toegenomen; de voorraad zilver liep daarentegen met
f 1,1
mi’lli6en terug.
Onder de passiva der Bank breidde de biljetten-

• circulatie zich met
f
16,9 millioen uit. De saldi in rekening-courant van anderen liepen daarentegen
met
f
35,7 millioen terug, zoodat, de reeds vermelde
toeneming van het tegoed van ‘s Rijks schatkist in
aanmerking genomen, de daling van het totaal der
saldi
f
25,3 millioen bedraagt. Het beschikbaar me-
taalsaldo is met
f
2,6 millioen toegenomen; het dek-
kingspercentage bedraagt nagenoeg 81 pOt. evenals
1e vorige week.
* *
*

– Op de wisselmarkt blijft de flauwe houding van
het Pond nog steeds de aandacht trekken. Sinds eeni-
gen tijd heeft de contrôle te Londen den Franschen
Franc losgelaten; het gevolg was daling van het Pond
‘en stijging van den Franc (81.60-80.50). Men was
onbekend met de redenen, welke hiertoe geleid had-
den en sprak er zelfs van, dat de middelen tôt steun
zoozeer waren geslonken, dat men niet langer kon
opereeren. Nu is er echter gebleken, dat in Amerika, waar de handel in deviezen met het oog op kapitaal-
vlucht streng wordt gecontroleerd en waar dus
vreemde valuta voor kapitaalvlucht
moeilijk
te
krij-
gen is, in Ponden luidende effecten worden gekocht.
Deze worden in Londeu weder gerealiseerd en voor
de opbrengst daarvan koopt men Fransche Franes.
Het is dus achteraf heel verklaarhaar, dat de Engel-
sche autoriteiten voor deze Amerikaansche operaties
haar middelen niet beschikbaar willen stellen. De
/€ noteering veranderde maar weinig en bleef rond
:de 4.55. Hier liepen Ponden verder achteruit – 7.91
—7.80, maar sloten iets vaster 7.85. Dollars bleven
et eenige schommelingen aan den flauwen kant:
1.73-1.71%-. Marken waren gezocht en konden van
59.05 tot 59.20 verbeteren. Register-Marken waren
dooreengenomen hooger en konden enkele punten
hooger noteeren. Fransche Francs waren natuurlijk -hooger 9.71-9.73%, slot 9.72. Belga’s 34.60-34.69
—34.62. Zwitsersche Francs veranderden uiteindelijk
maar weinig: ca. 47.97. Lires handhaafden zich rond
de 13.08. Peseta’s ongeveer 20.70. Scandinavië met
:het Pond lager: Kopenhagen 34.80, Oslo 39.40,
Stockhom 40.50. Finsche Marken 3.45. Canadeesche
Dollars 1.65. Yen zakken steeds verder in: 47. Rupees

‘59.50.

Nadat er in het midden der week eenige vraag
naar Ponden op één- en drie-maanden was geweest,
-zijn gisteren de
termijn-marges
weder wat ingekrom-pen; slot % en 2% c. agio; tegenover de voorafgaan-
de week dus maar weinig verandering. Termijn ligt
iets vaster; het disagio is tot
34
en 1 p. terugge-
loopen.

Op de goudmarkt hier te lande
blijft
het rustig.
-De groote vraag, die te Londen tot uitdrukking komt,
maakt het voor de Nederlandsche handelaren nog
steeds zeer moeilijk mede te dingen. Gisteren noteer-
de men 1311-, wat op een Nederlandschen
prijs
van
ca.
f
1.654 uitkomt. Baren noteerden
f
1.649; Eagles
2.5034 en Sovereigns 12.22%.

694

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

6 September 1933

SUIKER ONDER HET CHADBOURNE-PLAN.

Het ziet er droevig uit met het Chadbourne-plan.

Zij,
die bij de aanvaarding van dit beperkingsschema, waarschuwden tegen het koesteren van heilsverwach-
tingen en die meenden, dat de opzet tot mislukking
gedoemd was, hebben gelijk gekregen. Er is niets be-
reikt! Zelfs een tijdelijk suikertekort met als gevolg hoogere prijzen, dat mogelijk werd geacht, is uitge-
bleven. In den tijd van de aanvaarding van het plan
noteerde witte kristalsuiker loco Rotterdam/Amster-

dam
f
5,75 per 100 KG., de VISP verkocht toen op

Java superieure hoofdsuiker tot
f
6,25 á
f
6,374,

thans is de prijs in Nederland
f
5,25 en biedt de

NIVAS
01)
Java tot
f
5,75 aan met reducties voor

suiker, bestemd voor de Oostkust van Britsch-Indië

van 75 cent, voor de Westkust van
25
cent. De Java-

oogst werd voor 1934 beperkt tot pl.m. 500.000 ton;

in 1935 zal waarschijnlijk in het geheel niet worden

geoogst.
Cuba is er niet beter afgekomen. Daar is de ellende
van de bevolking zoo hoog gestegen, dat een revolutie

voor wat afleiding zorgen moest. Nu zal een nieuwe
Regeering probeeren het beter te doen dan de vorige.
De President echter, die na het herstel van de rust
in functie trad, zal de suikerprijzen niet kunnen ver-
beteren; het staat dus te vreezen, dat het hem zal
gaan als zijn voorganger en dat hij er over eenigen

tijd uitgegooid zal worden.
Java en Cuba lijden onder hetzelfde euvel. De

natuurlijke afzetgebieden van deze landen geven de voorkeur aan eigen suiker hoven goed en goedkoop
vreemd product. Daartegen is geen remedie. Al beta-
len de verbruikers ook nog zulke hooge prijzen, dat
geeft niets voor de wereldmarktnoteering, want deze
wordt gedrukt door de zware rechten. Al zouden de
consumenten ook nog zoo graag wat meer willen ver-
teren, dat geluk wqrdt hun niet gegund, daar de
prijzen te sterk den invloed van tarieven en accijn

zen ondervinden. Men moet geduld hebben tot de
toestanden zdS waanzinnig worden als ze bij tarwe
geworden zijn. De invoerlanden moeten hun produc-
ties eerst uitbreiden tot er een teveel is en uitvoer
noodzakelijk wordt; dan voelen de Regeeringen zich
gedwongen uitvoerpremies te betalen om de boeren
te beschermen tegen de ondragelijke exportverliezen

en het spel der dwaasheden is volmaakt. Men sluit
het buitenlandsche product uit door invoerrechten,
maakt deze prohibitief, zoodat geen sou belasting
wordt ontvangen, men laat daarna de belastingbeta-
iers, die gedwongen worden dure producten van het land te verbruiken, nog premies betalen om die pro-

ducten hoog in prijs te houden.
Zoover komt het met suiker waarschijnlijk over
niet te langen tijd en er is een zwakke kans, dat een
wereldconferentie dan een matig succes hebben zal.
1-let is ook mogelijk, dat het tegen dien tijd de hoog-
ste economische wijsheid zal zijn om producten alleen
voort te brengen in landen, die, daartoe het minst ge-
eigend zijn, en dat wij hijv. in Nederland in broei-
kassen koffie, thee en riet planten, terwijl wij ons in
koelhuizen op Java toeleggen op de teelt van bloem-
bollen, boerenkool en suikerbiet. Wij zullen dit ideaal
der autarkisten niet zonder schokken bereiken. Stel-
lig zal op den weg erheen Amerika zoo nu en dan
boos worden en economische stellingen omtrent af-
schaffing van handelsbelemmeringen poneeren. Zoo
deden althans de vertegenwoordigers van dit land op
de tarweconferentie in Londen en daar bereikten ze
eenig resultaat door met dumping te dreigen als de

INHOUD.

Blz.

SUIKER ONDER HET CHADBOURNE-PLAN
door
Th. Lighart 694

De wijziging van cle Crisis-invoerwet door
Prof.
Air. Dr.

G.
M.
Verrjn Staart ………. . ………………. 606

De econoniisclie betee.kenis van de moiiopolierecliteii
(I[)

granen door
Ir. Â. Baars

……………………697

De positie der Nederlandsclie kunstzijde-iudustrie
01)
de

wereldmarkt ………………………………..
698

BUITENLANDCilK MEDEWERKING:

i)e Duitsche grootbanken in
1932
door Dr.
ii. C.

Strohinayer …………………………….
700

AANTEEKENINGEN:

Snelle ontwikkeling
van
de .Biitsch-indische suiker-

industrie ………………………………
703

Ï{otterdam in liet eerste halfjaar van 1933 ……..
704

De invloed van cle depreciatie
op
de productie van

geraÏfineerde metalen ……………………..
704

STATISTIEKEN EN OvERZICHTEN
…………….
705

710

Geidkoerseri. – Wisselkoersen. – Bankstaten. – Goederenhandel.

verworden wereld niet in wilde zien, dat het rationeel
is de goede tarweproducenten een aandeel in de pro-
ductie te laten behouden. Het is typeerend, dat dit
zoo krachtig betoogd worden moest, maar wij zijn nu eenmaal afgedwaald van de economie onzer vaderen;
vrjhandelaren pleiten tegenwoordig voor tarieven en
het protectionistische Amerika begint aan den lijve
te voelen, dat protectie ook wel nadeelen hebben kan.
Helaas, ziet mn daar cle nadeelen nog maar alleen,
als ze heel duidelijk naar voren treden en als men
er zelf de directe dupe van wordt. De stellingen, die
er voor tarwe gelden, worden er voor suiker ge-
negeerd.

Amerika breidt zijn bietenaanplant voortdurend uit
en zorgt er bovendien voor, dat de door hem be-
schermde rietlanden elk jaar meer voortbrengen.
Waar dus de goede suikerproducenten zicl door den
Amerikaan Chadbourne lieten verleiden een sterke
beperking toe te passen, zorgde Amerika voor de ver-
vanging van de uitvallende goedkoope suiker door
dure. De cijfers in de onderstaande tabel zijn daar

om dit te illustreeren.

Cuba heeft door deze politiek een flink deel van
zijn normalen afzet verloren en het land is gedwon-
gen met zijn overschotten de wereld af te zoeken om koopers te vinden. Velen van die koopers zijn echter
door den hesmetteljken autarkie-waan bevangen en

willen zoo weinig mogelijk suiker importeeren. Zij
willen voortbrengen, al zouden zij aan elk pond suiker
de waarde van tien ponden tot wereldmarktprijs ver-
liezen. Engeland bijv., een dure producent, breidde
zijn aanplant h.ieten met 33 pOt. ui en kwam zoo
39 pOt. boven het gemiddelde van de jaren 1927-

1931.
Daartegenover paste de goedkoope producent Java
een restrictie toe van 52 pOt. ten opzichte van het
jaar 1931/’32 en van 50 pOt. ten opzichte van het

gemiddelde over 1926/’27-1930f’31 en zal, zooals
hierboven gemeld, voor 1934 en 1935 nog tot veel
krachtiger beperking overgaan. In ronde cijfers liep
de opbrengst daar nu reeds van 2.700.000 ton tot
1.400.000 ton, dus met 1.300.000 ton, terug. Britsch-Indië, veilig werkende achter een hoogen tariefmuur,
verhoogde haar productie met 17 pOt. ten opzichte
van het vorig jaar en met 54 pOt. ten opzichte van

Productie in tons.
Enlandsche
. .
Maagden-

Jaar
bietsuiker
:Lonisiana
Florida

Portorico
Philippijnen
H4waii
eilanden
Totaal

1928/’29

……
938.000
118.000

530.000 741.000
844M00
4.000
3.176.000

1929f’30
902.000 178.000

773.000
774.000 826.000
6.000
3.419.000

1930/’31.

……
1.076.000 164.000
24.000

703.000 782.000
890.000
2.000
3.640.000

1931/’32

……
1.025.000 140.000
21.000

886.000
983.000
915.000
4.000
3.975.000

1932/’33

……
1.207.000
.199.000
32.000

750.000
1.146.000 900.000
5.000
4.239.000

6 September 1933

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

695

de periode 19261’27-1930f’31. Dit beteekent een toe-
name van rond 3.100.000 ton tot 4.700.000 ton dus
van 1.600.000 ton.
Wat beteekent onder die omstandigheden Java’s
beperking? Zij wordt alleen door Britsch-Indië al
meer dan ongedaan gemaakt.
Thans zou een beschouwing over het grove nadeel,
dat door de in het kort beschreven suikerpolitiek aan
de welvaart van onze noodlijdende wereld wordt toe-
gebracht, op haar plaats zijn. Belangstellende lezers
kunnen die echter wel zelf opstellen en dan daarbij
met begrijpelijke ironie denken aan de wijze les door
President Roosevelt dezer dagen in een radiorede uit-
gedeeld, dat men bij elke daad, die men verricht, moet
bedenken of men er ook een buurman mee zou kun-
nen schaden.
* *
*

Cuba en Java, de suikerproducenten bij uitnemend-
heid,
blijken
de volle last te moeten dragen van den
chaos op de suikermarkt. Zullen zij daaronder bezwij-
ken of zullen ze zich weer oprichten?
Hoopvdl ziet de toekomst er niet uit!
Beide landen hebben groote voorraden, waarvoor
zij geen afzet kunnen vinden. Het is menschelijk, dat
onder deze omstandigheden een groeiende ontevre
denheid is ontstaan, die in Cuba tot een uitbarsting
leidde en op Java tot klachten over de NIVAS. Toen
men daar de VISP vervangen had, kreeg men hoop
daarmede ook de grootste moeilijkheden verdreven te
hebben. Men verwachtte, dat de verkooppolitiek een
geheel andere zou worden, dat de NIVAS de markt
zou volgen, waarbij minder aandacht aan den prijs
dan aan de vermindering der voorraden zou worden
besteed. Niet ten onrechte had men de VISP ver-
weten, dat ze achter de markt had aangeloopen en
herhaalde malen had getracht door onthouding de
prijzen ten goede te beïnvloeden. Nu de afzet weer
slecht gaat, hoort men vragen, of de NIVAS zich ook
op zulke speculatieve banen gaat begeven. Er schijnt
geen aanleiding te bestaan om deze vraag bevestigend
te beantwoorden. Nog zeer onlangs verlaagde d
NIVAS haar limites, maar ze bereikte daardoor geen
nieuwe koopers. Men mag aannemen, dat zij voort-
durend voeling met de markt houdt om na te gaan
op welk niveau vernieuwde verkoopen mogelijk zou-
den zijn. Voor den buitenstaander is het gemakkelijk
te decreteeren, dat desnoods tot eiken prijs verkocht
moet worden, maar men vergeet, dat dan de prijs
tot het nulpunt omlaag gedrukt zou kunnen worden,
ja, zelfs tot een prijs, die de opslag- en verladings-kosten niet op zou brengen, dus practisch beneden
het nulpunt. Men kan de afname niet onder alle
omstandigheden forceeren, en de suikermarkt is z66
flauw, dat het thans gevaarlijker is de vraag véér te
zijn, dan haar af te wachten.

Men moet echter door de voorraden heen! Dat de
NIVAS dit inziet, blijkt uit haar plan om in 1934
niet te planten. Dit is een hardé maatregel, die wel bewijst, dat men tot groote opofferingen bereid is,
dus dat men stellig geen bezwaar zou hebben tegen
een zwaarder verlies op de voorraden, als men deze
daarmee spuien kon.

Intusschen mag men wel bedenken, dat sluiting
van een fabriek volstrekt niet beteekent, dat ze na
een jkar veer heropend worden zal. De groote vraag
blijft: wat zullen in de komende jaren de afnemers
van het Javaproduct doen? Gaat Britsch-Indië voort
haar productie in het huidig tempo op te voeren, dan
zal dit land spoedig zoover zijn, dat import overbodig
is en dat uitvoer noodzakelijk wordt. Het komt dan
in de positie, waarin Frankrijk met tarwe is aahge-
land, het zal voor de keuze komen te staan uitvoer-

premies te betalen aan de producenten of de prijzen
door onderlinge binuenlandsche concurrentie te laten
dalen tot een niveau, waarop de met kunst en vlieg-
werk in het leven gebrachte en gehouden industrie
niet kan bestaan.

Men sluit te gaarne de oogen voor het gevaar, dat
Britsch-Indië het punt van zelfgenoegzaamheid voor
suiker bereiken zal en vergeet daarbij, dat in onzen
anti-economischen tijd niets te dwaas is om waar te
worden.
1)
De hooge tariefmuren bestaan nu eenmaal,
de industrie is als onkruid opgeschoten en men zal
de tarieven voorloopig niet verlagen, omdat men
daarmede het tegennatuurlijke product, dat men ge-
fokt heeft, zou vernietigen. Eerder zullen de invoer-
rechten stijgen, daarbij bescherming gevende aan een
steeds grootere industrie en terwijl Java een jaartje
rust neemt om de voorraden van zich af te wentelen
zal het aloude afzetgebied verdwijnen. Dit beteekent niet, dat men dus maar doormalen moet, maar alleen
dat men zich geen illusies mag maken omtrent het
resultaat van het stilliggen.
Zoolang de wereld niet tot bezinning komt, moet
men er rekening mee houden, dat een groot deel van
het aangewezen afzetgebied voor Java gesloten blijft,
dat Japan, Britsch-Indië en Australië steeds minder
zullen koopen en dat slechts een zwakke hoop geves-
tigd mag blijven op het chaotische China. De uitvoer
van Java zal dus blijvend verkleind moeten worden
en het liquidatie-proces, dat reeds aangevangen is,
zal noodwendig voort moeten gaan. In de laatste
naaanden failleerde één fabriek en werden een viertal
tot liquidatie gedwongen; dit is slechts een begin,
er moeten nog vele volgen. Natuurlijk zal de geheele industrie niet vernietigd worden en een kern zal blij-ven bestaan. Om dit te bereiken zal men echter nieu-
we afzetgebieden moeten vinden, die de aloude ge-
deeltelijk kunnen vervangen. Dit is een moeilijk
vraagstuk, want de suiker, die zich verder van huis
zal moeten begeven, krijgt zwaardere vrachten te
dragen en moet in concurrentie treden met produc-
tielanden, die hun natuurlijk afzetgebied verdedigen.
Daarenboven zullen noodwendig Java en Cuba elkaar
hier en daar ontmoeten, wat tot scherpen, strijd aan-
leiding geven kan.
De witte Javasuiker is voor Europa niet geschikt
en moet daar nog een keer omgesmolten worden. Men
heeft echter een procédé gevonden om op Java raffi-
nade te maken. Dat is een winst; maar men vergete
niet, dat deze suiker vermoedelijk plaatsing op de
Europeesche markten zal moeten zoeken. Daar zal ze
veelal stuiten op speciale rechten op geraffineerde
suiker en bovendien moeten
strijden
tegen Europee-
sche suikers, die goed worden beschermd. De bieten-cultuur zal zich waarschijnlijk na een korte inzinking
in Europa weer gaan uitbreiden en de hoeveelheid
suiker, die geïmporteerd moet worden zal dan weer dalen. Toch is het nieuwe product een uitkomst, het
versterkt eenigszins de positie van Javasuiker. Het
is dan ook noodig om de fabricage van raffinade te
bevorderen, opdat de afzetmogelijkheid stijgt, wat
alleen reeds gebeurt door het feit, dat één soort meer
ter markt kan worden gebracht. Het klinkt dan
ook bevreemdenci, dat de NIVAS volgens binnen-
komende berichten de productie van raffinade niet
bevordert.

Men zal zich in de komende moeilijke
tijden
ook
wel weer gaan toeleggen op het verwerken van afval-
producten. Het valt echter te betwijfelen, of op dit
gebied ve(-1 te bereiken zal zijn. Ampas verwerken tot
veevoer heeft weinig zin in een tijd van lage vee-
voerprijzen, de alcoholindustrie is in Indië al nood-
lijdend en het zou geen wonder zijn, als animo tot
uitbreiding ontbrak, men kan echter zoeken of er
nieuwe mogelijkheden zijn. Men heeft hier te doen
met kleine middelen, die de suikerindustrie niet zul-
len kunnen redden; zij zullen echter eenige verster-king geven. Men mag geen kans verwaarioozen om

1)
Nadat bovenstaand artikel
tet
pelse was, verscheen
,,The Economist” van 2 September met de mededeeling,
dat volgens een of ficiëele berekening Britsch-Indië in 1936
voor suiker self supporting” zal zijn. Th. L.

Men zie hierover de aanteekening in dit nummer (Red.).

althans een deel van het eens zoo bloeiende bedrijf
in stand te houden, in de hoop, dat binnen afzien-
haren tijd de geesten in deze wereld weder verhelderd
zullen worden, of dat de feiten tot het verlaten van
de verderfelijke autarkische politiek zullen dwingen.
Dan kan Java weer herrijzen, want dan herkrijgen
wetenschappelijke leiding, organisatie, vruchtbare
bodem, gunstig klimaat etc. weer normale waarde.
* *
*
Laten zij, die het suikerdrama volgen, zich ervan hewust blijven, dat het niet een op zich zelfstaande
gebeurtenis is, doch eau onderdeel van den econorni-
schen ondergang, waaraan gestaag overal wordt ge-
werkt. De dwaasheden, die de Java en Cuba suiker-
industrieën voor een groot deel vernietigen doen haar
satanisch werk op vrijwel elk gebied en Nederland is
allang niet meer een nuchter en onschuldig toe-
schouwer. Th. L.

DE WIJZIGING VAN DE CRISIS-INVOERWET.

Het d.d. 18 Augustus ji. door de Regeering inge-
diende wetsontwerp tot wijziging der Crisis-invoer-
wet en de daarbij behoorende toelichting wekken ge-
mengde gevoelens. Naast bepalingen, die – gegeven
het feit, dat men in de huidige, abnormale omstan-
digheden meent het contingenteeringssysteem niet te
kunnen ontberen – zeker een verbetering beteeke-
nen, zijn er andere, die minder behaaglijk aandoen.
Dit laatste geldt tevens enkele passages in de Memo-rie van Toelichting.
De wijziging heeft vooreerst de strekking om aan
cle Regeering meer vrijheid
te geven ten aanzien van
de basis der contingenteering. Deze wensch is begrij-
pelijk. Het huidige contingenteeringssysteem met
evenredige aandeelen voor de onderscheiden invoer-
landen op basis van den invoer in de laatst vooraf-
gaande jaren leidt onvermijdelijk tot een zekere ver-starring der internationale handelsbetrekkingen, het-
geen in een zeer dynamischen tijd, als waarin wij
leven, slechts bedenkelijk kan worden geacht. Zoowel
belangen van den consument, die gebaat is bij goed-
koopen invoer en wiens belangen geschaad worden
wanneer bepaalde contingenten den importeur belem-
meren daar te koopen, waar zulks voor ons land op
de beste wijze kan geschieden, als ook de verhouding
tot andere landen, die in zeer
ongelijke
mate onzen
uitvoer benadeelen en tegenover welke onder bepaal-
de omstandigheden een zekere discriminatie voordee-
lig voor ons land kan zijn, eischen een soepeler stel-
sel dan dat van de thans vigeerende wet.
De vraag, waarop het in dezen echter v66r alles
aankomt, is de wijze, waarop het nieuwe stelsel zal
worden toegepast. De bedoeling van de wet blijft vô6r

en
na het weren van
overmatigen invoer.
Bij de om-
schrijving van dit begrip volgt de Regeering ver-
schillende criteria, die van zeer ongelijke waarde zijn.
Wij zullen deze achtereenvolgens even nader be-
schouwen.
In de eerste plaats ,,zal bij het vaststellen van het-
geen overmatige invoer is, mede rekening gehouden
moeten worden met den invoer in een voorafgaande
periode, toen de gevolgen van de verstorende import-
belemmeringen in het buitenland nog niet merkbaar
waren en valutadepreciatie practisch niet bestond”.
Wat de belemmering van den invoer in het bui-
tenland met overmatigen invoer hier te lande te
maken heeft, is niet recht duidelijk. Voor zoover ech-
ter de hier aangehaalde passage uit de Meniorie van
Toelichting betrekking heeft op dumping en valuta-
concurrentie, is de gedachtengang begrijpelijker, al
blijft zich de
moeilijkheid
voordoen, dat de belemme-
ring van den invoer door contingeuteering steeds
willekeurig is en zich in dat opzicht bij de bestrij-

ding van dumping en valutaconcurrentie ongunstig
onderscheidt van een compenseerend invoerrecht.
Het tweede criterium voor de contingenteering
wordt als volgt omschreven: ,,Daarnaast speelt de
daling van de binnenlandsche koopkracht een groote

rol, waarmee bij de vaststelling van hoeveelheidscon-
tingenten rekening moet worden gehouden, terwijl
hij waardecontingenten eene prijseorrectie mede om
deze reden noodig is.”
Tegen dit criterium, hetwelk ook reeds onder de
oude wet werd gevolgd, moet bij voortduring ernstig
bezwaar worden gemaakt. Als in een tijd van depres-
sie de koopkracht in een land ten opzichte van be-paalde goederen afneemt en de producenten dezer
goederen dientengevolge afzetmoeilijkheden ondervin-
den, zoo getuigt het van een geheel verkeerde poli-
tiek, wanneer men in die omstandigheden tracht om
door invoerbelemmering den prijs der betrokken goe-
deren hoog te houden. Kostprijsverlaging met het doel
om het binnenlandsch debiet te behouden is in der-
gelijke gevallen nog steeds de aangewezen methode.
Daarvoor uit den weg te gaan door middel van af-
weer van buitenlandsche concurrentie is niet anders
dan zuivere protectie,
een doel, waarvoor de Crisis-
invoerwet te kwader ure door de Regeering is mis-
bruikt.
Te zouderlinger doet dit tweede criterium aan,
wanneer men bedenkt, dat juist deze Regeering, die
immers verklaard heeft den gouden standaard te wil-
len handhaven, alles in het werk zou moeten stellen
om aanpassing van alle onderdeelen van het prijsni-
veau bij de deflatorische laagtegolf te verkrijgen. Wat
de Regeering echter thans doet, is hinken op twee
gedachten: eenerzijds vasthouden aan een geldstelsel,
dat een druk op het kostenpeil en op de binnenslands
afgezette goederen onvermijdelijk maakt, en ander-zijds een groep van door haar hevoorrechte, voor de
binnenlandsche markt werkende producenten in de
gelegenheid stellen om op kosten van den binnenland-
schen consument aan het bij handhaving van den
gouden standaard noodzakelijk aanpassingsproces in
belangrijke mate te ontkomen. De consequentie in
deze politiek ontgaat ons. Wij kunnen, gelijk dcii
lezers van dit weekblad bekend is, voor de monetaire
politiek van deze Regeering na het mislukken der
Londensche Conferentie niet gevoelen; indien men
echter aan den gouden, standaard blijft vasthouden
en van eene o.i. rationeele correctie van de deflatie
langs monetairen weg niet weten wil, zoo zal men bij
de deflatié van de binnenlandsche koopkracht op
andere wijze aanpassing moeten zoeken dan door het
uitoefenen van een opwaartschen druk op den prijs van een aantal niet zonder willekeur gekozen arti-kelen, die op de minder koopkrachtige binnenland-
sche markt afzet moeten vinden.
Het derde criterium der Regeering bestaat volgens
de Memorie van Toelichting hierin, dat, ,,waar moge-
lijk, rekening gehouden zal moeten worden met ex-
portverliezen van de Nederlandsche industrie”.

Voor zoover dit beteekent, dat de producent bij
vermindering van export bescherming zal moeten
genieten op de binnenlandsche markt, zijn de be-
zwaren, welke tegen een dergelijk standpunt kunnen
worden geopperd, reeds in de kritiek op het tweede
criterium der Regeering vervat.
Intusschen is met dit derde criterium blijkbaar
nog iets anders bedoeld. De Regeering wenscht nl.
in de toekomst de contingenteering niet slechts te
gebruiken als middel tot bescherming van de binnen-
landsche markt, doch ook als retorsiemaatregel. De
politiek van evenredige contingenten zal worden ver-
laten en in de plaats daarvan zullen in het vervolg
eerst zekere algemeene minimum-contingenten wor-
den vastgesteld, waarna dan, al naar gelang der om-
standigheden en met bijzondere inachtneming van
de vraag, welke exportmogelijkheden een bepaalde
Staat aan ons land biedt, boven dit minimum spe-
ciale contingenten toegestaan zullen worden. Een
nieuw lid, toe te voegen aan art. 2 der Crisis-invoer-
wet, zal deze materie beheerschen en luidt als volgt:
,,Bij een besluit, als in het vorig lid bedoeld (d.i.
een contingenteeringsbesliut), kan Onze Minister
worden gemachtigd om boven de ingevolge het vorig

6 September 1933

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

697

lid bepaalde contingenten bijzondere contingenten
vast te stellen voor den invoer uit bepaaldelijk door
hem aan te wijzen landen. Voor den invoer op grond
van deze bijzondere contingenten kunnen door Onzen
Minister voorwaarden worden gesteld, welke dienen
ter bevordering van normale marktverhoudingen
binnenslands.”
De proportioneele minimuincontingenten zullen
uiteraard op een betrekkelijk laag niveau worden
gesteld. De Regeering acht ze echter noodzakelijk,
aangezien een vaststelling van de volledige contin-
genten voor ieder land afzonderlijk het gevaar van
al te groote verstoring van den handel met zich zou
brengen. Het wil ons voorkomen, dat ook het systeem
van minimum- en extra-contingenten zeer storend
zal werken; wij betwijfelen, of de optimistische toon,
ten dezen door de Regeering aangeslagen, in allen
cleele gerechtvaardigd is.
De extra-contingenten zullen gebezigd kunnen wor-
den als wapen in den handelspolitieken strijd. Zij
vallen dus binnen het kader der retorsie-politiek. De
onvoorwaardelijke meestbegunstiging zal er niet op
van toepassing zijn; de Regeering motiveert dit door
eene verwijzing naar het feit, dat ook andere landen
in hun contingenteeringspolitiek de meestbegunsti-
ging niet in acht nemen.
De contingenteering als onderdeel eener retorsie-
politiek zal een ruimere toepassing kunnen vinden
dan de maatregelen, waartoe de Retorsiewet de mo-
gelijkheid opent. Deze wet toch slaat slechts op de
gevallen, waarin geen handelsverdrag met meestbe-
gunstiging bestaat. De contingeuteering kan echter ook worden toegepast in gevallen, waarin zulk een
verdrag wèl bestaat.
De Regeering acht hiermee haar handelspolitieke
outillage voorshands voldoende. De praktijk zal, aldus
de Memorie van Toelichting, moeten uitwijzen, in
hoeverre dit het geval zal
blijken
te zijn. ,,In af-
wachting van die practische ervaringen meent de
ondergeteekende op dit gebied geen verdere voorstel-
len te moetendoen,” aldus Minister Verschuur in de
Memorie van Toelichting. –
Dat het hier in tegenstelling tot de Vrij beperkte
Retorsiewet gaat om een zeer belangrijke wijziging
van onze handelspolitiek, zal uit het bovenstaande
wel duidelijk zijn geworden. Uitermate ruime be-
voegdheid tot invoering van retorsiemaatregelen en
verlaten var de onvorwaardeljke meestbegunstiging,
zie daar de zeer ingrijpende koersverandering, waar-

om het hier gaat.
Wij behoeven na ons artikel over de Retorsiewet
J)

niet nogmaals op het gevaar eener handelspolitieke
strjdpolitiek voor ons nationale bedrijfsleven te wij-zen. Wanneer men bij deze politiek zekere, door ons
aangegeven beginselen in acht neemt en er inzonder-
heid voor zorgt, dat geen eerste levensbenoodigdhe-den en geen noodzakelijke en niet ook elders tot ge-
lijken prijs verkrijgbare grond- en hulpstoffen voor
het bedrijfsleven, het object van retorsiemaatregelen
worden, zijn onder bepaalde omstandigheden wellicht
voordeelen met retorsie te behalen. Men moet het
wapen echter alleen in handen geven aan eene Regee-
ring, die bereid is zich naar deze beginselen te ge-
dragen. Zulk een bereidverklaring hebben wij noode
gemist in de toelichting tot de Retorsiewet. Het-
zelfde moet helaas weder geconstateerd worden met
betrekking tot de aanhangige wijziging van de Crisis-
invoerwet. Niet zonder zorg moet daarom de toe-
komstige toepassing van deze wet worden tegemoet-
gezien, en zulks te meer, omdat reeds in het verleden
de toepassing niet vlekkeloos was.
Dit klemt te meer, omdat volgens de aanhangige
wijziging ook de wettelijke goedkeuring der contin-
genteeringsmaatregelen komt te vervallen. Slechts
een mededeeling van de getroffen maatregelen, ver-
gezeld van een toelichting, zal aan de Staten-Gene-
raal worden overgelegd.

‘) Zie Econ.-Stat. Ber. van 12 Juli ji.

Toegegeven zij, dat de bekrachtiging van contin-
genteeringsmaatregelen hij de wet in de praktijk dik-
wijls niet veel te beteekenen had en dat deze proce-
dure bovendien ietwat omslachtig was. Thans wordt
echter aan de Regeering alle macht in handen ge-
geven ten aanzien van een materie, waarvan het na
de gegeven toelichting en na de totdusverre opge-
dane ervaringen niet vaststaat, dat zij op de juiste
wijze zal worden geregeld. Maakte de Toelichting der
Retorsiewet reeds niet een ten volle bevredigenden,
hoewel toch altijd nog zeer gematigden indruk, in
de toelichting tot de wijziging der Crisisinvoerwet
komen passages voor, die getuigen van verkeerd economisch inzicht en die dus wantrouwen in de
toekomst alleszins wettigen. Daarom is het te be-
treuren, dat thans den Staten-Generaal wordt voor-
gesteld om het middel om de Regeering van een ver-
keerde gedragslijn te doen terugkeeren, uit handen
te geven. De Crisis-invoerwet zal veel gevaarlijker
kunnen zijn dan de in haar strekking meer beperkte
Retorsiewet; het in dze laatste wet neergelegde be-
insel van wettelijke bekrachtiging der te treffen
maatregelen mag daarom uit de eerste zeker niet ver-

dwijnen.
Te meer reden is er om de bekrachtiging van con-
.tingenteeringsmaatregelen bij wet te handhaven, om-
dat de Regeering voorstelt om de werking van de Crisis-invoerwet van 1 Januari 1935 tot 1 Januari
1938 te verlengen. Eene zoo aanzienlijke verlenging
valt te betreuren en is niet noodig voor de technische
uitvoering van het contingenteeringsstelsel. Het
moge te verwachten zijn, dat de huidige abnormale
omstandigheden nog wel geruimen tijd zullen aan-houden, zooals de Regeering opmerkt, met betrek-
king tot Crisiswetgeving kan niet genoeg worden
aangedrongen op beperking van den geldigheidsduur
daarvan. Het is veel beter zich de moeite van perio-dieke verlenging van crisiswetten te getroosten, zoo
dikwijls zulk eene verlenging gewenscht schijnt, dan
om ons economisch leven te lang te binden aan maat-
regelen, die slechts in tijden van nood te rechtvaar-
digen zijn, maar die verdwijnen moeten, zoodra zulks
maar eenigszins mogelijk is. G.
M. V. S.

DE ECONOMISCHE BETEEKENIS VAN DE
MONOPOLIERECHTEN OP GRANEN.

Door de oprichting der Graanceutrale, die het mo-
nopolie heeft van den invoer van alle granen, meel,
e.d. producten in ons land, heeft de regeering een
vèrstrekkende maatregel getroffen tot steun van den
landbouw. Niet de juridische zijde is hier belang-
rijk – omdat het in de bedoeling ligt vooralsnog in-
voervergunningen aan particulieren onbeperkt te
verstrekken en de staatsorganisatie
niel als kooper

of verkooper te doen optreden – maar de economische
zijde. Wij zullen hieronder trachten na te gaan in
welke mate deze steun zal kunnen worden verleend in verband met de grootte van den invoer en de met
granen bebouwde oppervlakte in ons land.
Het is niet mogelijk dit alles anders dan bij ruwe
benadering te schatten, omdat men natuurlijk niet
weet, op welke wijze de invoer zich onder de werking
dier monopolierechten zal ontwikkelen. Daarbij komt,
dat de praktijk in sommige opzichten restitutie der
hij invoer betaalde rechten wel noodzakelijk zal
maken. Nederland voert immers veel granen in, ter-wijl de uitvoer van onbewerkte granen practisch van
geen beteekenis is. Wij voeren echter wel belangrijke
hoeveelheden bewerkte granen uit, zoowel gepelde en
gebroken als vermalen, terwijl ons land in normale
jaren ook een belangrijk uitvoeroverschot van zeme-
len, voergries en voergrint had. Natuurlijk kan het nooit de bedoeling zijn door de
heffing van monopolierechten bij den invoer van
granen onze rijstpellerijen en meelfabrieken den
export van hun producten onmogelijk te maken. Wij
hebben daarom bij onze berekeningen aangenomen,

698

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

6 September
.
1933

dat de monopolierechten alleen zullen drukken op de
granen, die hier te lande worden geconsumeerd, maar
dat zij bij export der verwerkingsproducten in den
een of anderen vorm zullen worden gerestitueerd.
Schattenderwijze hebben wij bij onze berekeningen
aangenomen, dat de invoer van granen met 25 pCt.
zal verminderen, ten deele tengevolge van deze rech-
ten, ten deele ook door de stelselmatige inkrimping
van onzen veestapel, waarvan men eerst de laatste
maanden de eerste resultaten begint te bemerken.
Van dezen grondslag uitgaande komen wij tot de
volgende geschatte opbrengsten:
Tarwe, gedenatureerde rogge, maïs, gerst, rijst en meel of bloem daarvan. De invoer dezer produc-
ten, verminderd met de uitgevoerde hoeveelheden,
vnl. gepelde’ rijst en meel, bedraagt per jaar ca. 3,2
millioen ton. Natuurlijk is dit
cijfer
eenS gemiddelde,
want in- en uitvoer schommelen zeer sterk in ver-
band met de oogsten, zoowel in ons land als in andere
landen. Daar de monopolierechten hiervoor
f 1.-
per 100 KG. bedragen kan men dus de opbrengst der
rechten op ruim
f
30 millioen per jaar stellen.
Haver en gort met een monopolierecht

van

f
3.— per 100 KG. De invoer bedraagt ongeveer
120.000 toi:i per jaar, opbrengst der rechten ca.
f
3,5

millioen.
Ongedenatureerde rogge, waarvoor
f
4.— per
100 KG-. zal moeten worden betaald. Wij nemen aan,
dat deze niet meer zal worden ingevoerd, omdat onze
landbouwers in staat zullen zijn beneden den wereld-
marktprjs plus
f
4.— alle rogge te leveren, die in
ons land voor brood wordt gebruikt. Havermout met een monopolierecht van
f
8.-
per 100 KG. In 1933 is deze post voor het eerst in
onze invoerstatis.tiek afzonderlijk opgenomen,’ vroe-
ger was zij gecombineerd met haver-, maïs-, tarwe-
en rijstvlokken. Het is dus niet na te gaan, hoeveel
havermout er normalerwijze per jaar wordt inge-
voerd in ons land, en wij hebben daarom die hoeveel-
heid op 4000 ton geschat, ongeveer 40 pOt. van de
hoeveelheden van post 451 in vroegere jaren. De op-
brengst zal dan
f
320.000 bedragen.
Nemen wij hierbij nog in aanmerking den invoer
van griesmeel, stijfsel e.d. producten in allerlei vorm,
dan komen wij, bij vermindering van den import met
25 pOt., tot een geschatte opbrengst der monopolie-
rechten van nagenoeg f 26 millioen per jaar.
Een bedrag van deze orde van grootte zal dus ter
beschikking komen van het Landbouw-Orisisfonds.

Daarenboven zullen de
prijzen
op de binnenlandsche
markt stijgen, in verband met de monopolierechten,
die bij invoer worden geheven.
De tarweverbouwers ontvangen thans reeds den
richtprijs, die gehandhaafd wordt door de verplich-
ting tot meuging van binnenlandsche tarwe bij de
meelfabricage. De binnenlandsche prijs van brood-
rogge (ca. 100.000 ton) zal tot
f 4.—
boven den

wereldmarktprijs stijgen, dus tot boven
f
7.50 en

ongeveer den
prijs
bereiken, dien de boeren op veen-
koloniale gronden nu met den steun tezamen ont-
vangen. De haverprjs zal tot
f
6.50 per 100 KG. stijgen. Voor de overige granen zal de irjsstijging

slechts
f 1.—
per 100 KO. bedragh.
Ofschoon slechts een gedeelte van het in ons land
verbouwde graan verkocht wordt, en dit zeer veel
als veevoeder in het eigen bedrijf – wordt gebruikt, zullen wij voorloopig een oogenblik aannemen, dat
al het graan wordt verkocht.
Laten wij de tarwe buiten beschouwing, waarvoor

de verbouwers tengevolge van de Tarwewet reeds een
prijs ontvangen ver boven den wereldmarktprijs, die
als loonend wordt beschouwd, dan zullen de rogge-
boeren, die niet door de Roggesteunwet 1933 worden
geholpen, voor ca. 300.000 ton rogge bijna
f
6 mil-
lioen gulden meer ontvangen dan thans. (De totale
roggeproductie is door minister Verschuur op
400.000
ton geschat, waarvan 100.000 ton onder de
bovenvermelde steunwet viel). De haverproductie be-

draagt eveneens ongeveer 300.000 ton, hetgeen dus
een meerdere opbrengst van bijna
f
9 millioen geeft.
1)e productie van gerst en andere granen is gering,
bedraagt slechts ca. 70.000 ton. Door de prijsstijging
zouden de Nederlandsche landbouwers derhalve
f
15
millioen meer ontvangen dan bij de huidige prijzen
en de bestaande steunwetten. Waar slechts een deel
– naar schatting één derde – van al het graan
wordt verkocht, en twee derden in het eigen bedrijf
als veevoeder wordt gebruikt,
bedraagt het werkelijke
voordeel voor onze landbouwers tengevolge van de prijsstijging dus ca. f 5 millioen.
Zooals uit de hooge monopolierechten op haver,
die bijna 60 pOt. van den wereldmarktprijs bedragen,
blijkt, ligt het niet in de bedoeling den verbouw
van haver nog financiëel te steunen. De prijsstijging

van dit graan, die door de monopolierechten zal
worden veroorzaakt, kan ook inderdaad als een vol-
doende steun aan de verbouwers worden beschouwd,
die haver voor verkoop teelen. Men dient ervoor te
waken, dat de verbouw van haver niet te sterk wordt
uitgebreid, want wij voeren in normale jaren onge-
veer een derde tot een vierde van de verbruikte
haver in, zoodat te sterke uitbreiding van de haver-
cultuur het. gevaar van een overschot zou opwekken.
Alleen de verbouwers van rogge en gerst komen
dus voor steun in aanmerking, de eerste evenwel voor
zooverre zij geen rogge voor menschelijke consumptie
verkoopen, die voldoende in prijs is gestegen om
de productie loonend te maken. Het gaat dus om een
hoeveelheid granen van rond 400.000 ton, waarvoor
steun van ca.
f
30 á
f 40
per ton noodig is. Het
hiervoor benoodigde bedrag is dus kleiner dan het
door ons berekende van ca.
f
26 millioen, dat aan
monopolierechten zal binnenkomen. Het ligt voor de
hand te veronderstellen, dat deze reserve zal worden
gebruikt om die takken van veeteelt schadeloos te stellen, die het zwaarst door de monopolierechten
worden getroffen. De monopolierechten zullen in
de eerste plaats op de vee- en pluimveeteelt druk-
ken. Van de ca.
f
26 millioen zullen
f
13,5 millioen
worden opgebracht door rechten op maïs. en haver,
die uitsluitend voor veevoeder worden gebruikt, ter-
wijl bovendien ca. de helft van de ingevoerde tarwe
ook voor dit doel wordt aangewend, hetgeen nog-
maals een bedrag van
f
2 millioen geeft, dat door
de veeteelt in eerste instantie moet worden betaald.
Tenslotte wordt. de gedenatureerde rogge en het
grootste deel van de gerst ook voor veevoeder ge-
bruikt, zoodat van de
f
26 millioen ca.
f
20 millioen als belasting op veevoeder moeten worden beschouwd.
Neemt de invoer dezer granen af, dan beteekent dit
geen verlichting voor de veeteelt, omdat zij dan bin-
nenlandsche granen zal moeten koopen tegen de
wereldmarktprijzen plus monopolierechten.

Doordat binnenlandsche granen, in de eerste plaats
haver, duurder worden, zal aan hinnenlandsch graan,
dat als veevoeder wordt gebruikt, ca.
f 10
millioe
meer betaald moeten worden dan thans. Van de
f
55
millioen steun aan de graanverbouwers wordt dus
in eerste instantie ca.
f 37
millioen, of twee derden,
door veehouders betaald.
A.B.

DE POSITIE DER NEDERLANDSCHE KUNSTZIJDE-
INDUSTRIE OP DE WERELDMARKT.

Men schrijft ons van bevoegde zijde:

De crisis in de kunstzi.jde-industrie, in 1928 be-
gonnen tengevolge van een veel te groote uitbreiding
van het productie-apparaat en waarbij zich later in
steeds toenemende mate de gevolgen van de wereld-
crisis deden gevoelen, heeft ook de Ned. kunstzijde-
producenten voor ongekend moeilijke problemen ge-
plaatst. En nog steeds worden deze problemen grooter.
Voor een industrie, die, zooals de Nederlandsche
kunstzijde-industrie, nog steeds voor .90
t
95 pOt. op
export is aangewezen, behoeft dit geenszins te ver-

6 September 1933

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

69

wonderen. Men zou zich eerder kunnen verbazen over
het feit, dat Nederland zich tot nu toe zoo betrek-
kelijk goed op de wereldmarkt heeft kunnen hand-
haven.

De volgende tabel toont reeds op duidelijke wijze
den toenemenden invloed van de crisis aan.

Uitvoer van kuustzijde (enkeidraads in streng en gespoeld).
netto gèwicht totaal waarde gern. prijs per
Jaar ) in tonnen in
f
1000 KG. in Gid.
1928 ……………5.819

29.740

5.11
1928 …………..6.618

28.039

4.24
1930 …………..6.883

24.661

3.58
1931 …………..7.514

20.123

2.68
1932 …………..8.301

16.692

2.01
1933
Jan. t/m. Juli .
4.653

9.290

2.-
1) Berekend naar gegevens uit de uitvoerstatistiek,
waarbij de bruto hoeveelheden voor de jaren
1928-1931
werden herleid tot netto gewicht, onder toepassing van
een, in de statistiek aangegeven, tarra van
25
pCt.

Het meest opvallende in deze tabel is de stijgende
hoeveelheid geëxporteerd garen en de zeer scherpe
daling van de totaalwaarde en van den gerniddelden
prijs. Afgaande op deze cijfers, zou men tot de con-
clusie komen, dat de moeilijkheden uitsluitend bij de
prijskwestie te zoeken zijn. Echter de afzet zelf, tegen
de lage prijzen, bereidt ook van dag tot dag grootere
moeilijkheden. Hierop komen wij nog nader terug;
eerst zullen wij het verloop van den gemiddelden
prijs bezien.
De scherpe daling van
f 5.11
in 1928 tot
f
2.— in
1933 doet de vraag opkomen, in hoeverre het aan de
Ned. kunstzijde-industrie gelukt is dezen slag op te
vangen. In de haussej aren was het slechts de kwes-
tie zoo spoedig
mogelijk
de productie-capaciteit te
vergrooten. Meerdere productie beteekende meer afzet
en meer winst. De fabelachtige marge tusschen op-
brengst en kosten had tot natuurlijk gevolg, dat aan
het kostenvraagstuk slechts weinig aandacht werd be-
steed. Eerst door de geweldige daling der prijzen
werd men gedwongen alles in het werk te stellen om
den kostprijs omlaag te drukken. Het kostprijsvraag.
stuk kreeg nu. de beteekenis van ,,to be or not to be”.
De resultaten, door de Ned. kuustzijde-industrie
in haar streven naar kostenverlaging behaald, zijn
zeer belangrijk. De kostprijzen van 1933 liggen 40-
50
pCt. lager dan die van 1930, een resultaat, waar-mede men inderdaad tevreden kan zijn. Het zou ons
te ver voeren alle factoren, die bij deze verlaging een
rol hebben gespeeld, te bespreken.
1)
Slechts op één
factor willen wij de aandacht vestigen. Het betreft
hier een nieuwe productie-methode.

Volgens de vroegere methode werd de kunstzijde
in strengvorm gebracht en deze strengen werden
dan door meisjes naar de verschillende kwaliteiten
gesorteerd. De cliënt verzocht dan de kunstzijdefa-
briek het garen voor hem te spoelen, èf, en dit ge-
beurde het meest, hij spoelde de zijde zelf. Volgens de
nieuwe methode kan de zijde direct op conische
kruisspoelen gebracht worden. Dit geeft groote voor-
deelen, zoowel voor den kunstzijde-producent als voor
den verwerker. Voor den kunstzijde-fabrikant hetee-
kent het o.a. wegvallen van een groot deel der sor-
teerloonen (voor het sorteeren der spoelen is veel
minder personeel noodig dan voor sorteering van strengen zijde; vandaar het ontslag van een groot
gedeelte van het vrouwelijk personeel) en verder een
veel hooger percentage eerste kwaliteit, want dit
percentage wordt gunstiger naarmate de zijde minder
met de handen aangeraakt wordt.

De verwerker kon zijn spoelloonen besparen en
kreeg een. betere grondstof (o.a. minder knoopen, het-
geen zeer belangrijk voor de kousen-industrie is) en
wilde dus voor dezen opmaak meer betalen dan voor
strengzijde, vooral daar deze opslag beneden de door
hem vroeger betaalde spoelloonen bleef.

1)
Een belangrijke factor is b.v. de daling van de prij-
zen der grondstoffen, als cellulose.

Voor de kunstzijde-industrie brengt deze nieuwe methode dus minder kosten en grbotere opbrengst. In de uitvoerstatistiek loopt de post gespoeld garen
dan ook spronsgewijze omhoog. Voor de maand Juli
1933 bedroeg de uitvoer van gespoeld garen reeds
pl.m. 33 pOt. van den totaal-uitvoer i) en dit percen-
tage zal nog belangrijk stijgen.
Het kostprijs-niveau voor de Ned. kunstzijde-indus-
trie is nu op een punt gekomen, waarbij verdere ver-
lagingen van beteekenis, zonder ingrijpende nieuwe
ontdekkingen, uitgesloten moeten worden geacht.
Maar de huidige basis stelt haar zeker in staat zich
met haar concurrenten te meten. Een uitzondering dient te , worden gemaakt ‘voor de Italiaansche en
Japansche industrie, wier kostprijzen, dank zij den vôel
lageren loonstandaard in die landen, nog aanzienlijk
beneden die der Nederlandsche industrie liggen. Nu
vallen de Italiaansche en Japansche producten wel in
een lagere kwaliteitsklasse, maar vooral op de markt
voor het z.g. normaalgaren en glanzende feinfildige zijde, waar Nederland deze beide concurrenten ont-moet, hebben Italië en Japan een belangrijken voor-
sprong.

In elk geval heeft de Nederlandsche kuustzijde-
industrie met het bereiken van het huidige kostprijs-
niveau een belangrijken stap in de richting van een
hernieuwde rentabiliteit gedaan. Alles zal nu afhan-gen van het verdere prijsverloop op de wereldmarkt
en de ontwikkeling der afzetinogelijkheden.
De daling van den kostprijs is sterk tegengewerkt
door de productiebeperking, waartoe ook de Neder-

landsche industrie zich gedwongen zag. En hiermede
komen wij tot de steeds grooter wordende moeilijk-
heden, waarvoor onze kuustzijde-industrie zich bij het
zoeken naar een afzet voor haar producten ziet ge-
plaatst.

Het zijn voor een groot gedeelte dezelfde moeilijk-
heden, waarmede de geheele Nederlandsche export-
handel te kampen heeft. Het wegvallen van geheele
markten door sterke verhoogingen der invoerrechten
(b.v. de Ver. ‘Staten), belemmeringen in het beta-
lingsverkeer, deviezenregelingen, verlaten van den
gouden standaard, de groote verliezen daardoor ge-
leden en de nieuwe concurrentie daardoor in het
leven geroepen, vermindering van de credietwaardig-
heid der afnemers, de steeds feller wordende strijd
op de vrije markten, het is tezamen een lange som-
bere reeks. Des te meer bewondering moet men heb-
ben voor de verkooporganisatie van onze kunstzijde-
industrie, aan wie het gelukt is den afzet, onder deze
omstandigheden nog te vergrooten.

Uitvoer van kunstzijde
(enkeidraads in streng en gespoeld).
Tijdvak

Netto gewicht in toni:ien
1932
Jan. t/m. Juli

4.588
1933

,,

,,

,,

4.653

Het zou ondoenlijk zijn hier elke afzetmarkt te be-
spreken. Wij doen slechts hier en daar een greep.

De groote belangrijkheid van de
Duitsche
markt
voor den export van Nederlandsche kunstzijde blijkt
reeds uit het feit, dat gedurende de jaren 1928-1931
ongeveer een derde van den totalen uitvoer naar
Duitschland ging. Wel is dit percentage in 1932 tot
32.4 pOt. achteruit geloopen en daalde het in het tijd-
vak Jan.—Juli 1933 verder tot 20.3 pOt., maar nog
steeds blijft Duitschland het belangrijkste afzetge-
bied.
2)
Bovendien vraagt de Duitsche verwerkende
industrie en speciaal de kousen-industrie een prima
product ter verwerking. Naast de kwantiteit speelt
dus ook de mogelijkheid van den afzet van eerste kwa-
liteit garens (matte zijde) op de Duitsche markt een

J.)
Voor
1931
en
1932
was dit percentage resp.
5
en
13.
2)
Voor den uitvoer naar Duitschland in
1932
en
1933
gebruikten wij de cijfers van de Duitsche invoerstatistiek. De Nederlandsche uitvoerstatistiek geeft sinds November
1932
geen landen van bestemming meer voor de rubriek
kunstzijde.

700

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

6 September 1933

groote rol voor de Nederlandsche kunstzijdeproducen-ten. Ook de prijzen gaven, dank zij het Viscose-syndi-
caat
1),
reden tot tevredenheid. De geheele positie van Nederland op de Duitsche markt is nu, door den strijd om het bestaan van het syndicaat, op losse schroeven komen te staan. Wanneer, in het gunstigste geval, een

accoord wordt bereikt en het syndicaat dus
blijft
be-

staan, zal dit een verlaging der quota voor de buiten-
landsche syndicaatsleden, dus ook voor de Aku en H.K.I. beteekenen, terwijl ook de prijzen door een
meerdere aanpassing aan het wereldmarkt-niveau,
zullen dalen. Valt het syndicaat uiteen, dan zal ver-
moedelijk de Duitsche regeering de ontwrichting van
de Duitsche markt door verhoogde invoerrechten en
contingenteering van den invoer trachten te voor-
komen. De strijd op de andere markten, waarop de
Nederlandsche industrie en de andere van de Duit-
sche markt verdrongen buitenlandsche producenten
zich een meerderen afzet voor hun producten zullen
zoeken, zal zich dan nog meer toespitsen.
De positie van Nederland op de Duitsche markt
zal dus in ieder geval achteruit gaan. Vooral voor dat deel van onze kunstzijde-industrie, dat zich bijna uit-
sluitend op de productie van matte
zijde
heeft toege-

legd en wiens belangen bij de Dutsche markt veel hooger liggen dan het gemiddelde percentage van
20 pOt., dreigen de gevolgen zeer ernstig te worden.
Als voorbeeld van een markt, die door verhoogde
invoerrechten geheel verloren ging, noemden wij
reeds de Ver. Staten. Werd in 1930 nog een hoeveel-
heid van 706.000 KG. naar de Ver. Staten geëxpor-
teerd, in 1931 daalde dit cijfer reeds tot 159.000 KG.,
terwijl in 1932 dit getal practisch het nulpunt nader-
de. Deze markt is dus voor onze kunstzijde-industrie
verloren. Wel werden in Juli en Augustus van dit
jaar weer eenige partijen naar de Ver. Staten ver-
scheept, hetgeen te verklaren is uit het feit, dat de
Amerikaansche productie tijdelijk de sterk gestegen
vraag niet kon bijhouden, maar even plotseling als
deze exportgelegenheid opkwam, verdween zij weer.
Niet alleen verloor onze industrie dit belangrijke
exportgebied, maar ook ontmoet zij de Ver. Staten
den laatsten tijd als gevaarlijke concurrenten op an-dere markten. In de Midden-Amerikaansche landen
en Mexico beginnen de Amerikanen zich als ge-
duchte concurrenten te ontpoppen. Door den lagen
dollar-stand hebben de Amerikanen een belangrijken
voorsprong; deze valuta-concurrentie plaatst de Ne-
derlandsche industrie dus in deze gebieden voor
nieuwe moeilijkhedën.
Mexico was juist het voorbeeld van een land, waar
het onze industrie gelukt was zich in den loop der
laatste jaren een belangrijke afzetmarkt te veroveren.
In 1930 exporteerde Nederland slechts 3000 KG. naar
Mexico, terwijl iii de eerste 10 maanden van 1932
reeds 251.000 KO. ter waarde van
f
500.000 naar dit
land werd uitgevoerd.
2)
Een
belangrijke
compensatie dus voor de verliezen op andere markten geleden.
En nu komen, behalve de Amerikanen, ook de Ja-
panners hier de markt bederven. De concurrentie van
Japan wordt iedere maand gevaarlijker. Op steeds meer markten treden zij op en veroorzaken zij een
verdere prijsdaling. Behalve op de Oostersche mark-
ten, ontmoet men ze reeds in de Zuid-Amerikaansche
staten, vooral in Argentinië,
3)
Midden-Amerikaansche
landen, Mexico en op de Duitsche markt. Japan
voerde in het le halfjaar 1933 naar Duitschland reeds
een hoeveelheid van ca. 83.000 KG. uit. Door het op-
treden van Japan op de verschillende markten is dus
ook onze industrie een gevaarlijken concurrent rijker
geworden, een concurrent, die dreigt elke markt,
waar hij verschijnt, grondig te bederven.

Zie het artikel ,,Het Duitsche Viscose-syndicaat” in
Econ.-Stat. Berichten van
30
Aug. ji.
Latere gegevens zijn niet bekend, daar, zooals reeds
opgemerkt, onze uitverstatistiek voor kuustzijde geen
landen van bestemming meer opgeeft.
Argentinië is de belangrijkste afzetmarkt in Zuid-
Amerika.

De afzetmarkt, die onze kunstzijde-industrie in Ne-
derland zelf vindt, ontwikkelt zich den laatsten tijd
op bevredigende wijze. De Twentsehe fabrikanten
komen tot het besef, dat zij nieuwe wegen moeten in-
slaan, hetgeen ook leidt tot een grooter verbruik van
kunstzijde en verder plukt de geheele Ned. tricotage-industrie de vruchten van de contingenteeringen.
Zoo hebben wij hier en daar een greep gedaan om de positie van onze kunstzijde-industrie te illustree-
ren. Het algemeene beeld, dat de wereldmarkt te zien
geeft, is er een van nog steeds dalende prijzen en
moeiljken afzet. De toekomst geeft slechts weinig of
in het geheel geen lichtpunten te zien. Toch mag men
aannemen, dat onze kuustzijde-industrie zich op de
wereldmarkt zal weten te handhaven. Verschillende
factoren werken daartoe mede. Wij wezen reeds op den
lagen kostprijs en noemen nu nog de uitstekende kwa-
liteit van het Nederlandsche product, dat terecht een
wereldreputatie geniet, en de moderne outillage van het productie-apparaat. Wanneer de strijd op de
we-
reldmarkt zich meer en meer in de richting van een
,,survival of the fittest” mocht ontwikkelen, dan
geven
wij
onze industrie een goede kans.

BUITENLANDSCHE MEDEWERKING.

DE DUITSCHE GROOTBANKEN IN 1932.

Dr. H. C. Strohmayer te Berlijn schrijft ons:

Sedert de fusie van de Darmsthdter und National-
bank met de Dresdner Bank in 1932 omvat het stel-
sel van de Duitsche groote banken nog slechts vijf
instellingen, wier balansen en verlies- en winstreke-
ningen hieronder met elkander worden vergeleken.
Een kort overzicht toont reeds aan, dat de balansen
en verlies- en winstrekeningen van de banken zich
‘p zeer verschillende wijze hebben ontwikkeld.

De
Berliner Handels-Gesellschaf t
neemt naar buiten in
het kader der Duitsche grootbanken een aparte plaats in,
in zooverre, dat zij een sterk gecentraliseerd bedrijf is
zonder filialen of deposito-kassen. Om deze reden had de
Berliner Handels-Gesellschaft reeds van den aanvang af
niet te lijden van verliezen, die voortvloeien uit het ge-
decentraliseerd bedrijf. Hoewel de omzet van
1931 op 1932
van
R.M. 20,4
tot
9,5
milliard daalde, bovenal als gevolg
van het algeheele uitvallen van deviezentransacties, was
de winst in
1932
grooter dan in het voorafgaande jaar,
zoodat het dividend van
4
tot
5
pCt. kon worden ver-
hoogd. De verbetering van de rentabiliteit houdt ten deele
verband met de weder voor de eerste maal voorkomende winst uit effectentransacties, welke geen boekwinst door
,,Aufwertung” van de beursnoteeringen of gerealiseerde
stille reserves bevat.
De liquide middelen zijn sterk gestegen. Voor de ver-
betering van de liquiditeit was om, van beteekenis, dat
de vermindering van de crediteuren niet met een toe-
neming van de acceptverplichtingen gepaard ging. De
grootste daling onder de passiva vertoonen de door cliën-
ten bij derden opgenomen credieten, vaartegenover onder
de activa een bijna evengroote afueming van de rem-
bourseredieten staat. Hierin komt de achteruitgang van
den buitenlandschen handel en ten deele ook de waarde-
vermindering van het Pond Sterling tot uiting. Daaren-
tegen is de wisselportefeuille gestegen, hetgeen voor alles
aan rentabiliteitsoorzaken moet worden toegeschreven,
daar de overige liquide beleggingen niet of slechts in zeer
geringe mate rentedragend zijn. In den post wissels heeft
een belangrijke verschuiving plaats gehad: cheques en
handelswissels geven een achteruitgang met ongeveer
R.M. 5
millioen te zien, terwijl de schatkistbiljetten en
schatkistwissels daarentegen met ruim
R.M. 16
millioen
zijn gestegen. In dit opzicht hebben schaarschte aan ma-
teriaal in handelswissels en een hoogere rentevoet van de
schatkistwissels samengewerkt.
De
Reichs-Krectit-Gesellschaf t
was de eenige groote bank,
die in
1932
haar zaken heeft uitgebreid. Het aantal cliën-
ten is van
6.231
tot
7.807,
het aantal bij de bank gevoer-
de rekeningen van
8.400
tot
10.875
gestegen. Daarentegen
zijn de omzetten echter, die reeds het jaar tevoren van
R.M. 73
tot
48
milliard waren gedaald, in
1932
verder aan-
zienlijk achteruit gegaan. Dit moet ook hier uitsluitènd
aan den grooten achteruitgang van de zaken met het bui-
tenland worden toegeschreven, daar de omzet van de bin-

6 September 1933

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

701.

iienlandsehe zaken is gestegen. Als gevolg van de daling
vait de ientemarge en een toeneming van de hoogere
rente eischende crediteuren op langen termijn, toonen de
winsten uit rente een kleine afneming. In sterke mate
zijn daarentegen de uit de eI fectentransacties voortspru i-
teude provisies gestegen. De effecteuwinsten zijn, in af-
wijking niet die van de Berliner Handels-Gesellschaft, niet
op cle verlies- en winstrekeniiig opgenomen, dienden veel-
eer voor afschrijvingen en voor het vormen van reserves.
De groote achteruitgang van de prolongaties en belee-
ningen
01)
de balans moet uit het ontbreken van de offi
ciëele effectentransacties op termijn worden verklaard.
J)e voorschotten 01) goederen en verscheepte goederen ste-
gen voor alles, doordat de bank rembourscredieten aan be-
vriende provinciale banken ter beschikking stelde.
0
1
)

de slechts weinig veranderde debiteuren hebben naar het
oordeel van de directie zoodanige afschrijvingen plaats ge-
vonden, als de huidige omstandigheden gewettigd doen
schijnen. De verhooging van de crediteuren wordt daar-
door verklaard, dat vele provinciale banken bij de Reichs-Kredit-Geselisehaft uit blijk van speciaal vertrouwen de-
posito’s als suppletoire liquiditeitsresei-ves onderhouden.
De aeeeptverplichtingeu zijn met bijna 50 pOt. gedaald, omdat de bank ten aanzien van cle omvangrijke te harer
beschikking staande deposito’s naar verhouding slechts
weinig van haar accept gebruik heeft gemaakt. De positie
van deze bank is zeer liquide.
De balans van de
Comnierz- und Privatbanic
staat, on-
clauks de fusie met de ]3arniec iBankvcrein A.G. van ver-
leden jaar in het teeken van een algemeene inkrimping
van het bedrijf. De getalsterkte van het personeel is van
8.114 tot 6.617, het aantal rekeningen van 356.609 tot
317.102, het balanstotaal van R.M. 1683 tot 1591 millioen
en de omzet van R.M. 116 tot 86 milliard gedaald. De in-
komsten uit hoofde van effectentransacties komen weder-
cia niet op de balans voor. Bij de zeer aanzienlijke daling
van de rente en provisie ten bedrage van R.M. 20,5 nijl-
lioen, imioet in aanmerking worden genomen, dat vbSr de
vaststelling van de bedrijfswiust aanzienlijke afschrijvin-
gen en reserves hebben plaats gehad en dat inzonderheid
cle rente- cmi proisievorderingen op dubieuze debiteuren
niet in de wiustrekening werden opgenomen. –
De bank heeft van de door de wet geboden mogelijkheid
gebruik gemaakt om dubieuze vorderingen aan de ,,Tilka”
(Tilgnngskasse f(ir gewerbliche Kredite) over te dragen,
zoodat de aflossing daarvan over een langere reeks jaren verdeeld is. Omtrent dcii omvang van deze overdiachten
mutag de bank, op veiisch der regeering, geen nadere ge-
gevens verstrekken, doch zoowel het op R.M. 20-25 nul-lioen te ramen totaalbedrag als ook de jaarlijksche aflos-
singscuote moet vaststaan. De. in het afgeloopen jaar ver-
kregen winst van R.M. 7,74 millioen, die geheel aan de
reserves ten goede komen, is in hoofdzaak hieraan toe te
schrijven, dat als gevolg van verbetering van de organi-
satie en vereenvoudiging van liet bestuursapparaat de ver-
imiiuderiugen in inkqmsten ten dccle door aanzienlijke be-
iparingen op de uitgaven konden worden gecompenseerd.
De veranderingen op de balans zijn bovendien nog te
erklaren uit overboekingen tengevolge van de saneering
van het vorige jaar. Het groote bedrag aan banksaldi van
R.M. 90,39 millioen aan het einde van 1931 is hieruit
te verklaren, dat de vorderingen op de Rijksbank uit
hoofde van de reconstructie als kassaldi waren geboekt.
Voorts is de wisselportefeuille om dezelfde reden gestegen
als gevolg van een toeneming der Rijksschatkistbiljetten.
liet betreft hier ook aankoopen ingevolge de vrij liquide
positie en het gebrek aan handelswissels.
De voorschotten op goederen zijn met bijna R.M. 20 mil-
lioen gedaald. De debiteuren in rekening-courant zijn be-
trekkelijk weinig achteruitgegaan. Het rekening-courant-
1,edrjf dci Bank kon zich op dezelfde hoogte houden, doch
de geringe verandering van dcii post debiteuren houdt ook
yerband met het bevriezen van credieten. De crediteuren
zijn met rond R.M.
(iS
millioen gedaald, de achteruitgang
is dus beperkt. Het aandeel van de buitenlandsche credi-
teuren bedraagt ongeveer 30 pCt., terwijl men hetzelfde
percentage waarschijnlijk ook voor de debiteuren mag aan-
nemen. Van het aandeelenkapitaal der bank behoort
R.M. 11,16 millioen aan het Rijk en R.M. 45 millioen aan
de Golddiskontbank.
Ook de
Deutsche Bank und Disconto-GeseUschaft
zag in
1932, eveals het jaar tevoren, van uitkeering van divi-
dend af en gebruikte het grootste gedeelte van haar ex-
l)loitatievi,nst, ten bedrage van R.M. 27,3 millioen voor
afschrijvingen en reserves. Met het oog op de aanhoudende
economiscHe depressie oordeelde de directie het noodzake-
lijk, om niet alleen. de nettowinst voor herwaardeeringen

te hezigen, doch ook van de opbm-engst uit hoofde van
ueuite cmi provisie een bedrag van R.M. 14,5 mitillioen vooi
hetzelfde doel te rese rvcemen. Ï)e herwaardee ri ugen hadden
betrekking Of) effecten, comisortia, deelnemingen en debi-
teuren. i)e balans bevat thans stille reserves, die dem
directie voldoende voorkomen. Teneinde zich cemiemzijds
zelf de gewenschte vrijheid van beweging te verzekeren
en omui a.midlerzijdls mmieerdere aandacht aan insolvente debi-
teuren te kunnen besteden, heeft de bank een iii verhou-
ding tot de totale debiteuren gering deel van haar i’orde-
i-ingen in de ,,Tilka” ingebracht. 1)it stelt haar in staat
om volgens de wettelijke bepalingen deze vorderingen tot
haar volle nominale waarde onder dc activa op te nemen
en de daarop noodzakelijke afschm-ijvingcn over een tijdvak
van verschillende jaren te verdeelen.
Het opvallende feit van de verlies- en winstrekening is
de daling van de totale kosten muiet ruim R.M. 20 millioemi.
De handelsonkostemi alleen daalden reeds van R.fcI. 112 tot 92 miiillioeri, vooral door inkrimping van cle persoueele uit-
gaven als gevolg van de vernundering van het aantal
eniploy(i’svtimi 18.060 tot 16.614. Voor 1.933 w’ordt niet een
verdere kostenbesparing van R.M. 7 muuillioen gerekemid,
waardoor de totale onkosten van cle bank t.o.v. 1930 niet R.N:. 84 millioen zouden dalen. Feitelijk is deze ontwik-keling een uitvloeisel van de rationalisatie als gevolg van
de fusie met de Deutsche J3ank und Disconto-Gesellschaft
in 1930. Uitsluitend aan deze groote onkostenverminde-
ring moet worden toegeschreven, dat, ondanks de daling
van de inkomsten uit hoofde van rente en provisie, welke
ook hier uit de verlaagde renteniarge en het verminderde
credietvolnmen voortspmuit, de exploitatiewinst met R.M.
4 millioen is gestegen. De winstcapaciteit van de bank
blijkt duidelijk uit het feit, dat uit de netto-w’inst van
1932 een dividend had kunnen worden uitgekeerd.
Dat het balanstotaal een achteruitgang van R.M. 3.549
tot 3.259 mnillioen te zien geeft, moet om, daaruit worden
verklaard, dat de bank haar stelsel i’aui de compenseering
van de verschillende rekeningen van denzelfden cliënt
sterk heeft uitgebreid. Ongeveer R.M. 80 millioen zijn op
deze
ztiiver
technische wijze van cle debiteuren- en credi-
teuren-mekening verdwenen. Voorts is de daling van de
deposito’s uitsluitend een gevolg van den achteruitgang
van de buitenlandsche crediteuren van R.M. 685,9 tot
570,8 millioen. Daarentegen zijn de deposito’s van binnen-
landsche banken en spaarbanken zeer sterk gestegen, na-
melijk van R.M. 90 tot 284 millioen. Van de dollarleening ‘werd 01) dcii vervaldag $ 14 millioen terugbetaald, terwijl
het restant vnu $ 10,4 millioen tot 1 September 1934 w’erd
verlengd. Onder de activa zijn de c’m’edieten van cliënten bij derden, evenals de voorschotten op verscheepte en op-
geslagen goederen met RJ’I. 56 millioen gedaald. Van
dezen post komen R.M. 103 millioen voor rekening van de
financiering van invoergoederen, R.M. 162 mullioen dienen
voor de bevordering van demi uitvoer. De liquide middelen
t.00nen bij groote verschuivingen iii cle afzonderlijke groe-
pen een stijging met R.M. 14 nullioen. Deze ontwikkeling
is des te merkwaardigei

, daar de crediteuren en accept-
yei-plichtingen met R.M. 228 millioen zijn gedaald. De op
deze wijze verkregen verbetering van de liquiditeit treedt
nog meer op den voorgrond, indien men er rekening mede
houdt, dat veel deposito’s op korten termijn omgewisseld
werden in deposito’s op middelmatigen en langen termijn,
omdat de rentedaling voor direct opvraagbare gelden den
rekeninghouders noopte tot een meer rendabele belegging
van hun geld. De Dresdner Bank,
wier aandeelenkapitaal zich tot dus-
verre voor R.M. 150 millioen in handen van het Rijk en
voor R.M. 50 mnillioen in handen vami de Golddiskontbank
bevond, terwijl Vrije aandeelhouders hiervan R.M. 20 mil-
lioen bezaten, maakte in tegenstelling met de overige ban-
ken geen gebruik van de ,,Tilka”. In plaats daarvan werd
het aandeelenkapitaal met R.M. 70 tot R.M. 150 millioen en de reserve met R.M. 15 tot R.M. 15 millioen verlaagd.
Tezamen met R.M. 9,48 millioen exploitatiewinst kwamen
hierdoor R.M. .94,48 millioen voor nieuwe afschrijvingen
en reserves vrij. Bij dit besluit was vermoedelijk ook de
omvang van het aandeelenkapitaal van invloed, dat met
R.M. 220 millioen in vergelijking met de kapitalen van de
andere groote banken veel te groot was. Ook bij het
nieuwe kapitaal zullen R.M. 165 millioen eigen middelen
tegenover rond R.M. 2,5 milliam’d aan vreemde gelden
staan, terwijl deze cijfers voor de Deutsche Bank R.M. 167
millioen en R.M. 2,8 milliard zijn. in ‘totaal kregen de
vereenigde instellingen :Darmstsdte m nnd Nationalbank-
Dresdner Bank door de speciale offeus van het Rijk rond
R.M. 630 niillioemi voor dekking van verliezen en voor
uese r vee ringen. . .
De cijfers voor den omzet w’erden miiet bekend ge-

7,63
76,70
32,73 2,52
69,16
7,48
5,73
5,90
110,53
7,25

40,88 167,94
24,81
10,22
88,25 7,00
5,20
3,25
218,18
3,00

85,74 418,22
152,08
48,43 480,91 54,52
61,81 49.31
1.733,78
49,00

220,00
30,00
742,39 438,08

57,50 60,10
300,00 )
103,78 321,48
70,48
351,88
46,07
5,54
311,15
69,58 73,36
68,00
1.549,] 3
59,50

150,00
15,00
2.504,81 346,35

47,88 47,39
85,Ö0 )
85,39
94,88

106,58
763,24
78,55 7,23
288,63
44,97
66,60 54,58 .742,05
105,27

‘144,00 25,20
.8 12,90
225,12′
44,39

77,15
80,20
1,39
133,10
26,38
29,16

0,93

.702

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

6 September 1933

maakt, daar deze met die van het vorige jaar tengevolge
van de fusie niet vergeleken kunnen worden. Tegenover
den achteruitgang van de inkomsten met R.M. 23 millioen staat een verlaging van de onkosten met R.M. 18 mihioen.
Men hoopt de kosten in 1933 nogmaals met R.M. 12 mil-
lioen te kunnen verlagen.
01)
de balans zijn de crediteuren
met R.M. 238 ntillioeu gedaald, waarvan alleen de buiten-
landsche schuldeischers met R.M. 100 tot R.M. 660 mii-
lioen. Hiervan heeft nog steeds ongeveer de helft de van de Danatbank afkomstige rijksgarantie. Van de vermin-
dering dej crediteuren vormen R.M. 62 millioen het be-
drag aan ‘schatkistbiljettea, dat aan het Rijk werd terug-
gegeven, hetwelk deze vôÔr de fusie als basis van’ de liqui-
diteit aan de Darmstiidter und Nationalbank had gegeven.
De daling van de kasmiddelen is om. een gevolg van de
samensmelting van filialen, waardoor het mogelijk is een
kleinere kas te hebben. De vermindering van de voor-
schotten op goederen is slechts een gedeeltelijke vermin-
(lering, zij is ten deele een gevolg van omboekingen. l)e
afzonderlijk opgellooilen rentedragende schatkistbiljetten
van het Rijk stegen nog met R.M. 110 tot R.M. 410 mil-
lioen, terwijl het jaar tevoren een gedeelte onder de debi-
teuren was geboekt. Zij zijn thans de voornaamste liqul-
diteitsreserve. De debiteuren zijn met R.M. 184,7 millioen
gedaald, hoewel op groote schaal voorschotten op goederen
op deze rekening werden overgebracht. Daarbij heeft de
bank nieuwe credieten verstrekt, bijna in dezelfde mate,
als werd terugbetaald. Anderzijds echter werd de geheele
winst uit hoofde van de nieuwe saneering voor afschrij-
vingen gebezigd: i)aarbij gaat het, in tegenstelling met de
i)eutsche Bank, die een individueel debiteurenonderzoek bewerkstelligde, om globale reserves, die op schattingen
omtrent de vermoedelijke verliezen hij de rond 56.000 ere-
dieten bôrusten.

Over het geheel moet 1932 voor de groote banken,
evenals voor het geheele Duitsche bedrijfsleven als
het laatste jaar van de crisis en als periode voor
speciale gebeurtenissen worden beschouwd. Voor de
algeheele saneering van de banken in de komende
jaren treedt in de eerste plaats het vraagstuk van
de wederverkrijging van een organische rentabiliteit
op den voorgrond. Bovenal is het van belang om de
reserves weder te versterken, eenerzijds om den om-
vang van het bedrijf en het eigen kapitaal in een
betere verhouding tot elkaar te brengen en ander-
zijds oin het particuliere element in het, door de
saneei-ingssubsidies in hooge mate onder invloed van

den staat gekomen bankwezen, weer op den voor-

grond te brengen.
Afgezien van een hervorming van de rentepolitiek
bestaat er een mogelijkheid tot verbetering voor de
rentabiliteit van den kant van de inkomsten door de
wederinvoering van de in andere landen gebruikelijke
omzetprovisie in rekening-courant, die v56r den oor-

log van
1°Îoo
tot pOt. werd berekend. Wat de uit-
gaven betreft, leveren de jaarverslagen aanknoopings-
punten voor de nog niet overal gezonde verhouding

tusschen bestuursapparaat e.0 winst. Opmerkelijk is
hier namelijk, dat de vermindering van het personeel
bij de groote banken ,in verhouding grooter was dan
de afneming van het aantal rekeningen. Anderzijds
is de omzet echter veel meer achteruitgegaan dan het

aantal rekeningen is gedaald.
Hieruit moet in verband met andere gegevens
worden afgeleid, dat de bedragen, van den indivi-
dueelen omzet gedaald zijn met als gevolg een on-

gunstiger verhouding tusschen arbeidskosten en om-vang van den omzet. Nog, steeds zou er ondanks alle
rationalisatie, om overwegend traditioneele redenen
een teveel aan bijkantoren enz. bestaan. De Deutsche
Bank heeft het aantal depositokasen in 1932 slechts van 183 tot 180 verminderd, in Berlijn zelfs van 63
tot 65 verhoogd. De Dresdner Bank daarentegen
heeft dit aantal na de fusie van 231 tot 188 ver-

laagd, in
Berlijn
van 111 tpt 88. Zij heeft, ondanks

haar veel geringer credietvolumen,, een grootel
filialenstelsel dan de Deutsche Bank.
De reorganisatie en consolidatie van het Duitsche
bankwezen verkeert nog in een staat van wording.
Voor het’ onderzoek naar talrijke daarmede verband

houdende vraagstukken zal een groote bank-enquête
worden ingesteld, welke kortgeleden door de Rijks-
bank voor den herfst van dit jaar werd aangekon-

digd. De ontwikkeling van de grootbanken heeft in
den loop der laatste 20 jaren tot een concentratie
geleid; waarbij het optimum van den bedrijfsomvang
verschillende malen werd overschreden.

De Bet-lijusche grootbaiiken bezaten einde 1913 150
filialen, einde 1929 echter meer dan 750, nadat zij intussehen .129 particuliere banken, 66 banken op

Balansen (in millioenen .LIM.)

Berliner Han-

Reichskredit-

Commerz- und

dels-Gesellschaft

Geseilschaft

. Privat-Bank

1931

1932

1931

1

1932

1931

1

1932

I)eutsche Bank und
Dresdner Bank
])isconto-Gesellsch.

1931

1

1932

1

1931

1

1932

28,00
1
28,00

1
40,00
10,00
10,00
20,00
92,83
253,30 482,34
36,26
32,32
21,21

Verlies-
en

6,71
5,79
6,76 3,14
2,75 2,67

1,00

6,25
6,37
7,66
2,50
1,50

1,54
2,09
3,14
1,12
1,40
1,60
4
5
4
0,42 0,69
1,39

Act iv a.
Kas, Circulatiehank
8,74
Wissels en chèques
65,34
Nostro-tegoedb.bank
41,40
Prolongaties en bel
7,27
Voorsch.
01)
goederen
92,45 8,68
Effecten

………….
7,71.
Consortia

………..
Deelnemingen

….

5,94
Debiteuren ………
123,77
Grondbezit ……..
7,30
P as s iv a.
Aandeelenkapitaal

..

Reserves ……….
2
Crediteuren

…….
Accepten ……….
Obligatie-leeningen

Rente …………..
Provisie ……….
Winst op effecten
Totale onkosten.
Afschrijvingen
Netto-winst transp.
Dividend (RM.)
Dividend
(of)……..
Transport ……..

) Saneeringswinst.

41,37

107,27

26,95

183,44

187,34

296,11

339,31

574,78

32,47

77,78

59,15

‘93,61

5,16

46,70

11,38

18,42

93,20

220,50

201,35

344,24

2,80

65,79

87,83

39,01

4,20

20,86

18,75

68,90

3,00

16,10

13,14

57,36

217,22

777,14

762,71

1.980,52

3,00

53,02

59,38

105,73

40,00
80,00 80,00
144,00
20,00
30,00
30,OÔ
25,20
513,14
1.309,47
1.241,84
2.992,79
10,85
179,17
154,69
273,18

84,00 84,00 105,00

Winstrekeningen
(in
millioenen
RM.)

6,72
38,44
29,63 77,82 3,99

,
43,48 31,15
99,71

93,00
*)

2,51
7,81
54,20
52,94
159,36
0,65
106,66

275,00
3,64

7,74. 26,10
2,00
.-


5

– –
1,40


184

6 September 1933

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

703

aandeelen in. de provincie en 15 banken op coöpera-
tieven grondslag hadden opgenomen. In de crisis is
gebleken, dat de middelmatige en kleinere banken
vaak beter weerstand aan de moeilijkheden hebben
geboden dan de groote filiaalbanken. Derhalve wil
men thans vaak de oplossing van het bankvraagstuk
zoeken in een omvorming van de groote bedrijven,
door decentralisatie in den vorm van het oprichten
van regionale banken met een locaal beperkte arbeids-
sfeer.
Terecht heeft men tegen dergelijke plannen aan-
gevoerd, dat – zooals de ervaring bij reeds bestaande
soortgelijke instellingen heeft geleerd, het groote ge-
vaar voor elke regionale bankinstelling in de eenzij-
digheid en de vergrooting van het risico ligt. De
regionale bank kan haar risico’s vaak niet voldoende
over conjunctuurgevoelige takken van het bedrijfs-
leven van verschillenden aard verdeelen en ook in de
beweging van de crediteuren werken de elkaar nivel-
leerende factoren veel minder krachtig dan bij een
over het geheele land verspreide instelling. Inzonder-
heid ten aanzien van de ontwikkeling der liquiditeit
kan een bank met filialen er rekening mede houden,
dat de geidbewegingen, welke door de seizoenen in-
treden, niet in alle districten even sterk en terzelf-
der tijd optreden.
Bij de propageering van de regionale banken spe-
len, naast het argument van de vermeende gebrek-
kig gebleken bestandheid van de groote banken tegen
de crisis, de klachten van de middelmatige en kleine
bedrijven over te vergaande bevoordeeling van de
groote credietnemers een belangrijke rol. De banken
hebben getracht dit verwijt te ontzenuwen door in de

laatste jaren statistieken te publiceeren over de cre-
dieten, die door haar verleend worden. De bewijs-
kracht hiervan wordt ëchter reeds aanzienlijk ver-
Ininderd door het feit, dat de opsomming slechts vol-
gens aantal en niet volgens de bedragen plaats vindt.
De Deutsche Bank noemt b.v. de volgende cijfers
voor den omvang der door haar verleende credieten:

in
%
van de totale credieten.
1932
1931
tot

R.M.

20.000,–
7,5
7,8
van

.,

20.000,-
tot R.M.

100.000,-
12,7
13,4
100.000,-

,,

500.000,-
21,8
22,0
500.000,-

,,

.,,

2.000.000,-
23,0 24,0
boven

2.000.000,-
35,0
32,8

Deze cijfers toonen duidelijk aan, dat een verschui-
ving naar boven heeft plaats gevonden in de vermin-
dering van het aandeel van debiteuren tot R.M.
20.000 en in de verhooging van debiteuren boven
R.M. 2 millioen. Indien men hiermede de cijfers van
de credietverdeeling naar de bedrijfstakken vergelijkt,
dan blijkt, dat de credieten van die branchës procen
tueel zijn gestegen, bij welke de algemeene verminde-
ring van den hedrijfsomvang niet onmiddellijk tot uiting komt en de credietbehoefte niet in dezelfde
mate met den omzet en de prijzen daalt. Op deze
wijze is het aandeel van den mijnbouw en de ijzerin-
dustrie van 9,9 tot 12,3 pOt. gestegen, het aandeel
van den machine-, toestellen- en vaartuigbouw van
7,2 tot 9,0 pCt. Inzonderheid vond hier een sterke
verschhiving in de grootte van de credieten naar
boven plaats. Credieten tot 20.000 daalden van 6,5
pCt. tot 2,4 pOt., credieten van 500.000 tot R.M. 2
millioen stegen van 36,8 tot 37,3 pOt., die boven
R.M. 2 millioen van 28,5 tot 32,3 pOt. Het crediet-
aandeel daalde daarentegen b.v. bij de textielindus-
trie van 10,8 tot 9,3 pOt., het voedings- en genotmid-
delenbedrijf van 12 tot 11,7 pOt., het crediet- en ver-
zekeringsbedrjf van 7,9 tot 6,8 pOt.
De aandeelen van de afzonderlijke groepen van
crediteuren bleken Vrij onbeweegljk te zijn. Het aan-
deel van particulieren in de vreemde gelden van de
Deutsche Bank bedraagt thans 33,5 pOt. tegen een
aandeel van slechts 8,8 pOt. in de credieten, het aan-deel van het crediet- en verzekeringsbedrijf onder de passiva beloopt 21,5 pOt. bij een aandeel van slechts

6,8 pOt. in de activa. Deze beide groepen vertegen-
woordigen dus tezamen 55 pOt. van de crediteuren
en slechts 15,6 pOt. van de debiteuren.
Indien na het bovenstaande het afsplitsen van
deelen van de groote banken voorloopig nauwelijks
aanbeveling verdient, dan schijnt het toch mogelijk,
dat de banken aan de gerechtvaardigde klachten van
haar cliënten door juiste organisatorische. maatrege-
len ten minste ten deele tegemoetkomen. Teekenen
hiervoor zijn reeds aanwezig. Zoo heeft b.v. de Deut-
sche Bank in het laatste jaar haar bedrijf verder ge-
decentraliseerd door grootere aansprakelijkheid van
de filialen en door uitbreiding van de bevoegdheid
tot zelfstandige credietverleening door haar leiders.
Deze pogingen moeten nog worden gesteund door de
in alle deelen van het Rijk gevormde landelijke en
plaatselijke comité’s. De Dresdner Bank beoogde het-
zelfde doel door de invoering van het
stelsel
van
hoofdfilialen, volgens hetwelk telkens het grootste
filiaal van een district verstrekkende volmachten
voor het geheele district krijgt.

AANTEEKENINGEN.

Snelle ontwikkeling ‘van de Britsch-Indische
suikerindustrie.

In aansluiting op het artikel van den heer Th.
Ligthart, dat men elders in dit nummer aantreft, en
vaarin gewezen wordt op de uitbreiding van de sui-
kerindustrie in Britsch-Indië, laten wij hierover een
beschouwing volgen, die wij aan ,,The Economist”
van 2 Sept. jl. hebben ontleend.
Door middel van een machtigen stimulans in den
yorm van een beschermend invoerrecht, ten bedrage
yan
bijna
200 pOt., neemt de suikerindustrie in
Britsch-Indië zoo’n groote vlucht, dat volgens een
‘officiëele raming het land binnen een viertal jaren vanaf de invoering van het bescherménd recht, dat
begin 1932 in werking trad, in eigen behoefte aan
suiker zal kunnen voorzien.
Het is wellicht niet van belang ontbloot om de
statistische berekeningen na te gaan, waarop deze
verwachting is gebaseerd. De productieraming voor
1932/’33 omvat 251.000 töns van de oude fabrieken,
vermeerderd met 100.000 tons van 27 nieuwe fabrie-
ken, die in 1932 werden gebouwd, in totaal dus
351.000 tons. Men verwacht, dat de gezamenlijke
productie van déze ondernemingen in 1933/’34 tot
386.000 tons zal stijgen, waarbij nog komt de produc-
tie van 46 nieuwe fabrieken met een geschatte capa-
citeit van 200000 tons, waardoor de geheele produc-
tie tot 586.000 tons zal stijgen en in 1934/’35 op basis
van een toeneming van 10 pOt. tot 646.000 tons.
Wanneer men de geraamde productie van de in-
.
heemsche suiker hierbij voegt, dan krijgt men een
geraamde productie van alle soorten suiker in Indië,
(met uitzondering van gur), welke sterk
stijgt
van
478.000 tons in 1931/’32, tot 626.000 tons in 1932f’33
tot 886.000 tons in 19331’34 en tot 946.000 tous in
1934/’35. Indien men aanneemt, dat het verbruik
ongeveer op het huidige niveau blijft – in 1931f’32
bedroeg het 982.540 ton, welk .cijfer voor 1932/’33
daalde tot 928.095 tons, dan zal de Indische produc-
tie in 1934f’35 ruw geschat tegen het verbruik op-
wegen en de officiëele verwachting van de voorzie-
ning in eigen behoefte zal dan
verwezenlijkt
zijn.
De verdere uitbreiding van de Indische suikerpro-
ductie van 1934f 35 af zal van verschillende factoren
afhankelijk zijn, zooals de omvang, waarin de prij-
zen naar beneden kunnen
zijn
gedrukt, ondanks de
invoerrechten, het toenemen van de binnenlandsche concurrentie, invloeden van meer algemeenen aard,
zooals het herstel van de koopkracht van de platte-landsbevolking, welke alleen kan plaats hebben als•
gevolg van eei algemeene stijging der groothandels-

prijzen.
In 1929f’30 toen het jaargemiddelde van den prijs
van Javasuiker te Calcutta 9 Rupees per ,,maund”

704

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

6 September 1933

bedroeg en de bebouwers nog winstgevende prijzen
voor stapelproducten ontvingen, steeg het verbruik
van suiker tot 1.324.923 tons; als gevolg van de ver-
minderde koopkracht en de stijging van den suiker-
prijs, daalde het verbruik in de laatste twee jaren
met 400.000 tons. Het indexcijfer van groothandels-
prijzen te Calcutta toont, dat tusschen Januari
1929 en April 1933, toen alle artikelen een procen-tueele daling met 42.1 te zien gaven, suiker slechts
met 20.4 daalde, hetgeen automatisch tot een daling
vaia het verbruik leidde; de belangen van den con-
sument waren ondergeschikt aan die van den pro-
ducent.
Tenslotte moge nog worden gewezen op den in-
vloed van de nieuwe politiek op de handelsbalans
van Indië. In 1926/’27, toen de suikerinvoeren (be-
halve melasse) in totaal 826.900 tons bedroegen, be-
liepen de hiervoor benoodigde betalingen
18J/
crores

rupees (1 crore = £ 750.OQO). Hoewel de invoer in
1930/’31 tot 901.200 tons steeg, was de waarde tot
1016 crores gedaald.
Rotterdam in het eerste halfjaar van 1933.

De statistiek over handel, nijverheid en verkeer
van Rotterdam over het tweede kwartaal van 1933,
welke de Kamer van Koophandel en Fabrieken dezer
stad thans in het licht heeft gegeven, maakt in de hoofdlijnen denzelfden indruk als door de cijfers
over het eerste kwartaal werd gewekt. Terwijl de
gegevens over de zèevrachten en de groothandels-
prijzen over het algemeen nog wijzen op verderen
teruggang, kan men met iets minder sombere ge-
voelens kennis nemen van de getallen, waardoor het
verkeer en de andere vormen van bedrijvigheid in
onze stad worden weergegeven. Zeker, er is nog op
menig punt achteruitgang, doch zoo hier en daar
merken wij toch ook teekenen op van herleving,
welke soms zelfs zeer krachtig zijn. Verschillende
secundaire gegevens geven
blijk
van een zekeren
weerstand tegen de tendens van daling. Het aantal
der gevoerde telefoongesprekken, der gewisselde tele-
grammen, het bedrag aan verkochte postwaarden, al
deze meters van de levendigheid in het zakenleven
wijzen in het thans laatstelijk voltooide kwartaal een
peil aan, dat veel dichter ligt
bij
dat van het over-
eenkomstige tijdvak in het voorafgeande jaar dan wij
den l.aatsten tijd gewoon zijn geweest. Het aantal
der uitgesproken faillissementen wijst bepaald op een soort verstarring: over het tweede kwartaal van 1930,
1931, 1932 en 1933 zijn onderscheidenlijk 73, 88, 113
en 57 faillissementen uitgesproken. Wij moeten tot
1929 teruggaan om een zoo laag cijfer terug te

vinden.
Wat de scheepvaart betreft, zien wij voor den ge-
heelen Nieuwen Waterweg over het tweéde kwartaal
des jaars zelfs een toeneming van het aantal der
binnengekomen schepen. Een bijna legendarische mo-
gelijkheid! Voor Rotterdam alleen zijn de cijfers nog
wat minder gunstig, doch steken zij toch niet al te
slecht bij die over 1932 af. De groote winst is voor
Schiedam geweest. Die heerlijkheid is nu echter
voorloopig uit, sedert de verlaging met ingang van
1 Juli 1933 van de Rotterdamsche havengelden
menig ljnschip weder van Schiedam naar Rotter-
dam heeft gelokt. Voor het oogenblik heeft het dus
geen zin, om veel aandacht te wijden aan de ver-
deeling van het scheepsverkeer over de verschillende
havens in de Rijn-Maas-delta. Om dezelfde reden is
het nu niet de tijd, om diep in te gaan op het ver-
schijnsel, dat het aandeel van Rotterdam aan de
scheepvaart van de gezamenlijke havens van het Ko-
ninkrijk al weder dieper is gezonken. Op den Rijn
is eenige toeneming van het scheepsvei-keer van en
naar Rotterdam merkbaar geweest.
De vergelijkende havenstatistiek van de drie groote
NoQrdzeehavens wijst voor het eerste halfjaar 1933,
evenals over het enkele eerste kwartaal, op vooruit-
gang van Antwerpen en op daling van de bedrijvig-

heid in de haven van Groot-Hamburg. Vergeleken
met 1932 houdt de Nieuwe Waterweg het midden
met een bescheiden winst. Strekt men de vergelijking
tot enkele jaren vroeger uit, dan blijft onze achter-
uitgang intusschen verreweg het grootst.
Eerste

Nieuwe

Groot-
halfjaar

Antwerpen

Waterweg

Hamburg

Aantal der binnengekomen schepen.
1930
5503
7551
9413
1931
5196 6949
9922
1932
4606
5950
9277
1933
4769
5817
8672
Netto-inhoud der
schepen in
toos.
1930
9.943.000 12.824.000 11.015.000
1931
9.528.000
11.532.000 10.444.000
1932
8.268.000
9.029.000
9.116.000
1933
8.462.000 9.242.000 8.812.000
Goederenvervoer
ter zee in tonnen.
1930
11.121.000
20.977.000
12.928.000
1931
9.974.000 17.466.000 11.621.000
1932
8.449.000
11.808.000 9.841.000
oonnnn
1OfflAA
U.JU.¼flJJ

iL.OUU.JWU

.J ±O.tJUU

Wat de goederensoorten betreft, heeft Antwerpen
vooral veel meer stukgoed getrokken, terwijl de Nieu-
we Waterweg kan bogen op grooteren aanvoer van
hout en ertsen. De graanaanvoeren zijn in alle drie
de Noordzeehavens teruggeloopen. Zeer betreurens-
waardig is, dat de haven van Rotterdam in den en-

geren zin opnieuw verlies heeft geleden op het stuk-
goed.

Vermelden wij tenslotte, dat in het Rijnverkeer
langs Lobith de Duitsche vlag voor het eerst sedert
geruimen tijd weder op de tweede plaats is gekomen,
daarmede de Belgische daarvan verdringende. In onze
dagen van stijgende nationalisme is het zaak ,,la robe même de la patrie” ook aan de scheepsstevens nauw

lettend in het oog te houden.
L.

De invloed van de depreciatie op de productie
van geraftineerde metalen.

In verband met de vraag, die bij verschillende
gelegenheden wordt gesteld, of de depreciatie van
een valuta stimuleerend op de productie kan werken,
is het van belang kennis te nemen van de gegevens,
die in de onlangs verschenen jaarpublicatie van de
,,Metallgeseilschaft A.G.” voorkomen.
Op basis van de cijfers voor de raffinaderijen werd
in 1932 in landen met een gedeprecieerde valuta ge-
produceerd: 30 pOt. van de wereldaluminiumproduc-
tie, 34 pOt. van de wereldzinkproductie, 50 pOt. van
de wereidkoperproduetie, 57 pOt. van de wereldlood-
productie cii 85 pOt. van de wereldtinproductie.
Uit een vergelijking van de
productiecijfers
voor
het jaar 1932 met de in de laatste 10 jaar bereikte
hoogste jaarcijfers, bleek, dat op export georiënteer-
de productielanden, waar een valutadepreciatie had
plaats gevonden, in staat waren de capaciteit van hun
fabrieken – voor zoover men de werkelijk bereikte
recordproductie met de productiecapaciteit gelijk
stelt – in veel hoogere mate te gebruiken dan het
in landen met een stabiele valuta mogelijk was. Het
bericht merkt hierbij op, dat het vanzelfsprekehd aan
een diepergaand onderzoek moet worden overgelaten,
of dit verschijnsel uitsluitend of slechts ten deele
door de depreciatie werd veroorzaakt. Het aan ge-
noemde publicatie ontleende staatje laat dit ver-
schijnsel duidelijk zien.

Productie van raffinaderijen in procenten van de hoogste
productie in de laatste 10 jaren.

Lood
Zink
Koper
Alumi-

fl111111 Tin

Landen met gedepreci.
eerde valuta. …….
76
75 60
57
49
Landen

et stabiele va-
m
50

.

42
35
52
41
luta

………………
Totale weieldproductie
62 49
44 54 47

6 September 1933

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

Lu1i

STATISTIEKEN EN
OVERZICHTEN.
BANKDISCONTO’S.
Ned (Disc. Wissels. 3 15Aug.’33
Lissabon

•…
6 13 Mrt.’33
Bk ‘Bel.Binn.Eff 315Aug.’33
Londen ……2
30Juni’32
lVrsch.inR.0
315Aug ’33
Madrid ……6 26Oct.’32
Athene ……….7

6
Juni’33
N.-YorkF.R.B. 2k
25Mei’33
Batavia ……….
416Aug.’33
Oslo

……..
3p2Mei’33
Belgrado

…….. 71
20Juli’31
Parijs .

…… 2

9Oct.’31
Berlijn ……….4
22Sept.’32
Praag

……
325 Jan.’33
Boekarest……..7

3 Mrt. ’32
Pretoria

…. 3

15Mei’33
Brussel ……….3

13 Jan.’32
Rome …….. 3

4Sept.’33
Budapest ……..4

17Oct.’32
Stockholm

.. 3

1Juni’33
Calcutta

……..3

16Feb.’33
Tokio

…. 3.65

2Juli’33
Dautzig

……..3

6
Mei ’33
Weenen……
5 23Mrt.’33
Helsingfors ……5

4
Sept.’33
Warschau…. 6
20 Oct. ’32
Kopenhagen

3
1Juni ’33
Zwits. Nat. Bk. 2 22
Jan.’31

WISSELKOERSEN.
OPEN MARKT.

1933
1932
1931
1914

2 Se t
128 Aug.11
21/26
14119
29 Aug.!
[31 Aug.!
20124
P .
2 Sept.
Aug.
Aug.
3Sept. 5Sept.
Juli

Amsterdam
Partic.disc.
1
_
1
/8
’14-1]14
3
14
/4-I18
1
14_
1
12
515_314
3118_3116
Prolong.
1
1
1 1
1
14-1
211
411
4

Londen
DageId. . .
041
1/
4
.1
1
/4I
‘/4-1
/21
3_31
4

1
3
14-2
Part,c.disc.
11612
18-1I2
31
8

11
/16_
13
/16
4
1
/85116
411
4
_31
4

Berlijn
Daggeld…
418’6
451p-6
4114_5113
4
1
14

5
1
12
5
3
!-7
8
1
12-II

Maande1d
4
1
12-6
4
1
12-6
4
1
12-6
413-6
5-6
1
13


Part. d,sc.
3
7
18
3718
37/
8

3718
411
2

7715_9314
2118..112
Warenw. ..
4..11
4_I1
4..11
4_11
5_11
811
4

Nea, York
DageId
1)

31
4

3
14-1

1

1

2-11
4

11
12,
314
1
8
142
1
1
Partic.disc.

11

1
1_
5
1

5
1
314

18

I8

1


1)
Koers van 1 Sept. en daaraan voorafgaande weken t/m. Vrijdag.

KOERSEN IN NEDERLAND.

Data
New
York.)
Londen
Berlijn
*)
Parijs
S.)
Brussel
Batavia
1)

29 Aug. 1933
1.73
1
1
8

7.91
59.071
9.721 34.65
100/
8

30

,,

1933
1.74′,
7.9634
59.12
9.73e
34.671
10011
16

31

,,

1933





1 Sept. 1933
1.73k
7.8634
59.23
9.731
34.63
100
2

,,

1933
1.7234
7.82
59.24
9.731
34.64
4

,,

1933
1.72
7.8334
59.18
9.73
34.63
9971
8

Laagste d.w’)
1.7134
7.81
59.021
9.74
34.54
99′,,
Hoogste d.wl)
1.75
7.97
59.25
9.74
34.74
10011
8

Muntpariteit
2.4878
12.1070
59.263
9.747
34.592
100

Data
serland
S)
Weenen
“.)
Praag
1)
Boeka-
rest
1)
Milaan
*5)
Madrid
5*)

29 Aug. 1933
47.92

7.36 JTÖ 13.08
20.68
30

1933
47.95

7.36
1.50
13.09
20.64
31

1933


– – –

1 Sept. 1933
48.-.–

7.36
1.50 13.05
20.70
2

1933
47.99

7.36
1.50
– –
4

.1933
47.96

7.36
1.49
13.09
20.71
Laagste d.w’)
47.87
kii

7.34
1.45
13.04
20.60
Hoogste d.w’)
48.0234
28.-
7.40
1.55
13.15
20.90
Muntpariteit
48.1234
35.007
7.371 1.488
13.094
48.52

Data
Stock-
1
kopen_I Oslo *)
liet-
1 sing
Buenos-
f4
holrn
*)hagen*)
1
fors’)
Aires’)
t real
1)

9 Aug. 1933
41.10
35.50
40.-
3.50
65
1.65
30

1933
41.20 35.60 40.10
3.50
65
1.65
31

1933




– –
1 Sept. 1933
40.65
35.20
39.60
3.50
65
1.65
2

1933
40.50
35.-
39.40
3.46
65:
1.64


4

1933
40.60
.

35.10
39.40
3.45
65
1.64
Laagst

d.wl)
40.15
34.65
39.10
3.40

1.60
Hoogste d.w’)
41.25
35.75
40.25
3.55
65
1.70
Muntpariteit
66.671
66.671
66.671
6.206
9554

2.4878 S) Noteering te Amsterdam. **) Not, te Rotterdam.
1)
Part. opgave.
In ‘t late of 2de No. van iedere maand komt een
overzicht
voor va.n een aantal niet wekelijks opgenomen wisselkoersen.

KOERSEN TE NEW YORK. (Cable).

Da a
t Londen
(3
per
l)
1

Parijs
(3 P.
lOOfr.)
1

8erlzjn
(3
P.
100 Mk.)
1 Amsterdam
(3
P. 100 gld.)

29 Aug.

1933
4,56
5,591/4
34,10
57,50
30

,,

1933
4,52
5,543/
4

33,80
57,15
31

,,

1933
4,5234
5,371, 33,97 57,35
1 Sept.

1933
4,5334
5,62
34,15
57,75
2

1933
4,54
5,58
34,50
58,36
4

1933

– – –

5Sept.

1932



Muntpariteit..
4,86
3,90
5
18
23.81%
40s1
10

KOERSEN TE LONDEN.

Plaatsen en
Noteerings-
19Aug.
26Aug.
28Aug.12 Sept.’33
2Sept.
Landen
eenheden
1933 1933
Laagstelfloogsie
1933

Alexandrië.. Piast. p.g
97k,

9
7ai,
9751,

973.
Athene

….

Dr.
p.0

587
575

550 590

570
Bangkok…. Sh. p.tical

1 10
1 10°,

1110T’3
1! 1O,°

1jl0,
5

Budapest

.. Pen.p.p.

19y
4

18,

17
19%

18s
Buenos Aires

d. p.$

4234
4334

4334
4434

4434
,Calcutta . . . . Sh. p. rup.

116i1,
116
1
1
16

1/61132
163132

11611,,
,Constantin.. Piast. p. £

688
670

660 670

660
Hongkong ..

5h. p. $

14
1
1
431
16

l4s
8

1j5%
1
,
29
3
2

1/211,
1/24,,

112s/,
Lissabon…. Escu. p. £ 109%
106

103%
106

104
Mexico

$per

16
1634

15%
163%

16k

Kobe

……..Sh. p. yen

1251,6

Montevideo .

d.per

34
35

341,
37

3634
‘Montreal

..

$ per £

4.75
4.8434

4.74
4.84

4.76
Rio d. Janeiro d. perMil.

01
9

434

4’1
8

434

4
,
18
Shanghai

. . 8h. p. tael

1/3i,,
13281
33

1/28/,,
1/3,

1/3’i,
»ingapore

..

id. p. $

2/3isj,,
213

2/3 is11,
2/4
1
1
16
2/331/
33

Valparaiso 1).

$ per £

– –

– .


Warschau ..

ZI.
p. £

2934
282 1/,

28
28%

2881,
6

1
)90 dg.
ZILVERPRIJS
GOUDPRIJS )
Londeni) N Vorkl)
Londen
29 Aug. 1933..

18

3651
8

29 Aug. 1933….

129/41
30

,,

1933..

18
1
1
8

361/,
30

1933….

1299
31

,,

1933..

18

362/
8

31

1933….

12917
1

Sept. 1933..

1861
1
,

3651
8

1

Sept. 1933….

130181
1933..

181,


2

1933….

13113
4

,,

1933..

181,


4

1933….

131/-
5 Sept. 1932..

1831,


5

1932….

11814
27 Juli

1914.. 24″1,
6

59
27 Juli

1914.

..

84,10%
1) in pence p. oz.stand.
2)
Forelgn silver
in $c. p. oz. fine.
3)
in sh. p. oz.fine
STAND VAN.

s RIJKS KAS
Vorderingen.
/

23Aug.1933
30Aug.1933
Saldo van’s Rijks Schatkist bij De Ne-
/

11.971.476,46

Saldo b. d. Bank voor Ned. Gemeenten
148.344,29
/

80.300,84
derlandsche

Bank……………….

Voorschotten op ultimo Juli 1933 aan
de gem. verst, op v. haard. de Rijks-
adm. te heffen gem. ink. bel, en opc.
op de Rijksink. bel…….. ……….
Voorschotten op ultimo Juli1933 aan de
1.608.287,25
1.608.287,25

gem. verstrekt op aan haar uit te
keeren hoofds.derpers. bel., aand. in

……

de hoofds. der grondbel. endergem.
fondsbel., alsmede opc. op die belas-
tingen en op de vermogensbelasting


Voorschotten aan Ned.-Indit ………
185.378.121,45
,,l86.954.3l0,80
Id. aan

Suriname …………………
12.036.332.69
,,

12.138.487,27
Id.

aan

Curaçao ………………….
5.631.887,47
,,

5.588.148,97
Kasvord. weg. credietverst. a/h. buitenl.

….

., 101.579.923,65

..

,,101.927.448.19
Saldo der postrek. v. Riikscomptabelen

….

,

23.097.173,58
,,

21.133.615,93
,,

9.151.020,72
Vord. op andere Staatsbedrijven 1)

…….13.304.228,23
Verstr. t. laste der Rijksbegr. kasgeld- leeningen aan gemeenten (saldo)
44.105.547,08
..

44.008.747,08
Verplichiingen.

Voorschot door De Ned. Flank ingev.
art. 16 van haar

octrooi

verstrekt

f

6.304.396,79
Schatkistbiljetten in Omloop …… …
/331.997.000,-
,,331.997.000,-
Schatkistpromessen in omloop …….
170.070.000.-
170.070.000,-
1.476.509,50
1.468.614,-
Schuld op ultirno Juli 1933 aan de gem.


.

Zilverbons in

omloop ……………….

weg. a. h. uit te keeren hoofds. d. pers.
bel., aand. i. d. hoofds. d. grondb. ed.
gem. fondsb. alsm. opc. op die bel, en
,,

6.113.888,84
6.113.88884
Schuld aan het Alg. Burg. Pensioenf.t)
,,

8.620.565,68
,,

8.553.045,04
op de verm. bel……………………

Id. aan het Staatsbedrijfd.P.,T.enT.1)
,,

85.553.800,-
86.049.019,59
Id. aan andere Staatsbedrijven’) ………….
65.371,87
50.371.87
Id. aan diverse instellingen’) …… …..
102.538.685,65
, 102.519.159,61
1) In rekg.-crt. met ‘s Rijks Schatkist.
NEDERLANDSCH-INDISCHE
VLOTTENDE
SCHULD.
26 Aug. 1933

1
2 Sept. 1933
Vorderingen:
Saldo Javasche BanK …. … … . ……


Verplichtingen:
Voorschot ‘s Rijks kas e. a. Rijksinstell.

……

/
186.280.000,-
fl97.246.000,-
Schatkistpromessen ………………
,,

1.000.000,-
,,

1.000.000.-
Schatkistbiljetten

………………..
19.700.000,-
,,

19.700.000,-
..

1.349.000,-
Muntbiljetten in omloop ……………1.400.000,-
Schuld aan het Ned.-Ind Muntfonds.,
7.431.000,-

..

,,

8.684.000,-
Idem aan de Ned.-Ind Postspaarbank.,,
722.000,-
,,

703.000,-
Voorschot van de Javasche Bank…….
1.188.000,-
1.380.000,-

SURINAAMSCHE BANK.
Voornaamste posten in
duizenden guldens.

Data
Metaal
1

Circu-
latie
schulden
1
Dii
Div. reke-
ningeni)

29 Juli

1933..
710
2
)
1.406
509
720 2.291
22

1933..
710
2
)
1.062
597 721
2.282
15

,,

1933..
708
2
)
1.080
577 724
2.284
8

,,

1933..
706
2
)
1.207
578 730
2.292
1

,,

1933..
7072)
1.279 564
722
2.275
5 Juli

1914..
645
1.100 560
735 396 6) Sluitp. der activa.
2)
Benevensf
152.000
buitenslands.

706

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

6 September 1933

NEDERLANDSCHE BANK.
Verkorte Balans op 4 September 1933.

Activa.
Binneni.
Wis-t
Hfdbk.
f
27.491.567,62
sels, Prom., Bijbnk.
,,

651.069,86
enz.in
disc.I Ag.sch.
,,

3.925.556,45
f

32.068.193,93
Papier o. h. Buiteni. in disconto ……

Idem eigen portef.
f

1.248.750,-,
Af: Verkochtmaar voor
de bk.noguietafgel. «

1.248.750,-
Beleeningen ifdbk.
f
101.392.968,381).
mci. vrsch.p
Bijbnk. ,,

3.830.411,72
in rek.-crt.1 Ag.sch. ,, 40.294.979,33
op onderp. (

_________________
f
145.518.359,43′

Op Effecten ……
f
144.358.725,-
1
)
Op Goederen en Spec.
,,

1.159.634,43

145.518.359,431)
Voorschotten a. h. Rijk ……………. ..-
Munt, Goud ……
f
111.858.255,-
Muntmat., Goud .. ,, 715.193.880,99

f 827.052.135,99
Munt, Zilver, enz. ,, 23.184.288,08
Muntmat., Zilver..

,, 850.236.424,07′)
Belegging
1
1
5
kapitaal, reserves en pen-

sioenfonds ……………………,,

21.510.224,94

Gebouwen en Meub. der Bank ……..,,

5.000.000,-t

Diverse rekeningen ………………,,

6.054.070,89

Sfat d. Nederi. (Wetv. 27/5/’32, S.No. 221) ,,

18.331.195,17

f
1.079.967.218,43

Pasaiva.

Kapitaal ……………………….
f

20.000.000,

Reservefonds ……………………,,

3749.272,82

Bijzondere reserve ………………,,

5.000.000,-

Pensioenfonds ………………….,,

8.819.242,55

Bankbiljetten in omloop ………….. ,,

928.448.100,-

Bankassignatiën in omloop ……….,,

53.448,23
Rek.-Cour. j Het Rijk
f
10.485.902,72
saldo’s:
k
Anderen ,,101.916.232,59

112.402.135,31
Diverse rekeningen ………………..,1.495.019,52

f
1.079.967.218,43

Beschikbaar metaalsaldo …………
f
434.393.931,24
Minder bedrag aan bankbiljetten in om-
ioop dan waartoe de Bank gerechtigd is ,, 1.085.984.828,-
Waarvan aan Nederlandsch-Indië
(Wet van 15 Maart 1933, Staatsbiad No. 99) ……../ 76.424.425,-
Waarvan in het buitenland ……………………. ..3.020.302,58

Voornaamste posten in duizenden guldens.

Goud

Andere
1
Beschikb.
1
Dek-
Data

Circulatle
opeischb. Metaal- kin ga
Munt _Munt
mat.
__
schulden

saldo

perc.

4 Sept. ’33 111858 715.194 928.448 112.456 434.394 81 28 Aug. ’33 111858 714.756 911.565 137.754 431.751 81

25 Juli ’14 65.703 96.410 310.437 6.198 43.52154

Totaal
1
Schatkist-
B
i

Papier

Diverse
Data

bedrag
promessen


e ee

op het

reke-

disconto’s
rechtstreeks
ningen

bulten!.
ningen
1)

4 Sept. 1933
32.068


145.518
.1.249.
6.054
28 Aug. 1933

34.977


145.882
1.249
6.659

25 Juli

1914

67.947


61.686
20.188
509

‘)Onder de activa.

JAVASCHEBANK.

Andere
Beschikb.
Data
Goud
Zilver
Circulatie
opeischb.
metaal- schulden
saldo

2 Spt. ‘332)
140
194.380
29.680
51.096

26Aug.’33 2)
140.530
193.700
29.770
51.142

5 Aug.1933
99.925

42.643
199.706
28.795 51.168

29Juli1933
99.906

43.008
197.357
28.198 52.692

25 Juli1914
22.057

31.907 110.172 12.634
4.842

1

Wissels.
e
1
Dek-

BANK VANENGELAND.

Bankbilj.
1

OtherSecuritles
Data

Metaalin

n
Banking Disc.and
Securities
circulatie
Departm. Advances

30 Aug. 1933 191.666 374.003

76.280

9.973
1
11.698
23

,,

1933 191.498 374.556 1 75.613

10.060

11.481

22 Juli 1914 40.164

29.317

33.633

OtherDeposits 1

1
Dek-

Gov.

Public
1

Other
1
Reservel kings-
Data

Sec.

Depos. ‘BankerslAccountsl________
1
perc.’)

30 Aug.’33 83.196 41.960 79.425
1
42.930
1
77.663 47,2
23 ,, ’33 84.906 32.243 90.543

42.401 76.9421 46,5

22Juli ’14 11.005 14.736

42.185

2
9.
29
71 52
1)
Verhouding tusschen Reserve en Deposits.

BANK VAN FRANKRIJK.

1
Te
goed
Wis-
Waarv.I
Belee-
Renteloos
Data

Goud Zllverl
in het
op
het
1
.

1
voorschot
buitenl.l
sels

buitenl.I
ningen v.d. Staal

25Aug.’33182.227
1
8451 1.291
1
4.569! 1.3611 2.688 1 3.200
18 ,, ‘33182.093 1 866l 1.294 4.1781 1.3741 2.723

3.200

23 Juli’14 4.104 _640
_-1
1.54118
_
769
_-

1
Bons v. di

1

Rekg.Courant
Data

) zeI/st.

Diver-
Circulalie Staat
1
Zei/st

1 amort. k.

sen’)

-tk
culieren

19.657
18.594

943

Data
Goud
biJ bui-
1
als goud-
1
wissels

1
Belee-
tenl. circ.
1

dekkig

1
en

1
ningen
banken
1
)
1
geldennde
1
cheques

1

31 Aug. 1933
307,3
1
93,8
1

1
3.150,8
163,1
23

,,

1933
1

286,8
1
73,7 74,2

1
2.928,7
64,9

30 Juli

1914
11.356,9
1

1


750,9
1
50,2

Data

1
Effec-
1
Diverse
1
Circu-
1
Rekg.-
1
Diverse
1

ten

1
Acliva2)
1

latie
,
1

Crt.

1 Passiva

31 Aug. 1933
1
320,2
1
548,6
1
3.521,2

415,5
1
217,7
23

,,

1933 1 319,8 1 503,8 1 3.251,4

420,3

221,5

30 Juli 1914

330,8

200,4
1
1.890,9
1

1

40,0

1) Onbelast.
2)
Wo.
Rentenbankscheine 31, 23Aug. 1933, resp. 14,30 mili.

NATIONALEBANKVAN BELGIË.

Goud

Rekg.Crt.

Data

.

1933

42
.

.3

0

31 Aug.
2700
65
1
765

54 355

40 3.612
110
248
24 ,,

21 65 759

53 355

40 3.565 103 1 288

FEDERALRESERVEBANKS.

Goudvoorraad

Wissels

Data

Dekking

,,Other

In
her-

In
de
Totaal

F. R.

cash” 2)

disc. v. d.

open

member

markt
bedrag

Notes

banks1gekocht

16Aug.’33 3.582,2
1
2.789,4

240,9

165,9
1

7,5
9,,’33 3.577,812.794,2

248,8

156,3 _7,6

Belegd
1

Totaal

1
Goud-
Algem.
Gestort 1 Dek-
i
Dek-
Data

in U.S. in
circu]

Kapitaall
kings-
1 kings-

Gov.Sec.
1___
latie 1

ii
perc.’)
1
perc.
2
)

l6Aug.’331 2.058,9
1
2.996,3 12.616,5
1
146,2
1
63,8
1 .
68,1

‘331
2.048,3
1
2.999,2 12.595,6
1
.
146,2

63,9

68,4
i) Verhouding totalen goudvoorraad tegenover opelschbare
schulden: F. R. Notes en netto deposito.
2)
Verhouding totalen
voorraad muntmateriaal en wettig betaalmiddel tegenover idem.
2) ,.Other Cash” does not include Federal Reserve Notes or a Bank’s
own Federal Reserve
bank
notes.
PARTiCULIERE BANKÊN AANGESLOTEN BIJ HET
FED. RES. STELSEL.

Dis-
1

1
Reserve
Totaal 1
Waarvan
Data

Aantal
1
conto’s
1
Beleg-
1 t,/
de
banken

en

i gingen

r. R. 1 depo-
.

time

beleen.
i

t
banks
1
sito’s

deposits

9Aug.’33

28
1
8.538
I
7.986
1
1.709

15.591

4.537
2
,, ‘I

31

8.546

8.011 11.6
64
1
15.568

4.533
De posten van De Ned. Bank, de Javasche Bank en de Bank of Eng-
land zijn in duizenden, alle overige posten in millioenen van de be-
treffende valuta.

Data

1
1
buiten
N.-Ind.
betaalb.

Dis-
conto’s
Belee-
ningen
1

1
reke-
1
ningen’)

king.
perce
1
tagi

2 Spt. ‘332)
530
8040
14.300
63
26Aug.’33
2
)
580
78.410
16.180
63

5Aug.1933
4.020
24.957
62
9.511

1

48.758
29Juli1933
4.284 9.514

45.744 25.569
63

25 Juli1914
6.395
7.259
j

75.541
2.228
44

1)
Sluitpost activa.
1) Cijfers
telegrafisch ontvangen.

25Aug.’33 6.417

2.298

81.143

770 2.005
18 ,, ’33

6.437

2.341

81.530

955 2.027

23 Juli’14

5.912

401 –
1) Sluitpost activa.
DUITSCHE RIJKSBANK.

6 September 1933

1
ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

707

GOEDERENHANDEL.

GRANEN.

5 September 1933.

Gedurende de afgeloopen week was voor t a r w e, in het
bijzonder in Engeland, de vraag aanmerkelijk beter dan
eenigen tijd het geval was geweest. Met beteren afzet van
meel zijn er meer inkoopen gedaan van Canadeesche en
Australische tarwe en vooral trok het de aandacht, dat
veel Russische tarwe op September-aflading naar Enge-
land is verkocht. Het aanbod uit Frankrijk heeft vrijwel
opgehouden, doch Duitschiand bleef tot lage prijzen aan
de markt en ook dit leidde tot geregelde zaken naar En-
geland. Eenigszins heeft ook het resultaat van de Lon-
densche Tarweconferentie bijgedragen tot de betere stem-
ming, omdat daarvan nog in dit seizoen eenige vermin-
dering der verschepingen uit uitvoerlanden en in de toe-
komst een afneming van den verbouw in de groote over-
zeesche productiegebieden te verwachten is. Naar verluidt
zijn de uitvoerlanden het intusschen eens geworden over
de onderlinge verdeeling van het voor den gezamenlijken
uitvoer van dit seizoen vastgestelde maximum van 560
ntillioen bushels (70 millioen quarters). Daarvan zou dan
Canada 25 millioen quarters mogen uitvoeren, de .er.
Staten 5.8 millioen, Australië 13 millioen, Argentinië 14
millioen. De resteerende ongeveei 12 millioen blijven dan
over voor Rusland en de Balkanlanden. Het totaal is iiog
iets hooger dan de tegenwoordig bekende schattingen van
de behoefte der invoerlanden en tevens mag worden op-gemerkt, dat deze maxima slechts in zeer beperkte mate
het opruimen der nog in Noord-Amerika aanwezige groote
voorraden zullen mogelijk maken. Het is dus maar een
gelukkige omstandigheid, dat de oogst in de Ver. Staten dit jaar zeer klein is en ook de Canadeesche Prairie-pro-
vincies een beperkte opbrengst heeft. Deze schijnt echter
wat grooter te worden dan de ramingen van 210 á 225
millioen bushels, die onlangs dc ronde deden. Men spreekt
nu althans van bijna 270 xnillioen bushels. In het Oosten
van Australië, waar nog steeds over droogte werd ge-
klaagd, is deze week regen gevallen ..De termijnmarkteu in Noord-Amerika hebben van een betere stemming wei-
nig doen blijken. Chicago meldde weder sterke prijs-
schommelingen en was nu en dan zeer flauw. Op 2 en 4
September waren Noord-Amerikaansche markten gesloten;
op 1 September was het slot te Chicago 2 dollarceuts
lager dan op 28 Augustus. Te Winnipeg was het moeilijk
de minimum-prijzen te handhaven. De Prijzen waren ten-
slotte
%
dollarcent per 56 lbs. lager. Argentinië is op
2 en 4 September wat vaster gcloopen, ofschoon de afzet van Argentijnsche tarwe in Europa onbevredigend is. Op
4 September sloten de termijumarkten te Rosario 20 en
Buenos Aires 19 cents hooger dan 01) 28 Augustus. IR o g ge blijft uit Polen en Duitschland zeer goedkoop
te koop, al is de prijs iets hooger dan onlangs het geval
is ge’eest. Scandinavië en ook Nederland hebben toen van deze goedkoope rogge Vrij wat gekocht, maar het aanbod
is zoo groot, dat een aanmerkelijke prijsverbetering niet
mogelijk bleek. In het bijzonder Polen heeft een zeer groo-
ten oogst. Argentinië en Hougai-ije worden in den ver-
koop van hun rogge in sterke mate door het goedkoope
Poolsche aanbod belemmerd.
Mais ontmoette deze week betere vraag in Ierland,
doch elders wordt over slechten afzet geklaagd, al was dan in Engeland de omzet eveneens wat minder teleur-
stellend dan tevoren. In Nederland waren de aanvoereu
deze week onbeteekenend, waardoor de aanwezige voor-
raden grootendeels konden worden opgeruimd. Prjsvcr-
betering trad er niet in, doch voor spoedige maIs viel een
kleine premie boven stoomende booten te bedingeu. Overi-
gens is deze latere mais evenals maIs op aflading en
levering tegenwoordig in Nederland moeilijk te plaatsen

wegens de onzekerheid, die er geschapen is door het
Crisis-Gi-aanbesluit en de bij den graanhandel heerschen-
de vrees, dat wijzigingen in het tarief der heffingen zul-
len worden aangebracht. Het zou inderdaad tot geregel-
de toestanden in den graanhandel leiden, indien de op
dit punt bestaande onzekerheid kon worden opgeheven.
In deze en de volgende week zullen in Nederland aan-
zienlijke hoeveelheden Plata- en Donaumaïs arriveeren, die
dan de betrekkelijke schaarschte, welke hier nu wordt ge-
voeld, gemakkelijk in haar tegendeel kunnen doen vei–
keeren. Tot weder iets lageren prijs werden uit stoomende
booten deze week zaken in Platamaïs gedaan, doch aaii
liet einde der week vond eenige verbetering plaats, terwijl
ook Argentinië op 2 en 4 September vaster was. De ter-
mijnmarkten sloten daar voor mals op den 4den, 7 en 10
centavos hooger dan een week tevoi-en. Uit Roemenië blij-
ven berichten komen over een zeer grooten maïsoogst
evenils uit Bulgarije, doch met het aanbod van Donaumaïs
zijn deze landen wat terughoudender geworden met eenige
verhooging der prijzen.
G e r s t is nog steeds op het uiterst lage prijspeil van
de vorige week blijven hangen. De oogst is blijkbaar
iii
Roemenië zeer groot geweest en dat schijnt ook te gelden
voor Rusland, dat met zijn verschepingen voortgaat. Rus~
sische en Roemeensche gerst is tot de lage prijzen deze
week Vrij geregeld in Engeland gekocht, doch naar Ne-
clerland is de omvang der Roemeensche zaken afgenomen.
Voorraden van gerst zijn in de Nederlandsche havens
grootendeels opgeruimd, doch tot meerdere vraag voor
latere posities heeft dat nog niet geleid. Het aanbod van
gerst uit Argentinië blijft
01)
het verlaagde prijsniveau
gering.

SUIKER.

De verschillende suikerinarkten waren gedurende de af-
geloopen week weer ongeauimeerd, hoewel er een vaste
ondertoon te bespeuren viel.
Nadat tegen het einde der voorafgaande week in
A m e r i k a hoofdzakelijk door raffinadeurs cenige flinke
partijen ruwsuiker uit de markt genomen werden, begon
deze week in rustige stemming. Zoowel koopers als ver-
koopers waren uiterst gereserveerd. Voor eenige kleinere
partijtjes werd ca. 1.60 d.c. c. & Ir. basis Cubasuiker be-
dongen.
De stemming op de N e w-Y o r k s c h e termijnmarkt
was afwachtend met het oog op de gebeurtenissen in Cuba
en te Washington. Na eenige niet noemenswaardige flud-
tuaties belandden de noteeringen aan het slot op de vol-
gende cijfers: Sept. 1.46, Oct. 1.51, Dec. 1.58, Jan. 1.60
en Mrt. 1.65, terwijl de laatste noteering voor Spot Centr.
3.60 bedroeg.
De ontvangsten in de Atlantische havens der Ver. Sta-
ten bedroegen deze week 20.000 tous, de versmeltiugen
50.000 tons tegen 58.000 tons verleden jaar en dc voor-
raden 296.000 tons tegen 261.400 tons.
De laatste C u b a-statistiek is als volgt:

1933

1932

1931
• tons tons tons
Productie ….(Raming) 1.994.528 2.602.864 3.122.186
Ontvangsten ………….30.263 26.296 28.689
Totaal sedert 1/1 ……..924.873 1.394.602 1.707.544
Verschepingen ………..59.284 93.800 74.654
Voorraad

……………695.961

921.622 1.192.932
Volgens F. 0. L i c h t wordt in zoo goed als alle landen
sterk naar regens verlangd, daar de in de voorafgaande
week gevallen neerslag niet voldoende was en de bieten
bijna overal nog zeer ten achter zijn.
In Engeland werden de prijzen voor geraffineerd
met 3 d. verhoogd, tengevolge van den bevredigenden af-

AANVOEREN in tons van 1000 KG.

Artikelen

Rotterdam
Amsierdam
.

Totaal

27Aug.12 Sept.1
Sedert
Overeenk. 27Aug.12 Sept.
Sedert
Overeenk.
1932
1933
1Jan. 1933
tijdvak
1932
1933
1Jan.
1933
tijdvak
1932

926.276
933.577

19.956
7.800
946.232 941.377 265.243 357.339

5.069
1.743
270.312
18.712
Tarwe

………………9.302
Rogge

………………4.501
14.570
16.969

25

14.595
357.339
Boekweit ………………746
18.
Maïs ……………….808
745.807
940.262
450
135.635
237.436 881.442
1.177.698
Gerst

………………7.054
243.900
260.988
250
24.200
8.535
268.100
269.523
Havei.

…………….

1.152
99.624
128.611

2.821 3.241
102.445
131.852 155.211
200.439

189.974
282.522
345.185
482.961
.

69.008 72.359

200
50
69.208 72.409
Lijezaad

……………..718
Lijnkoek

……………5.680
12.653 15.737
5
4.970
9.559
17.623
25.296
Tarwemeel

………….298
Andere meelsoorten
. . . –

429

34.299
26.156
250
6.945
8.721
41.244
34.877′

708

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

6 September 1933

STATISTISCH OVFRZICH

GRANEN
EN ZADEN
TUINBOUWARTIKELEN
VLEESCH

TARWE
Manitoba
R000E
MAIS
GERST
64165 K.G.
LIJNZAAD
DRU1VEN
BLOEM-
KOOL

RUND-
VLEESCI-1
VARKENS-
VLEESCH
No.2 loco
No. 2 Canada
loco
La Plata
loco
La Plata
La Plata
loco
Black All-
TOMATEN
A

100 KG
p.

le soort
(versch) (verscil)
Rotterdam!
Amsterdam .R’damlA’dam
R’damjA’dam
loco Rotter-
damlA’dam

R’dam,A’dam
cante
P•
KO.
Westlaiid Westland
p. 100 st.
Groote-
Gem.v.3kw.
per

oo
1(0.
per 100 KG.
per

oo
K.G.
per 100 K.G.
per 2000 K.G.
per2000K.G.

per 1960 K.G.
broeks)
Rotterdam
Rotterdam
4
)
_
f1.
°j
o

f1.

i;

f1.
0
10
1E

110
6.
01
0
_

_

_
%
_ _
0
10
1925
17,20
100,0
13,07
5

100,0
231,50
100,0
236,00
100,0
462,50
100,0


1926
15,90
92,4
11,75
89,9
174,25
75,3
196,75
83,4
360,50
77,9

1927
14,75
85,8
12,47
95,4
176,00
76,0 237.00
100,4
362,50
78,4


1928 13,47
5

78,3
13,15 100.6
226,00
97,7
228,50
96,8 363,00
78,5
0,80
100,0
20,
100,0
1480
100,0)
93,-
100,- 77,50 100,-
1929
12,25
71.2
10,87
5

83,2 204,00
88,1
179,75
76,2 419,25
90,6
0,64
80,0
16,
80,0
17,23
116,4
96,40
103,7
93,125
120,2
1930
9,67
5

56,3 6,22
5

47,6
136,75
59,1
111,75
47,4 356,00
77,0
0,62
77,5
20,
100,0 14,22
96,1
108,-
116,1
72,90
94,1
1931
5,55
32,3
4,55
34,8
84,50 36,5
107,25
45,4
187,00
40,4
0,49
61,3
14,50
72,5
7,54 50,9
88,-
94,6
48,-
61,9
1932
5,22
5

30,4 4,62
5

35,4
77,25
33,4
100,75
42,7
137,00
29,6
0,41
51,3
11,50
57,5
9,92 67,0
61,-
65,6
37,50
4,4
Jan.1931
6,52
5
37,9
4,-
30,6
84,50 36,5 86,25
36,5
207,50
44,9
96,-103,2
56,-
72,3
Febr.

,,
5,775
33,6 3,90
29,8 87,50 37,8 85,75
36,3
206,25
44,6
91,-
97,8

64,5
Maart

,,
5,62
5

32,7
4,20
32,1
103,00
44,5
104,75
44,4
214,00
46,3
90,-
96,8

65,8
April
5,90
34,3
4,42
33,8
112,00
48,4
117,00
49,6
197,75
42,8
97,-
104,3
47,-
60,6
Mei

,,
6,15
35,8
4,975
38,0
95,75
41,4
124,00
52,5
189,00
40,9
98,-
105,4
45,-
58,1
Juni

,,
5,75
33,4 5,05
38,6 86,75 37,5
116,50
49,4
191,50
41,4
101,–
108,6
41,-
52,9
5,42
31,5 4,70
35,9
84,25
36,4
115,75
49,0 211,00 45,6
-‘
23,
115,0
95,-
102,2
49,-
63,2
Aug.

,,
4,975
28,9 4,02
5

30,8
74,50
32,2
119,50
50,6
185,50
40,1
0,65
81,3
8,50 42,5
94,-
101,1
54,-
69,7
Sept.
4,775
27,8
4,27 32,7
68,00
29,4
97,00
411
164,25
35,5
0,48 60,0
9,
45,0
12,21
82,5
84,-
90,3
50,-
64,5
Oct.
5,-
29,1
4,475
34,2 68,50
29,6
94,75
401
160,25
34,6
0,34
42,5
17,50
87,5

—————————- —————————-

4,38
29,6
75,-
80,6
49,-
63,2
Nov.
5,82
5

33,9
5,475
41,9 81,00 35,0
114,50
48,5
169,75
36,7

—————————–

6,04 40,8
72,-
77,4
48,-
61,9
Dec.

,,
4,92528,6
4,95
37,9
69,25
29,9111,25
47,1
145,75
31,5


—–






70,-
75,3
43,-
55,5
Jan.

1932
5,05
29,4
5,07
5

38,8 71,25
30,8
114,00
48,3
142,50
30,8


—–






70,-
75,3
40,-
51,6
Febr.
5,30
30,8
5,075
38,8 74,00
32,0
108,50
46,0
142,25
30,8
68,-
73,1
34,-
43,9
Maart
5,525
32,1
5,80
44,4
86,75
37,5
118,00
50,0
143,25
31,0
67,-
72,0
32,-
41,3
April
5,65
32,7
6,22
5

47,6
88,75
38,3
124,50
52,8
135,25
29,2
63,-
67,7
28,-
36,1
Mei
5,60
32,6
5,30
40,5 78,00
33,7
116,00
49,2
130,25
28,2

67,7
26,-
33,5
Juni
5,225
30,4
4,15
31,7
80,75
34,9
105,75
44,8
128,75
27,8


——









—–








67,-
72,0
34,-
43,9
juli
4,90
28,5
4,-
30,6
78,75
34,0
100,25
42,5
129,75
28,1
15,50

——








77,5

68,8 35,50
45,8
Aug.
5,20
30,2 4,07
5

31,2
77,50
33,5
98,25 41,6
133,00
28,8
0,56 70,0
8,



——





40,0
62,-
66,7
40,50
52,2
Sept.,,
Oct.
5,475
31,8
4,20 3,92
5

32,1
30,0
78,50 74,50
33,9
32,2
88,50 79,50
37,5
33,7 150,75
138,25
32,6 0.37 46,3 5.50
27,5
9,78
9,81
66,1
66,3
55,
51,-
59,1
54,8 42,50
44,-
54,8 56,8
Nov.
5,25 4,90
30,5 28,5
3,90
29,8 71,25
30,8
79,00 33,5
135,23
29,9
29,2 0,30
37,5
17,
85,0
10,18
68,8
53,-
57,0
46,-
59,3
Dec.,,
4,725
27,5
1

3,80
1

3,75
29,1
66,25
28,6
31,5
75,25
75,251
31,9
135,00
29,2












—-












—-

1
1
53,–
57,0
46,-
44,75
59,3
57,7
Jan.

1933
Febr.

,,
4,95
4,775
28,8 27,8
1

3,70
28,7 28,3
73,00 71,00
30,7 74,751
31,9 31,7
136,50 130,25
29,5
28,2








































– –
1
50,50
49,25
54,3 53,0

58,1
Maart

,,
5,05
29,4
1

3,82
5

29,3 73,50
31,7
76,25 32,3
130.50
28,2
-.
46,50
50,0

59,3
April

,,
Mei
5,15 5,40
29,9 31,4 3,75
3,775
28,7
28,9
72,75
70,50
31,4 30,5
71,251
73,25
30,2 31.0
129,50 146,75
28,0 31,7

—-








1
49,50 52,25
53,2
1

56,2
48,25
49,
62,3 63,2
Juni
5,25
30.5
3,55
27,2
66,00
28,5
75,75
32,1
163,25
35,3
51,25155,1
48,-
61,9
Juli
5.82
5

33,9 3,85
29,4
64,25
27,8
78,00
33,1
176,25
38,1
13,55

—-







——

67,8

49,25
1

53,0
48,50
62,6
Aug.
530
30,8
3.55
27,2
61,25
26.5
67,75
28,7
161,50
34,0
0,41
51,3
8,

—-







—–

40,0
49,-
1

52,7
49,25
63,5
28

..
5,10
29,7
3,60
27,5
60,50
26,1
64,00
27,1
159,00
34,4
0,37
46,3
4,44
22,2
50,_
6
1
53.8 48,50
6
)
62,6
4 Sept.

,,
5,10
29,7
3,50 26,8 61,00
26,3
64,00
27,1
167,50
36,2
50-
7
1
53.8
50-
7
)
64,5
1) Men zie voor de toelichting op oezen staat de nos. van 8, 15 Aug. lsi28, 25 Febr. 1931 en 15 Febr. 1933.
J)
Tot Jan. 1931 Hard Winter No. 2. van Jan. 1931 tc
vanaf 25Mei1930 tot 23Mei1932 74 K.G. Zuid-Russische.
4
)Tot Jan. 1928 Malting; van Jan. 1928 tot 9 Febr. 1931 American No. 2, van 9 Febr. 1931 tot 23 Mei 19
Langendijk.
6)
26Aug.
7
)1 Sept.
8)
24Aug.
9)
25Aug.
Vervolg STATISTISCH OVERZICH

MINERALEN

TEXTIELGOEDEREN
DIVERSEN

STEENKOLEN
Westfaalsche/
PETROLEUM
BENZINE KATOEN
WOL
WOL
gekamde
KOE-
KALK-

Hollandsche
Mid. Contin.
Cr’ide Gulf exp.
_____________ __________
gekamde
Australische, Australische,
HUIDEN
SALPETER
Middling
locoprijzen
F.0. F.
Sakella-

– _________

0. F. No.
1
bunkerkolen, on”ezeefd f.o.b.
33m533,9°
6466°
$cts. per
Merino, 645 Av.
CrossbredColo- nial Carded,
Gaaf, open
kop
Old. per
100
KG.
R”damjA’dam
per barr’el
U.S.
gallon
New-York
rides
Oomra
Liverpool
loco
Bradford
per Ib.
5

Av.
loco
57-61 pnd.
netto
per
1000
K.G.
per Ib.
Liverpool
Bradford per lb.

f1.
5/
$
01
$cts.
01
$
cts.
0
10
pence
0
10
pence
01
pence
pence
f1.

.
f1.
010
1925
10,80
100,0
1.68
100,0
14,86
100,-
23,25
100,0
29,27
100,-
9,35
100,-
55,00
100,0
29,50
100,0
34,70
100,0
12,-
100,0
1926
17,90
165,7
1.89 112,5 13,65
91,9
17,55
75,5
16,24
55,5
6,30 67,4
47,25
85,9
24,75
83,9
28,46
82,0
11,61
96,8
1927
11,25 104,2 1.30
77,4
14,86
100,-
17,50
75,3
16,78
57,3
7,27
77,8
48,50
88,2
26,50 89,8 40,43
116,5
11,48
95,7
1928
10,10
93,5
1.20
71,4
9,98
67,2
20,00
‘ô,û
19,21
65,6
7.51
80.4
51,50
93,6
30,50
103,4
47,58
1371
11,48
95,7
1929
11,40 105,6 1.23
73,2
10,-
67,3
19,15
f
82,4
17,05
58,2
6,59 70,5
39,-
70,9
25,25 85,6 32,25
929
10,60
88,3
1930
11,35
105,1
.1.12
66,7
8,77
59,0
13,55
58,3
12,-
41,0
3,92 41,9
26,75 48,6
16,25
55,1
25,36
73,1
9,84
82,0
1931
10,05
93,1
0.58
34,5
5,04
33,9
8,60
137,0

7,33
25,0
3,08
33,0
21,50
39,1
12,00
40,7
18,65
53,7
8,61
71,8
1932
8,00
74,1
0.81
48,2
4.50
30,3
6,45
f27,7
5,21
17,8
3,11
33,3
16,00
29,1
8,50
28,8
11,15
32,1
6,15
51,3
Jan.

1931
10,30
95,4
0.85
50,6
6,08 40,9
10,30
44,3
8,31
28,4
3,09
33,1
21,25 38,6
12,00
40,7
24,63
71.0
10,11
84,3
Febr.
10,30
95,4
0.85
50,6
6,14
41,3
10,95
-47,1
9,58
32,7
3.55
38,0
21,75
39,5
12,00
40,7
22,50
64,8
10,21
85,1
Maart
10.30
95,4
0.66 39,3
6,07 40,9
10,90
46,9 9,70
33,1
3,56
38,1
25,25
45,9
14,50
49,2 22,25
64,1
10,21
85,1
April
10,15
94.0
0.53
31,5 5,66
38,1
10,25
44,1
8,68
29,7
3,31
35,4
24,50
44,5
14,50
49,2 22,25
64,1
10,21
85,1
Mei
10,00
92,6
0.53
5

31,5
5,375

36,2
9,40
40,4 8,18
27,9
3,01
32,2
23,50
42,7
13,00
44,1
21,75
62,7
10,21
85,1
Juni
10,00
92.6
0.34 20,5 4,24
28,5
9,10
139,1

7,54
25,8
3,01.
32,2
22,00
40,0
12,50
42,4
19,13
55,1
10,21
85,1
Juli
10,00
92,6
0.24
5

14,3
3,40
5

22,9
9,25
‘39,8
7,73
26,4
3,35
35,8
22,25
40,5
12,50
42,4
20,25
58,4
8,26
68,8
Aug.
10,00
92,6 0.43
25,9
3,94
26,5 7,20
31,0
5,94
20,3
2,59
27,7
22,25 40,5
12,00
40,7 18,75
54,0
7,-
58,3
Sept.
10,00
92,6
0.56 33,2 5,50
37,0
6,55
28,2 5,77
19,7
2,59
27,7
20,00 36,4
11,00
37,3
18,-
51,9
6,50
54,2
Oct.
9,90
91,7
0.56 33,2
4,19 28,2
6,31)
.27,1
5,82
19,9
2,85 30,5
19,50
35,5
10,75
36,4
17,50
50,3
6,65
55,4
Nov.
9,90
91,7
0.68 40,4 4,62
31,1
6,40 27,5 5.72
19,5
3,11
33,3
19,00
34,5
10,75
36,4
16,75
48,3
€,80
56,7
Dec.,,
9,90
91,7
0.71
42,3
5,31
35,7
6,30
27,1
4,98
17,0
2,99 32,0
16,25


.29,5
9,00 30,5


6,95
57,9
lan.

1932
8,25 76,3
0.71
42,3 5,25 35,3
6,65
28,6
5,09
17,4
3,38 36,2
16,50

,3O,O
9,00
30,5
11,63
33,5
7,10
59,2
ilebr.
8,25

76,3
0.71
42.3 4,92
5

33,1
6.90
29,7
5,31
18,1
3,51
37,6
16,25


;29,5
9,00
30,5
11,75
33,9 7,25
60,4
Maart
8,35
77,3
0.71
.42,3
4,62
5

31,1
6,90
29,7 5,37
18,3
3,30 35,3
16,50

”30,0
8,75
29,7
10,25
29,5
7,40
61,7
April
8,65
80,1
0.86 51,2 4,34 29,2 6,25 26,9
5,08
17,4
3,08 33.0
16,50
30,0
9,00
30,5
9,25
26,7
7,40
61,7
Mei
8,30
76,9
0.86 51,2 4,25 28,6 5,80
‘24,9
4,57
15,6
2,76
29,5
15,75
28,6
8,25
28,0
8,88
25,6 7,40

61,7
luni
8,25
76,3
0.86
51,2 4,25 28,6 5,25 22,6 4,44
152
2,55
27,3
15,25
27,7
7,75
26,3
9,-
25,9
7,40
61,7
juli

8,10
75,0
0.86
51,2
4,
25

28,6
5,80 24,9
4,97
17,0
2,77 29,6
16,00
29,1
8,50
28,8
9,75
28,1


Aug.,,
7,80
72,2
0.86
51,2
4,30
28,9
7.35 31,6
5,71
19,5
3,33 35,6
15,75
28,6
8,25
28.0
12,-
34,6
5,70
47,5
Sept.,,
7,75
71,8
0.86
51,2
4,375

29,4
7,75 33,3
6,37
21,8
3,64
38,9
16,75
30,5
8,75
29,7
13,75
39.6 5,90
49,2
Oct.,,
7,65
70,8
0.86 51,2
4,45
29,9
6,50 28,0
5,68
19,4
3,16
33,8
15,75
28,6 8.50
28,8
14,-
40,3
6,-
50,0
Nov.
7,40
68.5
0.86 51,2
4,60
31,0 6,15
26,5
5,16
17,6
3,-
32,1
15,25
27,7
8.25
28,0
12,

34,6
6,10 50,8
Dec.,,
7,25
67,1
0.74
5

44,3
4,435

29,8
5,95
25
.6
4,73
16.2
2,80
30,0
/

15,25
27,7
8.00
27.1
11,50
33,1
6,20
51,7
Jan.

1933
7,05
65,3
0.53 31,5
4.16
28,0
6,15
26.5
5,13
17,5
2,95
31,6
1

15,75
28,6
8,25 28,0
11,50
33,1
6,30
52,6
Febr.,,
7,20
66,7 0.38
22,6
3,97
26,7
6,10
26,2
4,98
17.0
2,78
29,7
1

15,50
28,2
8,25
28,0 10,38
29,9 6,40
53,3
Maart

,,
7,25
67,1
038
22,6
3,87
5

26,1
6,40 27,5
4,97
17,0
2.77
29,6
/

15,25
27,7
7.75
26,3
1

10,75
31,0 6,40
53,3
April

,,
7,25
67,1
0.37
22.0
3.67
24,7
6,65
28.6
5,18
17,7
2,68 28,7
1

15,75
28,6
7,75
26,3
11,25
32,4 6,40
53,3
Mei

,,
7,15


66,2 0,23
5

14,0
2,95
19,9
7,30 31,4
5,60 191
3,07 32,8
17,00
30,9
8,25
2°,O 112,25
35,3 6,40
533
Juni

,,
7,15
66,2
0,25
5

15.2
3,02 20,3′
7,85
33,8 •
5,85
20,0
3.25 34.8
18,50
33,6
9,00
30,5 115,75
45,4
6,40
53,3
Juli

7,05
65,3
0.41
24,4
3,33
22,4 7,50
32,3
5,76
19,7
320
34,2
20,75
37,7
9,75
33,1

116,-
46,1
6.40
53,3
Aug.

»
6.95
64,4
0.37
22,0
3,37
22,7
6,90
29.7
5.39
18,4 2,91 31,1
20,75
37,7
9.75
331114.75
42,5 5.80
48,3
28

»

6,80 63,0
0.41
24,4
3,28
3
)
22,1
6,75 29.0
4,944)

16,9
2,65
4
)
28,3
.22,50
5
)
40,9
10,005)
33,9
14,75
6
)
42,5
5,80
48,3
4 Sept.

,,
6,90
63,9
0405
2)

24,1
3,372)

22,7
660
2
)
28,4
5,85
48,8
‘)Jaar- en maandgem. afger. op
Lj
pence. 2)1 Sept.
3)
25Aug.
4
)30 Aug. 5)31 Aug.
6
)15 Aug.
7)3
Aug.

6 September 1933

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

709

‘AN GROOTHANDELSPRIJZEN’)

ZUIVEL EN EIEREN
.

METALEN

BOTER
BOTER
p.K.O.
KAAS
Edammer
EIEREN
KOPER
LOOD
TiN
.
IJZER
Cleveland
GIETERIJ-
117p0
ZINK
GOUD
ZILVER
per

.

.
Leeuwar-
Heffing
Crisis
Alkmaar
Fabrieks-
cm. n9t.
Eiermijn
tandard
Locoprijzen Locoprijzen
Londen
locoprijzen
Londen:per Foundry
No. 3 t.o.b.
(Lux III) p..
Locoprijzen
Londen
cash
Londen
cash
Londen per
ojim.
0
eering
Zuivel-
Centr.
kaas
kI.
m/merk
Roermond
p. 1

St.
Londen
per

ng. ton
per Eng. ton Eng. ton Middlesb.
Eng. t. t o.b.
Antwerpen
per
Eng. ton
per ounce
line
Standard
Ounce Eng. ton
per

f1.
0f
f1.
f1.
0/
f1.
01
£
°Io
£
0
!o
£
0
10
Sh.
0
10
sh.
0/
£
O/
sh.
%
pence
0
10
1925
2,31
100,0

56,-
100,0
9,18
100,0
62.116
100,0
36.8
1
6
100,0
261.17
1

100,0
731-
100,0
671-
100,-
36.316 100,- 8516
100,-
32
1
/s
100,0
1926
1,98
85,7

43,15
77,1
8,15
88,8
58.11-
93,5
31.116
85,3
290.1716
111,1
8616
118,5
6818
102,5
34.216
94,3
851-
99,5
28
1
/1
89,3
1927
2,03 87,9

43,30 77,3 7,96
86,7 55.141-
89,7
24.41- 66,4
290.41-
110,8
731-
100,0
6416
96,3
28.101-
78,8
851-
99,5
26
3
14
83,3
1928
2,11
91,3

48,05 85,8 7,99
87,0
63.161-
102,8
21.11-
57,8
227.51-
86,8
661-
90,4
6218
93,5
25.516
69,9
851-
99,5
26
1
/in
81,1
1929
2,05 88,7

45,40
81,1 8,11
88,3
75.141-
121,9
23.51- 63,8
203.1516
77,8
7016
96,6
6819
102,6
24.1716
68,8
851-
99,5
2471
76,2
1930
1,66
71,9

38,45
68,7
6,72
73,2 54.131-
88,0
18.116
49,6
142.51-
54,3
67/-
91,8
5916
88,8
16.171-
46,6
851-
99,5
17
1
/18
55,4
1931
1,34
58,0

31,30
56,9
5,35
58,3
36.51-
58,4
12.11-
33,1
110.11-
.
42,0
55/-
75,3
4716
70,9
11.1016
31,9
9216
108,2
13
1
/
41,6
1932
0,94
40,7

22,70
40,5
4,14
45,1
22.171-
36,8 8.121-
23,6
97.2/-
37,1
421-
57,5
371-
55,2
9.161-
27,1
1181-
138,0
127/8
40,1
Jan.

’31
1,61
69,7

32,25
57,6
6,63
72,2
45.716
73,1
14-16
38,5
116.8/-
44,4
6016
82,9
5116
76,9
12.1816
35,7
851-
99,5
13
7
18
43,2
Febr.
1,66
71,9

33,80
60,4
6,21
67,6
45.1/6
72,6
13.5 6 36,4
117./-/6
44,7
58/6
80,3
5017
75,5
12.101-
34,6
851-
99,5
12
1
2
38,9
Mrt.,,
1,47
63,6

35,00
62,5
4,94
53,8
45.116
72,6
1336
36,2
122.11-
46,6
5816.
80,3
48110
72,9
12.816
34,3
851-
99,5
1371
41,8
Apr.,,
1,35
58,4

31,60
56,4
4,20 45,8
42.1516
68,9
12.101-
34,3
113.41-
43,2
586
80,3
4916
73,9
11.121-
32,1
851-
99,5
13
1
/
40,9
Mei

,,
1,26
54,5

30,85
55,1
4,07
5

44,4
39.616
63,4
11.1016
31,6
104.171-
40,0
5816
80,3
481-
71,6
10.1316
29,5
851-
99,5
12
15
/i
40,3
Juni

,,
1,29
55,8

33,50
59,8
4,30
46,8
36.616
58,5
11.1116
31,8
106.216
.
40,5
5816
80,3
4711
70,3
11.101-
31,8
851-
99,5
127is
40,1
Juli
1,32 57,1

37,75
67,4
4,40
47,9 34.141- 55,9
12.1516
35,1
112.516
.
42,9
5816
80,3
4819
72,8
12.111-
34,7
851-
99,5
13
1
1.
41,2
Aug.

,,
1,30
56,3

36,00
64,3
4,98
54,2
32.151-
52,8 11.19,6 32,9
114.19,6
43,9
5816
80,3
4719
71,3
11.14/6 32,4
851-
99,5
12
1
3/
39,9
Sept.


1,27
55,0

32,25
57,6
5,775

62,9
30.316
48,6
11.41- 31,1
111.16/-
42,7
5516
76,0
4617
69,5
10.19i-
30,3
9113
106,8
1351
41,4
Oct.,,
1,24
53,7

26,25
46,9 6,27
5

68,4
28.216
45,3
10.96
28,9
101.116
38,6
461-
63,0
4418
66,7
10.716
28,7
10613
124,3
1313/i
6

43,0
Nov.
1,17
50,6

24,75
44,2 7,07 77,0
27.1916
45,1
11.51-
30,9
102-1-
39,0
4416.
61,0
4316
64,9
10.1516
29,6
11019
129,5
14
1
/
45,1
Dec.
1,18
51,1

21.40
38,2
5,325
58,0
27.616
44,2
10.161-
29,6
98.1716

37,8
41/6
56,8
43/3
64,6
10.216
28,0
12216
143,3
145/
44,6
Jan.

’32
1,16
50,2

25,75
46,0
4,71
51,3
27.1416
44,7
10.141-
29,4
98.181-
.
37,8
4116
56,8
42/-
62,7
10.616
28,5
12013
140,7
137/
43,2
Febr.
1,34
58,0

27,75
49,6 3,79 41.3
26.41-
42,2
10.51-
28,1
99.216

37,9
4116
56,8
401-
59,7
10.-!-
27,6
11916
139,9
14
43,6
Mrt.,,
0,98
42,4

23,65
42,2 3,420 37,3
24.181-
40,1
9.91-
25,9
96.6/-
36,8
441-
60,3
401-
59,7
9.11 (-
26,4
141-
133,5
13
3
14
42,8
Apr.

,,
0,99
42,9

19,60
35,0
2,77
5

30,2
23.8/-
37,7
8.1616
24,2
84.1516
32,4
451-
61,6
3716
56,0
9.21-
25,2
11013
129.0
13
1
/
40,9
Mei

,,
0,82 35,5

19,65
35,1
2,88 31,4
21.61-
34,3
8.-/-
22,0
89.1316
.
34,2
441-
60,3
3716
56,0
9.91-
26,1
11219
132,0
125/8
39,3
Juni

,,
1,11
48,1

24,25
43,3
3,08
33,5
20.12/6
33,2 7.51-
19,9
84.91-
32,3
441-
60,3
3716
56,0
8.131-
23,9
11316
132,7
12
5
/
39,3
Juli

,,
0,96
41,6
0.45
19,55
34,9
3,125 34,0
19.2/6
30,8
7.316 19,7
90.1716 34,7
42/6
58,2
371-
55,2
8.616
23,0
1161-
135,7
12j
38,5
Aug.,,
0,76
32,9
0,58
17,90
32,0
3,72
40.6
22.416
35,8
7.1716
21,6
101.-/-
38,6
42/-
57,5
3616
54,5
9.1316
26,7
11816
138,6
12
1
/1
39.9
Sept. ,,
0,84
36,4
0,65
19,70
35,2
4,64
50,5
25.81-
40,9
9.1016
26,1 109.916
41,8
421-
57,5
351-
52,2
11.21-
30,7
11819
138,8
13
40,5
Oct.

,,
0,82 35,5
0,73 25,50
45,5
5,73
62,4
22.516
35,9
8.71-
22,9
105.1316
40,4
411-
56,2
3416
51,5
10.816
28,8
12116
142,1 12
1
1t
38,9
Nov.

,,
0,81
35,1
0,78 26,50
47,3
6,65
72,4
21.191- 35,4
8.416
22,6
104.716
39,9
401-
54,8
34(6
51,5
10.81-
28,7
12519
147,2
12
5
/1n
38,3
Dec.
0,73
31,6
0,85 22,55
40,3
5.125
55,7 19.12/6 31,6
7.9/6
20,5
100.10/6
38,4
39/-
53,4
3416
51,5
10.71-
28,6
125/9
147,2
111
35,8
Jan.

’33
0,73 31,6
0,89 21,75 38,8
4,27
46,7
19.17/-
32,0
7.8/-
20,3 100.1/6
38,1
40/6
55,5
34/6
51,5
9.19/-
27,5 122/8
143,5
lI”/i
36,4
Febr.
0,65
28,1
0,91
20,60
36,8
1
4,35
47,4
20.31-
32,5 7.71- 20,2
104.716
39,9
431-
58,9
341-
50,7
9.151-
27,0
12015
140,8
11
1
/i
37,2
Mrt.
0,53 22,9
0,99
19,40
34,6
2,80
30,5
20.-/6
32,3 7.101- 20,6
104.18/3
40,1
•431-

58,9
3417
51,6 10.71- 28,6
12015
140,8
12
7
116
38,7
Apr.
0,54
23,4
1,-
18,55
33,1
2,07
5

22,6
20.11/6
33,1
7.1216
20,9
109.171-
42,0
431-
58,9
35/6
53,0
10.816
28,8
12011
140,4
12
13
/1
39,9
Mei
0,52
22.5
1,-
21,80 38.9
2,49
27,1
23.6/6
37,6
8.6/-
22,9
128.17/6

49,2
41/6
56,8
36/6
54,5
10.13/-
29,4
123)6
144,4
13
1
14
41,2
Juni
0,52
22,5
1,-
23,50 42,0
2,50
272
25.7/-
40,8
9.4/-
25,3
151.10/-
57,9
42/-
57,5
37/-
55.2
11.12/6
32,1
12234

143,0
13
1
/4
41,2
Juli-
0,55
23.8
1,-
18,50
33,0
2.60
28,3
.16!-

41,6
9.2/-
25,0 148.1/6 56,5
41/6
56,8
35/-
52,2
12.1/-
33,3
123/104
144,9
12
7
/16
38.7
Aug.
0,63
27,3
1,-
18,90
33,8 3,574 38,9
.5/-

1.616

39,1
8.4/6
22,6
145.3/-
55,5
41/-
56,2
351-
52,2
1.71-
31,4
125/10
147,2
12
37,4
28 Aug.
066
8
)
28,6
1,-
18-
9
)
32,1
4,25 46,3
.13/6
38,1
8.11-
22,1
143.4/6
.
54,7
40/-
54,8
351-
52,2 11.51-
31,1
128184
150,5
11/4
36,6
£4 Sept.
0,63
7
)
27,3
1,-
19,507)
34,8
4,05
44,1
37,6
8.11-
22,1
142.71-
54,4
3916 54,1
351-
52,2
1l.-/_
130,4
1311-
153,2
1113/1
36,8
6 Sept. 1932 79 K.O. La Plata.
3)
Tot Jan. 1928 Western; vanaf Jan. 1928 tot 16 Dec. 1929 American No. 2. van 16 Dec. 1929 tot 26 Mei 1930 74/5 K.G. Hongaarsche 415 K.O. Zuid.Russische. Van 23 Mei-19 Sept. 1932 No. 3 Canada. Van 19 Sept. 1932 tot 24Juli 1933 62163 K.O. Zuid-Russische.
0)
De jaren 1928 en 1929 Broek op

‘AN GROOTHANDELSPRIJZEN.

BOUWMATERIALEN
KOLONIALE PRODUCTEN

VURENHOUT
S T
E E N E N
CACAO
COPRA
KOFFIE
SUIKER
THEE
INDEXCIJFER

Zweden/
binnenmuur

buitenmuur
O.F. Accra
Ned.lnd.
Standaard
Ribbed Smoked
Kolo-
Finland
so
KPcrC
1
Lcorizen
Sheets
Grond
nlale
per

per per
100 1(0.
Rottrcam
R’dam/A’dam
lava- en Suma-
stoffen
per
1000
stuks per
1000
stuks
NeerIan
Amsterdam
per
‘I

K.G.
loc0
pe
l
;
0
I
n
b
en

per
100
K.G.
fratheep.h/2KG.

f
010
/
%
f
°/s
sh.
0/
f
0/
ets.
0
10
Sh.
s/s
ti.
0
10
ets.
%
1925 159,75
100
15,50
100,-
19,-
lOO,- 4216
100,-
35,870

100,0
61,375
100,0
2/11,625
100,0
18,75
100,0
84,5
100,0
100.0
100.0
1926
153,50
96,1
15,75
101,6
19.50
102,6
491-
115,3
34,-
94,8
55,375
90,2
21-
67,4
17,50
93.3
94,25
111,5
96.0
102.6
1927
160,50
100,5
14,50
93,5
18,50
97,4
681-
160,0
32,62
1

90,9
46,875
76,4
116,375
51,6
19,125

102,0
82,75
97,9 87.5
109.1
1928 151,50
94,8
12,-
77,4
18,50
97,4
5713
134,9
31,87
5

88,9
49,625
80,9

1
1
0,
7
5
30,2
15,85
84,5
75,25
89,1
84.6
97.4
1929
146,00
91,4
14,-
90,3
21,25
111,8
45110
107,9
27,37
5

76,3
50,75
82,7
-110,25 28,8
13,-
69,3
69,25

.
82,0
81,9 85.5
1930
141,50
88,6
12,50
80,6
20,75
109,2
34111
82,2
22,625
63,1
32
52,1
-/5.875
16,5
9,60 51,2
60,75
71,8
66.0
64.3
1931
110,75
69,3
10,25
66,1
20,25
106,6
2215
52,8
15,375
42,9
25 40,7
-/3
8,4
8,-
42,7
42,50
50,3
46.8 46.6
1932
69,00
43,2 9,25 59,7
15,-
78,9
1916
45,9
13,-
36,2
24
39,1
-/1,75
4,9 6,32
5

33,7 28,25
33,4
36.1
38.0
Jan.

’31
125.00
78,2
10,-
64,5
21,-
110,5
2614
62,0
18,25
50,9
28
45,6
-14,25
11,9
8,20
437
66,25
78,4
53.9 57.4
Febr.
125,00
1

78,2
10,-
64,5
21,-
110,5
2212
52,2
18,12
5

50,7
26,25 42,8 -13,875
109
8,20

.
43,7
53
62,7
53.3 50.4
Mrt.
125,00
78,2
10,-
64,5
21,-
110,5
2216
52,9
18,62
5

51,9 25,50
41,5
-13,75
10,5
8.30 44,3
45
53,3
52.9 48.0
Apr.
125,00
78,2
10,50
67,7
21,-
110,5
22/7
53,1
17,50
48,8 24,75 40,3 -13,125
8,8
8,57
5

45,7
43
50,9
50.7
47.5
Mei
125,00
78,2
10,50
67,7-
21,-
110,5
2110
49,4
15,375
42,9
25,
40,7
-/3,125
8,8
8,50
45,3
40,25
47,6
48.3
45.5
Juni
110,00
68,9
10,50
67.7
21,-
110,5
2214
52,6
14,12
5

39,4
25,75 42,0 -13,125
8,8
8,57
5

45,7
39,50
46,7
45.6 46.8
Juli

,,
110,00
68,9
10,50
67,7
21,-
110,5
2615
62,2
15,-
41,8
27
44,0
-13
8,4 8,77
5
48,6
38,25
45,3
46.6
50.0
Aug.,,
100,00
62,6
10,50
67,7
21.-
110,5
2418
58,0
14,12
39,4
25,50
41,5
-12,5
7,0 7,90
42,1
38,50
45,6
44.7

46.8
Sept.
100,00
62,6
10,50
67,7
19,-
100,

22
1
7
53,1
13,375
37,3
23,75
38,7

1
2,375

6,7
7,52
5

40,1
37,50
44,4
43.3
44.1
Oct.
100,00
62,6
10,50
67,7
19,-
100,-
2110
49,4
13,25
36,9
23
37,5 -12,375 6,7 7,55
40,3
37,75
44,7
41.9 43.0
Nov.
10000
62,6
10,50
67,7
19,-
100,-
2112
49,8
13,75
38,3
23
37,5
12,25
6,3
7,15
38,1 37
43,8
42.6 42.3
Dec.,,
82,50
51,6
10,-
64,5
18,50
97,4
1813
42,9
12,75
35,5
23
37,5

12,25
6,3
6,75
36,0
35
41,4
40.0
39.5
Jan.

’32
82,50
51,6
10,-
64,5
18,75
98,7
1719
41,8
13,12
36,6
23
37,5
-12,125
6,0 7,35
39,2
32
37,9
38.5
39.1
Febr.
,
82,50
51,6
10,-
64,5
18,75
98,7
1811
42,6
14,50
40,4
23
37,5
-12
5,6 7,05 37,6
30
35,5
38.3 38.3
Mrt.
70,00
43,8
9,75 62,6
18,-
94,7
2119
51,2
14,75
41,1
23
37,5
-11,625
4,6 6,25 33,3
31
36,7
37.0 39.7
Apr.
70,00
43,8 9,75
62,6
18,-
94,7
20
1
6
48,2
14,-
39,0
23


37,5

1
1,5


4,2 5,90
31,5
29,25 34,6 36.2
38.0
Mei

,,
70,00 43,8
8,50 54,8
15,-
78,9
2016
48,2
13,25
36,9 23,50 38,3
.-j1,5
4,2
5,626
30,0
30,25
35,7
352
38.1
Juni
70,00
43,8
8,50 54,8
15,-
78,9
2016
48,2
12,375
34,5
24
39,1
-11,375 3,9
6,30
33,6
28,50
33,7
34.2
38.7
Juli
67,50
42,3
8,50 54,8
15,-
78,9
2011
47,3
12,37
5

34,5
24
39,1
-11,375 3,9 6,70
35,7
23,75
28,1
34.3 37.6
Aug.
63,00
39,4 8,50 54,8
15,-
78,9
2017
48,4
12,37
5

34,5
24
39,1
-/1,75
4,9
6,57
5

35,1
22,75
26,9
35.9
37.4
Sept.
60,00
37,6
8,75 56,5
15,-
78,9
2112
49,8
12,75
35,5
25,25
41,1
-12,125
6,0
6,525 34,8 23,75
28,1
37.8
38.5
Oct.,,
63,50
39,7

58,1
14,50
76,3
1818
43,9
12,375
34,5
26,50
43,2
-11,75
4,9
6,32
5

33,7
28,50
33,7
36.2
38.7
Nov.
63,50
39,7
9,50 61,3
14,25
75,0
1716
41,2
12,125
33,8
24,50
39,9
-11,75
4,9
5,87
5

31,3 30,75
36,4
35.3 37.2
Dec.
65,00
40,7

64,5
13,75
72,4
17/4
40,8
11,75
32,8
24
39,1
-/1,75
4,9 5,50 29,3
28,25
33,4
34.0
35.7
Jan.

’33
70,00
43,8
9,25
59,7
13,50

71,1
16
1
6
38,8
11,50
32,1
24
39,1

1
1,625
4,6
5,375

28,7
25
29,6 33.2
34.1
Febr.
,,
70,00
43,8
9,25 59,7
13,-
68,4
1519
37,1
10,625
29,6
23,75
38,7
-11,5 4,2
5,60
29,9
26,75
31,7
32.1
34.4
Mrt.

,,
70,00
43,8
9,50 61,3
12,25
64,5
16
1
3 38,2
10,375
28,9
23,50 38,3

1
1,5
4,2
6.-
32,0 26,25
31,1
32,4
34.9
Apr.,,
70,00 43,8 9,75
62,6
12,75
67,1
1515
36,3 9,50
26,5
23,50
38,3 -11,625 4,6
6,07
5

32,4
27,50


32,5
32.8
34.9
Mei

,,
70,00 43,8 9,50
61,3
12.50
65,8
1616
38,8
9,50
26,5
23
37,5
-12
5,6 6,025
32,1
26,50
31,4
34.2
35.0
Juni

,,
72,50
45,4
10.-
64,5
13,-
68,4
1811
42,6
10,-
27.9 22,50 36,6
-12,375 6.7
6.35
33,9
31,-
36,7
37.2
37.5
Juli

,,
75,00 46.9
10,25
66,1
13,–
68,4
1718
41,6
9,475

26,4
-22,50
36,6

!
2
,
62
5
7,4

5,92
5

31,6
33,50
39,6
38.1
37.4
Aug.

,,
75,00
46,9
10,50
67,7
13,-
684
1615
38,6
8,75 24,4
20,75
33,8 -12,625 7,4 5,27e
28,1
35,25
41,7
36.5

35.6
28 Aug.
75,00
46,9
1512
35,7 8,625 24,0
20
32,6
‘-12,5
7,0
5,25
28,0- 35,25
7
)
41,7

36.3
34.5
4 Sept.
75,00
46,9
14
1
9
34,7
8,37
5

23,3
20
32,6
-(-2,5
7,0 5,25 28,0
.
36:4

34.2
N.B. Alla Pondannoteering vanaf 21 Sept.
1
31 zIjn op goudbasIs omgarakend; de Dollarnoteeringen vanaf 20April
1
33 zijn In verhouding van da dapraciatia
an dan Dollar t.o.v. den Gulden verlaagd.

710

ECONOMISCH-STATISTISCHE BERICHTEN

6 September 1933

zet.
Raffinadeurs traden daarna weer als koopers voor
ruwsuiker op, al was het slechts op bescheiden schaal. Op
de L o n den s c h e termijnmarkt was het zeer rustig. De
flauwe stemming van het Pond beïnvloedde het zaken
doen en veroorzaakte iets hoogere noteeringen, waardoor
het slot er als volgt uitzag: Sept. Sh. 51-, Dec. Sh. 514,
Mrt. 5h. 5/7% en Mei Sh. 5/10%.
Op Ja v
a verkocht de N.I.V.A.S. ca. 13.000 tons Supe-
rieur en ca. 11.000 tons bruine suiker.
II i e r te 1 a n d e was de markt iveer zeer kalm. De
noteeringea op de A m s te r d a m s c h e termijnmarkt
bleven gedurende de geheele week practisch onveranderd
en luidden aan het slot als volgt: Aug.
f
Dec.
f
5%,.
Mrt.
fS%
en Mei
f
55/8.

KOFFIE.
Ook gedurende de afgeloopen week bleef de markt in
onveranderd kalme stemming verkeeren. De kost- en
vrachtaanbiedingen van Brazilië waren meerendeels on-
veranderd it een fractie lager; Daar echter de dollarkoers
in den loop der, week wederom daalde, kwamen de offer

tes den Nederlandschen importeurs goedkooper uit dan een
week geleden.
Uit de gisteren bekend gemaakte iveekstatistiek van
Brazilië is gebleken, dat in de vorige week van Santos
naar Europa verscheept zijn 136.000 balen tegen 50.000
balen in de week daarvöôr en naar de Vereenigde Staten
100.000 balen tegen 106.000 balen. Verscheept werden van
Rio naar Europa 32.000 balen tegen 29.000 balen en naar
de Vereenigde Staten 8.000 balen tegen 26.000 balen. Als
verkocht door Santos worden opgegeven naar Europa
107.000 balen tegen 65.000 balen en naar de Vereenigde
Staten 106.000 balen tegen 109.000 balen.
Als vernietigd in de vorige week worden opgegeven
81.000 balen te Santos en 1000 balen te Rio, tezamen
82.000 balen.
Uit een dezer dagen ontvangen officieele telegrafische
mededeeling is gebleken, dat de voorraden, teruggehouden
in de binnenlandsche pakhuizen en in de spoorwegstations
van de Staten Sao Paulo en Minas Geraes, bedragen heb-
ben op 31 Juli 13.530.000 balen, waarvan 5.626.000 balen bestemd waren tot vernietiging door het Nationale Koffie-
Departement. Deze voorraden bedroegen op 30 Juni
14.345.000 balen, waarvan 6.328.000 balen tot vernietiging door het Koffie-Departement waren bestemd. De voorraden
zijn dus in de maand Juli verminderd met 815.000 balen.
De uitkiariugen van Nederlandsch-Indië in de maand
Juli hebben bedragen: naar Nederland 39.798 picols, naar
de Vereenigde Staten 3.284 picols, naar Scandinavië 22.849
picols, naar Frankrijk 36.125 picols, naar overig Europa
32.448 picols, totaal 134.504 picols tegen 150.740 picols in
Juli 1932. Van 1 Januari tot 30 Juni bedroegen de uit-
klaringen dit jaar 460.331 picols tegen 711.999 picols ver-
leden jaar.
Volgens een telegram uit Rio van de ,,Centro” zou de 1933134 oogst van Rio, Minas, Esperito Santo tezamen
geraamd worden op 6.800.000 balen, hetgeen een verlaging
van 20 % beteekent.
De kost- en vrachtaanbiedingen van Santos zijn op het oogeublik, onder aftrek van het op ca. 15 dollarcents ge-
schatte voordeel van de bijlevering der bekende bonus
van 10 %, voor gewoon goed beschreven Superior Santos
op prompte verscheping ongeveer $ 9.95 á 10.10 per cwt.
en voor dito Prime ongeveer $ 10.05
PL
10.35. Voor Rio
type New-York 7 met beschrijving, prompte verscheping, komen de offertes, op dezelfde wijze berekend, uit op on-
geveer $ 8.45 it 8.50. Bij den dollarkoers van heden staan
deze aanbiedingen gelijk met onderstaande prijzen in goud-
dollars:
Santos Superior – $ 6.90 It 7.-
Prime

– ,, 6.95 It 7.15
11
Rio 7

– ,,5.85 ii 5.90
wat voor Santos, in vergelijking met een week geleden,
0.15 It 0.25 en voor Rio 0.15 It 0.20 gouddollar per cwt.
lager is.
De prijzen in de eerste hand in Nederlandsch-Indië zijn
onveranderd. De noteeringen zijn aan te nemen op:
Palembang Robusta, September-verscheping, 12% ct.;
Benkoelen Robusta, September-verscheping, 12% et.;
Mandheling Robusta, September-verscheping, 14 et.; W.I.B.
f.a.q. Robusta, September-verscheping, 16% ct., alles per
K.G., cif, uitgeleverd gewicht, netto contant.
Aan de Rotterdamsche termijnmarkt liepen de noteerin-
gen ), It
1
/4 ct. per
1/
K.G. terug. September noteert thans
11
3
/
8
, December 11
5
/8, Maart 12 en Mei 12y
8
ct.
De officieele loco-noteering van Superior Santos bleef
alhier ongewijzigd 20% et. en die van Robusta 20 et., alles
per % K.G.

De slot-noteeringen te New-York waren:

Gemengd contract

Santos contract

(basis Rio No. 7)

(basis Santos No. 4)
Sept. Dec. Mrt. Mei Sept. Dec. Mrt. Mei
1 September $ 5.69 5.97 6.13 6.22 8.14 8.42 8.55 8.65
28 Augustus ,, 5.49 5.77 5.94 6.04 7.89 8.17 8.35 8.45 21 Augustus ,, 5.52 5.75 5.90 5.98 8.02 8.23 8.35 8.44 14 Augustus ,, 5.57 5.80 5.90 5.99 7.84 8.06 8.12 8.19
De dezer dagen verschenen Statistiek van de Firma G.
Duuring & Zoon te Rotterdam geeft aan, dat in Augustus
de aanvoer geweest is als. volgt:

1933

‘1932

1931

bn.

bn.

bn.

in Europa ……………894.000

542.000

986.000

Ver Staten van Amerika 1.117.000

566.000

862.000

To taal …. 2.011.000 1.108.000 1.848.000
De Aanvoeren in Europa en in Amerika tezamen gedu
rende de eerste acht maanden van het jaar bedroegen
15.450.000 balen tegen 14.600.000 balen in 1932 en
17.908.000 balen in 1931.
De Afleveringen in Augustus waren:

1933

1932

1931

bn.

bu.

bn.

in Europa ……………779.000

771.000

985.000

Ver. Staten van Amerika 920.000

768.000

761.000

Totaal …. i.699.000T500 1.746.000
De Afleveringen in Europa en in Amerika tezamen ge-
durende de eerste acht maanden van het jaar waren
14.797.000 balen tegen 14.933.000 balen in 1932 en
16.379.000 balen in 1931.
De zichtbare voorraad was op 1 September in Europa’
2.144.000 balen tegen 2.029.000 balen
01)
1
Augustus. In
Amerika bedroeg hij 1.244.000 balen tegen 1.047.000 balen
op 1 Augustus. In Europa cii in Amerika tezamen was
cle voorraad dus op 1 September 3.388.000 balen tegen
3.076.000 balen op 1 Augustus. Hij bedroeg op 1 Septem-
ber 1932 – 3.721.000 balen en op 1 September 1931 –
4.048.000 balen.
De zichtbare wereldvoorraad was op 1 September
6.891.000 balen tegen 6.699.000 balen op 1 Augustus en
6.008.000 balen verleden jaar (in deze cijfers zijn niet
begrepen de voorraden in het binnenland van Brazilië,
waarvan de cijfers van 1 September nog niet bekend zijn,
doch die op 1 Augustus 1933 bedroegen 13.575.000 balen
en op 1 September 1932 niet zijn bekend gemaakt).
Rotterdam, 4 September 1933.

STEENKOLEN.
In plaats van de verbetering, welke men in Wales verwacht
had, blijkt thans uit de omzetcijfers gedurende de laatste
14 dageu, dat de toestand nog wat slechter geworden is.
De voorraden blijven groot, de bezwaren aan de Coal Mines Act verbonden worden steeds sterker gevoeld, te
meer waar Poolsche, Russische en Duitsche exporteurs
overal zeer concurieerend optreden, waardoor Welsh kolen
dikwijls uitgeschakeld worden.
Duitschland en Polen vechten nog steeds om den afzet
in Ierland, de prijzen blijven afbrokkelen, waardoor er
voor de exporteurs meer risico dan winst in die zaken zit.
Prima Poolsche kolen worden tegen 1813 c.i.f. Dublin ge-
leverd in ladingen van 2.000 ton. Engeland had in Ier-
land gedurende Januari/Juli 1933 circa 620.000 ton min-
der omzet dan iii dezelfde periode van 1932, terwijl Polen
en Westfalen circa 500.000 ton in de genoemde zeven
maanden van 1933 naar Ierland verscheepten.
Van Newcastle werden in de afgeloopen 14 dagen
100.000 ton kolen méér geëxporteerd dan in dezelfde
periode van 1932.
In Yorkshire verwacht men in September ook meer
bedrijvigheid. De ,,Exporters Association” heeft reeds
300.000 ton boven het toegestane quantum aangevraagd,
waarmede de mijnen instemmen. Men verwacht binnen
enkele dagen de officiëele beslissing. Dit alles klinkt dus
wat hoopvoller. De prijzen zijn:
Northumberland ongezeefde ………….
f
6.80
Durham ongezeefde ………………….7.20
Cardiff
213-1/3 …………………….
8.40
Schotsche gezeefde prime Lothians ……
..7.-
Yorkshire gewasschen Singles …………6.40
Westfaalsche Vetförder ……………….8.25
Vlamstukken 1 ………… .. 9.-
Smeenootjes ……………..8.75
Gasvlamförder

…………..8.25
Gietcokes …………….. ..11.-
Hollandsche Eierbriketten ………….. ..13.-
alles per ton van 1000 KG. franco station Rotterdam/Am-
sterdam. Ongezeefde bunkerkolen f.o.b. Rotterdam/Amster-
dam
f
6.90. Markt flauw.

5 September 1933.

Auteur