Ga direct naar de content

Handelsstatistieken kunnen na corona weer op de schop

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: juni 9 2020

Meten is weten en dat geldt ook voor de internationale verwevenheid van de Nederlandse economie. Kennis over onze open economie kan domweg niet zonder goede data en statistieken over handel, buitenlandse directe investeringen en migratie.

Harry Garretsen. Hoogleraar aan de Rijksuniveriteit Groningen

Het meten is er de laatste decennia niet eenvoudiger op is geworden. Vanaf ruwweg 1990 hebben technologische vooruitgang en de opkomst van nieuwe spelers de internationale economie fundamenteel gewijzigd, waarbij het belang van internationale handel en kapitaalstromen verder is toegenomen. Deze toename heeft het meten lastiger gemaakt omdat het productieproces grensoverschrijdend en gefragmenteerd is geraakt.

Het in de tijd en ruimte kunnen opknippen van de productie van goederen en diensten heeft Richard Baldwin (2016) treffend omschreven als het tijdperk van de zogenaamde second unbundling, waarin op ongekende schaal de productieketen zelf internationaal verhandelbaar en verplaatsbaar werd. De opkomst van China en andere opkomende markten is, evenals de economische ontwikkeling van de voormalige Oostblok-economieën, in zeer grote mate het gevolg van deze tweede ontkoppeling.

De huidige opzet van statistieken over internationale verwevenheid stamt echter nog uit het tijdvak van de eerste ontkoppeling, zoals dat aan het einde van de negentiende eeuw begon. Tijdens die eerste ontkoppeling, kwam globalisering met horten en storen door de internationale scheiding van consumptie en productie tot stand. De productie zelf vond daarentegen grosso modo nog steeds binnen de eigen landsgrenzen plaats.

Het verbaast derhalve niet dat het statistisch verre van eenvoudig is om te bepalen hoe de tweede ontkoppeling de internationale verwevenheid van de Nederlandse economie heeft beïnvloed, zie de diverse bijdragen aan deze en komende ESB.

Wie op zoek is naar de toegevoegde waarde van deze verwevenheid voor onze economie overschat bijvoorbeeld al snel het belang van handel, als alleen naar ­bruto-handelscijfers wordt gekeken en er geen rekening wordt gehouden met het enorme belang van handel in intermediaire goederen of met wederuitvoer. Soortgelijke problemen doen zich voor bij het bepalen van de toegevoegde waarde van buitenlandse directe investeringen. Het leven voor de verzamelaars van data over de internationale economie is daarmee ingewikkelder geworden.

En net nu zowel de statistici als de gebruikers van die gegevens eindelijk meer grip hebben gekregen op het meten van de moderne internationale verwevenheid, is er de coronacrisis. Het is uiteraard nog te vroeg voor een afdoend antwoord op de vraag of en hoe deze crisis, naast een reeds voelbare negatieve handelsimpact (WTO, 2020), de internationale economie structureel zal beïnvloeden. Het lijkt echt niet al te gewaagd om te voorspellen dat met name internationale productieketens wel eens korter en minder belangrijk zouden kunnen worden.

De coronacrisis zal waarschijnlijk bedrijven en ook landen aanleiding geven de risico’s van de wereldwijde waardeketens te herzien waarbij, zoals de Financial Times (2020) dat treffend omschreef, just-in-time management minder belangrijk wordt en just-in-case management juist meer. Ten opzichte van de wereld van de tweede ontkoppeling betekent dat ‘meer in eigen huis en minder ver’. Wie weet gaat de internationale economie daarmee weer wat meer lijken op de oude wereld van de eerste ontkoppeling! Dit zou het leven voor de statistici mogelijk overzichtelijker maken, maar het zou voor ons land minder goed nieuws zijn omdat de internationale arbeidsverdeling zoals we die vóór de corona kenden per saldo gunstig voor de Nederlandse welvaart is (CPB, 2019).

Of we als economie slechter af zijn, hangt ook af van het doel van internationale verwevenheid. Mogelijk verschuift dat doel door de coronacrisis van het bijdragen aan economische groei meer naar het versterken van de veerkracht of ­resilience van onze economie. Wellicht heel zinvol, maar je hoort de statistici nu al zuchten: economische veerkracht? Hoe meet je dat in hemelsnaam? Er blijft dus werk aan de winkel.

Literatuur

Baldwin, R. (2016) The great convergence: information technology and the new ­globalization. Cambridge, MA: Harvard University Press.

CPB (2019) Globalisering: geringe regionale effecten, wel onzekerheid. CPB Policy Brief, december.

Financial Times (2020) From ‘just in time’ to ‘just in case’. Financial Times, 4 mei.

WTO (2020) Trade set to plunge as COVID-19 pandemic upends global economy. WTO Persbericht, 8 april. Te vinden op www.wto.org.

Auteur