Ga direct naar de content

Eedstoornis

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: juli 9 2013

Het was een vroom gezicht. Een gezelschap onberispelijk geklede bankiers dat  gezamenlijk psalmen zong in de vorm van een bankierseed. “Dat verklaar en beloof ik!” Amen. De bankierseed is het antwoord van de sector op toenemende druk van de samenleving om de cultuur in de bankenwereld te  veranderen.

Uit onderzoek van de Nederlandsche Bank naar de cultuur komt naar voren dat bij het merendeel van de banken dominante leiders rondlopen die onvoldoende worden tegengesproken. Medewerkers zijn vooral loyaal aan de instelling en haar leiders in plaats van aan klanten of de maatschappij. De Autoriteit Financiële Markten betoogt dat veel uitwassen terug zijn te voeren op een gebrekkige bedrijfscultuur en het bijbehorende gedrag.

Is de bankierseed het antwoord op deze culturele lacunes? Wel als je denkt dat het glas half vol is. De eed moet in het openbaar worden afgelegd ten overstaan van naaste collega’s en beroepsgenoten. De nieuwe baas van de Nederlandse Vereniging van Banken, Chris Buijink, wil de eed aan tuchtrecht koppelen. Helemaal vrijblijvend is dat toch niet.

Maar het glas kan ook half leeg zijn. De sector heeft immers geen geweldige trackrecord met zelfregulering. Salarissen werden ondanks herhaalde oproepen uit de politiek niet in toom gehouden. Moeten we bonussen inleveren? Geen probleem, dan schuiven we gewoon met de hoogte van ons vaste salaris. De Libor-affaire is ook al een pijnlijk voorbeeld van het falen van zelfregulering, om maar te zwijgen van het vastgoedgesjoemel dat jarenlang ongestoord doorgang kon vinden. Het zelfreinigend vermogen van de sector komt niet verder dan het schoonvegen van straatjes. Waarom gaat dit dan wel werken?

Het boek “The bankers new clothes”  van topeconomen Admati en Hellwig toont genadeloos aan dat het (wan)gedrag van bankiers hardnekkig is en niet kan worden weggepoetst met vrome plechtigheden. Zij pleiten terecht voor het aanzienlijk verstevigen van het eigen vermogen van banken, dan komt het met die cultuur ook wel goed.

De eed is misschien een stapje de goede kant op, maar gaat materieel pas wat betekenen als de klanten ook het verschil zien. Wie gaat monitoren of bankiers zich aan de eed houden? Hoe worden klanten daarbij betrokken? Welke meetbare criteria bestaan er ? Welke sancties (naast het zware en in de praktijk natuurlijk zelden voorkomende tuchtrecht) bestaan er bij overtredingen? Welke ervaringen op het gebied van cultuur kennen we en waarom worden die niet overgenomen? 

De bankierseed mag niet gaan lijken op het gedrag van een bisschop die zijn scabreus gedrag afkoopt met een paar Weesgegroetjes. De eed zal dan ontaarden in een dieet dat voor even werkt maar waar binnen de kortste tijd de kilo’s er weer aanvliegen. 

Deze column (zonder de links) verscheen gisteren in het FD.

 

Auteur

Categorieën