Ga direct naar de content

Betere voorlichting over voordelen van vaccinatie nodig

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: december 23 2019

Als zo goed als iedereen gevaccineerd is, kan het voor individuen optimaal zijn om zichzelf of hun kinderen niet te laten ­vaccineren. Ze profiteren dan immers van andermans bescherming ­zonder risico op – veelal ingebeelde – bijwerkingen. Kan dergelijk ­­free­rider- ofwel meeliftersgedrag de dalende vaccinatiegraad ­verklaren?

In het kort

– Na het jarenlange succes van vaccinatie is de risicoperceptie van infectieziekten afgenomen en neemt de vaccinatiegraad af.
– Een discrete-keuze-experiment laat zien dat ‘meeliftersgedrag’ geen verklaring biedt voor de afnemende vaccinatiegraad.
– Vaccinatiebeslissingen hangen meer af van de effectiviteit en toegankelijkheid van vaccins en de ernst van de infectieziekten.

Vaccinatieprogramma’s leveren een belangrijke bijdrage aan de wereldwijde verbetering van de gezondheid en de levensverwachting (WHO, 2013; Greenwood, 2014). Het succes van vaccinatieprogramma’s is afhankelijk van een hoge vaccinatiegraad, die momenteel wereldwijd wordt bedreigd door een toenemende aarzeling of weigering wat betreft vaccins (Larson et al., 2016; Smith, 2017). Sinds 2012 daalt ook in Nederland de vaccinatiegraad (Van Lier et al., 2018).

Nederland heeft historisch altijd een hoge vaccinatiegraad gekend en dat zou een verklaring kunnen vormen voor de dalende vaccinatiecijfers die de laatste jaren worden waargenomen. Wanneer de vaccinatiegraad hoog genoeg is, kan het voor iemand namelijk een rationele beslissing zijn om vaccinaties te weigeren en te vertrouwen op het effect van groepsimmuniteit om zichzelf te beschermen (Ibuka et al., 2014). De meelifter wordt zo gevrijwaard van potentiële bijwerkingen maar is toch beschermd, omdat genoeg anderen wel kiezen voor vaccinatie.

Dit rationele gedrag is waargenomen in experimentele omgevingen, waarin deelnemers zich waagden aan zogenaamde ‘vaccinatiespellen’ (Böhm et al., 2016). Tegelijkertijd zijn er in verschillende observationele onderzoeken ook aanwijzingen gevonden tegen het meeliftersgedrag (Hall et al., 2002; Gidengil et al., 2012).

Zorgt een hoge vaccinatiegraad inderdaad voor meeliftersgedrag? We onderzochten dit voor Nederland aan de hand van een discrete-keuze-experiment met 1.500 deel­nemers.

Discrete-keuze-experiment

In het experiment werden deelnemers herhaaldelijk gevraagd om te kiezen tussen twee situaties met verschillende kenmerken (de vaccinatieprofielen). Om te onderzoeken of er sprake is van mee­liftersgedrag, werden de vaccinatieprofielen samengesteld op basis van mogelijke percentages voor de landelijke vaccinatiegraad bij de bevolking (30, 60, 90 procent) en de lokale vaccinatiegraad bij familie, vrienden en kennissen (30, 60, 90 procent). Deze kenmerken varieerden (deels) per profiel. Met de gemaakte keuzes van respondenten voor een van de twee profielen in de keuzesets konden we dan het marginale nut berekenen voor elk van de niveaus van de landelijke en lokale vaccinatiegraad. Als zou blijken dat het marginale nut afneemt naarmate de vaccinatiegraad toeneemt, dan wijst dit op meeliftersgedrag.

Naast de landelijke en lokale vaccinatiegraad werden er ook nog vier andere determinanten van vaccinatiebeslissingen onder de loep genomen, en werden ze gevarieerd om zo hun effect op vaccinatievoorkeuren in te schatten. Het gaat dan om de vaccineffectiviteit (vijftig procent of negentig procent bescherming), om de frequentie en de ernst van de infectieziekte waartegen het vaccin beschermt (zeldzaam en mild, zeldzaam en ernstig, frequent en mild, frequent en ernstig), om de frequentie van lichte bijwerkingen (zeldzaam of frequent), en om de toegankelijkheid van het vaccin (gratis bij de arts, of niet vergoed en op recept).

De vaccinatieprofielen werden samengesteld uit de waarden voor elk van deze zes determinanten. De vaccinaties en de ziekten waartegen deze beschermen, werden verder niet bij naam genoemd. Figuur 1 toont een keuzeset van twee profielen. Tussen deze twee profielen verschilden er telkens drie van de zes kenmerken om de keuzetaak eenvoudig te houden. De drie overige kenmerken bleven op een constant niveau.

Figuur 1 ESB

Deelnemers werden verdeeld in twee groepen, waarbij de ene groep werd gevraagd om voor zichzelf de vaccinatiebeslissing te nemen, en de andere groep om dit voor het jongste kind te doen indien deze deelnemers minderjarige kinderen hadden. De studie maakte deel uit van een grootschalig onderzoek aan de Universiteit Antwerpen waarin vaccinatievoorkeuren van mensen uit verschillende landen (waaronder ook België, Zuid-Afrika, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk) in kaart werden gebracht. In Nederland werd de dataverzameling mede mogelijk gemaakt door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM).

Resultaten

De staafdiagrammen in figuur 2 laten het belang zien van de zes determinanten bij vaccinatiebeslissingen voor volwassenen en kinderen in Nederland. Alle determinanten zijn statistisch significant. Voor de vaccinaties van zowel volwassenen als kinderen leiden we af dat deelnemers weinig belang hechten aan de landelijke en lokale vaccinatiegraad bij het nemen van vaccinatiebeslissingen. Die twee determinanten staan onderaan de rangschikking van determinanten.

Figuur 2 ESB

Bovendien stellen we vast dat het marginale nut van respondenten toeneemt naarmate ook de vaccinatiegraad toeneemt. Dit is het geval voor zowel de landelijke als de lokale vaccinatiegraad, waarbij er een grotere toename te zien is voor de landelijke. Er is dus een grotere bereidheid om te vaccineren bij een hogere vaccinatiegraad, wat ­eerdere bevindingen voor België (Verelst et al., 2018), Australië (Hall et al., 2002), de VS (Gidengil et al., 2012) en Zuid-Afrika (Verelst et al., 2019) bevestigt.

Een mogelijke verklaring is dat individuen een hoge vaccinatiegraad beschouwen als een sociale norm of als een publiek vertrouwen in het vaccinatieprogramma. Die bevindingen contrasteren volgens de ­rationele-keuzetheorie met meeliftersgedrag. Voor kindervaccinaties zien we zelfs dat frequente lichte bijwerkingen, evenals vaccins die niet worden vergoed, minder negatief gewaardeerd worden als de lokale vaccinatiegraad hoger is (en de sociale beïnvloeding eveneens groter).

Andere determinanten

Meeliftersgedrag lijkt niet aanwezig te zijn, maar wat speelt dan wel een rol bij de vaccinatiebeslissingen van mensen? Figuur 2 laat zien dat met betrekking tot vaccinaties voor volwassenen de toegankelijkheid van het vaccin de belangrijkste determinant van de vaccinatiebeslissing is, gevolgd door vaccineffectiviteit en de impact van de infectieziekte, waarbij de ernst van de infectieziekte domineert over de frequentie. De frequentie van lichte bijwerkingen is – net als de vaccinatiegraad – veel minder van invloed.

De rangschikking bij ouders die vaccinatiekeuzes maken voor hun jongste kind verschilt met name in de top 3. Hier komt vaccineffectiviteit als belangrijkste determinant naar voren, op de voet gevolgd door de impact van de infectieziekte waartegen het vaccin beschermt. Toegankelijkheid van het vaccin blijft belangrijk, maar komt hier op de derde plaats. Verder wordt er voor kinderen meer dan voor volwassenen gelet op de frequentie van lichte bijwerkingen en de lokale vaccinatiegraad, hoewel deze determinanten van ondergeschikt belang blijven.

Het aanbieden en toedienen van vaccins voor kinderen en pasgeborenen is in Nederland, net als in andere landen, veel beter georganiseerd dan voor volwassenen. Dat kan verklaren waarom toegankelijkheid bovenaan staat in de rangschikking voor volwassenen. Deze toegankelijkheid kan worden verbeterd door bijvoorbeeld meer (gratis) vaccinatie op de werkvloer. Dat kan voordelig zijn voor werknemer én werkgever, zoals bijvoorbeeld een eerdere studie heeft aangetoond in het geval van de griepprik (Lee et al., 2010).

In het Nederlandse discrete-keuze-experiment is ervoor gekozen om bijwerkingen van vaccinaties duidelijk te specificeren als licht. Dit maakt de vaccinatieprofielen zeer realistisch, aangezien ernstige bijwerkingen van vaccinaties zeer uitzonderlijk zijn. Maar vaak worden bijwerkingen van vaccinaties ten onrechte overdreven en als ernstig ingeschat. Vandaar dat bijwerkingen nog altijd de doorslag geven bij vaccinatiebeslissingen als ze niet nader worden gespecificeerd, zoals het geval was in het discrete-keuze-experiment van Vlaanderen (Verelst et al., 2018). Dus als er duidelijk en correct gecommuniceerd wordt over bijwerkingen – bijvoorbeeld door de vaccinerende arts of verpleging – en de bevolking weer voldoende vertrouwen heeft in evidence-based medicine, kan men de focus leggen op ­andere, veelal positieve, aspecten van vaccinaties: een degelijke vaccineffectiviteit voor bescherming tegen (ernstige) infectieziekten, en een lage kostprijs.

Getty Images

Conclusie

Vaccinatie lijkt wereldwijd het slachtoffer te zijn geworden van haar eigen succes, zo ook in Nederland. Een langdurig hoge vaccinatiegraad heeft veel infectieziekten teruggedrongen, waardoor de noodzaak van vaccinatie ter discussie is gesteld, totdat infectieziekten zich opnieuw gaan voordoen en de vaccinatiegraad weer stijgt.

De resultaten van onze studie kunnen de economische theorie niet bevestigen dat een langdurig hoge vaccinatiegraad meeliftersgedrag oproept. Vaccinatiegedrag lijkt juist te worden gedirigeerd door sociale beïnvloeding of conformiteit, zodat een individu een vaccin prefereert dat een groter deel van de bevolking al heeft gekregen. Het communiceren van hoge vaccinatiegraden kan helpen om de vaccinatiegraad te verhogen bij toekomstige vaccinatie­beslissingen. Het kan immers leiden tot een hogere acceptatie bij wie er in de toekomst vaccinatie aangeboden wordt of bij wie nog twijfelt.

Ook moeten vaccinaties voor volwassenen zo toegankelijk mogelijk worden gemaakt, bijvoorbeeld op de werkvloer. De huidige organisatie van vaccintoediening bij volwassenen lijkt onvoldoende. Voor kindervaccinaties moet de boodschap de effectiviteit van vaccinatie benadrukken, evenals de impact van de infectieziekte waartegen het vaccin beschermt. In beide gevallen moet de overheid tijdig en transparant communiceren over bijwerkingen, die nog maar zelden ernstig te noemen zijn.

Literatuur

Böhm, R., C. Betsch en L. Korn (2016) Selfish-rational non-vaccination: experimental evidence from an interactive vaccination game. Journal of Economic Behavior & Organization, 131B, 183–195.

Gidengil, C., T.A. Lieu, K. Payne et al. (2012) Parental and societal values for the risks and benefits of childhood combination vaccines. Vaccine, 30(23), 3445–3452.

Greenwood, B. (2014) The contribution of vaccination to global health: past, present and future. Philosophical Transactions of the Royal Society B: Biological Sciences, 369(1645).

Hall, J., P. Kenny, M. King et al. (2002) Using stated preference discrete choice modelling to evaluate the introduction of varicella vaccination. Health Economics, 11(5), 457–465.

Ibuka, Y., M. Li, J. Vietri, G.B. Chapman en A.P. Galvani (2014) Free-riding behavior in vaccination decisions: an experimental study. PLoS One, 9(1), e87164.

Larson, H.J., A. de Figueiredo, Z. Xiahong et al. (2016) The state of vaccine confidence 2016: global insights through a 67-country survey. EBioMedicine, 12, 295–301.

Lee, B.Y., R.R. Bailey, A.E. Wiringa et al. (2010) Economics of employer-­sponsored workplace vaccination to prevent pandemic and seasonal influenza. Vaccine, 28(37), 5952–5959.

Lier, E.A. van, J.L.E. Geraedts, P.J. Oomen et al. (2018) Vaccinatiegraad en jaarverslag Rijksvaccinatieprogramma Nederland 2017. Bilthoven, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, rapport 2018-0008.

Smith, T.C. (2017) Vaccine rejection and hesitancy: a review and call to action. Open Forum Infectious Diseases, 4(3), ofx146.

Verelst, F., R. Kessels, W. Delva et al. (2019) Drivers of vaccine decision-­making in South Africa: A discrete choice experiment. Vaccine, 37(15), 2079–2089.

Verelst, F., L. Willem, R. Kessels en P. Beutels (2018) Individual decisions to vaccinate one’s child or oneself: A discrete choice experiment rejecting free-riding motives. Social Science & Medicine, 207, 106–116.

WHO (2013) Global Vaccine Action Plan 2011–2020. Genève, WHO.

Auteur

2 reacties

  1. R. Kessels
    3 jaren geleden

    Beste Heer Custers,

    Dank voor je reactie, waarbij ik kan opmaken dat je het oneens bent met bepaalde aspecten van het vaccinatie artikel. In FD Futures van aanstaande zaterdag 18 januari zal er in een column meer duiding bij het ESB artikel worden gegeven naar aanleiding van je reactie.

    Met vriendelijke groet,
    Roselinde Kessels

  2. H. Custers
    3 jaren geleden

    Welk belang of reden heeft het FD om en dergelijk (subjectief, vooringenomen) artikel te plaatsen?
    Door wie/in wiens opdracht is het onderzoek gedaan?

    Onder Conclusies staan vier veronderstellingen vermeld, die door het onderzoek zelf niet zijn aangetoond. Waarom staan deze dan vermeld onder de conclusies?

    Ook al bekend met het feit dat in Amerika inmiddels miljarden zijn uitgekeerd wegen - gebleken - schade door vaccinaties? Ook al bekend met de rechterlijke uitspraak - in meen in 2018 - dat de officieel verantwoordelijke instantie in Amerika sinds 1986 geen enkel onderzoek naar de veiligheid van vaccins heeft laten doen? Alhoewel dit haar wettelijke taak was en nog steeds is!!!
    Ook al bekend met het feit dat de Amerikaanse overheid in 1986 de farmaceutische industrie heeft vrijgesteld van aansprakelijkheid voor schade wegens vaccins, omdat deze industrie dreigde wegens die gebleken .0schadeaansprakelijkheid geen vaccins meer te zullen gaan maken?

    Hoe dan ook, het heeft als FD geen pas om klakkeloos de aanname te volgen dat vaccinaties (vrijwel) "altijd effectief en veilig zijn en ook zijn geweest". En dan mensen die hun verantwoordelijkheid nemen om - vaak terdege geïnformeerd - af te zien van vaccinaties al bij voorbaat als mogelijke "freeriders" te framen, is helemaal over de grens van zorgvuldig handelen.
    Vergelijkbaar met de redenering: als maar voldoende mensen én in God geloven én actief hun kerk bezoeken, dan hoef ik beiden niet te doen, want voor mij zal dan ook een plek in de hemel zijn weggelegd. :-(