Het koppelen van de kinderopvangtoeslag aan het aantal gewerkte uren van de minst werkende ouder in 2021 heeft de ongelijkheid tussen werkende moeder vergroot. Dat concluderen Van Kippersluis en Zhang uit een triple difference-in-differences-analyse met Nederlandse administratieve data. Moeders die door de beleidswijziging werden geraakt, verlieten de arbeidsmarkt twaalf procentpunt vaker dan voor de wijziging. Moeders die veel uren werkten, verhoogden hun werkuren daarentegen vaak om ervoor te zorgen dat zij juist zo veel mogelijk kinderopvangtoeslag konden ontvangen. De regeling had daarmee onvoorziene effecten: arbeidsverschillen tussen moeders zijn langdurig vergroot en het gebruik van kinderopvang nam uiteindelijk af. De koppeling heeft nauwelijks gehad op het arbeidsaanbod van vaders.
Auteur
Categorieën