De ruim negen miljoen personenauto’s op de Nederlandse wegen leveren de huishoudens, en daarmee de economie, aanzienlijke baten op. Ze bieden flexibiliteit en gemak: mobiliteit, wanneer en waar dat nodig is. Hier staan echter forse externe kosten tegenover. Diverse beleidsmaatregelen – van brandstofaccijnzen en CO2-emissienormen tot milieuzones, spitsstroken en subsidies voor elektrische auto’s – richten zich op het terugdringen van CO2-uitstoot en luchtvervuiling en het verminderen van files. Maar dat is nog niet genoeg: het belangrijkste externe effect wordt namelijk nog gemist.

aan de Universiteit Utrecht
Het gebruik van de auto heeft ook forse negatieve effecten voor de gezondheid. Het alternatief, lopen of fietsen (al dan niet naar ov-haltes) is namelijk veel beter voor de gezondheid, waardoor de opportuniteitskosten van autogebruik hoog zijn. De Hartog et al. (2010) becijferden voor Nederland de gezondheidswinst van het vervangen van korte autoritten door fietsen. Zij schatten een stijging van de individuele levensverwachting van acht maanden door een toename van fysieke activiteit; dit effect compenseert ruimschoots het verlies van levensverwachting van voetgangers door een toegenomen risico op verkeersongevallen (−7 dagen) en grotere blootstelling aan luchtvervuiling (−21 dagen). Voor de VS en het VK zijn de gezondheidsbaten van het laten staan van de auto per kilometer respectievelijk twintig en vijftien keer zo groot als de externe kosten van CO2-uitstoot, luchtvervuiling, congestie en ongevallen tezamen (figuur 1).


De gezondheidkosten rechtvaardigen een hogere beprijzing van autogebruik. Zo zouden de accijnzen 38 procent in het VK en 44 procent in de VS hoger mogen liggen ten opzichte van de optimale hoogte geschat op basis van de ‘standaard’ externaliteiten (Van den Bijgaart et al., 2024). Maar alleen dergelijke accijnsopslagen volstaan niet: ze blijven nog te bescheiden omdat de welvaartsverliezen door lager autogebruik anders groter worden dan de baten van een toename in actieve mobiliteit.
Ook informatiecampagnes en ‘nudges’ kunnen worden ingezet om de kennis en bewustwording over de voordelen van actieve mobiliteit te vergroten, al leiden zij op zichzelf zelden tot blijvende veranderingen in reisgedrag (Gravert en Collentine, 2021; Sulikova en Brand, 2022).
Cruciaal zijn, tot slot, verbeteringen in de fietsinfrastructuur en in de bereikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit van het openbaar vervoer. Dergelijke investeringen ondersteunen actieve mobiliteit en complementeren het andere beleid. Goede alternatieven voor de auto vergroten immers de effectiviteit van accijnzen, informatiecampagnes en een eventuele kilometerheffing in het aanmoedigen van gezond reisgedrag.
Het doorzetten van de elektrificatie van het Nederlandse wagenpark zal zorgen voor aanzienlijke milieuwinsten, maar voor een gezond transportsysteem is het niet genoeg. Alleen met een bredere blik zijn de nationale doelen haalbaar: 75 procent van de bevolking voldoende actief in 2040, en in 2050 een CO2-vrij transportsysteem (MinEZ, 2019; RIVM, 2024).
Literatuur
Bijgaart, I. van den, D. Klenert, L. Mattauch en S. Sulikova (2024) Healthy climate, healthy bodies: Optimal fuel taxation and physical activity. Economica, 91(361), 93–122.
Gravert, C. en L.O. Collentine (2021) When nudges aren’t enough: Norms, incentives and habit formation in public transport usage. Journal of Economic Behavior & Organization, 190, 1–14.
Hartog, J.J. de, H. Boogaard, H. Nijland en G. Hoek (2010) Do the health benefits of cycling outweigh the risks? Environmental Health Perspectives, 118(8), 1109–1116.
MinEZ (2019) Klimaatakkoord. Ministerie van Economische Zaken en Klimaat,
28 juni. Te vinden op www.rijksoverheid.nl.
RIVM (2024) Inzicht in mensen die niet en weinig bewegen in Nederland. RIVM Rapport, 2024-0124.
Sulikova, S. en C. Brand (2022) Do information-based measures affect active travel, and if so, for whom, when and under what circumstances? Evidence from a longitudinal case-control study. Transportation Research Part A: Policy and Practice, 160, 219–234.
Auteurs
Categorieën