
Eind 2024 bedroeg het balanstotaal van financiële instellingen binnen concernverband (CFI’s) – veelal doorstroomvennootschappen – in Nederland bijna vijf biljoen euro. CFI’s vertegenwoordigen daarmee een groot deel van de totale Nederlandse activa van niet-bancaire financiële instellingen. Dit blijkt uit de jaarlijkse publicatie van het Europees Comité voor Systeemrisico’s met een overzicht van de omvang, ontwikkelingen en potentiële risico’s binnen de niet-bancaire financiële sector (ofwel alle financiële instellingen buiten banken en centrale banken).
Binnen de EU bedroegen de totale activa van niet-bancaire instellingen – als groep aangeduid als ‘overige financiële instellingen’ – eind 2024 circa 28,7 biljoen euro (circa 25 procent van de totale NBFI-sector). Het grootste deel daarvan, gemeten naar het balanstotaal, was in handen van CFI’s, namelijk 73 procent. En die zitten veelal in Nederland: ongeveer 23 procent van het totale balanstotaal van alle CFI’s in de EU is hier gevestigd. Luxemburg is koploper van de EU met circa 45 procent.
CFI’s worden door transnationale ondernemingen veelvuldig ingezet om hun wereldwijde bedrijfsstructuur en investeringsstromen efficiënt te organiseren. Binnen eigendomsstructuren bevinden deze entiteiten zich doorgaans tussen de uiteindelijke moedermaatschappij en de operationele werkmaatschappijen. Ze vervullen uiteenlopende investerings- en financieringsfuncties, zoals het bundelen van liquiditeit, het verstrekken van intragroepskredieten, het aantrekken van externe financiering namens de moedermaatschappij en het centraal beheren van treasuryactiviteiten. Hoewel de activiteiten van deze instellingen doorgaans niet als risicovol worden beschouwd, kunnen ze wel risico’s binnen het financiële stelsel doorgeven. Dit geldt vooral wanneer ze fungeren als schakel tussen financiële instellingen. De directe banden tussen CFI’s en banken lijken beperkt, maar CFI’s kunnen wel deel uitmaken van complexe intermediaire ketens, waarin ze betrokken zijn bij effectenfinancieringstransacties of via het gebruik van derivaten een hoge mate van hefboomwerking hanteren.
Auteur
Categorieën