Eind vorig jaar werd er een nieuwe onafhankelijke adviesraad aangekondigd die moet gaan adviseren over het aanjagen van de arbeidsproductiviteit in Nederland. Met ingang van 15 april 2026 wordt Albert van der Horst benoemd tot secretaris-directeur van deze Productiviteitsraad. We spreken hem over zijn plannen.
Van de zorg naar de arbeidsproductiviteit: hoe kom je tot die overstap?
“Ik heb altijd gewerkt op de brug van kennis naar beleid. Eerst twintig jaar aan de kenniskant bij het Centraal Planbureau. Daarna vijf jaar aan de beleidskant bij het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Nu weet ik dat ik meer energie haal uit onderzoek en advisering. In een ministerie is kennis slechts één van de instrumenten voor het maken van beleid, terwijl je in een adviesrol de rust, ruimte en onafhankelijkheid hebt om volledig op basis van kennis te adviseren. Dat kan ik in deze functie weer doen.”
Wat gaat de Productiviteitsraad doen?

“De centrale vraag is hoe je mensen inzetbaar en bedrijven productief maakt. Veel kennis daarover is wel beschikbaar, maar ook erg versnipperd. De uitdaging ligt erin om alle brokjes informatie te integreren en te vertalen naar concrete beleidsadviezen.
De doelgroep is daarbij breder dan alleen het huidige kabinet. We adviseren ook de Tweede en Eerste kamer en het bedrijfsleven.
We gaan zelf geen onderzoek doen, maar vooral onderzoek uitzetten en benutten. Heel belangrijk daarbij is om goed je oor te luisteren te leggen en je breed te laten informeren. En ook om de boodschap uiteindelijk te laten landen, moeten we continu met mensen in gesprek zijn zodat de relevantie voor hen duidelijk is.”
Hoe verhoudt de raad zich tot de Nationale productiviteitsmonitor van het CPB?
“Wij gaan ons multidisciplinair laten voeden, zodat we ook echt kunnen adviseren. Het CPB is terughoudend met advies omdat het de economische kant centraal stelt en je voor advisering ook het bredere perspectief nodig hebt.”
Wat zijn de grootse uitdagingen?
“Er is nu geen raad en er is geen team, dus de eerste uitdaging wordt om het team te formeren en er een geoliede machine van te maken. Vervolgens moeten we ons als raad met een eerste advies op de kaart zetten.
Dat advies zal niet de hele breedte van het vraagstuk kunnen omvatten. Welke van de grootste uitdagingen we het eerst bij de kop pakken, is iets wat ik samen met de raadsleden en het team wil bediscussiëren. We beginnen met een leeg A4’tje.”
Welke thema’s vind je zelf belangrijk?
“Ik zie productiviteit als een middel en niet per se als een doel op zich. Het is belangrijk voor het verdienvermogen, de internationale concurrentiepositie en de instandhouding van de welvaartsstaat.
Een van de belangrijkste bouwstenen van productiviteit is een gezonde en goed opgeleide beroepsbevolking. Hoe je dat het beste stimuleert blijft continu aandacht vragen.
Ook kijk ik graag naar hoe je productiviteitsgroei en loongroei samen op kan laten gaan. Dat gaat niet vanzelf, zoals Acemoglu en Johnson [2024] hebben laten zien. Dat vraagstuk vind ik ten aanzien van AI heel relevant. Gaat het, zoals we tot nu toe zien, uiteindelijk alleen de happy few rijker maken? Of kunnen we erop aansturen dat het de hele bevolking ten goede komt? Dat vind ik een intrigerende vraag waar ik nog geen antwoord op heb.”
Literatuur
Acemoglu, D. en S. Johnson (2024) Progress and power: Our thousand-year struggle over technology and prosperity. New York: PublicAffairs.
Auteur
Categorieën