Ga direct naar de content

Column: Nogmaals: sprinkhanen

Geplaatst als type:
Geschreven door:
Gepubliceerd om: november 3 2006

column

Coen Teulings

Nogmaals: sprinkhanen
Private equity en hedge funds rukken op: het van de
beurs halen van Vendex-KBB en VNU, de overname
van PCM, discussies bij Stork en Ahold. Steeds spelen
private equity en hedge fondsen een belangrijke rol.
ABP en PGGM hebben er inmiddels een aanzienlijk
vermogen in belegd. Dit leidt tot onrust. Wie zijn toch
al die mannen in snelle pakken die komen zeggen hoe
wij onze zaken moeten doen? Het zijn sprinkhanen
genoemd, één van de zeven plagen van Egypte. Wiens
belang jagen die mannen na? Spoort dit wel met het
nationale belang? Leidt dit niet tot de uitverkoop van
ons bedrijfsleven aan Amerikaans grootkapitaal? Het
zijn stuk voor stuk gerechtvaardigde vragen, die om een
serieus antwoord vragen.
Er zijn tal van partijen die in deze delicate kwestie om
advies kunnen worden gevraagd. Op het eerste gezicht
is het verleidelijk om bij captains of industry te biecht
te gaan, of bij hun belangenorganisatie, VNO-NCW. Zij
blijken echter belanghebbenden te zijn. De acties van
private equity beogen immers vaak het zittende management te vervangen. Dat is precies zoals de theorie
het wil. De dreiging van overname houdt het management scherp, en verschaft de kapitaalverschaffer een
betere garantie op toekomstig resultaat. Een nieuwe
wind in het management kan dus wonderen doen. Dat
is begrijpelijkerwijs niet de eerste prioriteit van de
belangenorganisatie van managend Nederland. Het is
zoiets als de vakbond vragen om te applaudisseren voor
de afschaffing van de ontslagvergunning.
Hieruit volgt een belangrijke conclusie. Wie pleit tegen
de macht van private equity, pleit eigenlijk tegen de
rechten van aandeelhouders, ten faveure van managers
en werknemers. Weliswaar zijn er allerlei pogingen
onderscheid te maken tussen ‘gewone aandeelhouders’
en private equity, maar uiteindelijk is de dreiging van
de overname voor aandeelhouders van het grootste
belang. Die dreiging dwingt het management om goed
te presteren. Een gemiddelde aandeelhouder zal die
dreiging nooit kunnen waarmaken, private equity wel.
VNO-NCW valt dus als mogelijke adviseur af. Gek
genoeg komt de FNV meer in aanmerking. Die zit in
deze discussie namelijk met twee petten. Als belangenbehartiger van werknemers hebben zij van alles
van private equity te vrezen. Een frisse wind bij het
management blijft lager in de organisatie meestal ook
niet zonder gevolgen. Ontslagen zijn het onvermijdelijke
gevolg, niet iets waar de FNV zijn leden mee bedient.
Er is binnen de FNV echter nog een andere tak van
sport, misschien minder zichtbaar, maar daarom niet
minder invloedrijk. De FNV is medebestuurder in tal

van pensioenfondsen, die zoals gezegd meeprofiteren
van de opmars van private equity. Het hoge rendement
dat private equity realiseert houdt onze pensioenen betaalbaar. Weliswaar hoor je die FNV pensioenbestuurders niet in het openbaar, maar het zou me verbazen
als ze binnenskamers niet gewoon voor meer geld naar
private equity pleiten.
Zo bezien is het dus simpel: een afweging tussen de
belangen van de zittende werknemers en managers
versus die van de aandeelhouders, en dus indirect,
van pensioenfondsen. Een euro meer voor de één is
een euro minder voor de ander. Echter, niet alle aandelen zijn in handen van pensioenfondsen. Van iedere
euro meer voor de aandeelhouders gaat een deel naar
allerlei buitenlandse private equity fondsen. Geld lekt
weg, dus toch maar insecticide inzetten tegen de
sprinkhanen?
Er zijn minstens twee argumenten tegen. Ten eerste is
een reorganisatie niet louter een herverdeling van werknemers naar aandeelhouders. Een reorganisatie leidt
veelal ook tot winst, omdat werknemers op zoek moeten naar een nieuwe baan met een hogere toegevoegde
waarde, ofwel ‘een reallocatie van de factor arbeid’.
Maar er is een tweede argument. Op korte termijn is
het beperken van de macht van aandeelhouders vanuit
landsbelang misschien gunstig, als het eerste argument
beperkt weegt en de aandeelhouderswinst grotendeels
weglekt naar het buitenland. Kan in dat geval de macht
van aandeelhouders dan maar beter worden ingeperkt?
Dan wordt het tweede argument van belang. Welke
belegger wil nog investeren in het aandelenkapitaal
van een nieuwe onderneming als hij weet dat zijn
rendement met insecticide wordt bestreden? Wat op
korte termijn voordelig lijkt – beperking van de macht
van (buitenlandse) aandeelhouders – keert zich op
termijn onvermijdelijk tegen ons – opschorting nieuwe
investeringen in aandelenkapitaal. In economentaal:
een klassiek hold up probleem.
Er is nog een derde argument waarom insecticide niet
helpt – efficiënte allocatie van risico – maar dat laat
ik hier maar even rusten. Er is ook een interessante
beschouwing mogelijk over de onderscheiden rol van
private equity (langere termijn investeerders) en hedge
funds (het echte snelle geld), maar ook dat is teveel
voor deze column. Die onderwerpen moeten maar even
wachten tot de volgende sprinkhanenplaag. Want in
Nederland is het weer wat stiller geworden rond de
sprinkhanen. En misschien is dat maar goed ook.

ESB

3 november 2006

575

Auteur