The article has been translated into English: Wesseling, J. (2026) ESB, in press.
Door het volatiele Amerikaanse beleid is er steeds meer twijfel over de positie van de dollar. Dit biedt kansen om de internationale rol van de euro te versterken en daarmee afhankelijkheden van het Amerikaanse financiële stelsel en de dollar af te bouwen.
In het kort
- Een concurrerende economie en betrouwbare instellingen zijn essentieel voor een grotere internationale rol van de euro.
- Het stimuleren van het gebruik van de euro bij handel en investeren kan de internationale rol van de euro aanzienlijk versterken.
- Hoewel een groter aanbod van veilige activa kan bijdragen, zijn eurobonds niet de eerste stap waar we nu aan moeten werken.
In het kort
Met dank aan: Jesper Hanson, Eline Koopman en Jasper Schalkwijk
De euro is een van de belangrijkste pijlers van het Europese integratieproject. Ruim 350 miljoen consumenten in 21 Europese lidstaten profiteren door de euro van lagere transactiekosten, stabielere prijzen en meer prijstransparantie (Raad van de EU, 2026). Voor bedrijven vergemakkelijkt de euro handel en investeringen, wat bijdraagt aan economische groei. Soons en Van Overbeek (2023) laten zien dat het lidmaatschap van de eurozone de uitvoer verhoogt, niet alleen naar andere euro-lidstaten (+7,2 procent), maar ook naar niet-euro-lidstaten van de EU (+15,7 procent) en de rest van de wereld (+12,0 procent).
Tegelijkertijd is de potentie van de euro nog niet ten volle gerealiseerd. Het afgelopen jaar werd steeds duidelijker dat een grotere rol van de euro helpt om de sterke afhankelijkheid van de dollar en het Amerikaanse financiële stelsel af te bouwen. De Europese Unie (EU) is goed gepositioneerd om de rol van de euro als ankerpunt in het internationale monetaire stelsel uit te breiden – ze beschikt over betrouwbare en geloofwaardige instellingen en toont respect voor de rechtsstaat en de internationale, op regels gebaseerde, multilaterale orde.
In dit artikel betoog ik dat wij Europeanen die grotere internationale rol moeten verdienen. Vaak wordt daarbij al snel gewezen op de noodzaak om het aanbod van eurobonds te vergroten (Blom, 2025). Hoewel dit wellicht kan bijdragen, is het geen silver bullet. Maatregelen die de Europese economie concurrerender maken en de groeivoet verhogen, vormen de eerste stap om een grotere internationale rol van de euro te bewerkstelligen. Daarnaast kan de EU verschillende beleidsmaatregelen nemen om de aantrekkelijkheid van de euro als internationaal betaal- en spaarmiddel te vergroten. Dat kunnen we allemaal zelf doen.
De dominantie van de dollar
De Amerikaanse dollar heeft na de Tweede Wereldoorlog de plek als mondiale reservemunt ingenomen en is nog altijd met afstand de dominante valuta (figuur 1). Een mondiale reservemunt wordt gebruikt voor het factureren en afrekenen van internationale handel, het afwikkelen van internationale financiële transacties en voor het aanhouden van reserves door centrale banken (Eichengreen, 2011).
Figuur 1: Valuta in het internationaal monetair systeem

Economische omvang en geopolitieke macht gaan daarbij steeds samen. Het gebruik van een munt om te betalen, te rekenen en te sparen creëert zelfversterkende netwerkeffecten (Gopinath en Stein, 2018) en strategisch beleid kan dit verder versterken (Van ’t Klooster en Murau, 2025).
Zo werd de dollar de spil van het naoorlogse monetaire stelsel na een akkoord in het Amerikaanse plaatsje Bretton Woods. Dit was een reflectie van de omvang van de Amerikaanse economie en het vertrouwen in de Amerikaanse rechtsstaat en instituties. Ook de geopolitieke macht van de VS speelde een belangrijke rol: landen die voor hun veiligheid op de VS leunen, houden dertig procentpunt meer dollarreserves aan dan landen waarvoor dit niet het geval is (Eichengreen et al., 2017). Tot slot zijn Amerikaanse kapitaalmarkten zeer diep en liquide, wat het aantrekkelijk maakt om in de VS te investeren.
De VS heeft ook bewust beleid gevoerd om de internationale rol van de dollar te vergroten. Zo heeft het land in de jaren zestig en zeventig afspraken met Saudi-Arabië gemaakt om olie in dollars te beprijzen, in ruil voor veiligheidsgaranties (het ‘petrodollar-systeem’). Meer recent zet de VS in op dollar-stablecoins om de dominante positie van de dollar te bestendigen.
Volatiel beleid Trump zet dollar onder druk
Charles Kindleberger (1973) sprak over het belang van een mondiale hegemon die de mondiale economie kan stabiliseren. Hier lijkt de VS steeds minder in geïnteresseerd. Amerikaanse importtarieven zijn aanzienlijk gestegen, waardoor de VS minder aantrekkelijk is om mee te handelen. Bovendien lijkt het vertrouwen in de Amerikaanse rechtsstaat en instituties geleidelijk af te nemen. De druk die vanuit de Amerikaanse regering op de Federal Reserve wordt uitgeoefend, vormt hierbij een belangrijk aandachtspunt voor investeerders. Tot slot nemen de zorgen over de groeiende overheidsschuld van de VS verder toe. Deze is opgelopen tot 124 procent van het bruto binnenlands product (bbp) in 2025 en het IMF (2026) raamt een verdere stijging tot 142 procent van het bbp in 2031. In de eurozone is de stijging van de overheidsschuld van de lidstaten veel beperkter: van 87 procent in 2026 tot 90 procent in 2031.
Sinds de aanvang van de regering-Trump lijkt de dollar minder als veilige haven te functioneren. Normaliter neemt de dollar in waarde toe en daalt de rente op Amerikaanse staatsobligaties ten tijde van marktvolatiliteit, maar sinds de inauguratie van Trump is al een aantal keer juist het omgekeerde gebeurd (Jiang et al., 2026). Een verklaring is dat marktpartijen hun dollarwisselkoersrisico in grotere mate afdekken (Shin et al., 2025), maar er zijn ook signalen dat marktpartijen op zoek gaan naar alternatieven voor de dollar. Zo hebben verschillende Europese pensioenfondsen – waaronder het Nederlandse ABP – en vermogensbeheerders de blootstelling aan Amerikaanse staatsobligaties teruggebracht. Ook Amerikaanse partijen hebben aangegeven weg te diversifiëren van Amerikaanse activa (Financial Times, 2026). En hoewel de verwachting is dat de dollar voorlopig dominant zal blijven, kunnen dit de eerste aanwijzingen zijn voor verschuiving richting een meer multipolair stelsel.
Voordelen van een reservemunt
Het hebben van de internationale reservemunt biedt de VS aanzienlijke economische voordelen. Door de structureel hoge internationale vraag naar veilige dollarobligaties kan de VS tegen relatief lage kosten lenen. Tegelijkertijd investeert de VS in langlopende, hoogrenderende buitenlandse activa. Analyse laat zien dat het rendement op Amerikaanse buitenlandse activa tussen 1950 en 2020 in reële termen gemiddeld 1,5 procent hoger lag dan dan de rente waartegen de VS internationaal leende. Afgelopen jaren is het voordeel echter siginficant afgenomen (Rey en Subran, 2026).
In tijden van crisis zorgt de vlucht naar veilige havens daarnaast voor een lagere rente (BIS, 2025), wat de gevolgen van de crisis dempt omdat overheden, bedrijven en huishoudens zich tegen relatief gunstige rentes kunnen blijven financieren. Daarnaast staan bedrijven en huishoudens minder blootgesteld aan wisselkoersrisico wanneer schulden in dollars worden afgesloten en handel in dollars wordt gefactureerd. Anderzijds brengt de hoge buitenlandse vraag naar dollars ook nadelen met zich mee, doordat het de wisselkoers opstuwt en daarmee het prijsconcurrentievermogen van de economie vermindert.
Naast deze economische effecten, brengt het hebben van een dominante valuta ook substantiële geopolitieke en strategische voordelen met zich mee. Voor andere landen leidt de sterke afhankelijkheid van de dollar tot kwetsbaarheden, vooral in tijden van crisis, wanneer de beschikbaarheid van dollars cruciaal is voor voldoende liquiditeit in het financiële systeem. De VS kan deze afhankelijkheid in potentie ook gericht inzetten, door financiële instellingen de toegang tot het Amerikaanse financiële systeem en de dollar te ontzeggen. Naast toegang tot de dollar zou ook toegang tot het betalingssysteem als geopolitiek wapen kunnen worden ingezet (kader 1).
Kader 1: De noodzaak van een digitale euro
Op het gebied van het betalingsverkeer bestaat er een sterke afhankelijkheid van de VS. Aan de toonbank zijn de Amerikaanse bedrijven Visa en Mastercard dominant: in 2022 werd bijna twee derde van alle kaarttransacties in de eurozone afgehandeld door Visa en Mastercard. Dertien eurozonelanden zijn voor kaartbetalingen zelfs volledig afhankelijk van deze bedrijven (ECB, 2025).
Om onze afhankelijkheid te verkleinen, hebben private bedrijven initiatieven opgezet zoals Wero, de opvolger van iDEAL, en EuroPA, om de concurrentie met Visa en Mastercard aan te gaan. Ook de digitale euro kan een extra betaalmethode aan de toonbank worden. De digitale euro is contant geld, uitgegeven door de Europese Centrale Bank, maar dan digitaal. Zoals het er nu naar uitziet, zal de digitale euro worden ontwikkeld door Europese bedrijven en werken op Europese infrastructuur. De digitale euro kan ook de weerbaarheid van het betalingsverkeer vergroten. Met een offline-functionaliteit wordt het namelijk mogelijk om digitaal te betalen zonder internetverbinding. Dat is nuttig bij stroomuitval en bij cyberdreigingen. Tot slot borgt de digitale euro, samen met euro-stablecoins, de rol van de euro in het digitale domein.
Kansen voor de euro
De toegenomen twijfels over de dollar creëren kansen voor Europa om de internationale rol van de euro te versterken en zo te profiteren van de voordelen die hiermee gepaard gaan. We zullen echter wel drie stappen moeten zetten om deze positie te verdienen: de euro zal aantrekkelijk moeten worden om in te handelen en om in te investeren, en de EU moet haar geopolitieke positie verstevigen.
Aantrekkelijke munt om in te handelen
De internationale positie van de euro rust voor een groot deel op het belang van de EU in mondiale handelsketens. De EU is voor 72 landen de belangrijkste handelspartner en is ’s werelds grootste handelsblok in goederen en diensten, groter dan China en de VS (EC, 2025). De facturering van internationale handel in euro’s is met circa twintig procent van de mondiale uitvoer echter relatief beperkt (hierbij is intra-eurozone-handel niet meegenomen), en vergelijkbaar met het aandeel van internationale uitvoer naar de eurozone (Boz et al., 2025). Het aandeel van de internationale handel dat wordt gefactureerd in dollars is met zestig procent veel groter dan het aandeel van de internationale uitvoer naar de VS. Opvallend is bovendien dat 51 procent van de Europese invoer en 31 procent van de Europese uitvoer in dollars gefactureerd wordt.
Het gebruik van de euro in internationale handelstransacties kan gestimuleerd worden door nieuwe of verbeterde handelsakkoorden te sluiten, zoals met Mercosur, India, Indonesië en Australië. Dit stimuleert de handel met Europa en laat zien dat de EU bereid is om het multilaterale, op regels gebaseerde handelssysteem te waarborgen. In dit soort handelsakkoorden zouden ook afspraken gemaakt kunnen worden over het factureren van handel in euro’s (Rey en Subran, 2026).
Daarnaast is het belangrijk dat de EU door de gehele waardeketen prikkels inbouwt om het gebruik van de euro in internationale handel te stimuleren en netwerkeffecten te creëren. Voor bedrijven is het namelijk aantrekkelijk om hun intermediaire goederen, hun eigen producten en hun financiering in dezelfde valuta af te rekenen. Deze prikkels kunnen bijvoorbeeld vorm krijgen door clausules om internationale transacties in euro’s te voldoen toe te voegen aan het Global Gateway-programma en Next Generation EU (Rey en Subran, 2026). Ook zou de Europese Investeringsbank leningen hoofdzakelijk in euro’s kunnen verstrekken. Volgens mijn informatie bedraagt het aandeel leningen buiten de EU in de EIB-portfolio dat niet in euro’s is gedenomineerd, circa dertig procent. Tot slot worden ook exportkredietverzekeringen nog voor een aanzienlijk deel in dollars verstrekt. Volgens mijn informatie is 41 procent van het totale obligo van de Nederlandse exportkredietverzekeraar in dollar gedenomineerd.
Als er meer offshore gebruik wordt gemaakt van euro’s, is het belangrijk dat centrale banken in die landen in geval van stress in voldoende mate toegang tot euro’s hebben. De ECB (2026) heeft hiertoe in februari een belangrijke stap gezet door het breed beschikbaar maken van repolijnen aan buitenlandse centrale banken, waarmee de ECB euro’s kan verstrekken in ruil voor hoogwaardig in euro gedenomineerd onderpand. Een vervolgstap zou zijn om ook het netwerk van swaplijnen, die toegankelijker zijn omdat buitenlandse centrale banken hun eigen valuta kunnen inleggen als onderpand, uit te breiden. Dit zou laten zien dat de ECB bereid is om op te treden als mondiale ‘lender of last resort’, nu er twijfels zijn ontstaan over de bereidheid van de VS hiertoe (Financial Times, 2025).
Aantrekkelijke munt om in te investeren
Om van de eurozone een aantrekkelijke investeringslocatie voor internationale investeerders te maken, is het essentieel om de economische groei te stimuleren. Dit verhoogt immers het rendement op investeringen in de eurozone. De rapporten van Draghi (2024) en Letta (2024) wijzen onder meer op het belang van het wegnemen van barrières op de interne markt, zodat start- en scale-ups makkelijk kunnen doorgroeien.
Voor het aantrekken van internationale investeerders is integratie van de momenteel nog te gefragmenteerde kapitaalmarkten in Europa en het vervolmaken van de bankenunie van groot belang. Nederlandse zet zich hiervoor in in het kader van de ontwikkeling van een Europese Spaar- en Investeringsunie.
Vaak wordt een Europese safe asset genoemd als essentieel onderdeel van een geïntegreerde kapitaalmarkt (Draghi, 2024). Dit wordt vervolgens aangegrepen om te pleiten voor meer gemeenschappelijke schulduitgifte door de EU, voor het financieren van uitgaven of vervangen van nationale schuld (vaak aangeduid met het containerbegrip “eurobonds”), zie kader 2. Maar om Europese kapitaalmarkten te integreren en te verdiepen, zijn andere maatregelen van groter belang.
Kader 2: Verbetering nationale kredietwaardigheid leidt tot meer safe assets dan eurobonds
Hoewel eurobonds zouden kunnen bijdragen aan meer safe assets, gaan ze – afhankelijk van de vorm – gepaard met aanzienlijke risico’s. Zo wordt de prikkel om op nationaal niveau verstandig economisch en begrotingsbeleid te voeren, kleiner als op Europees niveau voor uitgaven wordt geleend. De schuldvoorraad kan dan snel toenemen, wat het vertrouwen in Europees schuldpapier en daarmee ook in de euro zelf kan ondermijnen. Juist de gestaag stijgende Amerikaanse overheidsschuld is een van de redenen waarom het vertrouwen in de dollar onder druk staat (Rogoff, 2025). Gezonde overheidsfinanciën zijn essentieel om de internationale rol van de euro te versterken. Strikte naleving en handhaving van de Europese begrotingsregels binnen het Stabiliteits- en Groeipact is daarbij van belang.
Het vergroten van het aanbod aan nationale veilige activa kan bovendien een grote bijdrage leveren aan de beschikbaarheid van Europese safe assets (AA of beter) dan bekende voorstellen voor gemeenschappelijke schulden. Er is momenteel 9,4 biljoen euro aan uitstaande schuld van EU-lidstaten met een A-rating of slechter (tabel 1). Als deze landen hun kredietwaardigheid weten te verbeteren, levert dit meer safe assets op dan mogelijk is met het uitgeven van EU-bonds voor defensie-uitgaven (Janse et al., 2025) of het omzetten van 25 procent van het bbp aan nationale obligaties in een Europese obligatie (Blanchard en Ubide, 2025).
Daarnaast kan verdere harmonisatie van nationale schulduitgifte in de EU de aantrekkelijkheid van het huidige aanbod van veilige activa verbeteren. Door rekening te houden met elkaars veilingkalender, gebruik te maken van dezelfde veilingsystemen, en obligatievoorwaarden te harmoniseren, neemt de homogeniteit en vergelijkbaarheid van Europees schuldpapier toe, waardoor de markt toegankelijker wordt voor internationale investeerders. Hier hebben landen met een goede kredietbeoordeling ook baat bij.
| Soort | Bedrag in miljarden euro’s |
| Huidige schuld eurozone-lidstaten, AA-rating of beter | 5.327 |
| Huidige schuld eurozone-lidstaten, A-rating of slechter | 9.476 |
| Huidige schuld EU (AAA-rating) | 785 |
| Mogelijke extra defensieschuld, AA-rating of beter | 1.030 |
| Mogelijke extra schuld plan Blanchard en Ubide (2025) / daarvan van lidstaten met A-rating of slechter | 4.882 / 2.486 |
Data: AMECO | ESB
Een eerste prioriteit is het harmoniseren van regelgeving. Internationale investeerders die in Europese bedrijven willen investeren, worden momenteel gehinderd door regelgeving die per lidstaat kan verschillen (DNB, 2026). Door relevante regelgeving – zoals het vennootschapsrecht, faillissementsrecht en fiscaal recht – zo veel mogelijk te harmoniseren wordt het voor internationale investeerders aantrekkelijker om te investeren en voor Europese bedrijven eenvoudiger om financiering aan te trekken (Knot, 2025). Op fiscaal terrein gebeurt verdere harmonisatie idealiter met unanimiteit, maar als dit niet zou lukken, zijn er alternatieven denkbaar. Voor andere rechtsgebieden, zoals het vennootschapsrecht, kan een 28ste regime een snelle en alternatieve uitkomst bieden voor nieuwe bedrijven die zich vanaf dag één Europees voelen.
Ook de ontwikkeling van diepere nationale kapitaalmarkten is een belangrijk aandachtspunt. Hiertoe werkt Nederland met andere lidstaten samen aan het ontwikkelen van nationale initiatieven, zoals een fiscaal aantrekkelijke EU-beleggingsrekening, om spaarders te faciliteren bij het starten met beleggen.
Tot slot maakt Nederland zich samen met vijf andere grote Europese lidstaten hard voor verdere centralisatie van het toezicht op de kapitaalmarkt, zodat grote marktpartijen zoals handelsplatformen, centrale tegenpartijen en centrale effectenbewaarinstellingen makkelijker kunnen opereren in meerdere lidstaten en financiële transacties efficiënter kunnen worden uitgevoerd.
Bij de bankenunie zijn sinds de financiële crisis goede stappen gezet: kapitaalbuffers zijn verhoogd, bankbalansen zijn opgeschoond, er is centraal bankentoezicht door de ECB gekomen, en er is een gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme en -fonds voor banken opgezet. De bankenunie kan worden afgemaakt met een Europees depositogarantiestelsel en achtervang voor het gemeenschappelijke afwikkelingsfonds. Daarnaast is er momenteel nog geen echte interne markt voor banken: op Europees niveau opererende banken hebben te maken met allerlei nationale vereisten die grensoverschrijdende activiteiten moeilijker maken, waaronder verschillende bankenbelastingregels.
Geopolitieke kracht
Tot slot zal de EU ook haar geopolitieke positie moeten verstevigen om het vertrouwen in de euro te vergroten. Naast een concurrerende economie, sterke samenwerkingsverbanden en eensgezind optreden zijn sterke defensie- en veiligheidscapaciteiten cruciaal. Hiertoe zet de EU momenteel belangrijke stappen. Zo is er afgelopen jaar een noodinstrument gecreëerd dat lidstaten financieel ondersteunt bij het opschalen van defensie-investeringen door middel van gezamenlijke aanbestedingen. Daarnaast is het leenbeleid bij de EIB herijkt, waardoor defensie-investeringen mogelijk zijn geworden (met uitzondering van wapens en munitie). Een analyse van McKinsey (2025) laat zien dat de Europese NAVO-landen in 2028 naar verwachting meer zullen uitgeven aan militair materieel dan de VS afgelopen jaar deed. Met dergelijke ontwikkelingen zullen bondgenoten mogelijk ook meer euroreserves aanhouden (Andreopoulos en Tordoir, 2026).
Conclusie
Bij de introductie van de euro benadrukte ECB-president Wim Duisenberg de potentie van de euro om uit te groeien tot een wereldwijde reservemunt (ECB, 1998). Deze potentie heeft de euro nog niet goed waar weten te maken, mede omdat de noodzaak daartoe langere tijd ontbrak. De toenemende geopolitieke onzekerheid en instabiliteit onderstrepen nu echter het belang voor de EU om haar internationale slagkracht te versterken. Verdergaande samenwerking en harmonisatie is hiervoor cruciaal. Juist door samenwerking kunnen de lidstaten hun soevereiniteit beschermen en versterken. Een grotere internationale rol van de euro is daar een onlosmakelijk onderdeel van. Die sterkere rol van de euro komt echter niet vanzelf, maar moet Europa verdienen. Een concurrerende economie, betrouwbare instellingen en gezonde overheidsfinanciën staan aan de basis, waarbij actief beleid de aantrekkelijkheid van de euro als internationaal betaal- en spaarmiddel kan vergroten.

Literatuur
Andreopoulos, S. en S. Tordoir (2026) The ECB’s bid to strengthen the euro’s global role. Centre for European Reform Analyse, 20 februari. Te vinden op www.cer.eu.
Bank for International Settlements (2025) Quarterly review. September.
Blanchard, O. en Á. Ubide (2025) Now is the time for Eurobonds: A specific proposal. Peterson Institute for International Economics, Publicatie, 30 mei.
Blom, M. (2025) Now is the Time to reopen the Eurozone bond debate. Financial Times, 27 mei.
Boz, E., A. Brüggen, C. Casas et al. (2025) Patterns of invoicing currency in global trade in a fragmenting world economy. IMF Working Paper, WP/25/178.
DNB (2026) Jaarverslag 2025. Te vinden op dnb.nl.
Draghi, M. (2024) The future of European competitiveness: A competitiveness strategy for Europe. Europese Commissie Rapport, september. Te vinden op commission.europa.eu.
Europese Commissie (2025) A Competitiveness Compass for the EU. Te vinden op commission.europa.eu.
ECB (1998) The International role of the Euro. Toespraak van Dr. Willem F. Duisenberg, President van de ECB, bij de Konrad-Adenauer-Stiftung, Berlijn.
ECB (2025) International role of the euro. ECB Rapport.
ECB (2026) ECB enhances repo facility for central banks. ECB Persbericht, 14 februari.
Eichengreen, B. (2011) The renminbi as an international currency. Journal of Policy Modeling, 33(5), 723–730.
Eichengreen, B., A.J. Mehl en L. Chitu (2017) Mars or Mercury? The geopolitics of international currency choice. NBER Working Paper, 24145.
Financial Times (2025) Will the Fed continue to assume its global responsibilities? Financial Times, 8 april.
Financial Times (2026) Donald Trump’s ‘unpredictable’ policies to fuel multiyear shift from US, Pimco says. Financial Times, 14 januari.
Gopinath, G. en J.C. Stein (2018) Banking, trade, and the making of a dominant currency. NBER Working Paper, 24485.
IMF (2026) Fiscal policy under pressure: High debt, rising risks. IMF Fiscal Monitor, april.
Janse, K.A., R. Beetsma en C. de Vries (2025) Defensie als Europees publiek goed: Nederland heeft belang bij een Europees defensiebeleid. In: R. de Haas, M. Timmer en B. Rijkers (red.), Openheid in tijden van geopolitieke fragmentatie: Preadviezen 2025. Amsterdam: Koninklijke Vereniging voor de Staathuishoudkunde, p. 20–30.
Jiang, Z., A. Krishnamurthy, H. Lustig en R.J. Richmond (2026) Dollar erosion: Understanding the loss of reserve currency status. Paper, 12 januari. Te vinden op www.hoover.org.
Kindleberger, C.P. (1973) The world in depression, 1929–1939. Berkeley: University of California Press.
Klooster, J. van ’t, en S. Murau (2025) Rethinking currency internationalisation: Offshore money creation and the EU’s monetary governance. Journal of European Public Policy. Online, 7 mei.
Knot, K. (2025) Agnostic or preaching the gospel: what the state of the world implies for ECB monetary policy and the role of the euro. Speech bij het Peterson Institute. 23 april, Washington.
Letta, E. (2024) Much more than a market: Speed, security, solidarity. Empowering the single market to deliver a sustainable future and prosperity for all EU citizens. Europese Raad, Rapport, april. Te vinden op www.consilium.europa.eu.
McKinsey (2025) Cutting Europe’s €800 billion Gordian knot: Five catalysts to transform defense. McKinsey Rapport, 13 november.
Raad van de Europese Unie (2026) Voordelen van de euro. Te vinden op europa.eu.
Rey, H. en L. Subran (2026) Our euro, your solution: How to strengthen the international role of the euro. Les notes du conseil d’analyse économique, 89. Te vinden op cae-eco.fr.
Rogoff, K. (2025) Our dollar, your problem: An insider’s view of seven turbulent decades of global finance, and the road ahead. New Haven: Yale University Press.
Shin, H.S., P. Wooldridge en D. Xia (2025) US dollar’s slide in April 2025: The role of FX hedging. BIS Bulletin, 105.
Soons, O. en F. van Overbeek (2023) The effects of the Economic and Monetary Union on export. DNB Analyse, oktober.
Auteur
Categorieën