
In 2025 heeft bijna driekwart van de zelfstandig ondernemers een voorziening tegen arbeidsongeschiktheid. Spaargeld en beleggingen worden het vaakst genoemd als voorziening waarop teruggevallen kan worden.
In tegenstelling tot werknemers zijn zelfstandigen momenteel niet verplicht verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid. Zij bepalen zelf hoe zij zich indekken tegen dit financiële risico. Met het wetsvoorstel Basisverzekering arbeidsongeschiktheid zelfstandigen (Baz), dat in september 2025 naar de Raad van State is gestuurd, komt hier in de toekomst mogelijk verandering in.
De figuur toont de meest recente cijfers van de Zelfstandigen Enquête Arbeid. Daaruit blijkt dat 27 procent van de zelfstandig ondernemers verzekerd is tegen arbeidsongeschiktheid. Dit aandeel is sinds 2019 nagenoeg gelijk gebleven. Zelfstandig ondernemers met een arbeidsongeschiktheidsverzekering geven als belangrijkste reden dat ze het financiële risico niet kunnen dragen. Zij zonder arbeidsongeschiktheidsverzekering geven óók vooral financiële redenen, zoals dat de baten niet opwegen tegen de kosten of dat het te duur is.
Naast de arbeidsongeschiktheidsverzekering treffen zelfstandigen ook andere voorzieningen voor het geval dat ze arbeidsongeschikt zouden raken. Het aandeel zelfstandig ondernemers met één of meerdere voorzieningen steeg tussen 2019 en 2025 van 60 naar 73 procent. Vooral sparen en beleggen wordt steeds vaker genoemd als voorziening; in 2025 gaf 40 procent aan zich zo in te dekken tegen dit financiële risico, in 2019 was dat 29 procent.
Welke voorzieningen zelfstandig ondernemers hebben getroffen tegen arbeidsongeschiktheid hangt samen met of ze wel of geen personeel hebben. Zij met personeel hebben vaker een arbeidsongeschiktheidsverzekering en geven ook vaker aan dat hun bedrijfswaarde het risico afdekt. Zelfstandig ondernemers zonder personeel zijn daarentegen vaker al voldoende verzekerd via hun deeltijdwerk in loondienst of hebben nog een andere bron van inkomen.
Auteur
Categorieën