De druk op BlackRock Nederland neemt toe. Actiegroep Fossielvrij NL (2025) startte eind vorig jaar een campagne waarin ze Nederlandse pensioenfondsen oproept om hun banden met de vermogensbeheerder te verbreken. Pensioenfondsen PFZW (FD, 2025) en PME (De Volkskrant, 2025) haalden hun vermogen vanwege tekortschietende klimaat- en duurzaamheidsambities weg bij BlackRock. Ook vanuit academische hoek klinkt steeds meer kritiek, onder meer via twee artikelen in ESB die het stemgedrag van het bedrijf bij milieu- en sociale voorstellen van aandeelhouders aan de kaak stellen (Schellekens en Fernandez, 2026; Schoenmaker, 2026).
Je zou denken: reden genoeg voor introspectie binnen de Nederlandse tak van BlackRock. Maar de reactie van country manager Monique Donders (2026) in ESB laat vooral zien hoe het Nederlandse filiaal meegaat in de steeds nauwere financiële blik op klantbelang die inmiddels dominant is bij grote Amerikaanse vermogensbeheerders. Niet-financiële waarden tellen alleen nog mee wanneer ze een direct risico vormen voor het rendement.
Klantbelang is meer dan het banksaldo
Volgens Donders is het de fiduciaire plicht (vertrouwensplicht) van een vermogensbeheerder om te handelen in het belang van de klant. Voor BlackRock betekent dit financiële waardecreatie op de lange termijn, zegt ze. Dit is “de grootste gemene deler” van klanten, die bovendien “past binnen alle jurisdicties”. Klimaatverandering, arbeidsomstandigheden of maatschappelijke instabiliteit zijn alleen relevant wanneer zij “financieel materieel” zijn, oftewel: als ze de winstgevendheid van bedrijven bedreigen.
BlackRock reduceert het klantbelang daarmee tot een puur financieel belang, alsof klanten niet óók burgers, werknemers, ouders en bewoners van een kwetsbare planeet zijn. Een leefbare en stabiele samenleving weegt kennelijk minder zwaar zodra daar politieke of juridische risico’s voor de vermogensbeheerder aan kleven. Het anti-ESG-klimaat in de Verenigde Staten – vermogensbeheerders die wél aan ESG-doelen vasthouden krijgen regelmatig rechtszaken (Crowell, 2024) aan hun broek – bepaalt daarmee inmiddels de grenzen van wat grote Amerikaanse vermogensbeheerders nog als klantbelang durven te beschouwen.
Opmerkelijk is ook dat BlackRock Nederland expliciet stelt dat “belangen van anderen” geen rol spelen in het beleid. Het zegt veel over de nauwe blik dat klanten worden behandeld alsof zij losstaan van de samenleving waarin zij leven. Kritiek daarop zet Donders weg als een kwestie van “morele overtuigingen”, alsof zorgen over klimaatverandering of mensenrechten vooral het domein zijn van activisten.
Wat stemgedrag laat zien
Het stemgedrag van de Amerikaanse vermogensreuzen laat zien hoe snel ze zich aanpassen aan het veranderde politieke klimaat. Zo steunde BlackRock in 2024 slechts vier procent van de milieu- en sociale aandeelhoudersvoorstellen (ShareAction, 2025). In 2021 was dat nog ongeveer veertig procent.
Volgens BlackRock heeft die spectaculaire daling niets te maken met de politieke context in de Verenigde Staten, maar met de kwaliteit van de voorstellen. Ze zouden te “voorschrijvend” of “overbodig” zijn geworden.
Dat de politiek geen rol speelt, is echter moeilijk te geloven. Zijn aandeelhoudersvoorstellen wereldwijd werkelijk in drie jaar tijd massaal ontspoord? Of zijn de duurzaamheidsproblemen verminderd, zodat bedrijven er minder last van hebben? Dit lijkt onwaarschijnlijk, omdat grote Nederlandse vermogensbeheerders nog altijd in meer dan negentig procent van de gevallen vóór dergelijke voorstellen stemmen (ShareAction, 2025). Ook is de economische schade van bijvoorbeeld aan weer en klimaat gerelateerde extremen juist toegenomen (EEA, 2025). De terminologie die BlackRock gebruikt (“onnodig voorschrijvend”, “overbodig”) verraadt vooral een (nog) conservatievere koers.
BlackRock wijst erop dat klanten voor andere stemrichtlijnen kunnen kiezen. Maar slechts 3,6 biljoen van het totale beheerd vermogen van 7,6 biljoen krijgt die mogelijkheid (BlackRock, 2026). Bovendien gaat die redenering voorbij aan de realiteit van miljoenen kleine particuliere beleggers. Van hen kun je onmogelijk verwachten dat zij alle publicaties rondom stemgedrag van een gigantische vermogensbeheerder volgen. Deze “stille massa” stemt in de praktijk automatisch mee met de interne richtlijnen van BlackRock (Schellekens en Fernandez, 2026), terwijl uit enquêtes blijkt dat een grote meerderheid van de bevolking zich juist steeds meer zorgen maakt over het klimaat (Triodos, 2026).
Verantwoord aandeelhouderschap
BlackRock Nederland noemt een inhoudelijk debat over verantwoord aandeelhouderschap waardevol. Maar de reactie leest vooral als een poging om kritiek te weerleggen, zonder zelfonderzoek. Wanneer vermogensbeheerders klantbelang vernauwen tot financiële waardecreatie, terwijl maatschappelijke en ecologische risico’s naar de achtergrond verdwijnen, dringt de vraag zich op of zij nog werkelijk het langetermijnbelang van hun klanten dienen.
Juist de grote Amerikaanse vermogensbeheerders hebben daarin een bijzondere verantwoordelijkheid. Ze zijn niet zomaar beleggers, maar vormen als zogenoemde ‘universele eigenaren’ een cruciaal element van het systeem zelf. Die invloed via aandeelhouderschap en kennis brengt ook verantwoordelijkheid met zich mee. Uiteindelijk gaat het ook met de klanten van BlackRock alleen goed als het goed gaat met de wereld waarin zij leven.
Auteur
Categorieën